Algemeen

De Bevrijding deel 2: Max vertelt hartverscheurend oorlogsverhaal

Vorige week was in de Nivo het eerste deel van het aangrijpende oorlogsverhaal van Max van der Horst te lezen. Max’ vader zou in concentratiekamp Bergen-Belsen om het leven gebracht zijn. Helaas konden zijn moeder en Max met geen mogelijkheid zeker weten wat hun dierbare man en vader was overkomen. Hieronder vindt u het tweede en afsluitende deel van het verhaal dat zich in Amsterdam en Friesland afspeelde, tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Door Kevin Mooijer

Het was 13 december 1944. Amsterdam werd geteisterd door de hongerwinter en er heerste een groot tekort aan brandstoffen. ,,Alles dat enigszins brandde, werd gesloopt en mee naar huis genomen, tot aan de bielzen tussen de tramrails toe”, herinnert Max zich. ,,Mijn buurjongen, Keesje Brijde, werd door zijn moeder op pad gestuurd om kolen te zoeken. Samen met nog wat vriendjes ging ik mee. De meest geschikte plek om kolen te zoeken was het gebied van de Rietlanden. Daar reden regelmatig treinen met kolen langs.”
Het probleem met deze locatie was dat het door de Duitsers bezet werd. ,,Het was levensgevaarlijk om daar rond te lopen, maar als kind denk je daar niet zo over na.” Max, Keesje en hun vriendjes zochten in de Rietlanden naar kolen. ,,We hoorden geweerschoten. Ik bukte. Mijn buurjongen kreeg een schampschot en met diezelfde kogel werd Keesje in zijn nek geraakt. Hij was op slag dood. We renden voor ons leven terwijl de kogels ons om de oren vlogen.”
De familie van Keesje heeft er alles aan gedaan om de waarheid boven water te krijgen, maar het is ze nooit gelukt. ,,Officieus wisten ze dat Keesje door een NSB’er was doodgeschoten - het was een taxichauffeur die ook nog eens in dezelfde buurt woonde – maar officieel hebben ze die bevestiging nooit gehad.”
Na de oorlog is op de plek waar Keesje is vermoord een herdenkingsteken geplaatst. Het monumentje werd in de jaren 80 geadopteerd door basisschool De Acht Mussen. Ieder jaar op 4 mei leggen de leerlingen van de school bloemen bij het graf van Keesje. Ook werd er een plantsoen in de Indische Buurt naar Keesje vernoemd. In 2000 werd het monument definitief verhuisd naar het Keesje Brijdeplantsoen, aan de kant van de Panamakade.

‘Wanneer er iemand
opgepakt werd en
die wist dat mijn
moeder ook in
het verzet zat,
moesten wij dus onderduiken’

|Doorsturen

Uw reactie