Algemeen

Wereldwijd zelden zo getroffen door een ramp als het Don Bosco College

De bijzondere school moest weer een normale school worden

Lisan Molenaar was ten tijde van de Nieuwjaarsbrand en de gevolgen van 01-01-01 nog niet geboren. De eerstejaars VWO-scholiere van het Don Bosco College heeft zich verdiept en letterlijk gebladerd door dat deel van de geschiedenis van haar school. Er zijn weinig scholen in de wereld die zo massaal getroffen werden door en betrokken raakten bij een ramp. De meeste van de uiteindelijk veertien overleden jongeren zaten op dat moment op het DBC, of hadden daar eerder les gekregen. Dat gold ook voor vele van de honderden getroffenen, alsmede klasgenoten waren indirect getroffen en betrokken. Lisan – zij leert voor journaliste – tekende het volgende verhaal op. Zij ging het gesprek aan met Jaap Braakman, destijds intensief betrokken als aanspreekpunt van het DBC.
Door Lisan Molenaar en Eddy Veerman


Heel Volendam is toen zwaar geraakt, van binnen en van buiten, de brand heeft een hele grote impact gehad op de gemeenschap. Het Don Bosco College was een hele belangrijke plek voor alle jongeren die erbij betrokken waren. Het was in die tijd niet alleen een school, het was een plek waar je samen kon komen om te praten, want iedereen had wel te maken gehad met de brand, vanwege familie, vrienden of kennissen. Jaap Braakman, toenmalig godsdienstleraar en tegenwoordig zorgcoördinator van het DBC, heeft met de school en andere teamleden gezorgd voor een herdenkingsplek en voor de opvang van leerlingen. Veel van wat toen is gebeurd, staat nog in zijn geheugen gegrift.
,,Op de derde dag na de Nieuwjaarsbrand – dus nog tijdens de Kerstvakantie – ging de school open, als opvang voor leerlingen, oud-leerlingen en andere mensen uit Volendam.” De aula was het trefpunt. ,,Dat betekende ook dat men daar hoorde dat iemand weer geopereerd was, dat het slecht ging of zelfs iemand was overleden. Verschrikkelijke berichten dus. Er werd veel gepraat en gedeeld. Ik weet nog goed dat na een paar dagen een leerling naar me toe kwam met de vraag: ‘Mogen we kaarten?’”
,,’Natuurlijk’, zei ik. Toen brak de doodse stilte die er al dagen hing.”
,,De school startte in de loop van januari weer op en langzaam kwamen ook de getroffen leerlingen weer terug naar school en de meeste wilden dat ook graag. Toch was het voor henzelf, de leraren en de medeleerlingen best spannend.”
,,We hadden een soort draaiboek voor hoe we moesten handelen, daarin stond bijvoorbeeld dat we de klasgenoten zouden voorbereiden op terugkomst van medeleerlingen en door middel van een filmpje zouden laten zien hoe die leerling er uitzag. Toen had je nog geen mobiele telefoon waarmee je dat kon maken en meteen doorsturen, daar moest een videocamera aan te pas komen. Als het filmpje om twaalf uur werd gemaakt, was het de volgende dag pas klaar om te laten zien, maar dan was de leerling na thuiskomst alweer de klas ingelopen. Dat was dan soms even moeilijk voor de leerlingen en leraren, want die wisten bij binnenkomst niet altijd of die leerling zichtbare verwondingen had.”
,,Er deden zich ook situaties voor dat soms de helft van de klas wel bij de Nieuwjaarbrand betrokken was en de andere helft niet. Dat was dan heel moeilijk: als er dan een leerling naar de therapeut moest of even wegging als het te veel werd, wilden andere leerlingen, die er niet bij waren geweest, soms ook even uit de klas. En wat doe je dan als docent? Ook leerlingen die niet op die avond in Het Hemeltje zaten, maakten een hoop mee. Naderhand zijn in de school ook allerlei aangepaste voorzieningen getroffen voor de terugkerende leerlingen.”

In en om het Don Bosco College zie je nu nog steeds ‘monumenten’ van de Nieuwjaarsbrand, zoals de bomen en het raam in de grote aula?
,,Het idee voor het gedenkraam ontstond toen uit heel Nederland gedichten, kaarten en werkjes werden gestuurd naar leerlingen van het Don Bosco College. In die kaarten werd vaak gezegd ‘je bent nu een ster’. Er was hier iemand die graag wat wilde doen voor de school: zij is toen met de gedachte van de ster naar een kunstenaar gegaan en die heeft een foto van het melkwegstelsel een aantal keren uitvergroot. Als je naar een uitvergrootte ster kijkt, krijg je allerlei kleuren. Daarvan heeft de kunstenaar een glas-in-lood raam gemaakt, wat eind 2005 is onthuld. Daarin zijn de namen van de veertien overledenen gegraveerd. Wat staat voor: ‘jullie zijn er nog, maar dan als sterren’.”
Ook staan er zeven bomen aan de zijkant van de school. ,,Dat heb je waarschijnlijk nooit opgemerkt, maar die bomen staan ook voor onze zes overleden leerlingen en één voor de andere overledenen. De school heeft bewust gekozen voor dit soort bomen, met een normale stam en dan heb je takken die elkaar vastpakken. Symbolisch voor dat ze niet alleen staan. Ze zijn geplant tijdens de eerste herdenking, door docenten en leerlingen samen.”
,,Er zijn dus een aantal plekken ter herinnering aan deze periode, maar het komt niet overal terug en dat is ook een bewuste keuze geweest. We hebben, zolang er leerlingen waren die het hebben meegemaakt, ieder jaar een herdenking gehouden en daarna hebben we ervoor gekozen om aan te sluiten bij de algemene herdenkingen in Volendam. Daarna moest de school immers weer een normale school worden.”
Jaap Braakman vindt het moeilijk om terug te gaan naar toen. Hij slikt even en haalt diep adem. ,,We hebben als school het maximale gedaan en ik vind ook dat we dat als school goed gedaan hebben. Wij moesten de leerlingen helpen, maar wij hadden ook ons eigen verdriet. Dat kon vaak niet, want wij moesten professioneel blijven en onze leerlingen hulp bieden. En daarna moest het weer normaal worden. Het was erg intens was en ik denk dat iedereen toen is veranderd en veel emotioneler is geworden. Ik hoef – als het gaat om verhalen lezen – niet meer terug naar die diepte, naar dat emotioneel zijn.”
,,De brand in ‘t Hemeltje is een heel moeilijk onderwerp, omdat veel mensen er verdriet om hebben gehad en nog steeds hebben. Ik denk wel dat het goed is als dit onderwerp op school besproken blijft, zodat we het niet vergeten.” Met een hoopvolle stem besluit Jaap: ,,Eigenlijk zou ik de kinderen van de kinderen van toen nog op school willen zien. Want destijds leefde de vraag ‘krijgen deze verwonde jongeren wel een partner? Kunnen ze ooit kinderen krijgen? Als je dan hun kinderen de school binnen ziet lopen, voelt het goed. ‘Het is goed geweest’, denk je dan.”

Lisan Molenaar met één van de DBC-boeken met foto’s en kaarten ten tijde van de Nieuwjaarsbrand. Op de achtergrond de bomen die symbool staan voor de overleden jongeren. Foto Lotte Koning

|Doorsturen

Uw reactie