Algemeen

‘Mensen achter Nicodemus’ nemen belang in Het Mirakel

‘De ruimtes worden ingericht als huiskamers’

Uitvaartcentrum Het Mirakel wordt binnenkort grondig aangepakt. Na de bouwvak wordt begonnen met de verbouwing en inrichting van drie nieuwe familiekamers. Daarnaast maakte begrafenisfonds Jozef van Arimathea, met toestemming van het kerkbestuur en de raad van toezicht en met instemming van de klankbordgroep, afspraken met de mensen achter uitvaartonderneming Nicodemus. Zij worden mede-eigenaar van Het Mirakel. Het fonds hoopt door dit akkoord een vaste inkomstenstroom te creëren, in het belang van de deelnemers van het begrafenisfonds en de Volendamse (geloofs)gemeenschap. Met de verbouwing speelt het fonds in op de ontwikkelingen in de uitvaartbranche, die vragen om meer familieruimtes.
Door Laurens Tol


Drie-eenheid
Nicodemus Uitvaartverzorging, begrafenisfonds Jozef van Arimathea en de parochie zijn al tientallen jaren een soort van drie-eenheid, zo maakt Nico Karhof duidelijk. ,,Deze verhouding is niet officieel beschreven”, vertelt de begrafenisfonds-voorzitter. ,,Maar we weten van elkaar dat het van belang is om deze eenheid te bewaren. Voor de gemeenschap is dit een groot goed. De samenwerking die we al lang hebben met elkaar, gaan we nu op een andere manier voortzetten. Op een zodanige wijze dat we voor een lange reeks van jaren onze Volendamse begraafcultuur kunnen voortzetten.”

Begraafplaats naar gemeente
Onlangs zette het kerkbestuur en Jozef van Arimathea, samen met de gemeente, al stappen om de toekomst van het graf voor Volendam te waarborgen. Ontwikkelingen in de wensen van nabestaanden, beduidend meer crematies en wettelijke eisen maakten het noodzakelijk om in te grijpen. ,,We beseften dat het eigenlijk niet meer te doen is voor een organisatie gebaseerd op vrijwilligers. Daarom besloten we te gaan samenwerken met een partij die altijd blijft en dat is onze gemeente. Gesprekken leidden ertoe dat deze het beheer van het gemeentelijke deel van de begraafplaats vanaf 1 januari overnam. Dat nam voor het fonds een belangrijk risico weg.”
De Volendamse begraafplaats is ogenschijnlijk één geheel, maar bestaat op papier uit een deel dat eigendom is van de gemeente en een deel dat eigendom is van de parochie. Het eerstgenoemde terrein ligt achter het Noordeinde en zal, volgens verwachting van de gemeente, voldoende zijn voor alle begravingen in de toekomst. De parochiebegraafplaats zal, behoudens voor jong geborenen, jeugdigen en priesters, niet meer gebruikt worden voor nieuwe begravingen. De oorzaak daarvan is het toenemende aantal mensen dat kiest voor crematie. Zes jaar geleden koos 25,4% van de Volendammers nog hiervoor, inmiddels is dit percentage opgelopen tot 48,6%. Landelijk ligt het aandeel dat aan crematie de voorkeur geeft al op 65%. Volendam is bezig aan een inhaalslag die nog niet ten einde lijkt. Deze snelle verandering zette het begrafenisfonds ertoe aan om bepaalde risico’s te willen afdekken. Kerkbestuur en begrafenisfonds willen daarom in overleg met de gemeente en het bisdom onderzoeken of het wenselijk is om ook de parochiebegraafplaats aan de gemeente over te dragen.

Wensen van nabestaanden veranderen
Eind jaren negentig stichtte Jozef van Arimathea nabij de begraafplaats ‘Uitvaartcentrum Het Mirakel’. Dit gebeurde met het geld van haar leden. ,,Het doel van dit gebouw was het geven van gelegenheid aan nabestaanden om hun dierbaren te kunnen opbaren in een mooi gebouw, met twee aparte zalen. Nu zijn we inmiddels twintig jaar verder en zie je dat de wensen van nabestaanden veranderen. Een steeds kleiner deel daarvan maakt nog gebruik van Het Mirakel. Vanaf de bouw van Het Mirakel heeft Nicodemus voor het fonds de verzorgende taak op zich genomen om het uitvaartcentrum te beheren. Nicodemus is nog steeds marktleider op het gebied van uitvaartverzorging in Volendam. Met het oog op de toekomst zijn we daarom enkele jaren geleden al in gesprek gegaan met de mensen achter deze onderneming, met als streven dat Nicodemus van het pand gebruik zou gaan maken, op basis van een vaste huurovereenkomst. Dit in plaats van een bedrag per opgebaarde overledene, zoals altijd gebruikelijk was. Op die manier zou er dan voor het begrafenisfonds voor de toekomst een vaste stroom van financiële middelen ontstaan.”

‘Alles wordt eruit
gesloopt, vernieuwd
en krijgt een heel
andere indeling’

Dit plan werd niet door iedereen met gejuich ontvangen. Binnen het bestuur van het begrafenisfonds waren er verschillen van inzicht en ook Nicodemus had zijn bedenkingen. Veranderingen op het wereldtoneel zorgden ervoor dat de ontwikkelingen op dit gebied in een stroomversnelling kwamen. ,,Door het coronavirus ging de wereld er anders uitzien dan voorheen. Nicodemus twijfelde vanaf het begin van de pandemie nog meer over het sluiten van een huurcontract. Daarbij zag de uitvaartorganisatie een verandering in de manier van opbaren van overledenen. Als zij al tot huur van Het Mirakel zou overgaan, dan zou een verbouwing en herinrichting ervan noodzakelijk zijn.”
Johan Schokker is al sinds jaar en dag het gezicht van Nicodemus. Door zijn functie van uitvaartverzorger is hij een dorpsfiguur geworden. De laatste jaren zag hij in de uitvaartwereld ontwikkelingen optreden waar de onderneming niet meer omheen kon.

Familiekamers in plaats van zalen
Johan: ,,Wij komen natuurlijk in allerlei uitvaartcentra. Daar kom je vaak familiekamers tegen, ongeveer ter grootte van een niet al te groot kantoor. Het zijn plekken waar je met drie of vier mensen even naartoe kunt, om daarna weer te vertrekken. Daarom besloten we de gok te nemen om van onze voormalige showroom voor grafmonumenten een familiekamer te maken. We dachten: we zien wel of het aanslaat. Nu kunnen we zeggen dat hier veel vraag naar is en dat nabestaanden de huiskamer als zeer prettig ervaren. Zij krijgen de sleutel en kunnen bezoeken plannen wanneer zij dat willen. Als uitvaartonderneming hebben wij er eigenlijk niks mee te maken.”
De nieuwe familiekamer ‘De Thuiskomst’ bleek in een grote behoefte te voorzien. Daardoor begon Nicodemus na te denken over hoe meer van dit soort plekken zouden kunnen worden ingericht. Daarnaast ving men van nabestaanden op dat zij Het Mirakel als gedateerd begonnen te zien.
,,Het gebouw is natuurlijk ook al meer dan twintig jaar oud. Daarbij willen mensen af van de condoleancevorm zoals die er altijd was. Ze willen er langer bij zijn en als je één ruimte hebt, dan kan dat gewoon niet. Je zit altijd vast aan anderhalf, twee uur en dan houdt het op. Daarom vroegen wij in de gesprekken over de mogelijke huur van Het Mirakel of we daar misschien dezelfde invulling aan zouden kunnen geven als die van de familiekamer. Daarna kwamen we in een heel traject van: hoe moet je daar gestalte aan geven en gaan het begrafenisfonds, het kerkbestuur en haar adviseurs daarin mee? We vroegen aan een specialist om een voorbeeld te maken van hoe de nieuwe situatie eruit zou kunnen komen te zien. De uitkomst daarvan was voor ons een schot in de roos.”

‘Met dit alles
kunnen we de
toekomst van de
Volendammer
begraafcultuur
in eigen hand
houden’

Het begrafenisfonds wist niet meteen wat ze met dit voorstel aan moest. De moeilijkheid is dat Het bestuur behartigt de belangen van circa 12.000 deelnemers van begrafenisfonds Jozef van Arimathea. Het bestuur neemt daarvoor de besluiten en begrijpt dat het daar niet lichtzinnig mee moet omgaan. Het besef dat het fonds, de uitvaartonderneming en de kerk uiteindelijk van elkaar afhankelijk zijn, opende uiteindelijk de deur voor het plan.
Nico: ,,Wij zijn er ook bij gebaat dat de samenwerking met Nicodemus blijft bestaan. Als zij dan komen met zo’n vraag, dan is het dus niet meteen zo van: dat doen we niet. Dan ga je kijken hoe je tot elkaar kunt komen. We zijn tot een constructie gekomen waarbij de mensen achter Nicodemus het pand voor de helft kopen. Daarna verhuren het begrafenisfonds en de investeerders het uitvaartcentrum aan Nicodemus, dat het dagelijkse beheer gaat uitvoeren. Het zijn mensen waarvan we weten dat we ze kunnen vertrouwen. We weten dat zij achter onze filosofie staan, achter de manier waarop wij al tientallen jaren samenwerken. Daarnaast is er voor het fonds ook nog een financieel belang om dit te doen. En Nicodemus is nodig om het uitvaartverzorgingswerk uit te voeren.”
Een andere optie kwam ook ter sprake, namelijk een volledige koop van Het Mirakel door de investeerders. Het bestuur van het begrafenisfonds zag daar geen heil in. ,,Onze deelnemers zijn niet gebaat bij een groot geldbedrag dat we op een rekening zetten. Ik vertrouw het kerkbestuur dat er nu zit volledig. Alleen weet je niet wat er daar de komende tijd gaat gebeuren. We weten dat het steeds moeilijker is om de kerken open te houden. Fuseren met andere parochies, het zou zomaar kunnen gebeuren. Wij vinden dus een doorlopende stroom van inkomsten beter dan één grote som geld. Die inkomsten kunnen we gebruiken om ook in de verdere toekomst korting te geven aan onze deelnemers voor bijvoorbeeld het gebruik van Het Mirakel.”
De mensen achter Nicodemus willen de benedenverdieping van Het Mirakel ingrijpend laten verbouwen. Johan: ,,We kunnen wel zeggen dat alleen de vier muren blijven staan. Alles wordt eruit gesloopt, vernieuwd en krijgt een heel andere indeling. Er komen vier verschillende ruimtes waar condoleances en bijeenkomsten na afloop van de uitvaart kunnen plaatsvinden. De ruimtes worden ingericht als huiskamers in verschillende stijlen. Indien gewenst kunnen meerdere kamers tegelijk worden gehuurd.”
Door deze inrichting zullen meer mensen gebruik kunnen maken van Het Mirakel. De nieuwe situatie wordt zo ingericht dat nabestaanden van de verschillende overledenen elkaar niet tegenkomen. Bijvoorbeeld looprichtingen en nieuwe uitgangen gaan daarvoor zorgen. Het idee om te zorgen voor meer capaciteit komt niet uit de lucht vallen. De betrokkenen gaan ervan uit dat die in de toekomst nodig zal zijn.

‘Door de familie-
kamers van Sereen
en Nicodemus
zagen we onze
inkomsten teruglopen’

Nico: ,,We gaan op een gegeven moment zien dat de grote groep die na de oorlog geboren is zal overlijden. Dus we weten dat het aantal overledenen toe zal nemen. Misschien kunnen de nieuwe voorzieningen er ook voor zorgen dat nabestaanden deze optie verkiezen boven het thuis opbaren. De bedoeling is dat Het Mirakel voor de gemeenschap weer een eigentijdse plaats wordt om overledenen op te baren en familie en condoleance-bezoekers te ontvangen. Als het met de voorbereidingen volgens plan verloopt, dan zal de verbouwing na de bouwvak gaan beginnen.”
Het begrafenisfonds wil een zo gedragen mogelijk besluit nemen en heeft daarom uitvoerig overleg gepleegd met alle ‘stakeholders’. Het bestuur heeft inmiddels toestemming gekregen van het kerkbestuur en de raad van toezicht. Ook de klankbordgroep, die is ingesteld als vertegenwoordiging van de Volendammer gemeenschap, heeft ingestemd met de plannen.
,,Wij willen onszelf in de spiegel kunnen aankijken en kunnen zeggen dat we dit op een goede manier hebben gedaan. Wat wij willen is de belangen van onze deelnemers zo goed mogelijk behartigen en hen korting kunnen geven door de vaste inkomstenstroom die er zal ontstaan. Die komt voort uit de kosten die nabestaanden betalen om van de voorzieningen gebruik te maken. Daarnaast kunnen niet-deelnemers van de faciliteiten gebruikmaken. Met dit alles kunnen we de toekomst van de Volendammer begraafcultuur in eigen hand houden. Alles wordt daarom ook officieel op papier gezet.”
Het Mirakel zou mogelijk ook een interessante plek voor niet-Volendamse uitvaartondernemingen kunnen zijn. Nico stelt dat bewust niet is gesproken met andere partijen dan de mensen achter Nicodemus. ,,Na de realisatie van familiekamers door Sereen en Nicodemus zagen we onze inkomsten teruglopen. Wij zijn er als fonds bij gebaat dat nabestaanden gebruik blijven maken van Het Mirakel en moesten daarom iets doen met deze ontwikkeling. Wij werken al vijfentwintig jaar uitstekend samen met de mensen achter Nicodemus en zij verzorgen ook de meeste uitvaarten. Het lag daarom voor de hand om daarmee iets soortgelijks in gang te zetten.”
,,Wij schieten er niets mee op als we zoiets door grote bedrijven als Dela en Yarden laten regelen. Er zit dan altijd een andere manier van werken achter die niet in het belang is van onze drie-eenheid. De gemeenschap wordt daar niet beter van. Dat zou niet slim zijn. Kennelijk zijn wij in het dorp tevreden over de manier waarop Nicodemus werkt.”
Een belangrijke vraag die bij de verbouwplannen kan worden gesteld is: waar kunnen mensen die normaal gesproken gebruik willen maken van Het Mirakel terecht tijdens de verbouwing? Guido Woerlee van Nicodemus ligt toe welke plaatsen mogelijk als alternatieve locatie worden ingericht. Guido: ,,We hebben plannen om van de Mariakerk en Vincentiuskerk een uitvalsbasis te maken. Verder zou de ontvangkamer van de pastorie daarvoor een mogelijkheid zijn. Daarover zijn we nog in overleg. Dit gaat dan alleen over een bepaald tijdstip, bijvoorbeeld voor de avondgebeden uit. We zouden dan drie uitvalplekken hebben totdat de nieuwe opzet klaar is. Hopelijk zijn het maar drie maanden die we moeten overbruggen. Daarna kunnen we met de nieuwe faciliteiten op een betere manier de toekomst in.”

 

|Doorsturen

Uw reactie