Algemeen

Liefde is...

Freek en Agnes waren op slag verliefd

,,Ik hoor het mijn moeder nog zo zeggen”, begint Agnes Veerman-Kwakman ,,’Het is er toch niet ientje van Thoom Dekker, hè?’ Het was er dus wel eentje van Thoom Dekker. ‘Oe, maad! Het aile Volledam vol met knulle en jij nemen er vlak ientje van Thoom Dekker’.”
Door Jan Koning


Het ging in dit geval om Freek Dekker. ,,De beste van het stel”, aldus Agnes. Hij kan wel enigszins verklaren waarom zijn latere schoonmoeder er een hard hoofd in had. ,,Bij Agnes thuis was het wat ouderwetser, wat strakker. Mijn moeder was haar tijd ver voor. Die liet ons veel vrijer. Is natuurlijk ook niet gek met dertien kinderen. Ik ben Spuit 11, Jack 12 en André 13. Mijn vader en moeder hadden het boek inmiddels allang uit. Die hadden alles al een keer meegemaakt. Hadden ook flink wat optaters gehad. Mijn vader was aannemer en dat ging niet altijd goed. Hij ging eens failliet en toen hij het dan net weer op de rit had, ging zijn zoon Jan dood op zijn achttiende. Die had leukemie. Dat hakt er wel in en dan word je wel hard, hoor.”
Even terug naar de eerste ontmoeting. In de Pussybar, het huidige Sjaakie’s Café. ,,Ik was gelijk overdonderd”, vertelt Agnes. ,,Hoewel ik 200 meter van hem afwoonde – ik woonde in de Conijnstraat en Freek in de Bootsmansteeg – had ik hem nog nooit gezien. Het was echter wel direct raak. Hij was ook wel een verschijning. En nog natuurlijk.”

‘’Goed kijken’,
zei Bep dan.
‘Dan kun je het
later navertellen’’

Freek (lachend): ,,Agnes was een lekker wijf, om het maar eens plat uit te drukken. Dus het was wederzijds. Er werd niet direct de eerste avond gekust. Dat was de dag erna pas en moest uiteraard in het steegje gebeuren, want we mochten niet bij mijn schoonmoeder naar binnen.” Agnes: ,,Als het dan wel eens heel erg slecht weer was, mochten we in de portiek staan en dan zei mijn moeder: ‘ik wacht hier’. Dan ging ze om het hoekje zitten op een stoeltje.” Freek: ,,Dan duurde het nog geen drie minuten (Freek klopt op de tafel, red.) of we hoorden: ‘nou ken het wel weer, hoor!’”
Het echtpaar kan er smakelijk om lachen en er wordt tijdens hun relatie – die inmiddels al 45 jaar voortduurt – flink wat gelachen. ,,Ik zat intern op school in Amsterdam en leerde voor gezinsverzorgster. Dan kwam Freek altijd naar Amsterdam toe op donderdagavond. Daar was ook onze eerste échte date. In een barretje op de Overtoom. Megagezellig. Er zaten nog meer Volendammers daar op school – een stuk of vier a vijf – en dan met z’n allen heen. Dat mocht school niet weten, want het was natuurlijk zo Christelijk als maar kon. Het werd ook geen nachtwerk, want we moesten om 21.30 uur weer terugzijn in het hok aan de Vondelstraat.” Freek: ,,Toen Agnes klaar was met school en we wat meer avonden samen waren, gingen we graag naar de bioscoop. Naar Tuschinski en dan het liefst naar van die enge films zoals The Shining of The Exorcist. Lekker gruwelen in het donker.”
Omdat Freek doordeweeks ook twee dagen in de Pussybar werkte en er verder overdag niet veel te doen was in Volendam, trok het stel regelmatig richting ‘de stad’. Ook een keer onder begeleiding van broer Bep Dekker, die op dat moment al eigenaar was van ’t Gat van Nederland. ,,Ik neem jullie wel mee’, zei Bep. Dus ging ik als meisje van zestien die kant op. Naar de Bananenbar of de Rooie Oortjesbar, zoals ik het later zou noemen. Als mijn moeder het aan de weet zou komen… Ooooeee. ‘Goed kijken, hoor’, zei Bep dan. ‘Goed kijken! Dan kun je het later navertellen.’ Nou en of ik het kon navertellen.”

‘Het hoogste punt
was bereikt’

Het is een van de vele legendarische anekdotes die Freek & Agnes kunnen vertellen. Vele speelden zich af tijdens de mooie reizen die ze samen maakten. ,,De eerste jaren na ons trouwen was het geen vetpot, maar vooral nadat ik voor mezelf ging in de zonweringen, kregen we het wat breder. Zijn we ook de hele wereld rond geweest. Met Amerika als hoogtepunt. Toch zijn het de vakanties waarop je flink ‘bedakt’, die je het meest bijblijven.” Agnes: ,Zo zijn we een keer in Polen geweest met meester Beumer. Er waren ook wat oudere mannen mee. De drie van Breda noemden we ze, Jaap ‘De Beer, Jan ‘Toetjes’ en meneer Mooijer. Het was daar verschrikkelijk smerig en het stonk er naar oude pis. Er was wel water, maar geen stromend water. Dus als je de wc doortrok, kwam er zo’n klein straaltje, maar de poep spoelde niet weg. Op een gegeven ogenblik hoorden we ineens een schreeuw en Freek was bang dat een van die mannen was gevallen. ‘Agnes, nou moet je komen’, riep een van die oudjes nog. Ina Blubber was er ook bij. Er was echter niemand gevallen, maar na een paar dagen was de stront boven de bril uitgekomen. Daar hadden ze vlaggetjes opgezet, want het hoogste punt was bereikt. En dan gieren van het lachen. Dat soort dingen blijven je altijd bij.”

 

|Doorsturen

Uw reactie