Algemeen

Vier Volendammers komen met zéér verrassend nieuw album

De ontluiking van Dandelion

Geen doorsnee-jongens zijn het, de mannen van Dandelion. Als je tenminste leest wat ze in het dagelijks leven doen (zie de bijgaande kaders). Maar dat geldt net zozeer wanneer ze met z’n viertjes samensmelten en muziek maken, zoals afgelopen vrijdag in die aanbeden tempel, Paradiso. Daar presenteerden zij hun nieuwe album, getiteld 'Laika, Belka, Strelka', op het podium. Country funk: een groovy, lyrisch en piano-gedreven geluid, met samenzang geïnspireerd door Crosby, Stills & Nash. Paul Bond, Wouter Tol, Koen Kluessien en Joey Karregat maken vertrouwde folk, wat zich uitstrekt van akoestische folk en singer-songwritermateriaal tot melodische pop en rock. Het album klinkt als één van de songs, die is getiteld ‘What a nice surprise’.
Door Eddy Veerman

Vijfenhalf jaar geleden zaten ze als – toch al zelfbewuste – broekies aan de beruchte tafel van Matthijs van Nieuwkerk, om in DeWereldDraaitDoor samen met enkele muzikanten van de NextGen te vertellen over de Volendamse muziek. ,,‘Crosby, Stills, Nash & Young’, 1970, ‘Déjà vu’, daar doet het me een beetje aan denken”, zei Van Nieuwkerk toen de vier boys van Dandelion onbevangen aan tafel a capella zongen. Op het moment dat de Palingpop vijftig jaar bestond mochten Kyra Tol, Mell, Martine Bond en Dandelion het nieuwe geluid uit Volendam laten horen.
In de nasleep betekende hun afkomst en muzikale voorvaderen niet vanzelfsprekend telkens een voordeel.
,,Het is toch altijd ‘Dandelion uit Volendam’. Als een bandje uit Schiedam komt, zeggen ze de plaatsnaam er niet bij”, zegt Wouter. Koen: ,,Vroeger vonden we het stom, want dan ging de helft van de vragen over de Volendamse muziek en niet over wat wij maakten. Ook bookers van shows zeiden ‘eerst wilden we jullie niet boeken, maar toen ging ik luisteren en het is toch wel leuk’.”

Omarmen
Paul: ,,We kunnen het beter met trots dragen.” Koen: ,,Dat vind ik het mooie aan wat Frank Bond heeft neergezet met het King Forward Label. Daarbinnen krijgen Volendamse acts met een ander geluid ruimte om zich te ontwikkelen. En Frank zegt ook: ‘je moet het omarmen en laten zien dat er nog meer is’. Sowieso, als je zegt dat je uit Volendam komt, krijg je overal en altijd reactie, waar je ook bent. En als band sta je nooit met je mond vol tanden. Je weet wat het frame van het interview gaat zijn en het is mooi als je ruimte krijgt te vertellen wat er allemaal in Volendam gebeurt. Ik weet nog dat ik in Amsterdam in een bandje ging spelen en toen dacht: ‘hier gebeurt het muzikaal’. Maar dat viel best wel tegen. Dat krijg je ook vanuit Volendam mee, hier is men van oudsher ontzettend kritisch. Dus het móet wel góed zijn.”
Ze waren al langer bezig, maar in 2016 probeerde Dandelion zichzelf daadwerkelijk te positioneren in het muzieklandschap, met de albumrelease van ‘Everest’ in Paradiso Noord, in de hoofdstad. Tussen het hopen op een doorbraak en het temperen en koesteren van verwachtingen, zaten verrassende aanvragen. Wouter: ,,We hebben bijzondere optredens gedaan tussen Everest en dit album. We stonden bijvoorbeeld vier keer in het Concertgebouw.”
Paul: ,,En waren nog vóór ‘Everest’ gevraagd mee te doen aan een grootschalig project langs de Nederlandse theaters, wat inmiddels vier jaar draait. Werd ons onder meer gevraagd om songs van The Beach Boys en Crosby, Stills, Nash & Young te doen.” Koen: ,,Wat betekent dat we samen toeren met gasten – inmiddels vrienden – die wij daarvóór zagen als onze helden. Zoals Anne Soldaat, Tim Knol, Pablo van de Poel. Gasten waarvan we tot aan die tijd hun cd-tjes draaiden in onze bandbus. Anne Soldaat was een legende voor ons. Bij de release van ‘Everest’ kwam hij naar onze show kijken en vond het een mooi album.”
Naderhand nam Dandelion een lange aanloop naar de opvolger, het nieuwe album. Joey: ,,Het heeft vooral lang geduurd eer het product er was, want de opnames hebben we vorig jaar al gedaan.” Paul: ,,We wilden wel wat anders dan met het eerste album. Stelden onszelf de vraag of we weer zouden opnemen in onze studio in Volendam, of toch ergens anders. We besloten het toch op een andere plek te doen. Als je het hier doet, dan denk je na een uurtje of vijf dat je toch nog even wilt sporten, of met je vriendin iets wilt doen. Als je elders bent, kun je niet weg, dan ben je daar opgesloten.”

‘Als je zoveel
realitychecks hebt
doorstaan, dan ga
je er wel iets
anders in staan’

Koen: ,,We hadden daarbij opeens een luxe positie. Want één van de coolste producers in ons land, die ook albums van Anne Soldaat, Daryll-Ann, Johan en de hele Excelsior-vloot had opgenomen – Frans Hagenaars – belde. Tegelijkertijd stuurde de man die onze vorige plaat had gemixt een lange mail. Hij, Marcel Fakkers, kon niet op tegen de cv van Frans, maar hij wilde zó graag en was een jonge hond. Zijn we toch voor hem gegaan. Zo belandden we in Rotterdam, in een ‘jaren zestig-studio’. Met allemaal vintage-apparatuur, met een instrument als de mellotron, die The Beatles ook gebruikten op hun platen. We boekten die studio voor tien dagen.”
Koen: ,,We konden eerst enkele dagen in het huis van mijn collega, die naar Australië was, dat was een fantastische plek. De laatste twee dagen zaten we in een blokhutje op de camping, wat voor een mooi contrast zorgde. Het was geweldig, vier jongens een week lang in Rotterdam.”
Het opnameproces zelf verliep ook anders. Wouter: ,,In tegenstelling tot het eerste album, toen we steeds kleine stukjes opnamen, hebben we dit keer alles live – bijna in één keer – opgenomen en toen hadden we alle basistracks. Het was een andere manier van werken, maar het pakte fantastisch uit.” Koen: ,,Zoveel mogelijk live, dat was te gek. Er gebeurt dan zoveel spontaan in de studio. Dan heb je momentjes dat je elkaar aankijkt en voelt ‘dat is cool’. Dat hoor je dan ook op de plaat. Het eerste album was ook te gek. Maar de sfeer van dat je echt als band daar een week zit, dat voel je en hoor je terug.”
Paul: ,,Voor ‘Everest’ deed Joey bijvoorbeeld een zangpartij op maandagavond en dan een week later deed ik een koortje of de tamboerijn, allemaal losse stukjes. Nu creëerden we focus. Telefoons weg, geen afleiding, alleen de band. Dat werkte heel goed. Daardoor is dit album veel meer een geheel geworden.” Wouter: ,,Marcel werkt vlot.” Joey: ,,Maar is ook kritisch. Als we even verslapten, dan trok hij het koord weer even aan.” Koen: ,,Hij was ons geweten. We namen live op en als het dan een goede take is, moet je daar ook aan vasthouden. Niet steeds iets opnieuw willen doen. Als wij twijfelden, vroeg hij ook ‘stoort het, of klinkt het goed als band?’”
,,Ik kijk daarom zelf ook anders naar het resultaat. Bij het vorige album zei ik tegen mijn omgeving: ‘ja, je moet luisteren, maar je moet ons ook live horen spelen’. Maar nu kan ik de plaat geven en zeggen: ‘luister ‘m, dit is fantastisch. En als je het niks vindt, dan is het gewoon niet jouw muzieksmaak’.” Paul: ,,We zaten in een flow. Dit is het hoogtepunt van ons kunnen.”

Momentum
Paul: ,, We hebben het gevoel dat we het momentum hebben. En dat hebben we ook zorgvuldig opgebouwd.” Koen: ,,Zo werden we geselecteerd voor de Popronde, een ‘rondje Nederland’ en spelen op allerlei verschillende plekken, waar je zelf alle spullen voor mee moest brengen, plekken waar ze nog nooit bandjes hadden ontvangen. Dan speel je in een kapperszaak, of in een café, je speelt veel voor weinig mensen, maar dan leer je wél spelen. En samen plezier maken. Zo kwamen we een keer terug uit Assen, bij het Schouw stil te staan op de busbaan, met ons gehuurde bandbusje. Geen benzine meer.” Wouter: ,,Moesten we duwen naar het tankstation.” Paul: ,,ANWB gebeld. Heb ik een jaarabonnement aangeschaft, zonder dat ik een auto heb... Dat vergeet je nooit meer.”
Koen: ,,Het was ook mooi omdat we de volgende morgen gewoon weer vroeg op moesten, want wij hoeven niet te leven van de muziek. We hebben allemaal een beroep.” Paul: ,,Wat zoveel betekent, dat er wel iets verschoven is bij ons, qua prioriteiten. Maar als je wel opeens bij de radio kan spelen, zoals recentelijk bij Radio 5 bij Henkjan Smits en Manuela Kemp in de studio, dan maak je jezelf vrij. Dus je levert af en toe iets in, maar krijgt er ook veel voor terug. Als je meer tijd zou hebben, zou je meer kunnen inspringen op alles. Maar die aspiraties hebben we als band minder dan voorheen.”
Wouter: ,,Het is ook een moeilijke markt, om te denken dat je er een goede boterham mee kan verdienen.” Paul: ,,Als je wel op tournee zou willen gaan in Amerika, kan dat morgen, maar die keuze maken we niet vanwege onze werkzaamheden en studie. Dit album hebben we ook écht gemaakt, omdat we het zélf wilden maken. Zoals gezegd, onze droom heeft langzamerhand een verschuiving ondergaan.” Joey: ,,Het was een ideaalbeeld, dat langzaam maar zeker realistische vormen krijgt. Jaren geleden dacht je nog wel eens: ‘dit is de hitsingle die ons op de kaart gaat zetten’. En dan gebeurde er vervolgens niks. Dan dacht je later: ‘nu gaat het gebeuren…’ Als je zoveel realitychecks hebt doorstaan, dan ga je er wel iets anders in staan.”
Wouter: ,,Hoe graag we het ook zouden willen, als je kijkt naar grotere bands in Nederland en daarbuiten, als je bijvoorbeeld kijkt naar The Villagers, die toeren ook maar hebben ook een baan erbij. Je kunt er niet meer van leven, of je moet popmuziek maken wat op de radio aanslaat. En zelfs dan. Je moet het niet meer hebben van de verkoop, maar van streams. Ons muzieklandschap is bedorven.”
Paul: ,,En wij zijn niet die band die de Ziggo Dome vol gaat spelen. Waar we nog wel van dromen, is de grote zaal van Paradiso.” Koen: ,,Bij het eerste album keken we vooral uit naar wat het zou gaan doen. ‘Dit moet ‘m worden’, zo dachten we. Nu gaat het veelal om plezier. Tuurlijk hebben we een booker en plugger, maar het meest blij zijn we dat we de liedjes op vinyl hebben. En dat we bijvoorbeeld in Tivoli staan.”

‘De ene avond krijg
je groot applaus in
een uitverkocht
Concertgebouw en de
volgende morgen
vroeg ben je
weer studentje’

Wouter: ,,De afgelopen vier jaar hebben we dingen meegemaakt met de band, hebben we op plekken gestaan, die ik nooit van mijn leven meer ga vergeten. Mijn favoriete band Midlake stond in Caprera Bloemendaal en toen ik in het publiek zat, dacht ik: wat een coole plek, hier staan zou fantastisch zijn. En daar hébben we ook gestaan.”
Paul: ,,Toen ik zestien was, als ik dan niet in de bar zat, kreeg ik te horen ‘waarom was je er niet?’ Maar ik moest optreden, zat in het busje naar Manifesto of in Broek op Langedijk. Maar dat is zoveel waard geweest.”
Tuurlijk gooien ze af en toe een visje uit – of laten het doen – om te kijken of er een grote vis hapt. Joey: ,,De Nederlandse geluidsman waar wij tijdens een project mee werkten, deed ook het geluid van Sam Beam, zanger van Iron & Wine. Die maakt bizar mooie muziek, dat is een grootheid. Vroeg Paul aan Jelle, de geluidsman, om onze muziek aan Sam Beam te geven en dat deed hij. Mochten we Sam, toen hij in Tivoli stond, backstage ontmoeten en zaten we met onze held een biertje te drinken. Te praten over muziek en wat het toeren inhoudt. Zijn albums hebben ons ook geïnspireerd.”
Wouter: ,,Stel dat je tijdens een Europese tour met Sam Beam mee mag als voorprogramma, niemand zou nee zeggen. Maar wij zitten wel in een andere positie.” Koen: ,,Voor de opname van het album hebben we vakantiedagen opgenomen en als zo’n voorstel komt, dan wil je ook wel vakantiedagen opnemen.”
Koen glimlacht: ,,Ik heb wel eens Graham Nash’ management gemaild, maar nooit antwoord gekregen. En Frank Bond heeft nog eens gemaild naar een grote band, om in het voorprogramma te mogen, maar – terwijl ze de muziek cool vonden – die hadden vanuit het label al iets vaststaan. Er is geen ruimte voor spontaniteit. Voor mij is dit een goede mix, het werk en muziek maken. Ik kijk vaak naar heftig materiaal met betrekking tot oorlogsmisdrijven, dan is het heerlijk om iets totaal anders te mogen doen.”
Wouter: ,,Tuurlijk is het contrast soms groot. Sta je de ene avond a capella The Beach Boys te zingen in een uitverkocht Concertgebouw, waarna groot applaus volgt. En de volgende morgen staat het wekkertje vroeg en sta je iets te ontwerpen met mensen om je heen die je niet eens vragen wat je de vorige avond hebt gedaan. Dat is toch prachtig.” Joey: ,,Dat was magistraal, dat applaus. De ene avond ben je even een ster en de volgende morgen weer een studentje.”

Eeuwigheidswaarde
Ze zijn trots op wat er op staat, hun zelf gecreëerde songs, maar minstens net zo trots wáár het op staat: op vinyl. Met de pick-up als bestemming. Paul: ,,We hebben heel veel gespaard, nooit een cent verdiend aan de band. Alles ging in de pot en voor het laatste deel, omdat we graag vinyl wilden, hebben we aan crowdfunding gedaan. Maar deze plaat heeft eeuwigheidswaarde. Als we ooit kleinkinderen mogen krijgen, dan kunnen zij dit nog luisteren. Misschien staan mensen over honderd jaar, als wij al overleden zijn, tussen platen te struinen en staan wij daar tussen.”
En uiteraard is er die hoop, om straks regelmatig voor publiek het eigen werk te mogen spelen en dan liefst op speciale locaties. Koen: ,,We staan onder meer in Tivoli en Concerto en we hopen volgend jaar op nog wat festivals. Het boeken daarvan begint pas in het voorjaar. We staan graag op de festivals waar we zelf ook graag heengaan, zoals bijvoorbeeld Into the great wide open. Het plan is daarna om samen met Alasca een theatertour te doen. We delen een studio met elkaar, maar spelen nauwelijks samen. Dat hebben we wel op het Klaphekfestival gedaan en in Duitsland. Speelden we daar de derde set gezamenlijk – we kennen immers elkaars nummers – en dan krijg je georganiseerde chaos. Dat gaf ons het gevoel om het eens serieus aan te pakken. Én we hopen dat wij ook Volendamse songwriters of bandjes kunnen inspireren om eigen liedjes te schrijven en te spelen. Er zijn gelukkig veel jongeren die bezig zijn met muziek.”

Paul Bond
Fulltime (sessie)muzikant. Geeft ook les. En praat graag over filosofen
,,Ik mag volgend jaar naar het Amerikaanse Montana om daar iets te vertellen over Ernest Hemingway, journalist, auteur en Nobel-prijswinnaar. Iedere twee jaar is ergens ter wereld een conferentie, het ene jaar over Fitzgerald, het andere jaar over Hemingway. Ik heb mijn scriptie geschreven over hen, de modernisten in Parijs, filosofen in de literatuur.”

Wouter Tol
,,Ik heb samen met mijn broer een eigen bedrijf, in vloeren verwerken, wanden, eigen meubilair maken. Het is projectinrichting in de afbouwsector. We werken met allerlei architecten, ook met Jan des Bouvrie. Daarnaast ben ik vormgever voor mezelf en heb mooie projecten. Ik zit echt in de situatie dat ik aan het genieten ben. Het is fascinerend dat wij dit doen, terwijl we allemaal in de positie zitten dat we werk of studie hebben.”

Joey Karregat
Master-student in Biomedical Sciences en Geneeskunde.
,,Ik loop nu stage en doe onderzoek naar de schadelijke effecten van tatoeage-inkt. Erg cool. Daarna ga ik co-wetenschappen lopen en wacht een literatuur-scriptie. Dan ben ik basisarts-onderzoeker. Het is leuk en intensief. Misschien vloeit er nog een PHD-functie uit voort.”

Koen Kluessien
Rechercheur bij een politieteam dat zich focust op oorlogsmisdrijven, zoals genociden, foltering. ,,Ik wilde al wel bij dit specifieke team. Heb een Master-opleiding in Genocides gedaan en bij het NIOD gewerkt. Ik wilde iets met het onderzoek doen, zodat het niet in een laadje zou verdwijnen. Bellingcat heeft zich dat eigen gemaakt, het zogeheten open source intelligence. Een vrij nieuwe manier van onderzoek doen, aan de hand van satellietbeelden. Ik ben geïnteresseerd in conflicten in het Midden-Oosten Die kun je tot op de minuut volgen. Ik ben nieuwsgierig waarom mensen de dinge doen die ze doen. En werk nu ook bij een organisatie die doet wat Bellingcat doet.”

Foto: Dandelion tijdens de albumpresentatie in Paradiso. Foto Félice Hofhuizen

|Doorsturen

Uw reactie