Algemeen

Marcel Luttik draaide hand niet om voor volgepakt Ziggo Dome, maar zit nu in…

De moeilijkste finale

Door de overheid aangedragen regels worden door veel mensen niet meer nageleefd, helemaal nu er steeds meer wordt versoepeld. Het kleeft een groot risico aan. Waar het toe kan leiden, heeft een aantal mensen aan den lijve ondervonden. Sinds vorige week mag het binnensporten weer, maar wel op anderhalve meter afstand. Marcel Luttik (47) is echter heel ver verwijderd van een rentree in de zaal. De geboren Zaankanter werd in de Korfbal League meerdere malen uitgeroepen tot Scheidsrechter van het Jaar en floot meerdere finales om de landstitel in Ahoy en in een volle Ziggo Dome met 12.000 toeschouwers. Toen het huidige seizoen zich richting eindfase begaf, werd niet alleen de wereld overvallen door Corona, maar belandde Marcel een maand na de uitbraak in Nederland ook in het ziekenhuis. Balanceerde hij op de rand van ic-opname en verkeerde zijn partner Esther Medik en het gezin in Edam wekenlang in onzekerheid. Ook omdat hij in de nasleep een longembolie opliep. ,,Een gezonde fitte man, zonder een medische voorgeschiedenis, en dan zó ziek. Het was onverwachts”, zegt Esther, nu het leven na maanden weer een beetje normale vormen aanneemt. Maar de weg is nog lang.
Door Eddy Veerman

Bij de entree van het huis in Edam hangt een accreditatiekaart aan een keycord, met daarop ‘Europa Cup 2018 Platja d’Aro (Spa)’. Eenmaal binnen, glimmen de zeeblauwe oogjes van dochter Tess, het zonnetje in huis, tegen je op. ,,Misschien dat zij straks gaat korfballen”, zegt haar vader later lachend in het gesprek. De ene zoon, Kai, geeft zich helemaal bij survivalrun (AV Edam) en de ander (Finn) is een keeperstalent in de jeugd van RKAV Volendam. Terwijl de vader des huizes korfbal met de paplepel kreeg ingegoten.
In de Zaanstreek zijn talrijke families vergroeid met die sport. ,,Daar is een korfbalbolwerk, met twee clubs die al jaren in de hoogste klasse spelen. Ik speelde zelf bij KV Groen Geel Wormer, tegenwoordig is Koog Zaandijk sterker.”

Komeet
,,Op een gegeven moment ben ik jeugdwedstrijdjes gaan fluiten en bleek ik aanleg te hebben. Dan ga je cursussen volgen en zo kreeg ik er steeds meer affiniteit mee en op een gegeven moment vroeg de bond mij een keuze te maken. Of doorspelen, of fluiten. Ik was in de dertig en koos voor het fluiten.”
,,Het scheelt dat je zelf op het hoogste niveau hebt gespeeld. Ik schoot als een komeet omhoog en floot al snel in de Hoofdklasse, het hoogste niveau. Bij mijn debuutwedstrijd kreeg ik in het korfbalmagazine als beoordeling een 9 en er stond ‘zo moet een korfbalwedstrijd geloften worden’.”
Aan het eind van zijn eerste jaar en het seizoen erna werd hij tot Scheidsrechter van het Jaar gekozen door de coaches en spelers. Dat herhaalde zich naderhand nog enkele keren. Luttik droeg bij aan de attractiviteit van de sport die in ons land (85.000 leden) het meest populair ter wereld is. ,,Korfbal is fysieker en veel spectaculairder geworden om te beoefenen en om naar te kijken. Ik laat veel toe. Dan krijg ik wel eens kritiek, als ik beoordeeld word, maar ik zal mijn stijl niet gaan aanpassen. Waarbij het uiteraard geen rugby moet worden.”

‘Het WK in Zuid-
Afrika heb ik vorig jaar
laten schieten,
dat vond ik wel
erg jammer’

Een aantal jaren was hij ook internationaal scheidsrechter. ,,Werd ik uitgezonden naar Europa Cups en de World Games, de Olympische Spelen voor B-sporten. Maar het WK in Zuid-Afrika heb ik vorig jaar laten schieten, want dat viel midden in de grote vakantie. Dat vond ik wel erg jammer. Punt is wel dat je nooit de finales kan fluiten, omdat er altijd een Nederlandse club of Nederland zelf in speelt. Dus het hoogst haalbare is de halve finale en de strijd om de derde en vierde plaats. Omdat korfbal in veel landen een kleine sport is, krijg je vaak grote uitslagen in de aanloop naar de halve finale. Dan denk je soms: als ik een broekje en shirt aantrek kan ik met bepaalde landen zo meedoen.”
,,De korfbalsport is niet professioneel, dus tijdens Europa Cups worden je hotel en reiskosten vergoed, maar de rest betaal je zelf en het kost je telkens een hoop vrije dagen. Daarom heb ik, nu de kinderen groter worden, ervoor gekozen om niet meer internationale wedstrijden te fluiten.”
,,Als je naar andere continenten kijkt, zit de sport in landen als Taiwan en China in de lift, in Europa geldt dat voor Duitsland. Ze willen dat het een Olympische sport wordt, maar dan heb je in meerdere landen professionalisering nodig. Ook hier. Het Nederlands team gaat wel eens naar China om clinics te geven.”
In eigen land stond voor Marcel half maart de wedstrijd DOS’46-PKC in Drenthe op het programma in het weekeinde dat de premier aankondigde dat alles dicht zou gaan. ,,Ik ben meteen thuis gaan werken en een enkele keer naar het werk geweest in Assendelft, waar ik bij Forbo productieplanner ben.”
,,Elke avond keken we samen tv, bijvoorbeeld ‘Op 1’. In die weken ging het nog over of er genoeg intensive care-bedden zouden zijn en zag je de beelden van mensen in de ziekenhuizen. Opeens lag ik er zelf, met corona…”
,,Ik werk in de zorg”, vult Esther aan. ,,En dan loop je risico. Maar op de plekken waar ik kwam, is nooit corona geweest. Toen Marcel hoofdpijn kreeg, linkten wij dat aan de stressvolle tijd met drie kinderen thuis en het thuiswerken.”
,,Vervolgens kreeg hij oorpijn, maar op zondag 19 april leek hij ‘s morgens op te knappen. ’s Middags fietste ik naar mijn ouders en opeens belde Marcel, dat hij zich niet goed voelde. Hij was benauwd. M’n vader sommeerde me meteen terug te gaan en ik zag vervolgens aan hem dat het niet goed ging.” Marcel kon terecht in De Beuk in Purmerend, waar de tijdelijke huisartsen- en coronapost was gevestigd. Hij moest meteen met de ambulance naar het Dijklander, waar hij al op 40,5 graden koorts zat.

Versuft
,,Ik kreeg van alles toegediend en was versuft, dus toen konden ze van alles met me doen”, glimlacht hij nu, doelend op zijn grote angst voor alles wat met ziekenhuizen, doktoren en naalden te maken heeft. Esther: ,,Ik wist dat niet, tot ik jaren geleden zei dat het goed zou zijn als hij zich zou laten onderzoeken, omdat er een kankergen voorkomt in zijn familie. Dat hield hij jaren tegen en toen hij eenmaal ging, begreep ik waarom. Bij het bloedprikken, waar het aan de lopende band ging, kregen ze Marcel niet geprikt, omdat hij panikeerde.”
Die angststoornis openbaarde zich ook tijdens zijn corona-opname. ,,Toen ik weer een beetje bijkwam in het ziekenhuis, dacht ik dat het allemaal wel mee zou vallen. Ik was nog jong en fit. Maar al snel moest ik naar het maximale aantal liter - vijftien - zuurstof. Dat was geen fijne ervaring, ik werd er gek van, had een droge mond en ik was kortademig, kon moeilijk in slaap komen. En ik schrok enorm toen er artsen aan mijn bed kwamen, die zeiden ‘nou, de volgende stap is ic’. Alsof het niet zo veel voorstelde. Maar ik had daar niet zo’n zin in. Ik had die beelden al een paar weken gezien op tv.”
Esther: ,,Daardoor raakte hij volledig in paniek. Nu duwt hij dat weg, maar het was toen ondraaglijk. Op een gegeven moment kwam de psychiater in beeld. En zei Marcel dingen als ‘Als ik dit nog een dag moet meemaken, dan spring ik uit het raam’.”
Marcel: ,,Ik weet er niet meer zoveel van, van die dagen. Weet nog wel dat ik dat masker er af en toe had afgehaald.”
Esther: ,,Wat was wijsheid? In het overleg kwam soms naar voren dat het misschien goed zou zijn om hem kunstmatig in slaap te brengen, vanwege die voortdurende angst. Maar dat moest eigenlijk juist vermeden worden.”

‘We mochten van achter
het raam zwaaien
naar hem.
Stond hij daar,
badend in het zweet,
met een zuurstoftank
in zijn handen’

Het gezin mocht ook een keer op bezoek. ,,We hadden dagelijks telefonisch contact, soms was hij te moe, soms had hij een opleving zodat we de kinderen ook in beeld konden brengen. We mochten een keer van een arts het ziekenhuis in om van achter het raam te zwaaien naar hem. Stond hij daar, badend in het zweet, met een zuurstoftank in zijn handen.”
Marcel: ,,Die paar seconden zonder zuurstof, dat kon toch wel, dacht ik. Maar ik moest aangesloten blijven op die tank.” Esther: ,,Hij was heel erg afgevallen, zag bleekjes, dus dat was schrikken.” Marcel: ,,Zag ik de kinderen weer even, dat raakte me wel.”
Esther: ,,Voor hen was het heel gek om te zien wat er met hun vader gebeurde. Ze gingen op hun eigen manier met de situatie en hun emoties om. Het was een hele spannende tijd, omdat hij dagenlang op de grens van ic zat en ze kregen zijn koortspieken niet onder controle. Soms ging ik van het kastje naar de muur. Dan gebeurde het een keer dat de verpleegkundigen vergeten waren me te bellen en dan ging ’s nachts de telefoon. Je voelde soms de onwetendheid aan de andere kant van de lijn. Of een keer dat ze niet wisten waar hij lag. Maar ik besefte ook dat al die zorgmensen zich keihard hebben ingezet in een extreme periode en Marcel is zelf ook goed verzorgd.”
,,Soms zat ik te huilen en huilde een van de kinderen mee. Op een ander moment zei onze zoon weer ‘nu niet meer huilen, mama. We stoppen er mee, het komt wel goed met papa’. Zeven jaar jong...”
Toen zijn vader inderdaad opknapte en de dag van ontslag uit het ziekenhuis in aantocht leek, ging het opeens mis. Marcel: ,,De dag voordat ik naar huis mocht, kreeg ik vreselijke pijnscheuten. Een vrouwelijke arts zei dat alles goed was, qua waardes. ’s Nachts kreeg ik weer een aanval, kwam er een mannelijke arts en die sprak meteen van de kans dat het een embolie kon zijn. ’s Morgens bij de scan bleken er inderdaad bloedproppen in de longen te zitten, waardoor ik een paar dagen extra moest blijven. Nu zit ik een half jaar aan de bloedverdunners.”

Geen pieper
Esther: ,,Marcel is geen pieper, als het om pijn gaat, maar lag thuis weer na een paar dagen ineengekropen, klaagde over helse pijnen op de borst en hij wist niet meer hoe hij moest liggen. Ik wilde het ziekenhuis bellen, maar dat zag Marcel niet zitten. Uiteindelijk zijn we toch weer heen gegaan en werd hij voor een dag opgenomen. Bleek het longvliesontsteking – pleuritis – te zijn.”
Marcel: ,,Nou, dat doet een beetje zeer, zeg. Maar kwam dat nou door de inspanning van een beetje fietsen op de hometrainer?” Esther: ,,Dat weten ze dus niet. Deze groep die niet op ic is beland, lijkt, van de verhalen die wij horen en zelf meemaken, tussen wal en schip te vallen. Terwijl ze eigenlijk ambulante nazorg hadden moeten krijgen, maar ze wisten op dat moment niet wat wel of niet goed was. De artsen spraken elkaar ook regelmatig tegen.”
,,Marcel is vervolgens een paar dagen naar zijn ouders geweest om tot rust te komen, in plaats van terug in de hectiek van ons gezin.”
Dat gezin moest ook in quarantaine. ,,Dat voelde als gevangen zitten in je eigen huis. Juist in de periode dat je het nodig hebt om te ontladen met wandelingetjes buiten en behoefte hebt aan sociale contacten, zaten we binnen.”
,,Het was wel mooi dat we heel veel steun kregen in die weken. Marcel heeft wel zestig kaarten gekregen. Buren waar je eigenlijk weinig contact mee hebt die aangeven ‘als we een boodschap moeten doen of iets kunnen betekenen zijn we er’. Lieve vriendinnen die met eten aankwamen, mijn ouders en broertje, familie, onze collega’s, heel veel mensen die klaarstonden en met je meeleven, appjes uit alle hoeken, de school van de kinderen was betrokken. De saamhorigheid die in die weken in Nederland heerste, voelden wij ook. Dat heeft ons er doorheen geslagen.”
,,Ik was heel bij de kinderen weer te zien toen ik in de auto stapte, maar kleine Tess moest even wennen”, zegt Marcel. ,,Als ik terugkwam uit m’n werk, plakte ze altijd aan me vast. Maar toen ik uit het ziekenhuis kwam, hield zij een paar weken afstand. Het moest weer groeien.” Esther: ,,Het heeft grote impact op die kinderen. Er zal een hoop in hun hoofden zijn omgegaan.”
Papa voelt zich per dag energieker. Marcel: ,,Vorige week kreeg ik de uitslag van een CT-scan.”

‘Toen ik uit het
ziekenhuis kwam,
hield Tess een
paar weken afstand’

Esther: ,,Vorige week kreeg hij de uitslag en er is duidelijk sprake van herstel. De tunnelvochtholtes die in de plaats waren gekomen voor de verdwenen longblaasjes, die juist zorgen dat zuurstof uit ingeademde lucht in het bloed wordt opgenomen, zijn minder te zien.” Teleurstellend bericht was dat de kans bestaat dat hij de rest van zijn leven bloedverdunners moet gebruiken, afhankelijk van de landelijke richtlijnen bij patiënten die na corona embolieën ontwikkelen. In oktober wordt hierover een besluit genomen.
Marcel: ,,Ik zou graag weer eens een biertje drinken, maar dat wordt met bloedverdunners afgeraden. Verder was het goed nieuws en een opluchting dat het écht de goede kant op gaat. Ik mag nu met mijn conditie aan de slag.”
Esther: ,,De groep met patiënten zoals Marcel wordt nu gemonitord, om te kijken wat er gebeurt met de longen. Ook om te leren qua nazorg, want dat is er niet geweest. Die was wel beloofd, maar je moet er zelf achteraan.”
Marcel: ,,Ik zou wel een conditieplan willen krijgen. Wil weer fit zijn als in september de Korfbal League begint.” Zijn vrouw knikt begrijpend. ,,Het is zijn passie. Er gaan heel veel uren in zitten. Als scheidsrechter moet je een goede conditie hebben en samen met zijn collega-scheidsrechter kijkt hij ook wekelijks de wedstrijdbeelden, om hun beslissingen te analyseren.”

Bagatelliseren
,,Marcel doet zijn best om de situatie te bagatelliseren, maar ik denk dat een terugkeer in de zaal voorlopig geen optie is. Laatst was er een Teams-meeting met alle korfbalscheidsrechters en toen brak hij.” Marcel: ,,Hoe sta je er voor? Die vraag werd gesteld, iedereen had een goed nieuws show, behalve ik. Mijn longen zijn naar de ‘filistijnen’. En ik heb de onzekerheid of ik weer terugkom op het niveau waarop ik floot.”
,,Nooit was ik ziek, tot de kinderen naar school gingen en die namen wel eens wat mee naar huis. Elk jaar heb ik de griep en één keer bronchitis. Het kan zijn dat ik daar nu meer bevattelijk voor ben.” Esther: ,,Marcel was in het Dijklander de jongste van de afdeling, maar er lag wel een aantal mannen van rond de vijftig.”
Inmiddels zit hij qua werkzaamheden op 75%. ,,Maar Marcel gaat dan al voor honderd. Pas sinds twee weken slaapt hij ’s middags niet meer en merk ik dat zijn energieniveau omhoog gaat. Maar als hij iets heeft gedaan, zweet hij en is kortademig. En hij had echt heel veel energie, vóór Corona uitbrak.”
Marcel: ,,De kilo’s vliegen er aan, dus ik wil heel graag op die hometrainer. Je merkt dat je spieren aangetast zijn, dus ik zet ‘m op de lichtste stand en fiets tien minuten. In september begint de Korfbal League en wil ik weer fluiten.” Esther: ,,Marcel heeft nog goede hoop, maar het kan ook zijn dat het geen optie is.” Marcel glimlacht: ,,Ze kunnen niet zonder me.”

|Doorsturen

Uw reactie