Algemeen

Opruimactie levert aanhangwagen vol vuurwerkafval op

‘Als je goed kijkt, zie je pas hoe erg het is’

Vuurpijlen, crackers, fonteinen, mortieren… Rond Oud en Nieuw ging er in Nederland zo’n 77 miljoen euro aan vuurwerk de lucht in. Ook in Edam en Volendam gingen we dit jaar weer knallend het nieuwe jaar in. Er viel, ondanks de mist, weer eindeloos veel schitterend vuurwerk te aanschouwen. En te horen. Waarbij een hoop mensen zich liet ontvallen niet blij te zijn met de tijdstippen waarop al werd begonnen en de geluidsgrenzen die werden overschreden. En wat omhoog gaat, komt onvermijdelijk ook weer omlaag. Afgelopen zaterdag trok een groep vrijwilligers erop uit om restanten vuurwerk op te ruimen. De organisatie van de opruimactie lag in handen van Kees Veerman, voorzitter van Bulderend Volendam: Een groep die zich al jaren inzet om de problemen rondom geluidsoverlast en zwerfafval in onze gemeente aan te pakken.

Om half tien ’s ochtends verzamelen zich zo’n vijftien montere mensen, waaronder twee raadsleden van Volendam80 en opvallend veel Edammers, in het glazen tuinhuis van Kees Veerman. De stemming is opvallend positief. Terwijl de vuilniszakken en afvalgrijpers worden uitgedeeld, klinkt er onderling zelfs enige aarzeling over het nut van de opruimactie.
„Volgens mij valt het dit jaar wel mee”, zegt een dame uit Edam, „ik heb op de weg hiernaartoe eigenlijk helemaal geen vuurwerkafval gezien.” De overige aanwezigen knikken instemmend. „Bij mij in de buurt is alles ook al netjes opgeruimd”, vervolgt een man uit Volendam. Voorzitter Kees weet de gemoederen te sussen: „Als we er na ons rondje nog steeds zo over denken, zou dat geweldig zijn. Dan hebben we misschien al voor voldoende bewustwording gezorgd.”

‘Kleine onderdelen
juist zo schadelijk
voor het milieu’

Wanneer de groep vertrekt vanaf de Boezelgracht lijkt hun vermoeden op het eerste gezicht bevestigd. Vol bewondering schaart het gezelschap zich om Kees heen als hij het eerste kleine stukje vuurwerk opraapt en deze met zijn grijper triomfantelijk omhoog houdt. „Kijk. Een Crackerdopje”, stelt Kees, „het zijn juist dit soort kleine plastic onderdelen die vaak onopgemerkt blijven liggen. Terwijl deze juist zo schadelijk zijn voor het milieu. Let dus goed op.”
Met die korte instructie splitst het gezelschap zich op in meerdere kleine groepjes, die elk een eigen richting opgaan. De delegatie die bij de speeltuin het park in loopt, wordt gelijk met de neus op de minder rooskleurige feiten gedrukt. Waar de stoepjes in de woonwijk blijkbaar nog ‘Volendams schoon’ werden gehouden, waren er in het park direct al grotere stukken vuurwerk te vinden.
Bij de brug richting de Bloedkoraal slaat de sfeer definitief om. De resten van een duizendklapper kleuren de helft van de brug rood. „Probeer vooral alle buisjes eruit te pakken”, zegt Kees terwijl het groepje de chaos te lijf gaat, „daar zit plastic in.”
„Maar hoe zit het dan met al dat rode papier”, vraagt raadslid Simon Rikkers zich hardop af. „Die kleurstof is toch ook niet goed voor het milieu?” Kees knikt, „Klopt, maar daar is bijna geen beginnen aan.” Een andere vrijwilliger kijkt meewarig om zich heen. „Het vuurwerk belandt zo met de wind erg makkelijk in het water, moet je nagaan wat dat daar allemaal voor schade aanricht.”
Even verderop loopt het gezelschap langs een speeltuintje dat bezaaid is met vuurwerkafval. Her en der liggen ook lege blikjes en plastic flesjes (al dan niet ontploft) en er worden zelfs meerdere lege flessen sterke drank uit de berm gevist. „Vergis je niet”, zegt Kees, we hebben hier ook indirect te maken met vuurwerkafval. Wanneer groepen jongens erop uittrekken om vuurwerk af te steken, zoeken ze regelmatig zo’n afgelegen plekje in een park, waar ze ongestoord kunnen knallen. En daar hoort blijkbaar ook een drankje bij.”

‘Ongestoord knallen
in het park,
daar hoort blijkbaar
ook een drankje bij’

Later blijkt dat het vuurwerkafval ook in lang niet alle wijken even netjes opgeruimd is. Een drietal vrijwilligers komt niet verder dan het Gouden Slot, waar zij de ene na de andere vuilniszak vullen met vuurwerk dat daar midden op straat, verspreid over het speelveldje en langs de brug te vinden is. Moedeloos probeert een vrijwilliger met zijn afvalgrijper mortieren uit een berm te frutselen. „Dit is niet te doen, de hele struik zit vol.”
Een kapotte ruit in een bushokje, een beschadigde brug en steeds meer vuilniszakken vol vuurwerkafval. Het enthousiasme onder de vrijwilligers verandert langzaamaan in verbijstering.
Angelique Bootsman, fractievoorzitter van Volendam80, die speciaal voor de opruimactie haar zoon had meegenomen, schrikt enorm van de omvang van het probleem. „Op het eerste gezicht denk je dat het wel meevalt met die rotzooi op straat, maar als je goed kijkt, zie je pas hoe erg het is.” Het valt haar dan ook een beetje tegen dat er niet meer raadsleden aanwezig zijn.
In maart 2019 heeft de gehele gemeenteraad unaniem ingestemd met een motie van Volendam80 om het vuurwerkafval aan te pakken door een kleine vergoeding uit te keren aan de jeugd voor het opruimen van vuurwerk. De fracties hadden inmiddels al een nieuwe motie voorbereid toen Kees afgelopen december in de raadsvergadering een gloedvol betoog hield voor een passende oplossing voor het vuurwerkafval in onze gemeente.
„Daar waar er in onze gemeente nog geen regeling is doorgevoerd, is deze in de gemeente Purmerend al een groot succes”, vertelt Kees. „Voor iedere kilo vuurwerkafval krijg je 0,25 euro. Er is daar bijna 21.000 kilo ingeleverd.” Zowel Angelique als Kees hopen dat de wethouder inziet hoe belangrijk de voltallige raad dit onderwerp vindt en dat er in onze gemeente volgend jaar ook werk van wordt maakt. Kees: „Dit kan zo gewoon niet langer.”
Na twee uur verzamelen alle vrijwilligers zich weer in het glazen tuinhuis van Kees. Om op te warmen wordt er voor iedereen Glühwijn geschonken en nadat alle ervaringen gedeeld zijn, besluit het gezelschap unaniem: „Het viel niet mee.”

‘Vuurwerk is prachtig,
maar dat weegt niet op
tegen alle ellende
die het veroorzaakt’

Kees begint hardop te rekenen. „In deze twee uur tijd hebben we slechts een deel van het Middengebied, van het Munnickenveld, van het Boelenspark, en de rand van Edam kunnen opruimen. Wat zou dat zijn, zo’n drie a vijf procent van onze gemeente? En in dit beperkte gebied hebben we al 600 kilo vuurwerkafval ingezameld. Moet je nagaan hoeveel er dan verder nog ligt. Het is een ware ramp.”
„Het is echt een kwestie van bewustwording”, zegt een van de deelnemers. „Mensen beseffen niet wat ze de natuur aandoen. Al het vuurwerk dat hier nu in de parken ligt bevat zware metalen, waaronder koper. Dit komt op den duur in het water terecht, en via via komt het uiteindelijk in ons lichaam terecht.”
„Er is echt maar een manier om dit probleem op te lossen”, zegt Kees stellig. „En dat is met een landelijk verbod op particulier vuurwerk.” Kees snapt dat veel mensen dit misschien niet zien zitten. “Het is natuurlijk prachtig, dat vuurwerk. Dat vind ik zelf ook. Maar die paar mooie momenten wegen niet op tegen alle ellende die ermee gepaard gaat.”
Daarmee verwijst Kees niet uitsluitend naar al het afval dat na afloop blijft liggen. „Kijk ook naar alle schade die we er ieder jaar aan overhouden”, vervolgt hij: Het vandalisme, de overspannen dieren, de ernstige verwondingen, dit jaar zelfs een vader en kind die zijn overleden in een lift als gevolg van een brand die in een portiek werd veroorzaakt door twee minderjarigen die daar vuurwerk afstaken. Het is krankzinnig dat we er nog mee doorgaan.”
Kees kijkt hoopvol naar de toekomst. „Wij gaan dat vuurwerkverbod nog meemaken, let op mijn woorden. Voor de jaarwisseling waren alleen de Partij van de Dieren en Groenlinks voor het volledig afschaffen van vuurwerk. Maar je ziet nu echt een verschuiving plaatsvinden. Steeds meer mensen zijn deze gevaarlijke traditie meer dan zat. Op dit moment hebben al meer dan 300.000 mensen een online petitie voor een vuurwerkverbod ondertekend. De politiek kan er straks niet meer omheen.”

|Doorsturen

Uw reactie