't Bottertje
Lid worden
't Bottertje
Lid worden

Algemeen

Kapelaan Anton Goos kent bewogen eerste jaar als priester

‘Leven en dood liggen soms angstig dicht bij elkaar’

Zijn eerste jaar als priester is bepaald niet onopgemerkt voorbijgegaan. Kapelaan Anton Goos kende een bewogen periode, waarin het veel schakelen was tussen nieuw leven en mensen die op relatief jonge leeftijd van ons heengingen. In de pastorie van de Mariakerk blikt de 33-jarige Limburgse Groninger terug op de afgelopen twaalf maanden.

U omschrijft het als een leerzaam jaar met veel uitdagingen.
,,Om met de woorden van mijn oud-docent te spreken: het is mooier dan ik ooit had gedacht en tegelijkertijd is het ook zwaarder dan ik ooit had gedacht. In Volendam komen alle facetten van de kerk nog samen: veel uitvaarten, doopjes, huwelijken, communie- en vormselprojecten, ziekenzalvingen. En leven en dood liggen soms angstig dicht bij elkaar. Twee weken geleden had ik in de ochtend een uitvaart en in de middag volgde een doopgesprek. Dan ga je binnen een paar uur van het einde van het leven naar het begin van het leven. Ik ben een jonge knaap van 33 jaar, dus dat lukt me prima. Maar het is wel flink schakelen.”
In hoeverre is het moeilijk om - zeker als beginnend priester - de dood van zo dichtbij mee te maken? Vooral de afgelopen maanden, waarin veel jonge mensen overleden.
,,Het stapelt zich op. Je krijgt met veel verschillende zware gevallen te maken. Daarbij moet je enerzijds putten uit je levenservaring, en in die zin heb ik al behoorlijk wat voor mijn kiezen gekregen. Aan de andere kant is het een kwestie van vertrouwen op Onze Lieve Heer. De dingen die op mijn pad komen, kunnen alleen worden gerealiseerd met de hulp van Gods genade.”
Hij noemt een voorbeeld: ,,Enkele weken geleden overleed een jonge Volendamse vader. Nog dezelfde dag kreeg ik een bericht vanuit het Waterdam-kamp met de vraag of ik daar die avond langs wilde komen om samen met de kinderen stil te staan bij het overlijden van die man. Tja, ga je daar maar eens op voorbereiden. Op dat moment dacht ik echt: leidt U me maar, God. Wat volgde, was een zeer intense en bizarre ervaring. Alle 217 kinderen waren aandachtig aan het luisteren. Het was zo’n diep gesprek. Dat grijpt je wel aan.”

‘Als ik zelf in de emoties
zou verdrinken,
kan ik de ander niet meer
met een logisch en
helder verstand van dienst zijn’

Het blijft even stil. Dan: ,,Zo heb je een heel jaar door verschillende situaties waarbij je niet goed weet wat je kunt verwachten. Naast vertrouwen op God is het dan uiteraard ook belangrijk dat je gewoon je gezonde verstand gebruikt en de situaties leert aanvoelen. Denk bijvoorbeeld aan rouwgesprekken. Je weet nooit wat je binnen aantreft wanneer je voor de voordeur staat. En het overlijden van een persoon op een respectabele leeftijd kan óók heel veel verdriet teweegbrengen bij de nabestaanden. Een vergelijkbaar scenario gaat op bij doopjes. Voor de één heeft dat een heel diepe betekenis en de ander zegt: het hoort bij het dorp, het is traditie.”
Zijn er momenten waarop u uw emoties helemaal laat gaan, bijvoorbeeld als u thuis bent?
,,Jawel, zeker wel. Daar probeer ik een weg in te vinden. Aan de ene kant is het belangrijk om naast de mensen te staan. Aan de andere kant moet je soms ook afstand kunnen houden. Want als ik zelf in de emoties zou verdrinken, kan ik de ander niet meer met een logisch en helder verstand van dienst zijn. Dat is soms makkelijker gezegd dan gedaan, hoor. Een uitvaart van een jonge vader doet ook mij echt wel veel pijn. Of laatst van een oma, die een zeer sterke band had met haar kleinkinderen. Het is daarom van groot belang dat ik na zo’n uitvaart voldoende tijd neem voor rust en ontspanning. Daarin ga ik dan bidden. En vaak zet ik een Netflix-serie aan. Of ik ga een spel spelen op de PlayStation. Ja, ook dat hoort bij een jonge knaap...”
Voorheen dronk u nog weleens een biertje op de Dijk. Heeft u daar nog steeds tijd voor?
,,Dat is me de laatste tijd wel iets minder vaak gelukt. Ik vind dat soort dingen nog steeds belangrijk, maar ik ben er ook voorzichtig mee. Ik weet hoe het werkt in een dorp en ik wil niet bekend komen te staan als de drankpastoor. Ook dat is een uitdaging, om daar een balans in te vinden. Nu kies ik er meestal voor om het bij een hapje eten te laten, bijvoorbeeld met vrienden. Dat vind ik ook leuk om te doen. Er zijn in Volendam prachtige locaties, aan het water.”
Dus u gaat komend weekeinde niet even de Dijk op om kermis te vieren?
,,Jawel, dat hoort erbij. De kerk is onlosmakelijk verbonden met dit dorp, maar kermis is dat net zo goed. Die draaidingen kan ik niet tegen, daar word ik misselijk van. Maar als er een aantal leuke attracties is, ga ik daar zeker in. Ik kom zelf uit Weert, met de een na grootste kermis van Nederland. Dus ik weet waar ik over praat. Bovendien is het als priester goed om de mensen op te zoeken en het gesprek aan te gaan met het volk. Overigens viel het me tijdens de voorgaande kermissen in Volendam wel op dat zelfs de ramen van winkels worden gebarricadeerd, om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren. Gelukkig blijft het meestal gezellig...”
U heeft zelf gewerkt in de Pauluskerk. Die kerk komt op voor mensen die het zonder hulp niet redden, zoals verslaafden. Hoe kijkt u naar het alcohol- en drugsgebruik in Volendam?
,,Een aantal dorpsgenoten vindt alcohol en drugs dusdanig lekker dat het een probleem wordt. Daar moet wat aan gedaan worden, maar een echte verandering kan pas plaatsvinden wanneer het van binnenuit komt. De enige manier waarop dat kan, is dat het een keer hard uit de hand loopt, waardoor de mensen met de neus op de feiten worden gedrukt. Ik heb niet de illusie dat de gemeente, pastoor Stomph of ik het tij kunnen keren.”

‘De mens heeft een
waardigheid die onaantastbaar is,
hoe groot iemands probleem ook is’

Hij verklaart: ,,Iemand die verslaafd is aan alcohol of drugs, kan alleen worden geholpen als de persoon in kwestie dat zelf wil. Wij kunnen uiteraard wel steun bieden, dat willen we ook met alle liefde. Alleen dan moet die steun wel gezocht worden. Het heeft niet zoveel zin om een verslaafde aan te spreken en te zeggen: ik wil jou helpen. De mens heeft een waardigheid die onaantastbaar is, hoe groot iemands probleem ook is. Het is voor die mensen wel goed om te weten dat ze altijd welkom zijn in de kerk, hoe erg de situatie ook is.”
Heeft u enig idee waardoor het alcohol- en drugsgebruik zo uit de hand is gelopen?
,,Het alcoholgebruik is van alledag. Dat is logisch, zeker in Volendam. Onze dorpsgenoten voeren veelal op zee en zijn nog steeds hardwerkende mensen. Het is begrijpelijk dat je dan op een gegeven moment naar ontspanning zoekt. Maar als je vervolgens niet je eigen grenzen kunt aangeven, raakt het einde zoek. Wat daarnaast ook bijdraagt aan de problematiek, is dat wij leven in een maatschappij waarin je hoe dan ook wordt veroordeeld. Het is moeilijk om jezelf te zijn, omdat je moet voldoen aan bepaalde standaarden.”
Zeker in een dorp als Volendam, waar de sociale controle soms gekke vormen aanneemt…
,,Dat wil zeggen dat wij als inwoners van dit dorp een puntje hebben waarop we mogen en kunnen groeien. Dat zal zijn tijd nodig hebben. En dat is pittig, want alles moet tegenwoordig snel, snel, snel. Terwijl sommige dingen echt tijd nodig hebben om tot wasdom te komen. Dat geldt ook voor dit probleem. Mensen moeten elkaar de tijd gunnen om daarin te groeien. Neem die tijd dan ook. Stap voor stap. Dat is in het leven de enige manier om verder te komen.”

‘Het is moeilijk
om jezelf te zijn,
omdat je moet voldoen
aan bepaalde standaarden’

Goos vervolgt: ,,Maar laten we het vooral niet alleen negatief benaderen. Ik zie hier in Volendam ook zoveel moois. Er zit bijvoorbeeld buitengewoon veel geloof in de harten van onze mensen. Kaarsjes die worden opgestoken, uitvaarten, huwelijken, doopsels. Op die ijkpunten tussen het aardse en hemelse zie je dat de inwoners van dit dorp bijeenkomen in de kerk. Dat ze steun en kracht vinden, God op een bepaalde manier ervaren. Dat is een gegeven dat je buiten ons dorp nog maar weinig ziet. Dat maakt het werk als priester hier ook zo mooi.”
Hij verzekert: ,,Ik hoop dat mensen te allen tijde naar me toe blijven komen. Dat ze open blijven praten over wat er in hen omgaat en dat we elkaar kunnen blijven vertrouwen. Het is belangrijk dat we met elkaar in gesprek blijven, elkaar op dingen blijven wijzen. Of juist een compliment geven. Dat laatste gebeurt in onze maatschappij namelijk ook veel te weinig. En dat is eigenlijk heel zonde. Wanneer er kritiek is hoor je het altijd, maar andersom is dat te weinig. Terwijl een compliment zo belangrijk kan zijn voor mensen.”
De laatste jaren worden yoga en meditatie steeds populairder. Wat vindt u van die ontwikkeling?
,,Een ontspannen geest is heel belangrijk. Aan de ene kant vind ik het goed, ik doe zelf ook aan meditatie. We leven in een wereld vol ruis en geluid, terwijl die rust ook heel belangrijk is. In die rust kunnen we ook God vinden. Ik zou zelf echter zeggen: yoga en meditatie zijn belangrijke stappen, maar het gaat verder dan dat. Die geest van ons kan alleen maar optimaal leven als we God toelaten in ons hart. Hij is de bron van leven, waar alle liefde en het geluk vandaan komen.”

‘Ik vind dat je
als priester daar moet zijn
waar de mensen zijn,
zonder jezelf te verloochenen’

In Nederland zijn in de loop der jaren veel kerken gesloten. De wereld verandert in rap tempo. Vindt u dat de kerk in zekere zin moet meebewegen?
,,In zekere zin wel. Enerzijds moeten we zorgen dat de kern hetzelfde blijft. Anderzijds is het heel belangrijk dat je het geestelijke deel weet over te brengen aan de mensen van vandaag. Dat betekent dat je je als kerk zijnde continu moet aanpassen. Als ik het op mezelf betrek: ik heb Snapchat, Facebook, Instagram en Twitter. Ik vind dat je als priester daar moet zijn waar de mensen zijn, zonder jezelf te verloochenen. Dat blijft een interessant spanningsveld.”
Heeft u nog plannen voor de nabije toekomst?
,,Komend jaar probeer ik een kinderclub op te richten voor kinderen die in het afgelopen jaar communie hebben gedaan. Daarmee hoop ik, samen met een aantal anderen, de jongeren in ons dorp van dienst te kunnen zijn. Verder wil ik leren van het afgelopen jaar en met enthousiasme doorgaan naar het tweede jaar van mijn priesterschap. Sinds het moment dat ik hier in Volendam woon, voel ik me thuis en heb ik een goede klik met pastoor Stomph. Dit is een plek waar ik mijn vleugels kan uitslaan. Waar ik kan groeien, bloeien en leren. Daarom hoop ik ook vooral dat mensen mij blijven voorzien van tips. Daar luister ik heel scherp naar. Laatst was er nog iemand die vond dat ik te snel praatte. Dan ga ik mijn best doen om daar verandering in te brengen. Toevallig kwam diegene vandaag terug om te zeggen dat ik goed verstaanbaar was. Nou, dan ben ik gelukkig en probeer ik op de ingeslagen weg verder te gaan. En dat alles in de hoop dat ik hier nog heel veel jaren mag blijven werken. Ik ben Volendam dankbaar.”

|Doorsturen

Uw reactie