Algemeen

‘Ik dacht soms wel: waar ben ik aan begonnen’

Gedurfde stap leidt Rob Mostert naar Edison-winst

In één week tijd een Edison Publieksprijs in ontvangst nemen en op North Sea Jazz optreden, is slechts weinigen gegeven. Deze eer valt ten deel aan voormalig Jen Rog-toetsenist Rob Mostert (54). De geboren Edammer gooide ruim tien jaar geleden het roer om. Hij besloot om zich uitsluitend nog als bespeler van het hammondorgel te profileren. Een gewaagde keuze in een klein muziekland als Nederland. Het bracht hem niet van meet af aan het gewenste succes en enkele spannende jaren volgden. Momenteel gaat het Rob voor de wind. Zijn agenda is goedgevuld met uitvoeringen van zijn eigen theatershow ‘Sex, Hammond & Rock ’n Roll’ en optredens van ‘The Preacher Men’.
Laurens Tol

Met deze laatste groep sleepte Rob de ‘Edison Jazzism Publieksprijs’ in de wacht. ,,Natuurlijk ben ik hier erg trots op. Het winnen van deze prijs kwam als een volslagen verassing. Ons album ‘Blue’ valt blijkbaar in goede aarde. Dat merken we ook als we de muziek van deze plaat live spelen. Er gebeurt dan echt iets en meestal staat het vol met publiek als we op een festival spelen. Komende zondag staan we ook op North Sea, dat is een grote eer”, vertelt Rob.
The Preacher Men heeft bewust gekozen voor een bijzondere wijze van presentatie. ,,Naar mijn idee kom je er niet met alleen goede muziek. Er moet een verhaal aan vastkleven en voor het oog moet er ook wat speciaals gebeuren. Zoals past bij onze bandnaam gaan wij daarom verkleed als priester tijdens optredens. Geheel in het zwart en met een wit boordje. Onze drummer Chris Strik grapte ook met het idee om wijwater te gaan verkopen. Dit is er echter nog niet van gekomen.”

Hammondorganist
Robs collega’s bij The Preacher Men, drummer Chris Strik en saxofonist Efraim Trujillo zijn grote namen in de muziekwereld. Voordat Strik bij The Preacher Men kwam spelen, toerde hij over de hele wereld. Omdat hij tegenwoordig vaker bij zijn gezin wil zijn, blijft hij veelal in Nederland. Trujillo is geestelijk vader van de band en speelt daarnaast ook in ‘The Ploctones’ en ‘The New Cool Collective Big Band’. Zijn CV vermeldt nog meer samenwerkingen met gerenommeerde artiesten.
Toen Rob in 1988 afstudeerde als hammondorganist aan het conservatorium, zag hij onvoldoende mogelijkheid om te kunnen leven van de bespeling van het orgel. ,,Ik rondde mijn studie af in het synthesizer-tijdperk. De hammond was meer een instrument uit de jaren zeventig. Daar zag ik mezelf niet de hele tijd mee slepen. Het lag meer voor de hand om met keyboards op pad te gaan. Ik rolde van het ene commerciële project in het andere en heb dat een hele tijd gedaan.”
Uiteindelijk belandde hij via Jaap Kwakman in de Volendamse band Jen Rog. ,,Jaap speelde in deze groep en gaf op dat moment ook les bij mij in de muziekschool. Op een dag vertelde hij dat Jaap Schilder (De Witte) ging stoppen bij Jen Rog. Hij vroeg toen of ik bij deze band wilde gaan spelen. Ik zei ‘ja’ en op een of andere manier gingen we van vijfenveertig naar honderdtwintig optredens. In de eerste periode speelden we goede popmuziek van Queen, Sting en Toto.”

‘Een leerling zei:
‘Als jij zo goed kan
spelen op dat ding,
dan moet je daar
wat mee doen!’’

Daarna vond er een verandering plaats in de populaire muziek. ,,Dit was nogal ellendig voor ons, want we stonden in een keer ‘I’m a Barbie Girl’ te spelen. Op een bepaald moment kon ik mezelf niet meer serieus nemen als muzikant en had er genoeg van. Natuurlijk waren er ook leuke momenten en het bleef fijn om met Jaap Kwakman te spelen. De combinatie met lesgeef-werkzaamheden hakte er ook in. Ik had er geen zin meer in.”
Na zestien jaar zijn hammond niet te hebben aangeraakt, wakkerde de belangstelling voor het instrument weer aan. ,,Iemand vroeg mij om hammond-les te geven. Na al die jaren speelde ik er weer eens op en voor ik het wist, was ik twee uur verder. Ik was het nog niet verleerd. De dag erna kwam de leerling langs en vroeg mij om ook wat te spelen. Hij stelde de vraag: wat doe jij hier eigenlijk mee? Ik antwoordde: al zestien jaar niks. Hij reageerde met: dan ben je een ezel!”
De leerling vond het onbegrijpelijk dat Rob niks met zijn talent deed. ,,Hij zei: ‘Als jij zo goed kan spelen op dat ding, dan moet je daar wat mee doen!’ Daarna vertelden meerdere mensen mij ongeveer hetzelfde. Iemand die ik pianoles gaf, zei dat ik een prima pianist was, maar dat er pas echt wat gebeurde als ik op de hammond bezig was. Dit werkte op den duur toch in mij door. Ik was niet gelukkig met de situatie waarin ik zat, maar verdiende er wel goed mee.”
In 2004 besloot Rob voor zijn passie te kiezen. Vanaf dat moment richtte hij zich volledig op zijn hammond-carrière. ,,In eerste instantie wilde ik het nog combineren met commercieel werk, maar iemand zei mij: dit kun je niet een beetje doen. Je kunt ook niet een beetje de vierdaagse lopen, zonder je er volledig voor in te zetten. Maar ja, ik moest ergens van leven en had al een zoontje. Ik heb er twee weken over gepiekerd en besloot toen om te stoppen met Jen Rog.”

‘Later heb ik liever
spijt van de dingen
die mislukt zijn,
dan van de dingen
die ik niet gedaan heb’

Ook naderhand was Rob niet zonder twijfel over zijn beslissing. ,,Natuurlijk vond ik dit eng, er valt toch een belangrijke deel van je inkomsten weg. Gelukkig kwam ik al vrij snel weer andere mensen tegen met wie ik ging spelen. Ik bleef toen nog begeleidend muzikant. In 2009 besloot ik voor mijn eigen werk te kiezen en wilde een plaat opnemen. Ik trok de stoute schoenen aan en benaderde de legendarische geluidstechnicus wijlen Rudy Van Gelder. Hij wist hoe een orgel moet klinken.”
Het album met eigen muziek kwam er, maar makkelijk ging het in die tijd niet. ,,De economische crisis was uitgebroken. Het eerste waar mensen dan op gaan bezuinigen zijn concerten en muzieklessen. Toen dacht ik soms wel: ‘waar ben ik aan begonnen?’. Ik had toen ook net mijn huidige woning in Middelie gekocht met mijn toenmalige partner, op basis van twee salarissen. Een week voordat we hier konden intrekken, ging zij ervandoor. Dit had ik uiteraard niet voorzien.”
Financieel was het een zware periode voor Rob. ,,Ik moest toen een hypotheek zien te krijgen op basis van alleen mijn salaris en dat viel niet mee. Het lukte wel, maar ik heb mezelf tien jaar lang scheel betaald vanwege een hoog rentepercentage. Financieel ben je dan het ene gat met andere aan het dichten. Middelie ligt ook nogal afgelegen. Zat ik daar ’s winters alleen in mijn huis in het midden van nergens. Het was echt rock ’n roll in die tijd.”
Inmiddels heeft Rob zijn leven weer meer dan op de rit. Hij voelt zich helemaal op zijn plaats in het rustieke Middelie en woont daar met zijn nieuwe geliefde en kinderen. De vervallen schuur achter het huis is opgeknapt en omgebouwd tot een studio met huiskamersfeer. Gecombineerd met een uitzicht over de velden is het volgens Rob een ruimte waar muzikanten zich thuis voelen. Hij organiseert er ook huiskamerconcerten en neemt er interviews af.

Volendamse leerlingen
Naast het zelf musiceren, geeft Rob ook nog altijd les. Hij heeft in het verleden veel toetsenisten opgeleid, waaronder de Volendamse talenten Peter Steur en Cornel Sier, die hem als grote inspiratiebron roemen. ,,Zelf heb ik vroeger vaak op een slechte manier les gekregen. Mijn eigen onbewuste doel bij het lesgeven is om mensen passie voor muziek te laten krijgen. Als dat er is, dan gaan leerlingen vanzelf oefenen. Ik ben niet van een methode afwerken vanaf bladzijde 1.”
Rob is in de loop der jaren de Volendamse mentaliteit gaan waarderen. ,,Volendamse leerlingen kun je het beste hebben. Ze zijn over het algemeen gedreven, grijpen zich ergens in vast en gaan ervoor. Volendammers hebben een soort werklust. Ze zeggen ook vaak meteen waar het op staat en gelukkig gebeurt dat meestal op een humoristische manier. Ik heb mezelf altijd thuis gevoeld in Volendam, misschien wel meer dan in Edam.”
Al is het niet altijd makkelijk geweest, Rob raad mensen wel aan om voor hun passie te gaan. ,,Als ik nooit voor die hammond was gegaan, dan had ik waarschijnlijk een hoop gemist en nu geen Edison gewonnen. Ik hoop over tien jaar ook terug te kunnen kijken op buitenlandse avonturen. Later als ik in een aanleunwoning zit, heb ik liever spijt van de dingen die mislukt zijn, dan van de dingen die ik niet gedaan heb. Dit is voor mij dé manier van leven”, besluit Rob.

 

|Doorsturen

Uw reactie