Algemeen

‘Reken maar dat deze periode een hoop met kinderen doet’

De zesde week van ‘Onderwijs op afstand’

Komende vrijdag begint de meivakantie. Gisteravond (na het ter perse gaan van deze krant) is tijdens de persconferentie van Premier Rutte wellicht duidelijkheid verschaft of de scholen daarna al dan niet weer open gaan. Na zes weken onderwijs op afstand ontstaan her en der spanningsvelden in thuissituaties. Het kind moet kind kunnen zijn, maar wordt gevraagd zich als volwassene te verplaatsen in de gevolgen van een mondiale crisissituatie. Ouders wordt gevraagd op gezette tijden de rol van leerkracht over te nemen, dan weer los te laten en dan weer te stimuleren. Gezinnen hebben kinderen van verschillende jaargangen en niet in elke woning huizen meerdere apparaten waarmee online-les kan worden gevolgd. Vanuit lege klassen of thuis stellen leerkrachten alles in het werk de kinderen naar de volgende jaargang te loodsen. Hoe ging dat in het speciaal basisonderwijs tot dusver? Evert Kroon, directeur van de Vincentiusschool, alsmede de leerkrachten Martine Karregat-Bond (bovenbouw), Yvonne Koning-Nieuweboer (middenbouw) en Ada Waal-Tol (onderbouw) delen hun ervaringen.
Door Eddy Veerman

,,De overgang is hier gelukkig soepel verlopen”, begint Evert in één van de lokalen aan de Sportlaan. ,,We hebben het geluk dat een heleboel leerkrachten voldoende ict-vaardig is, om zo het onderwijs op afstand te organiseren. Wij zijn dit schooljaar – na een eerdere proefperiode – gestart met het online leerplatform Gynzy. Een uitgebreid programma waarmee ze zelfstandig aan de slag kunnen. De leerkracht kan dan alles volgen, kan zien waar het kind vastloopt, wat goed gaat en minder goed gaat. Dus in feite kon een groot deel van het programma – ook in de thuissituatie – zo worden voortgezet.”
,,Dan zie je wel meteen hoe verschillend kinderen en ouders daar mee omgaan. Maar de leerkracht had wel direct overzicht op hoe serieus er vanaf het begin werd gewerkt. Het was niet nieuw voor de leerlingen. Alleen veranderde de werkplek naar thuis.”
,,We werken hier groepsdoorbrekend, dus dat wil zeggen dat in één klas leerlingen van verschillende jaarlagen zitten, die op hetzelfde niveau werken.”

‘In het begin
waren er ouders
die de structuur
een beetje loslieten,
in de nieuwe situatie,
maar daar kwamen
ze snel van terug’

Martine: ,,Wij hadden al voorbereidingen getroffen, dus toen Premier Rutte op die zondagavond in maart aankondigde dat de scholen vanaf de volgende dag dicht zouden gaan, konden wij het lesrooster doorsturen en konden de kinderen doen wat normaal ook van hen zou worden gevraagd, alleen nu thuis. En in de bovenbouw werd dat qua zelfstandigheid snel opgepakt.”
,,Gynzy is een digitale wereld, waarbij de kinderen als ze inloggen, zo naar rekenen of spelling kunnen gaan”, gaat zij verder. Yvonne: ,,In het begin was dat even zoeken voor de ouders. Met het doorsturen van een simpel stappenplan liep dat al snel. Wat je wel merkte, was dat sommige ouders het moeilijk vonden om thuis structuur aan te bieden, ook omdat ze zelf thuis werken. En dat is waar deze kinderen baat bij hebben. Sommige ouders geven aan dat de kind die structuur erg mist.”
Ada: ,,Structuur en het dagritme is voor deze kinderen extra belangrijk. Dat was misschien wel het eerste bericht wat we meegaven. In het begin waren er ouders die dat een beetje loslieten, in de nieuwe situatie, maar daar kwamen ze snel van terug. Als het gaat om kleuters, dan werken we met plaatjes, die laten zien wanneer we gaan werken, wanneer het tijd is voor eten en drinken, zodat ze gewoon weten wat er wanneer van hen wordt verwacht. Als je dat loslaat, is het moeilijk om ze er weer bij te krijgen.”
Martine: ,,Toch was de situatie dusdanig onvoorspelbaar, dat je de kinderen die structuur ook weer niet helemaal kan opleggen. Als ik voor mijn klas spreek, hebben we de eerste week niet gezegd dat ze stipt om half negen moesten beginnen en om twaalf uur moet het af zijn. Waardoor we merkten dat er kinderen waren die ’s avonds om acht uur met hun schoolwerk bezig waren. We hebben elke dag contact met de klas via Teams en in het begin was er bijvoorbeeld ook een leerling die vertelde dat ze om tien uur uit bed kwam. Toen hebben we de tijd van instructie geven via Teams aangepast naar negen uur. En om twaalf uur moet het dagelijkse werk klaar zijn.”
Ada: ,,In de onderbouw gaat de communicatie veelal via de ouders en niet in de vorm van beeldbellen met de kinderen. We zijn ook een keer langs de huizen geweest, om even op de voorstraat face-to-face contact te hebben. We namen de tijd om in gesprek te gaan met de ouders en de kinderen. Je wilt toch weten hoe het met ze gaat en dan krijg je ook een indruk daarvan. Je ziet of er sprake is van een ontspannen situatie, of dat er spanning heerst. Ouders konden dan ook even hun verhaal kwijt. En de ouders durven deze weken best hun kwetsbare kanten te laten zien, geven aan waar ze tegenaan lopen. Dat vind ik mooi.”
Er komt meer begrip voor elkaars situaties. Martine: ,,Al in de eerste week kreeg ik een appje van een moeder, die zei ‘ik begrijp jullie nu’, toen haar kind in het rood zat. Dat is een bevestiging, dat ze voelen wat er zich hier op school afspeelt. Ik vind dat de ouders heel welwillend en meedenkend zijn in deze periode. En enthousiast om de kinderen te motiveren. Want dat is bij deze kinderen moeilijker.”
Kinderen in het speciaal basisonderwijs kunnen sneller in het rood schieten en dat kan tot heftige situaties leiden. Ada: ,,Nu moet een ouder voor juf of meester spelen en dat beeld klopt niet voor deze kinderen. Want een moeder is een moeder. Kinderen kunnen dan flink in de weerstand schieten. Vooraf gaf me dat wat onrustige gevoelens, of dat thuis goed zou blijven gaan, maar toch gaat dat behoorlijk goed voor het algemeen.”
Martine: ,,Ouders voelen van de oudere kinderen het inmiddels beter aan. En passen de structuur goed toe. Dat merkten we bijvoorbeeld toen één van de kinderen tijdens de Teams-meeting zei om tien uur tijd dat het echt tijd was voor eten en drinken. Zo gebaat zijn sommige bij die structuur.”

‘Het is ontzettend
waardevol dat
ouders in deze
weken zicht hebben
gekregen op de
leerstrategie
van de kinderen’

Evert: ,,Het is ontzettend waardevol dat ouders in deze weken zicht hebben gekregen op de leerstrategie van de kinderen. Ze komen er achter hoe hun kind de leerstof verwerkt en waar het kind mee worstelt en dat heeft ook weer positieve kanten.”
Ada: ,,De jongste kinderen hebben nu bij de instructies en het maken van het schoolwerk, met ouders naast zich, een goede aandacht en focus. Omdat er thuis minder afleiding is. Misschien wel van broertjes of zusjes, maar niet van kinderen in de klas waar ze soms hevig op kunnen reageren. Dat zal straks even wennen zijn, als ze terugkeren naar de scholen. Dan zijn er wel meer afleidende prikkels.”
Yvonne: ,,Bepaalde kinderen zullen veel meer ontspannen zijn dan normaal, tijdens het maken van schoolwerk, door die focus thuis. Dat zijn de positieve verhalen. Want er zijn ook gezinnen met broertjes en zusjes die wel voor afleiding zorgen en waar de moeder minder of geen tijd heeft om te helpen. Voor die kinderen is het wel moeilijk om hun taken af te krijgen.”
Ada: ,,Wat we ook terug horen van ouders is dat het lastig is om de aandacht te verdelen. Als één kind veel aandacht vraagt, kan dat ten koste gaan van de ander. Dan sta je als ouder in de spreidstand, want je wilt niemand tekort doen.”
Martine: ,,En er ontstaan verschillen. Het ene kind wil extra werk verrichten en zal straks verder zijn in de ontwikkeling. De ander doet wat-ie moet maken. Wij kunnen dat goed ondervangen, omdat wij klasoverstijgend werken.”
,,Ik ben zelf moeder van twee kinderen en vind het een grote opgave, om als juf te werken en twee kinderen te helpen met schoolwerk én bezig te houden op andere momenten. We hadden een online cursus voor school, maar die heb ik echt moeten afbreken, omdat er thuis teveel afleiding was.”
Evert: ,,De waardering voor de leerkracht zal zeker zijn toegenomen in deze weken.”
Yvonne: ,,De vlot verlopen overgang heeft ook te maken met het goede contact dat we hebben met ouders. In vergelijking met het reguliere onderwijs hebben wij meer contact met ouders, omdat de situaties daar om vragen. Je voelt dat ouders het beste voor hun kind willen.” Ada: ,,Omdat we zoveel contact met ze hebben, worden ze ook meer betrokken bij de school. Je merkt dat ze heel bereidwillig zijn als wij dingen aanreiken en dat helpt hen natuurlijk ook. Het geeft zekerheid en houvast, ze hoeven niet zelf dingen te bedenken.”

‘Je staat dichter
bij het kind,
normaal gesproken
ben je na
schooltijd niet
bereikbaar voor
een kind’

Martine: ,,Sowieso kiezen ouders, als zij met hun kind de stap maken van regulier onderwijs naar het speciaal basisonderwijs, voor het geluk van hun kind. En de steun naar hun eigen kind is dusdanig groot dat ze ook nu alles er aan doen om het kans van slagen te geven.”
Evert: ,,Ze zijn doordrongen van het belang van de continuïteit en goed onderwijs voor hun kind.”
Martine: ,,Wij hebben als leerkracht dagelijks controle op het schoolwerk. En nemen ’s middags al contact op als iemand zijn of haar werk nog niet heeft gemaakt. Dan kan natuurlijk ook door een privésituatie komen, zoals een overleden grootouder, en daar is uiteraard alle begrip voor. Als zo’n kind dan op Tweede Paasdag belt omdat hij je als juf even nodig heeft, dan is dat helemaal goed.”
Yvonne: ,,Ik heb zelfs meer contact met de kinderen dan dat ik in de klas had. Het is persoonlijker. Ook wat je terugkrijgt, zoals kaartjes met ‘ik mis je’, of een belletje.”
Martine: ,,Je staat dichter bij het kind, normaal gesproken ben je na schooltijd niet bereikbaar voor een kind.”
Evert: ,,Het vraagt dus ontzettend veel van de leerkrachten. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds.” Martine: ,,We hebben vorige week wel afgesproken dat we tot zeven uur bereikbaar blijven, want we kregen ook om kwart over negen ‘s avonds nog telefoontjes van kinderen.”
Ada: ,,Je merkt dat je als leerkracht automatisch doorgaat met het werk, dus je moet jezelf in bescherming nemen.” Martine: ,,Iedereen heeft zijn of haar moeilijke momenten als ouder, dat lees ik in de appgroep. Maar dat heb ik thuis ook, dus het is goed om elkaars problemen te erkennen en elkaar te steunen, om er dan de volgende dag weer tegenaan te gaan.”
Ada: ,,Als jij denkt dat het alleen bij jou is, maakt dat het extra zwaar, maar als je weet dat het ook bij andere ouders zo gaat, dan kun je het iets makkelijker loslaten.”
Maar als dit twee jaar geleden was gebeurd? Evert: ,,Dan was er voor ons zeker een andere praktijksituatie opgetreden.”
Martine: ,,Wij hebben ontzettend veel geluk dat het SKOV-bestuur vroeg de keuze heeft gemaakt voor gedigitaliseerd onderwijs, met daarbij de aanschaf van voldoende chromebooks. Die investering komt ons onderwijs nu helemaal ten goede.”
Yvonne: ,,Daarnaast hebben wij de hulp van onze school maatschappelijk werkster. Gezinnen die extra hulp nodig hebben, kunnen we overdragen aan haar en zij houdt nauw contact, om concrete tips voor thuissituaties te geven en eventuele hulp in te schakelen van de gemeente.”

‘Eén van de
stoere jongens
uit de klas zei
dat hij vorige maand
zo hard juichte
toen Rutte zei
dat de scholen
dicht gingen,
maar dat hij
inmiddels elke avond
huilde omdat hij
niet naar
school mocht’

Ada: ,,Zij is ook continue bereikbaar en dat is heel prettig.” Martine: ,,Dat geldt ook voor de schoolpsychologe. Samen sta je sterk en dat voel je in deze tijd.”
Ada: ,,Dat digitale systeem is prachtig, maar ik was ook blij dat ik na korte tijd weer mijn collega’s zag. Om in plaats van via het beeldscherm elkaar echt even aan te kijken en een praatje te maken.” Martine: ,,Daar krijg je ook energie van. Dan deel je net even meer met elkaar, dan via de digitale weg.”
Gisteravond, na het ter perse gaan van deze krant, hield Premier Rutte zijn persconferentie. En ging het over de heropening van de scholen. Ada: ,,Daar zullen best wat haken en ogen aan kleven.” Martine: ,,Voor onze eindgroep – zo’n leuke, hechte groep – zou het verschrikkelijk zijn als ze de afsluiting niet kunnen vieren, zoals het kamp. Eén van de stoere jongens uit de klas zei laatst dat hij zo hard aan het juichen was toen Rutte zei dat de scholen dicht gingen, maar dat hij inmiddels elke avond huilde omdat hij niet naar school mocht.”
Evert: ,,Op een gegeven moment wil je weer in het normale ritme komen, wil je de kinderen en ouders weer zien. En de kinderen hebben ook dat ritme en het sociale contact weer nodig. Nu is het klinisch.” Ada: ,,Maar het moet wel verantwoord zijn. Het zou zonde zijn als we weer mogen opstarten en er een nieuwe uitbraak komt, waardoor het na twee weken weer wordt teruggedraaid.”
Qua dagelijkse opvang komen er enkele kinderen, van ouders met vitale beroepen. Dat meer ouders het thuis zwaar hebben, onderkennen de leerkrachten. Ada: ,,Hoe langer de situatie duurt, hoe moeilijker het wordt.” Martine: ,,Ouders hebben zich vastgehouden aan dat de school na de meivakantie mogelijk weer zou opengaan. Als het dan eind mei wordt, dan zal dat weer nieuwe druk geven.” Evert: ,,Dan zou dat een vervelende situatie geven, omdat je dan nog maar praat over vijf weken onderwijs.”
Ada: ,,Je leest ook van deskundigen dat het digitale onderwijs prima kan werken, maar dat het straks veel belangrijker is om de groep weer de groep te laten worden. En dat je individueel gaat kijken wat het met het kind heeft gedaan, want reken maar dat deze periode een hoop met de kinderen doet. Je kunt niet meteen weer verder gaan.”
Martine: ,,De angst en onzekerheid heeft niet alleen bij ouders en grootouders geleefd, maar kinderen voelen dat ook. Daarbij is het ene kind vrijgelaten qua spelen met anderen en de andere ouder heeft dat liever niet.”
Ada: ,,Ze zullen straks allemaal weer aan elkaar moeten wennen.” Evert: ,,Het is natuurlijk een verlies, zes, zeven weken onderwijs op deze manier. Er is een gat en het is niet reëel te denken dat je dat even snel kunt repareren. Maar er zijn ook hele mooie dingen gebeurd in deze weken.” Ada: ,,Als kinderen geïnteresseerd en nieuwsgierig zijn, pikken ze ook in deze periode weer nieuwe dingen op. Misschien ook omdat broertjes en zusjes met iets anders bezig zien. Dus ze kunnen ons straks ook wel eens gaan verrassen. Ik sta er positief in.”

|Doorsturen

Uw reactie