Algemeen

Nieuws uit Volendam

Piet Koning kraakt onderzoek zuiveringsdossier Van Baar

Meer dan 75 jaar lang is de kwestie Van Baar in de gemeente verzwegen


Op Bevrijdingsdag maakte de gemeente Edam-Volendam middels een perscommuniqué bekend dat het onderzoek rond het zuiveringsdossier van oorlogsburgemeester Van Baar was voltooid. Dr. Erik Besseling noemt het door dr. Lennert Savenije uitgevoerde onderzoek onbevredigend. Besseling schreef zelfs een aanvullend rapport, waarin hij kritische aantekeningen bij het onderzoek plaatst. Piet Koning, schrijver van Wereldoorlog in het Dorp Volendam sluit zich bij Besseling aan. Volgens Koning is het onderzoek genaamd ‘Berispt, maar niet openbaar’ onvolledig en heeft het de plank misgeslagen. ,,Savenije heeft tijdens het onderzoek misschien wel het belangrijkste document van tafel geveegd, simpelweg omdat de auteur van het anonieme document bij hem niet bekend was. Sinds het voorjaar 2021 is bekend dat de schrijver van dit document Eric Kolfschoten was, een zoon van de vorige burgemeester met een geweldige staat van dienst, in het verzet en later als politicus. Met deze kennis zou de inhoud van het rapport door Savenije mogelijk serieuzer zijn genomen dan nu het geval is .”

Een jaar geleden, op 5 mei 2021, stond in de Nivo een artikel genaamd ‘Op Bevrijdingsdag 1945 begon het grote zwijgen’, afkomstig van Erik Besseling. Daarin stelt hij dat burgemeester Van Baar in de oorlog aan de Jodenvervolging heeft meegewerkt. Sinds minister-president Mark Rutte in januari 2020 excuses heeft gemaakt voor het optreden van de overheid bij de Jodenvervolging, is voor Besseling ook het optreden van Van Baar aan de orde. Op aandringen van de auteur besloot het gemeentebestuur het NIOD in Amsterdam te vragen het zuiveringsdossier van Clement van Baar te onderzoeken. Het NIOD schakelde op haar beurt historicus Lennert Savenije in als uitvoerend onderzoeker. Het verkennend onderzoek ‘Berispt, maar niet openbaar’ van Savenije is op de website van de gemeente Edam-Volendam te vinden, evenals de ‘Aantekeningen’ van dr. Besseling. De kritische aantekeningen die Besseling bij het onderzoek plaatste, kunnen rekenen op de goedkeuring van Piet Koning. Ook hij is ontevreden met het onderzoeksverslag van Lennert Savenije.

‘In Volendam vond men zich door Van Baar al vóór de oorlog tekortgedaan’

,,Naar aanleiding van de excuses die premier Rutte maakte voor het Nederlandse overheidsoptreden bij de Jodenvervolging vroeg Besseling om een onderzoek naar functioneren van onze oud-burgemeester Clement van Baar bij de Jodenvervolging. Een kernvraag waar in het onderzoek haast niet op ingegaan wordt. Savenije zag de grote waarde niet in van het rapport, geschreven in september 1944 door een ambtenaar op het stadhuis. De historicus noemt het onevenwichtig en van een anonieme ambtenaar die bij het verzet hoorde. Dit rapport uit 1944 wordt in de Aantekeningen van Besseling het rapport Illegaliteit genoemd. In feite geeft het een helder, eenduidig beeld van Van Baars functioneren in de eerste jaren van de bezetting: Van Baar meent met een onoverwinnelijk Duitsland te maken te hebben en verleent bestuurlijk zijn volle medewerking aan de uitvoer van alle maatregelen die hem door de bezetter worden opgedragen. Pas in de zomer van 1944, toen de kansen voor de geallieerden toenamen, stelde Van Baar zijn koers bij.” In 2021 bracht de laatst overlevende van de groep ambtenaren die in de oorlog voor de gemeente werkte naar buiten, dat de schrijver van het Rapport Illegaliteit luistert naar de naam Eric Kolfschoten. ,,Kolfschoten was de zoon van Van Baars voorganger als burgemeester van Edam, was de eerste ambtenaar op het stadhuis, hoorde tot de kern van het verzet in Edam en was vanaf begin 1945 plaatselijk commandant der Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten in Edam-Volendam. Hij werd later burgemeester van Eemnes, Alkemade en Leidschendam en was Tweede Kamerlid voor de KVP. Ik zou toch zeggen: een onverdachte bron. Hoe Savenije ertoe komt het rapport onevenwichtig te noemen, ontgaat mij ten ene male.”

‘We weten nu immers al dat onze berispte oud-burgemeester betrokken is geweest bij de Jodenvervolging’

,,Van Baar was er echt van overtuigd dat Duitsland zou winnen”, vervolgt Koning. ,,En niet alleen dat, maar ook zouden ze blijven winnen. Op dat paard heeft Van Baar te lang gewed. Er waren best wat kleine, individuele goede daden die hij verrichtte tijdens de oorlog, maar voor Jodenvervolging en arbeidsinzet voldeed hij nauwgezet aan de Duitse opdrachten.” Hoewel het onderzoek van Savenije door Koning als onbevredigend wordt ervaren, is hij niet van mening dat er aanvullend onderzoek moet worden gedaan. ,,Als het bij het vooronderzoek ‘Berispt, maar niet openbaar’ was gebleven, dan was ik voor aanvullend onderzoek geweest. Maar nu, met de vele kritische, goed beargumenteerde Aantekeningen van Erik Besseling, zeg ik dat het niet meer nodig is. We weten nu immers al dat onze berispte oud-burgemeester betrokken is geweest bij de Jodenvervolging. En we hebben nu ook de excuses van premier Rutte. Hij achtte overheidsdienaren, waaronder burgemeesters, ‘die simpelweg uitvoerden wat de Duitse bezetter van hen vroeg, die te weinig bescherming en te weinig hulp gaven’, medeschuldig aan Jodenvervolging en bood daarvoor namens de overheid zijn excuses aan. Clement van Baar is een van die overheidsdienaren.” Koning weet zijn mening gedetailleerd te onderbouwen met feiten verzameld uit de notities ‘Berispt, maar niet openbaar’ van Savenije en ‘Aantekeningen’ van Besseling. ,,Nog vóór de bevrijding oordeelde de commissaris van de Koningin in Noord-Holland al dat burgemeester Van Baar ‘ernstig te kort geschoten was in het betrachten van de juiste houding in verband met de bezetting en diende ontslagen te worden’. Verder had Van Baar ook niet onmiddellijk alle (financiële) banden verbroken met het familiebedrijf Jaartsveld Wegenbouw, dat voor de bezetter ging werken.” Savenije gaat in ‘Berispt, maar niet openbaar’ vooral in op Van Baars betrekkingen met de firma Jaartsveld, maar besteedt weinig aandacht aan de grote misdaad van de Jodenvervolging en aan zijn ‘deutschfreundliche’ houding. Zoals ook blijkt uit het rapport dat uit het hoofdkwartier van de NSB opdook: Van Baar mocht als enige van de vijftien zittende leden in de Generale Commissie Zuiderzeesteunwet zijn zetel behouden, omdat hij volgens de NSB de nationaalsocialistische orde goed gezind was; de rest van de commissie werd vervangen door duitsgezinden.”Koning vervolgt: ,,Met het rapport Binnenlands Bestuur uit 1945 werd een ingevulde vragenlijst over het gedrag van burgemeester Van Baar gepresenteerd. Over de Jodenvervolging werden drie vragen gesteld. De vragen ‘Heeft hij meegewerkt aan het arresteren van Joden?’ en ‘Heeft hij daartoe opdracht gegeven aan politiepersoneel?’ werden beide beantwoord met ‘ja’. De vraag ‘Heeft hij het arresteren van Joden gesaboteerd?’ werd beantwoord met ‘nee’. Dit zijn schokkende feiten! Ook Kolfschoten heeft in zijn rapport uit september 1944 een uiterst kritische opmerking over Van Baar en de Jodenvervolging gemaakt: ‘Ook aan de opgaven van de Hollandsche en Duitsche Joden mocht niets mankeeren. De Sicherheitspolizei behoefde slechts te kikken en zij werden op hun wenken bediend.’

‘Er is wat mij betreft geen verontschuldiging te vinden in het feit dat het 80 jaar geleden is gebeurd’

Na de oorlog stond Van Baars positie een vol jaar ter discussie, terwijl hij als burgemeester geschorst was (van augustus 1945 tot september 1946). ,,Tot viermaal toe werd er tot ontslag van Van Baar als burgemeester geadviseerd. De zuiveringscommissie bracht nog in mei 1946 het advies ‘ongevraagd ontslag’ uit, als ‘een disciplinaire overplaatsing’ niet mogelijk was. Maar dit advies werd genegeerd door Dr. Louis Beel, toen minister en partijgenoot van Clement van Baar. Daarmee werd het een politieke zaak, omdat deze minister van Binnenlandse Zaken de eindverantwoordelijkheid had bij wat er met Van Baar moest gebeuren. En de minister Beel besloot toen tot: ‘een terugkeer als burgemeester met een berisping, buiten de openbaarheid’.”


,,In Volendam vond men zich door Van Baar al vóór de oorlog tekortgedaan”, zegt Koning. ,,Een terugkeer van Van Baar zou daarom toen daar mogelijk tot verzet kunnen leiden. Dat werd bezworen met een prachtig politiek cadeau: het dorp kreeg een extra wethouder in het college van B&W, waardoor het in het college altijd de overhand had. Tot slot wil ik een brief van De Vos van Steenwijk, commissaris van de Koningin in Noord-Holland, gericht aan minister Beel aanhalen. De commissaris uitte zijn onvrede met de veelbetekenende woorden: ‘Persoonlijk heb ik geen bezwaar tegen het weer in ambt herstellen van burgemeester Van Baar, al beschouw ik het als een dubieus geval of hij met een berisping voldoende gestraft is’.”

‘Het is pijnlijk dat we in Volendam winkelen in de Burgemeester van Baarstraat’

Voor Piet Koning is het duidelijk dat Clement van Baar bij de groep overheidsdienaren hoorde voor wie premier Rutte onlangs zijn excuses maakte. ,,In dat opzicht is het pijnlijk dat we in Volendam winkelen en wonen in de Burgemeester van Baarstraat”, zegt Koning. ,,Er is wat mij betreft geen verontschuldiging te vinden in het feit dat het 80 jaar geleden is gebeurd. Dus als je mij vraagt of ik ervoor ben om de straatnaam te wijzigen, dan zeg ik ‘ja’. Het handhaven van de straatnaam als eerbetoon aan Van Baar zou voor mij, zoals de Commissaris van de Koningin in 1946 al aangaf, een dubieuze politieke beslissing zijn. De nieuw gekozen gemeenteraad die hierover een besluit gaat nemen, wens ik veel wijsheid toe.”

De rapporten over Van Baar van Savenije en Besseling zijn sinds 5 mei 2022 te vinden op de website van de gemeente Edam-Volendam.

 

|Doorsturen

Uw reactie