Verhalen

Marga en Anna: door Nieuwjaarsbrand uiterlijk en innerlijk gehavend en bijna geheeld

Twee tegenpolen, één sterke zussenband

Op 1 januari is het straks 20 jaar geleden dat Volendam breaking news was in Amerika (CNN) en Groot-Brittannië (BBC). Nederland raakte geschokt, omdat bar De Hemel in brand stond en tientallen feestvierende kinderen – van buiten en van binnen – verwond raakten. Veertien jongeren kwamen te overlijden, duizenden mensen waren betrokken. Families, vrienden, omwonenden, hulpverleners, ooggetuigen, velen raakten getraumatiseerd. Naast de vele drama’s bracht de nasleep van de Nieuwjaarsbrand ook onvoorstelbare veerkracht en verrassende, soms ontroerende, gebeurtennissen met zich mee in de twintig jaar daarna. De Nivo brengt een reeks verhalen met mensen uit die betrokken groep. Vandaag de zussen Marga en Anna Smit. Veertien en tien jaar waren ze destijds. Het vuur veranderde veel. Twintig jaar later zijn ze open en eerlijk.
Door Eddy Veerman


Bij binnenkomst is er kortstondige wrijving. Zussentwist. ,,Anna wil het altijd goed doen voor een ander, maar brengt zichzelf daardoor in lastige situaties”, zegt Marga. ,,Ik ben gek op haar. Maar zeg er wel wat van als de situatie daar om vraagt.”

Hoe denk je dat Anna naar jou kijkt, Marga?
,,Ik denk dat Anna een veel te positief beeld van mij heeft. Ze heeft het gevoel dat het bij mij gemakkelijker gaat dan bij haar en dat ik alles kan handelen. Zij is na de Nieuwjaarsbrand een twijfelaar geworden en denkt over alles erg veel na; ik ga er gewoon op af en dan zien we wel waar het schip strandt. Dat vindt zij heel moeilijk en ik snap dat ze daardoor soms gefrustreerd door raakt. Als Anna een mindere dag heeft op haar werk, beïnvloedt dat haar avond en andere dagen. Ik klap mijn laptop dicht en dan sluit ik tevens het werk af. Als je dat mee naar huis neemt en blijft malen, kan het erg ingewikkeld worden. Hoe we in het leven staan, is best wel verschillend. We waren daarvoor ook al tegenpolen, maar anders.”

Hoe kijk je naar je zus, Anna?
,,Marga kan daar harder in zijn en dat gaat echt niet vanzelf, want ik weet wat Marga er voor heeft moeten doen, qua studies. Ik zou dat zelf niet kunnen, zoals zij dat doet en heeft gedaan. Na alles wat ze heeft meegemaakt, en dan zó in het leven staan.”
Marga: ,,Maar op dat punt van mijn leven, toen de Nieuwjaarsbrand gebeurde, was ik veertien jaar en ook erg onzeker.” Anna: ,,Als het mij zou overkomen, wat jou is overkomen, had ik het niet gered. Maar dat kun je pas zeggen als je het zelf hebt meegemaakt.” Marga: ,,Als ze het mij destijds hadden gevraagd, had ik misschien hetzelfde gezegd. Maar als je in de situatie terecht komt… het is nooit in mij opgekomen om op te geven.”

Marga: ‘Vóór de
Nieuwjaarsbrand
waren we ook al
tegenpolen, maar
toch anders’

,,Anna was vroeger veel standvastiger dan ik. Als zij iets niet wilde, ging het ook niet gebeuren. Destijds was ik vaak mijn eigen haar aan het vlechten en ik wilde dat ook erg graag met haar lange haren doen. Maar dat deed pijn, volgens Anna, dus het gebeurde niet. De eerste keer dat zij het toestond, was ook de laatste keer. Want dat was op die bewuste oudejaarsavond. Daarna kon het niet meer”, doelt ze op haar handen, waarvan de verminkte vingers het niet meer toestaan om die fijne motorische beweging te maken.

Kun je je nog herinneren van hoe jullie als zusjes vóór de ramp waren?
Anna: ,,Heel gek, maar ik weet heel weinig van die tijd. Ik weet nog wel dat ik die vlecht van oudejaarsavond wekenlang in mijn haar heb laten zitten. Omdat Marga toen in coma lag.”
Marga: ,,Ik weet álles nog van vroeger. Wij deden heel veel met elkaar, thuis. Tot mijn veertiende speelde ik nog ‘winkeltje’ met Anna. Dat had ik met broer Frank ook. Op vakantie deden we veel samen. Vlak voor de ramp was ik niet meer zoveel thuis, omdat ik veel volleybalde en buiten stond met vriendinnen.”

De meeste aandacht ging na de Nieuwjaarsbrand naar Marga, heb jij je als jongere zusje toen veel moeten wegcijferen?
Marga: ,,Dat staat vast.” Anna: ,,Toch heb ik dat nooit bewust zo gevoeld. Want alles wat ik deed, ging door. Naar school, naar de handbaltraining. En als ik een keer iets niet kon, dan was het niet anders.”
Marga: ,,Dat heeft ook met onze opvoeding te maken. Ik hoor nu soms verhalen van mensen, die vinden dat kinderen in coronatijd zoveel moeten missen. Maar zij hebben geen idee van hoe ons leven er destijds uitzag. Er waren toen mensen die vonden dat het leven van mijn vader en moeder weer door moest gaan. Maar het leven stond stil. Bijna een jaar. Maar dat was zo, daar hadden zij en al die andere ouders mee te om te gaan. Zoals er ook mensen zijn wiens kinderen geconfronteerd werden of worden met kanker of andere ziektes. Dán mis je pas dingen.”
,,In onze jeugd gingen wij niet zo vaak als nu naar pretparken, uiteten met het gezin of andere uitjes. Mijn vader werkte, mijn moeder was thuis. Als er een grote uitgave voor iets in huis werd gedaan, konden we dat jaar niet met vakantie.”
,,Bijzonder was, toen ik naderhand in Heliomare revalideerde, dan kwam Anna na schooltijd of in het weekeinde met de speciaal daarvoor op en neer rijdende bus voor naasten en familie van de Volendammers die daar revalideerden. Stapte ze soms in haar eentje in, tien jaar oud, nam ze haar 3D-doos mee met knutselspullen. Echt bijzonder”, kijkt ze met glinsterende ogen naar haar jongere zus.”

Dat bij Anna alle zekerheid die ze daarvoor voelde, wegviel, kwam waarschijnlijk door de traumatische ervaring dat zij dacht dat jij dood kon gaan?
Anna: ,,Dat dacht ik ook echt. Die periode dat Marga in het ziekenhuis lag, kan ik me juist goed herinneren. Ik hield toen ook een dagboek bij. Durfde in de vijf weken dat Marga in coma werd gehouden, niet haar kamer binnen.” Marga: ,,Toen ik net bij was gekomen, vond ik dat ook raar. Zag ik jou achter het raam staan en dacht ‘waarom kom je nou niet?’”
,,Voor Marga was dat ook niet leuk. Ik zag dat zij het gebaar maakte van ‘kom maar’. Maar ik durfde niet. Zag een mummie liggen. Ik weet nog dat ik in de eerste weken hoopte dat het niet Marga was die daar lag. Maar ja, dan zou ze al lang thuis zijn gekomen…”
Marga: ,,Het werd een traject om haar te laten wennen: er werden foto’s van mij gemaakt, die Anna dan eerst kon zien. Zo durfde ze voorzichtig naar binnen te gaan en daarna is ze nooit meer weggegaan”, lacht Marga.
Anna: ,,Laatst zagen we nog foto’s en een filmpje van die eerste maanden: toen was Marga een lopende plank met een dikke band om haar nek. Dan dacht je echt: wat moet hier ooit van worden? Dan weet je niet hoe het zich ontwikkelt.”

Anna: ‘Als mensen
naar Marga staarden,
werd ik boos’

Misschien dat je naderhand de eventuele onzekerheid die je grote zus bij haar terugkeer in de samenleving zou voelen, op je schouders nam?
Anna: ,,Dat denk ik ook. Want als we nadien ergens waren en ik zag dat mensen naar Marga staarden, werd ik boos. Dan wilde ik het liefst diegene aanvallen. Terwijl je – achteraf gezien – zelf ook naar iemand zou kijken als die er anders uit ziet.”
Marga: ,,Niemand wist eigenlijk hoe het zou gaan en niemand had toen gedacht dat ik zó ver zou komen. Want kon ik school wel oppakken, met mijn handen zonder vingers en met gebogen vingers? Kon ik nog sporten, kon ik ooit werken, zou ik wel worden aangenomen? Met die vragen zullen mijn ouders ook gezeten hebben. Maar eigenlijk pakte ik alles weer op. Ook het sporten. Geen volleybal, dat ging niet, maar wel van alles in de sportschool.”

Wat gebeurde er in jouw puberteit, Anna?
Anna: ,,Ik werd onzeker over alles. Voelde mezelf niet goed genoeg. Niet met leren, niet met sport, ik was te dik. Althans, dat vond ik.” Marga: ,,Ik heb Anna’s buik vaker gezien dan die van mij. In elke spiegel keek zij, want ze vond ‘m te dik.”
Anna: ,,Wat anderen ook zeiden, om me positief te stemmen, dat gaf niet. Die onzekerheid of ik het wel kan, is er nog steeds. Ik ben nu 30. Ik leg de lat vaak te hoog, en dat geeft me veel stress. Het is me nog niet gelukt om het helemaal te veranderen, al gaat het stukken beter. De laatste jaren ben ik me meer aan het verdiepen in de menselijke psyche. Laatst heb ik een cursus gevolgd hoe om te gaan met stress, ik doe aan yoga en heb het boek ‘Happy life’ aangeschaft. Het gaat om leren ‘nee’ te zeggen, het leren loslaten van dingen en niet te gaan piekeren.” Marga: ,,Zoals in dat boek wordt omschreven, zo heb ik mijn leven ingevuld. Ik geef er niet om wat een ander van me vindt en mensen waar ik weinig energie van krijg, daar stop ik ook weinig energie in.”
Anna: ,,Bij mij gebeurde het tegenovergestelde. Ik had een negatief zelfbeeld.” Marga: ,,Ze werd onhandelbaar en de situatie thuis werd soms onhoudbaar. Ze was lusteloos, ’s morgens begon de klaagzang al. En vaak vergeleek ze zichzelf met mij. Dat ik dingen wel had, of wel kon. Ik pakte er op een gegeven moment naast mijn universitaire studie nog een studie bij: Psychologie. Kreeg ik een lijst van diagnosticeren voor Klinische Psychologie voor mijn neus en die vulde ik in zoals Anna dat zou doen. Toen kwam ik uit op een depressie en dat kon ook niet anders, want er was geen lichtpunt waar te nemen.”
,,Ik besprak het met mijn moeder en legde het daarna aan Anna voor. Dat werd een heftige confrontatie. Want ze was niet gek, zei ze. Ze had zelf niet het idee dat ze zo ver heen was. Maar het kon toch geen kwaad om met iemand te praten? Ik weet nog dat als zij ’s middags thuiskwam voor de lunch, het is verschrikkelijk om te zeggen maar mijn moeder en ik waren opgelucht als Anna weer naar haar werk ging. Zoveel negativisme, dat trok ons leeg. En wij hadden écht met haar te doen en wilden helpen, maar wat we ook aandroegen, of zeiden dat ze er goed uit zag of dat ze goede dingen deed, dat voelde zij niet zo. Dat maakte het juist nóg moeilijker, om haar zo te zien.”
,,En ik kan dat niet los zien van wat er met mij is gebeurd. Want daarvóór stond zij zo sterk, zo jong als ze was, voor haar eigen mening. Dan was ik wel eens jaloers op haar. Ik vond namelijk vóór de Nieuwjaarsbrand wél belangrijk wat een ander van me vond. Wilde ook wel voor mijn mening uit komen, maar dan had je kans dat je gezeik kreeg van anderen, dus deed ik dat maar niet. Nu doet me dat niets meer.”

Jullie moeder moet zich in beide situaties machteloos hebben gevoeld? Hoe kijken jullie naar haar?
Anna: ,,Mijn moeder blijft altijd kalm, ik heb nooit gemerkt dat ze niet meer wist wat ze moest doen. Ik vond het juist erg zielig dat ik zo werd, na alles wat ze had meegemaakt met Marga.”
Marga: ,,Wij hebben een moeder die echt alles kan…” Ze vallen allebei stil. Hun ogen tranen.
Anna: ,,Ze doet alles voor ons.” Marga: ,,Ze weet altijd raad, en dat is erg knap in zulke situaties. Ze laat zich nooit leiden door emotie, raakt niet in paniek, en denkt altijd met je mee. De zorg voor haar kinderen gaat voor alles, ze stelt nooit zichzelf voorop. Dat vind ik bewonderenswaardig. Mijn moeder is een echte moeder.”

Anna: ‘Ik vond het
voor mijn moeder
erg zielig dat ik zo werd,
na alles wat ze had meegemaakt
met Marga’

,,Zij leerde thuis mijn wonden te verbinden en ging ook met Anna mee toen Anna niet de hulp kreeg die ze nodig had. Kwam Anna bij een psychiater terecht en die stelde wel de diagnose die wij vermoedden. Zodoende kreeg ze wel medicijnen en hulp. Voor ons een verlichting, voor Anna in het begin niet, want er was iets bevestigd van wat er echt aan de hand was. Toen brak weer een moeilijke tijd aan, met het wennen aan en aanpassen van de medicijnen. In al die emoties, moest onze moeder er steeds zijn en alles maar aanhoren van waar wij als kinderen, ook BroerFrank, tegen aanliepen. Ik kan alles met haar bespreken.”
,,Voor haar is het vanzelfsprekend, maar dat is het echt niet. Mensen van haar generatie hebben vroeger als kind een bepaalde afstand ervaren, van de ouders met grote gezinnen. Ieder had zijn of haar eigen leven, zo groeide dat. Wij hebben echt een samenleven. En tuurlijk heeft de Nieuwjaarsbrand die situatie versterkt.”
,,Zoals onze vader ook altijd meteen klaar staat als we een vraag hebben. De laatste jaren merk je dat het bij hem ook nog hoog zit, dan haalt hij de Nieuwjaarsbrand nog vaak aan en zit hij zo weer in dat moment.”

Je leeft inmiddels langer dan voor de Nieuwjaarsbrand, hebt je jeugd misschien daar achtergelaten en moest vroeg volwassen zijn. Ontleen je een deel van je identiteit aan De Hemel en die gebeurtenis?
Marga: ,,Niet helemaal. Het heeft me wel veranderd. Pas daarna had ik zoiets van ‘wat heb ik te verliezen?’ Als het je niet bevalt hoe ik ben en wat ik doe, dan niet’. Het is nooit dat ik in de spiegel kijk en ‘daar’ aan denk. De laatste twee jaar zijn we bezig met de werkgroep ’Nieuwjaarsbrand, 20 jaar later’ en bezig met bijvoorbeeld een initiatief als ‘Volendam Spreekt’, dan komen er met de andere sprekers dingen ter sprake die ik al was vergeten of negentien jaar niet aan gedacht heb.”
,,Voor mij speelt het geen voorname rol in mijn leven. Op mijn werk ben ik gewoon Marga. Dan ik er dan zo uitzie, is vervelend, maar het is geen onderdeel van mijn identiteit, vind ik. Als niemand iets aan mij vraagt op het werk, of als ik bij klanten kom, ga ik ook geen dingen uit mezelf uitleggen.”

Maar een ieder die jou ontmoet, denkt: ‘wat is jou overkomen?’
,,Maar bijna niemand stelt me die vraag. Dus dat is lekker rustig”, volgt een glimlach. ,,Laatst moest ik in het ziekenhuis bloedprikken en vroeg een wat oudere man wat me gebeurd was. Ik vertelde en hij vroeg verder, hoe het me verging en of ik een relatie heb. Heb ik hem verteld hoe mijn leven er uit ziet, dat ik werk als register accountant, getrouwd ben en een kind heb. Die man kwam dus wel met een verhaal thuis.”

Hij werd geïnspireerd?
,,Mensen mogen het aan me vragen. Ik denk dat het me te weinig wordt gevraagd. Maar ik ga niet mezelf voorstellen als ‘hoi, ik ben Marga en ik was betrokken bij de Nieuwjaarsbrand’. Dan is het alsof de brand Marga is. Die gebeurtenis en dat ik verbrand ben, is een onderdeel van mijn leven, maar ik ben Marga Smit.”

Tien jaar geleden ben je getrouwd met Peter? Als je nu de trouwfoto’s bekijkt, of foto’s van enkele jaren na de ramp, veranderen de kenmerken van je gelaat?
Met een brede lach: ,,Ik zie er nog hetzelfde uit als enkele jaren na de Nieuwjaarsbrand. Ik kan Peter plagen dat hij flink veranderd is.” Aan de wand hangt een prachtige foto van moeder Marga met haar zoon Thijs. ,,Hij is een kopie van hoe ik er zelf als kind uit zag, behalve de lippen, die zijn van Peter. Maar het is ongelofelijk: ik zie mezelf in zijn uiterlijk terug. Wat al twintig jaar niet meer zo is, maar dat is wel wie ik was. Heel bijzonder. Daar ben ik blij om. Ik hoop dat ik het met hem iets langer mag meemaken dan met mezelf.”

Je had eerst twee miskramen, maar je zult sowieso met bepaalde vragen hebben geworsteld richting de bevalling?
,,Wat zou de zwangerschap doen met mijn huid en littekens? Zou het kapot gaan en openscheuren, wat ik op andere lichaamsplekken ook heb gehad? Ik vroeg aan de gynaecoloog of er voorbeelden waren van vrouwen met hetzelfde, maar die waren er niet. Ik heb me daarna dus aangeboden bij de plastisch chirurg van het Brandwondencentrum in Beverwijk, dat als er straks iemand met vragen zit, ik diegene best wil helpen. Het is toch anders als een ervaringsdeskundige zegt dat het geen probleem hoeft te geven.”
,,Ondertussen heb ik zo’n vijftig operaties gehad, om mijn huid te verbeteren. Voor het gewone functioneren is het dan genoeg, maar je weet niet hoe dat gaat met zwanger worden. Gelukkig ging het allemaal goed.”
,,Een geboorte is altijd iets bijzonders, maar überhaupt, twintig jaar geleden hadden we nooit kunnen bedenken dat ik een kind zou mogen krijgen. Toen zaten we in de overlevingsstand.”

Marga: ‘Thijs is in
zijn gezicht een
kopie van mij; ik hoop dat ik het
met hem langer
mag meemaken’

Uiterlijk speelt voor veel mensen een rol?
,,Ik snap dat mensen destijds dachten ‘zouden al die jongeren wel een relatie krijgen?’ Waar ik voor sta, is dat het gaat om de binnenkant van een persoon. Achteraf gezien ben ik blij dat ik met Peter ben, omdat hij alleen voor mij is gegaan, wie ik ben van binnen en van buiten.”
,,Terwijl ik vóór de brand altijd het idee had dat het jongens alleen om het uiterlijk ging. En ik heb naderhand een sterke persoonlijkheid ontwikkeld. Of je houdt van me of niet”, lacht Marga. ,,Dat je van elkaar houdt om wie je van binnen bent, dat is de basis van een lang leven samen. Dat zie je aan Peter, die is tien jaar ouder geworden”, lacht ze nog eens. ,,Je moet echte maatjes zijn, dan houd je het het langst vol.”

Marga zei een jaar na de ramp al dat ze, ook al zijn er wolken, altijd de zon ziet. En jouw innerlijk geluk, Anna?
,,Ik heb de handvatten, ik heb het voorbeeld in Marga, alleen moet je het zelf kunnen toepassen. Ik heb alles wat mijn hartje begeert, toch voel ik dat nog steeds niet zo, soms dan.” Marga: ,,Ik vind het moeilijk te begrijpen. Ik ben elke dag blij als die nieuwe dag aanbreekt.” Anna: ,,Ik wil het voor iedereen goed doen, maar zo werkt het niet in het leven. Daardoor breng ik mezelf continue in een lastige positie. Ik moet het sporten ook weer oppakken, ik weet dat dat goed werkt om mijn hoofd te legen.”
Marga: ,,Je maakt het negatieve groot en datgene wat goed gaat, vertel je terloops. Dat maak je te klein.” Anna: ,,Ik kan mezelf geen complimentjes geven. Ik ben echt wel bezig om het te veranderen, maar dat is een proces.” Marga: ,,Waar je nu staat, zo ver ben je nog nooit geweest. Het is er nog wel, terwijl ik je zo gun dat je het kunt loslaten. Want dan wordt alles veel leuker.”

Kun je als zussen het beste in elkaar naar boven halen?
Anna: ,,Ik vind van wel.” Marga: ,,Maar er ontstaat wel eens wrijving, als ze advies vraagt en ik eerlijk antwoord geef, dan is dat niet het antwoord wat ze wil en stelt zij zichzelf niet open. Af en toe word ze dan boos op haar grote zus.” Anna: ,,Omdat ik het niet leuk vind om te horen als iemand zegt dat iets niet mooi is. Nu probeer ik dan wel voor mijn eigen keuze te staan.”

Wat je meedraagt aan ervaringen, draag je dat mee in je moederschap, Marga?
Marga: ,,Zeker. Waar ik voor sta, wil ik ook op onze kinderen overbrengen. Ik vind het niet erg om anders te zijn dan een ander. Dat is hier in Volendam moeilijk. Jongeren vinden het moeilijk om een eigen keuze te maken en kiezen dezelfde zwarte opoe-fiets, kleding of haar. Zelf nam ik beslissingen waar anderen iets van vonden, bijvoorbeeld door selectie-volleybal te gaan spelen, naar het Atheneum te gaan of later een universitaire studie – en zelfs twee tegelijk – te doen. Zoiets is hier voer voor discussie, in de trant van ‘denk je dat jij beter bent dan wij’. Maar waarom zou ik het niet proberen? Vóór de brand vond ik zoiets lastig, dat ik mezelf moest verdedigen. Daarna niet meer.”
,,Ik wil mijn kinderen meegeven dat ze moeten doen waar ze zelf gelukkig van worden. Anders sla je je later voor je kop, dat je de dingen deed omdat een ander dat vond. In de laatste jaren sprak ik sommige mensen, die zeiden dat ze met terugwerkende kracht begrepen waarom ik dat deed. Misschien kon ik het omdat ik al die levenslessen en mensenkennis had opgedaan. En tuurlijk moet je wel eens concessies doen, want je kunt niet altijd doen wat je zelf wilt.”

Word je een voorzichtige moeder vanwege wat je hebt meegemaakt? Beschermend?
,,Nee, dat denk ik niet. Thijs moet straks alles zelf gaan ervaren. En onderweg kan hij ons advies meenemen. Je kunt niet een kind grootbrengen met alles proberen uit te sluiten. Hij is avontuurlijk en als hij steeds de trap opklimt, kan ik hem niet honderd keer waarschuwen, dan moet hij misschien een keer vallen om het daarna anders te doen.”

Marga: ‘Nu heb
je corona; destijds
stond ons leven ook
een jaar stil. Ik zie het
als een kans om tot elkaar te komen’

Hij zal een keer gaan vragen wat mama is gebeurd?
,,Ik heb neefjes van zes en vier, die kwamen al met vragen. Dan vertel ik het. ‘Maar tante Marga, waarom ga je dan niet weg, als er brand is, dan ga je daar toch niet blijven?’ Dat vonden ze maar gek. Thijs groeit op met hoe ik nu ben en zal dat gewoon vinden. Hij zal misschien eerder van een vriendje of klasgenootje iets te horen krijgen.”

Dan moet je ook vertellen dat mama geluk heeft gehad, omdat er generatiegenoten overleden zijn?
,,Toen ik destijds ontwaakte uit coma, wist ik dat zelf ook niet. Dan ben je onsterfelijk, op die leeftijd. Althans, dat denk je. Wat de ouders van die jongeren is overkomen, is het allerergst, maar de andere ouders hebben in mindere mate ook een rouwproces gehad. Bij ons was het ook heftig. Mijn vader heeft er veel moeite mee gehad, dat ik er zo aan toe was.”

Hij zal zich hebben afgevraagd ‘hoe zal de wereld naar haar kijken en hoe kijkt zij naar de wereld?’
,,Klopt. Maar mijn ouders stimuleerden me enorm, om naar buiten te gaan en dingen te doen die ik leuk vond. Nu we met ‘Volendam Spreekt’ een groep sprekers hebben die straks vanuit verschillende invalshoeken van de Nieuwjaarsbrand hun verhaal op het podium vertellen, heb ik Jaap Veerman nóg beter leren kennen. Hij verloor zijn zoon en ik heb respect voor hoe Jaap er mee omgaat, maar ook voor hoe hij zijn grenzen aangeeft, als het teveel wordt.”
,,Jaap en de andere ouders van overleden jongeren hebben het toch anders beleefd en bij hen is het nog heel actief in hun leven aanwezig. Met Volendam Spreekt is er sprake van kruisbestuiving en ik vind het jammer dat dat nooit eerder geweest is. Het werd gezien als twee losse processen.”
,,Heel veel mensen hebben iets meegenomen ‘uit de brand’. Ik weet ook niet of ik zo was geweest, als ik dat niet had meegemaakt. Je gaat bewuster leven. Bij alles wat ik sindsdien heb gedaan, daar heb ik geprobeerd zo veel als mogelijk uit te halen. Dat heb ik ook met Thijs. Ik werk vier dagen en als ik dan thuis ben, dan wil ik het thuis leuk maken met hem. Zoals mijn ouders dat ook met ons deden. Ik heb geleerd dat het belangrijk is om samen te zijn met je familie, spelletjes te spelen, gesprekken te voeren, zonder afleiding van een telefoon. Net als na de Nieuwjaarsbrand leer je nu ten tijde van corona waarderen wat je had. Veel mensen vonden het maar vanzelfsprekend dat je overal heen kon vliegen als je wilde. Nu dat niet meer kan, vinden mensen dat moeilijk. Maar je kunt ook kijken naar wat het je wél brengt.”
Marga: ,,Mensen werden een soort van geleefd en moesten overal aan mee doen. Als dat dan wegvalt, merk je dat mensen opeens niet meer weten wat ze moeten doen. Terwijl het eigenlijk een kans is om, tot elkaar te komen. Veel mensen zijn de laatste jaren uit elkaar gegroeid. Daarom vind ik het een interessante tijd. Als ze roepen dat ze niks mogen, wees blij dat je nog gezond bent en nog werk hebt en boodschappen kan doen.”
Haar jongere zus luistert geboeid. ,,Marga’s hele houding straalt kracht uit. Het is de eerste keer dat we er zo open en samen over praten, dat is best lastig. Marga is altijd mijn grote voorbeeld geweest, ik heb altijd naar haar opgekeken en nog steeds. Ik ben zo trots op haar. Ze gaat niets uit de weg en ik vind het echt ontzettend knap wat ze allemaal heeft bereikt en hoe zij in het leven staat.”
Een innige knuffel van de twee zussen ontbreekt en moet bewaard blijven tot afstand niet meer nodig is. Tussen hen in zit Thijs. Hij is wakker geworden en vraagt om aandacht. Terecht. Marga: ,,Soms, als hij boos wordt, dan trekt hij zo’n gezicht met zijn onderste tandenrij gespannen, dan is hij zó Anna van toen ze klein was.” Ze lachen samen, de twist is allang gesust. Kleine Thijs. Zonder dat hij het beseft, verbindt hij de zussen.

|Doorsturen

Uw reactie