Algemeen

Melanie en Dave: twee verhaallijnen komen na Nieuwjaarsbrand samen in één toekomst

Drama kan ook tot liefde leiden

Op 1 januari is het straks 20 jaar geleden dat Volendam breaking news was in Amerika (CNN) en Groot-Brittannië (BBC). Nederland raakte geschokt, omdat bar De Hemel in brand stond en tientallen feestvierende kinderen – van buiten en van binnen – verwond raakten. Veertien jongeren kwamen te overlijden, duizenden mensen waren betrokken. Families, vrienden, omwonenden, hulpverleners, ooggetuigen, velen raakten getraumatiseerd. Naast de vele drama’s bracht de nasleep van de Nieuwjaarsbrand ook onvoorstelbare veerkracht en verrassende, soms ontroerende, gebeurtennissen met zich mee in de twintig jaar daarna. De Nivo brengt een reeks verhalen met mensen uit die betrokken groep. Vandaag Melanie Klene (35) en Dave Steur (39). Twee geliefden, door een ramp met elkaar verbonden. Betrokken bij dezelfde gebeurtenis, met uiteenlopende afloop. Voor de één begon daarna het nieuwe leven, voor de ander stond de wereld een tijd lang stil. Twee verschillende verhaallijnen, die uiteindelijk samensmelten.
Door Eddy Veerman


Hun kroost daalt nog even de trap af, want de nieuwsgierigheid wint van het van de slaap. Daan (5) en Tijn (3) vragen zich af wie er op bezoek komt deze avond. De één heeft nog wel wat prangende vragen, de ander toont ongevraagd zijn acrobatische kunsten. Daan weet inmiddels naar aanleiding waarvan ‘deze meneer’ op visite is. In de hoek van de woonkamer staat een stille getuige: de gitaar die oom Ruud bespeelde. De kindertijd van Dave, van drie broers met Nick als oudste, staat hem nog helder voor de geest. ,,Ik was een pestkop. Lokte Ruud altijd uit, zoals broertjes kunnen zijn. En dan hard wegrennen. Dat moest ook wel, want hij was toen al lang en kon hard slaan.”
De twee troffen elkaar nog in opgetogen toestand, die oudejaarsavond. Dave: ,,Ik ben die avond met mijn vrienden in De Hemel begonnen.” Hij zat dicht bij de tafels waaraan naderhand de sterretjes werden afgestoken en een steekvlam de kersttakken zou doen ontbranden. ,,Maar tijdens de avond ben ik met vrienden naar de Passagebar gegaan en daar zag ik Ruud. Ik leende nog wat geld van hem, 35 gulden. Dat geld heb ik nog, het ligt boven…” Het was de laatste keer dat hij in levende lijve de ondeugende glimlach van zijn broertje ving.

Rookwolk
,,Even voor twaalf uur kwamen we weer aan bij de WirWar Bar, onder De Hemel. M’n maatje Niels Jonk ging wat sneller. Hij zou op het moment van de brand ook boven zijn en liep brandwonden op. Ik stapte net de WirWar binnen, toen een rookwolk ineens de trap van De Hemel afrolde, de WirWar in. Iedereen die om me heen stond, wilde tegelijk naar buiten, waardoor het vast stond. Ik schoot er doorheen en trapte samen met anderen de ramen van de WirWar-pui in.”
,,Een paar huizen verderop ben ik naar binnen gegaan. Daar werden gewonden verzorgd. Een meisje vroeg of ik haar laars uit wilde doen. In alle hectiek weet ik niet meer zeker waar ik daarna nog binnen ben geweest, maar ik denk Bar De Molen, daar zat een maatje met zijn handen in de spoelbak. Daar lag ook een meisje. Levenloos. Daarna ben ik weer naar buiten gegaan, heb mijn vader gezien, die op zoek was naar Ruud. Omdat alles werd afgezet, kon ik nergens bij en ben naar huis gegaan.”
Zijn ouders kregen pas enkele uren later het bericht dat Ruud naar het Brandwondencentrum van Beverwijk was gebracht. Albert en Nelie hadden snel nog wat schone kleren meegepakt, maar werden, daar aangekomen, met de zwaarst mogelijke mededeling overvallen. Ze moesten afscheid nemen van hun zoon. Dave: ,,Ruud was dermate verbrand, dat de artsen niet meer aan hem begonnen.”
Vóórdat hij naar het ziekenhuis was vervoerd, lag hij in de WirWar Bar, voerde nog gesprekken met hulpverlener Annemarie Hansen, zoals hij ook aan de ambulancebroeders vroeg of hij in zijn gezicht verbrand was, of het erg was en of hij op Nieuwjaarsdag dan nog wel uit kon gaan… De diepe derde- en vierdegraads brandwonden verdoofden zijn pijn.
Dave en Nick werden gebeld, om naar Beverwijk te komen. ,,Hij was niet meer herkenbaar. Daar zitten wel mijn ergste herinneringen, toen Ruud weggleed en hoe mijn ouders daarop reageerden, paniek, schreeuwen. ‘Ga je nou weg, Ruud?’, gilde mijn moeder. Dat ging toen al door merg en been, maar later, als je zelf kinderen krijgt, weet je pas echt wat die woorden, de daarbij behorende emotie, inhouden.”
,,Toen zijn hart weer stopte, lieten ze hem gaan en zeiden ‘Ga maar, ga maar naar het licht…’ Heel puur”, zegt Dave. ,,We moesten hem herinneren zoals hij was, dus kwam er een foto op de dichte kist.”

‘Daar waar mijn
ouders en broer
Nick in één groot
tranendal zaten,
kon ik niet goed
bij mijn emoties’

Zijn ouders moesten daarna leren leven met en het leren loslaten van de kwellende vraag ‘wat als’. ,,Wat als de artsen Ruud niet hadden opgegeven en naar België of Duitsland hadden laten transporteren. Had hij dan – zwaar gehavend – tóch overleefd? Wij wisten die ochtend niet dat daar meerdere Volendamse jongeren naar toe waren gebracht.”
Zijn ouders gingen dwars door het rouwproces heen. ,,Bij ons thuis was heel veel verdriet. Daar waar mijn ouders en broer Nick in één groot tranendal zaten, kon ik niet goed bij mijn emoties en daar heb ik moeite mee gehad, eigenlijk erg mee gezeten. Ik kan er eigenlijk nog steeds niet goed bij, terwijl ik het niet bewust afhoud. Dan ga je wel twijfelen: ben ik nou anders?”
,,Ik was al snel vooral dankbaar, voor die mooie tijd die ik met hem heb gehad. Ook dan ga je weer denken: is dat nou iets rationeels, of is het echt.”
,,Ik was destijds achttien en als ik met mijn vrienden dacht er over te praten, gingen zij vooral verder met het leven en misschien dachten zij dat ze me daar mee hielpen, door het luchtig te houden. Het sloeg bij mij gewoon sowieso niet om in verdriet. Omdat ik mooie herinneringen bewaar aan onze jeugd, als broers samen.”
,,Misschien zit er een stevige muur voor, waar niet doorheen wordt gebroken. Eén keertje wel. Eén keer brak ik. Tijdens de begrafenis. Toen de kist met Ruud daarin van me wegdraaide, toen stortte ik in en zakte door mijn benen. En heeft mijn tante mij naar buiten getild. Daarna heb ik nooit meer gehuild.” Hij zoekt, twintig jaar later, nog steeds naar een verklaring.
,,Misschien is het een overlevingsmechanisme?”, zegt vriendin Melanie. ,,Ik kan me er wel een voorstelling bij maken: ik had dat met de scheiding van mijn ouders, toen ik negen jaar was. Mijn moeder had fysiek zichtbaar verdriet en als kind wil je dat niet zien bij je ouders, want hoe ga je daar mee om? Jouw ouders hadden ook rouw”, kijkt zij naar Dave. ,,Misschien had je dat mechanisme nodig om te overleven en jezelf er niet in te verliezen. Dave: ,,Ik heb er een tijdje naar gezocht, maar kwam tot de conclusie dat graven geen zin had. Het komt als het zich aandient.”

Foto
,,Mel en ik hebben samen legio gesprekken gevoerd, hebben twee totaal verschillende belevingen van één gebeurtenis. Aan Melanies kant hebben sommige familieleden nog steeds moeite met het feit dat Mel brandwonden heeft opgelopen en behoorlijke littekens heeft overgehouden. Dan zeg ik wel eens: ‘wij hebben alleen nog maar herinneringen en een foto in een kastje staan. Kijk nou eens naar wat hier zit’”, doelt hij op zijn bruisende vriendin, met glinsterende ogen. Ik zie het niet meer aan Melanie. Ze heeft plezier en staat heel goed in het leven.”
Melanie zat met haar vriendinnen in De Hemel in de hoek waar de zwaarste gewonden vielen en belandde in het Belgische ziekenhuis van Leuven. ,,Melanie en haar vriendinnen zijn na weken coma wakker geworden, zijn gaan overleven en vechten voor een toekomst en gingen door. Voor ons stond de tijd stil en was het heel anders. Als ik bijvoorbeeld kijk naar mijn oudste broer, Nick, die was niet in het pand en is dus niet als getroffene aangemerkt, maar hij heeft heel erg geworsteld met zichzelf na de Nieuwjaarsbrand. Dat is niet zichtbaar, maar dat gevecht en dat leed is er wel. Er waren dus grote verschillen.”
Melanie, net als Ruud destijds vijftien, was bezig met zingen en dansen en misschien ooit spelen in een bandje. ,,Ik wilde zelfs gitaarles gaan nemen. Dat vind ik eigenlijk nog steeds shit, dat dat niet meer kan vanwege mijn gebogen vingers.” Dave kijkt verbaasd. ,,Jij in een bandje, daar kan ik me niets bij voorstellen.” Mel lacht: ,,Doordat de longen aangetast zijn, kan ik nu niet meer hoog zingen. Maar ik was zeker weten verder gegaan met dansen, dat was begonnen vanuit het turnen en jazzballet. Als ik dan de laatste jaren jonge meiden zie dansen tijdens bijvoorbeeld de Sinterklaasshows, dan denk ik ‘dat was ik zeker ook gaan doen’.”

‘Vuur kan ook
mensen bij
elkaar brengen’

,,Ik las laatst even in een dagboek dat mijn moeder in die eerste maanden bijhield. Daar stond in dat we met vriendinnen die brandwonden hadden – waar Anja toen ook nog bij was – over de brand hadden gesproken. ‘Goed, want dat moet er toch uit’, schreef mijn moeder. Het klinkt gek, maar ik zei naderhand dat ik blij was dat ik er wél ‘in’ zat. De meeste jongeren met brandwonden probeerden het leven weer na een tijdje op te pakken. Als ik kijk naar de vriendinnen die niet in De Hemel zaten of weinig brandwonden hadden, die hebben die nacht véél meer gezien en beleefd. Die hadden begrafenissen, hoorden continue slecht nieuws of kwamen in halflege klassen terug.”
,,Als je bedenkt wat zij op zo’n jeugdige leeftijd hebben meegemaakt. Sommige van onze vriendinnen kunnen er nog steeds niet over praten. Komt ook omdat zij er toen voor hun gevoel niet over móchten praten, omdat je aan hen van de buitenkant niets zag. En als ze dan het uitgaansleven in gingen, kregen ze commentaar. Veel jongeren hadden destijds vluchtgedrag.” Dave: ,,Niet alleen met drank, drugs ook.” Melanie: ,,Het jezelf kunnen uiten, is belangrijk. Daar besteden wij ook aandacht aan bij onze kinderen.”
Inderdaad: kinderen die bij een afschuwelijke aangelegenheid betrokken raakten, hebben samen kinderen gekregen. Een bijzondere speling van het lot. Dave schraapt zijn keel. ,,Vuur kan ook mensen bij elkaar brengen.”
,,Mijn vader wist het eerder dan dat ik het kon zeggen. Anderhalf jaar na ‘de brand’ waren we met getroffenen, enkele ouders van overleden jongeren en broers en zussen in Lourdes. Daar zagen we elkaar al.” Melanie: ,,Daar had ik al een bijzonder gesprek met jouw moeder en merkte ik al dat jouw ouders hele lieve, warme en oprechte mensen zijn, maar destijds ook gebroken waren.”
Kort daarna werd er voor getroffenen een skivakantie georganiseerd. Dave: ,,Zat ik voor een les in de auto waar Melanie ook in zat. Zo raakten we aan de praat. Maar het was nog zo vers voor mijn ouders en ik besefte dat, als wij een relatie zouden beginnen, het een confrontatie met de gebeurtenis zou zijn. Dus het was een dingetje waar ik erg mee zat. Moest ik het wel doorzetten? Want ik richt wel wat aan. Maar ze is toch wel in goede aarde gevallen”, schieten ze beide in de lach.
Melanie: ,,Dave wilde een huis kopen, ik zat nog in de ‘lang leve de lol-fase’. Is het nog enkele maanden ‘uit’ geweest, toen toch weer terug bij elkaar, hebben we dit huis gekocht.”
Eén van de bewoners, Daan, komt toch nog even naar beneden gestiefeld en praat met papa over het verhaaltje van Bethlehem, de ster en het dorp waar de Kerstman woont. ,,Hij vraagt altijd naar de betekenis van woorden”, zegt mama Mel, als ze hem weer naar bedje heeft begeleid. ,,Daan is zeer geïnteresseerd in alles, stelde al vroeg vragen aan mama over ‘verbrand zijn’.”

Kindertaal
Melanie: ,,Wat Tijn nu zegt – ‘geef maar je andere handje, mama’ – dat had Daan toen ook al. Dus niet de hand waarvan delen van vingers ontbreken. Met Daan kan ik al open gesprekken voeren over de Nieuwjaarsbrand, in kindertaal. Hij denkt over alles na, weet van de sterretjes, weet dat ome Ruud daar ook was. Ik hoor het hem ook vertellen tegen vriendjes, als zij vragen wat zijn mama op haar handen, armen en in haar nek heeft. Dan vertelt hij ronduit. Om de puzzel voor hem wat completer te maken, heb ik hem laatst bewust naar De Hemel meegenomen toen we met enkele vriendinnen tv-opnames hadden voor de EO (wordt volgende week woensdag uitgezonden, red.). Zei m’n moeder ook: zou je dat nou al doen? Maar het is geen zwaar onderwerp bij ons thuis. Daan ziet twee foto’s in de kast staan, met een kaarsje: van Ruud en Anja. Het verhaal bij die foto’s maak ik steeds completer. Nu kon ik in De Hemel meer uitleggen.”
,,Kwam hij weer met vragen. ‘Waarom zitten die tralies hier, mama?’ Hij verschoof een barkruk, deed zijn jas maar even tussen de tralies. ‘Stonden de jongens hier op de dansvloer?’ Zag je hem daarna nadenken. ‘Maar mama, dan kon je toch ook papa bellen en hem vragen om met zijn hamer het raam in te slaan?’ Kinderlogica.”
,,Ik had het gevoel dat we hier goed aan hebben gedaan. Hij krijgt er geen enge dromen van. Als hij straks groter groeit, kan hij dit bezoekje weer in een ander daglicht zien, als er andere vragen opkomen.”
,,Zei hij daarna. ‘Mama, ik vind het toch wel heel erg dat je verbrand bent… Maar gelukkig ben je wel heel mooi van binnen…’ Prachtig toch. Af en toe staan we perplex van wat hij zegt.”
Het zou zomaar kunnen dat hij papa straks ook wat meer vragen gaat stellen. Een arm om Dave heenslaat en zegt ‘maar papa, je mag best verdrietig zijn, hoor’. Dave: ,,Dat zou best kunnen, dat het dan weer dichterbij komt voor mij.”

‘Meerdere mensen
is overkomen dat
zij hun kind verloren.
Het verdriet is net zo groot, het enige
verschil is dat de Nieuwjaarsbrand
een hele grote
gebeurtenis was’

Zijn blik dwaalt af, naar het schilderij aan de wand. ,,’Loslaten’, dat is de naam van het schilderij. De vrouw laat – met een glinstering in haar ogen – een vogel los. Dat heeft een meervoudige betekenis. Het is voor ons allebei van toepassing. Loslaten is één van de belangrijkste lessen in het leven, met alles. Als je kijkt naar haar gezicht, ze kijkt met een liefdevolle blik naar iets wat zij loslaat en dan zie ik zo mezelf naar mijn broertje kijken.”
,,Maar ik kan me goed voorstellen dat een vader of moeder dat niet kan, als het om je kind gaat. Dat het verlangen blijft, misschien zelfs steeds sterker wordt, zoals we bij mijn ouders hebben gemerkt. Sinds de eerste kleinkinderen in hun leven zijn gekomen, is de lach gelukkig teruggekeerd in hun leven.”
,,Er kon bij ons thuis wel áltijd over gesproken worden. Én er wordt geluisterd. In een gezin, in een groep, zijn altijd meerdere visies: het gaat er om dat je met respect naar elkaar luistert en de wil opbrengt om open te staan voor de mening of het gevoel van de ander. Tuurlijk moet je jezelf als kind leren wapenen, anders word je overlopen in de maatschappij. Maar empathisch vermogen is heel belangrijk.”
,,Als ik denk aan de trauma’s van die ene nacht, dan moet ik vaak aan oorlog denken: zoveel mensen die dat hebben meegemaakt, hebben daar ook jaren niet over kunnen praten.” Mel: Wij konden het er te pas en te onpas over hebben. In jullie situatie was het megazwaar om het er over te hebben. In het begin nog wel, maar daarna werd er minder of niet naar gevraagd.” Dave: ,,Dat klopt.”
,,Ik bekijk het ook van een andere kant. Er overlijden meer mensen, óók jongeren. Mijn ouders zijn hun zoon kwijt en wij onze broer, maar als je kind een ongeluk met de auto of een brommertje krijgt en sterft, is dat net zo erg. Of wat Jan Dulles en Caroline nu is overkomen. Écht verschrikkelijk. Het overkomt meerdere mensen. Het verdriet is net zo groot. Het enige verschil is dat de Nieuwjaarsbrand een hele grote gebeurtenis was.”
Hij merkt tot op de dag van vandaag wat dát nog doet met zijn ouders. ,,Op Ruuds verjaardag en met Oud & Nieuw hebben zij het altijd heel moeilijk. En in de loop der jaren hebben ze wel met gezondheidsklachten te kampen gehad. M’n moeder had recentelijk enkele spannende operaties vanwege aorta-problemen. We zijn allemaal zeer opgelucht dat dat goed afgelopen is, ik besef me dat we door het oog van de naald zijn gekropen.” Ook dan is het toelaten van de emotie moeilijk. Dave: ,,Maar die kolk in gaan, dat heeft geen zin. Voorheen pakte ik wel mijn meditatiemomentjes, al schiet dat er door de drukte ook snel bij in.
,,Destijds, in de eerste jaren na de ramp, zijn we enkele keren als broers en zussen van overleden jongeren – de meeste althans – bij elkaar gekomen. Recentelijk, toen het nog kon, ook een keer. Er is door enkele van ons gewerkt aan een In Memoriam, 20 jaar later. Ik wil zelf ook nog een keer iets van me afschrijven. Tenslotte heb ik er veel dingen uit gehaald, wat ons is overkomen. Tuurlijk kun je steeds de ‘waarom-vraag’ stellen. Toch ben ik er van overtuigd dat we hier zijn om te leren en om te leren moet je wat meemaken. Ik ga de zware gesprekken niet uit de weg, luister graag naar een ander, omdat ik graag een ander help.”

Uitkomst
Melanie: ,,Het zou wel een goede uitkomst zijn voor jou, schrijven. Misschien komt er dan iets los. Want vrouwen kunnen een lekker potje janken.” Dave: ,,Af en toe voel ik het en zeg ik tegen Mel: ‘ik ben nu aan het janken’. Maar dan van binnen, zonder tranen. Dus het is er wel. Met een mooie licht- of vuurwerkshow, zoals toen we in EuroDisney waren of met de Sinterklaasintocht, dan sta ik met een brok in mijn keel en kan ik niet meer praten.”
,,Als we dan samen zijn en er zoiets overweldigends moois is, dan heb ik dat. Tja. Ik wou dat ik het kon, een lekker potje janken. Want het lucht wel op. Ik ben bij een psychologe geweest. Zocht en zocht maar naar dat deurtje, maar het komt als het komt. Het kan ook dat ik op een onverwachts ogenblik overmand word.”
Hij moet geen moeite doen om, nu hij langer weg is dan hij aanwezig was, de stem van Ruud nog te kunnen horen. ,,Nee, een knip met mijn vingers en ik hoor zijn stem. Wat dat betreft is het gister, twee keer knipperen met je ogen. Ik kan soms even wegdromen en aan hem denken, maar ik ga niet zo vaak in de tijd terug, leef vooral in het hier en nu. Toen onze kinderen werden geboren, had ik niet zoiets van ‘had ik ze maar kunnen laten zien aan hem’. We zijn wel spiritueel aangelegd en ik geloof er in dat Ruud het mee krijgt.”
,,Toen onlangs de Sint in Volendam was en in de kerk sliep, ging ik met de jongens daar naar toe en zijn we ook naar het graf van ome Ruud geweest. Dat was misschien drie jaar geleden, dat ik daar was geweest. Ik heb er, in tegenstelling tot anderen, niets mee, het is stof. Mel gaat dan wel eens heen met Daan en Tijn, bijvoorbeeld als het Ruuds verjaardag is.”

‘Je hebt eigenlijk
altijd mazzel,
totdat het een
keer mis gaat.
Dan pas zie je
wat je had’

,,Ik draag Ruud áltijd bij me. Mel en ik, met ons gezin, we hebben veel met de natuur. En bovenop een berg, dan heb ik er – spiritueel gezien – meer mee. Dat hij dichter bij me is.”
Hij doorbreekt de gevallen stilte met het pakken van zijn glas rode wijn. En knikt, ten teken van ‘proost’. ,,Dat het nog lang goed moge gaan.” Peinzend. ,,Ik moet dan denken aan de woorden van mijn vader. ‘Je hebt eigenlijk altijd mazzel, totdat het een keer mis gaat. Dan pas zie je wat je had’. Zo is het wel. Juist door wat we hebben meegemaakt, leven wij bewuster en gaan anders met dingen om. Ook met de kinderen. Het kan je zo overvallen. Je moet bewust genieten. En niet zo lang boos blijven op elkaar”, glimlacht hij.
,,Het is deels een keuze, je hebt tot bepaalde mate zelf invloed hoe je iets aanvliegt of hoe je er mee omgaat. Maar we zijn een organisme, we hebben niet altijd alles in de hand. Als bouwvakker is er voor mij ondanks corona niet zoveel veranderd, maar sommige dingen wel. Deze tijd heeft ook een goede kant, om even tot elkaar te komen. Een goede zaak, want we verliezen onszelf allemaal in de tv en telefoon.” Melanie: ,,En in het materialisme. Wij ondernemen doorgaans ook veel leuke dingen, maar het is meer dat we dat doen omdat we in de wetenschap leven dat het zomaar voorbij kan zijn.”
,,Nu, met de coronatijd, is het even een tijd van niks moeten, dat vind ik prettig. Ook deze situatie brengt voor mensen leed met zich mee. Maar ik vind het ook een interessante tijd. Het fascineert me, hoe mensen reageren. Zoals toen ik enkele maanden geleden in de supermarkt was en een plastic zakje met een avocado aanraakte. Ging een vrouw helemaal los. Hoe ik het in min hoofd haalde om het aan te raken. Ik voelde me Jezus aan het kruis. Terwijl diezelfde deur van de koeling de hele dag door mensen wordt aangeraakt. Even later bij de bakker stond zij er weer en wees naar me, terwijl zij haar verbazing deelde met anderen. Ik vind het mega-interessant hoe de mensheid reageert in tijden van veranderingen. Of het psychologische effect van een aankondiging, zoals er vorige week weer een run op het toiletpapier ontstond.”
,,Wat je hoofd kan doen, merkten we toen we samen in EuroDisney waren”, zegt Dave. ,,Zaten we met z’n tweeën in de Armageddon. Je vertoeft als het ware in de ruimte, maar opeens kwam er een vuurzee naar boven een vlam, zo voor je neus. Je huid, alles, trekt samen. Ik schrok en dacht ‘dit doe je toch niet in een attractie’. Keek ik naast me, was Mel helemaal wit weggetrokken. Het duurde tien minuten voordat ze er weer was.”
Melanie: ,,Ik heb overwogen om Disney aan te schrijven, maar dat heb ik niet meer gedaan. Die gebeurtenis is iets wat onbewust is opgeslagen, de herinnering er aan maakte me van de kaart.” Dave: ,,In je onderbewustzijn zitten heel veel dingen opgeslagen. Als ik in de wintertijd, met een bepaalde luchtvochtigheid, aan het werk ben, of het horen van de kerkklokken, dan herinneren mijn zintuigen me soms weer aan de begrafenis. Dan ben je opeens weer terug in dat moment en de emoties daarbij. Lichaam en geest zijn twee bijzondere dingen.”

Zorgzaam
Zijn partner knikt instemmend. ,,Ik heb rare dingetjes, elk jaar wel iets. Angina, in glas stappen, een verwaarloosde blaasontsteking, het zal wel zo moeten zijn en misschien hebben sommige dingen te maken met verminderde weerstand, door de brand. Maar Dave is erg zorgzaam”, kijkt zij hem liefkozend aan. ,,Hij is wat dat betreft oplettend op zijn omgeving gericht.”
Melanie wordt zelf de eeuwige weegschaal genoemd. ,,Mel is van de goede vrede”, zegt Dave. ,,Ik ben vergevingsgezind, houd van harmonie. Ieder verhaal heeft een kant, maar mensen kunnen zich soms moeilijk inleven in een ander. Dat proberen we onze kinderen goed mee te geven.” Op school kan daar – sociaal-emotionele vaardigheden – ook (meer) aandacht aan worden besteed. Dave: ,,Ik vond, toen ik in Hoorn op school zat, Maatschappij & Culturele Vorming de allermooiste les. We hadden een leraar, die dat zó goed kon brengen, dat zorgde voor verbroedering tussen leerlingen én leraar. Door open te staan voor een anders mening en de achtergrond van de ander, dat brengt mensen bij elkaar.”
Melanie: ,,Jezelf goed kunnen uiten en luisteren, zijn twee belangrijke vaardigheden. Zoals breed motorisch onderwijs voor kinderen ook van belang is.” Zelf heeft zij geturnd. ,,Als het gaat om onderwijs, maar ook sport, is het goed om te kijken naar de potentie van het kind. Door meerdere sporten te beoefenen, kun je kijken wat bij het kind past. Dat geldt ook voor individuele aandacht in het onderwijs.”
Zelf is zij een commerciële duizendpoot. het financiële geweten van de afdeling inkoop bij een kledingmerk. ,,Ik ben wel een paar keer verkast, qua baan. Maar de momenten dat ik thuis kwam te zitten, dat kwam ons als gezin altijd goed uit.” Dave: ,,Ik heb daarom altijd het sterke gevoel dat bij ons alles op z’n pootjes terecht komt.” Melanie: ,,Ik krijg daar ook geen stress van. Sommige mensen durven niet van baan te switchen, te spannend. Ik ben het type van ‘als ergens een deur dicht gaat, gaat er vast weer een ander open’.” Dave: ,,Het universum verzorgt ons.”

‘Ik heb nou een
vrouw gezien,
de sterkste vrouw
van de hele wereld’

Ze willen samen nog veel moois zien van het aardse. Tijdens vakanties worden ze uiteraard vaak aangesproken. Melanie: ,,Soms geef je onbewust een haakje en dan durven mensen iets te vragen. Tijdens de laatste vakantie was er een vrouw die speciaal naar onze kampeerplek kwam. Daar zou ik zelf de ballen niet voor hebben. Ze passeerde eerst voorzichtig en stapte toch op ons af: ‘er moet me toch iets van het hart’, zei ze. Vertelde zij dat haar zoon van het zwembad komend had gezegd: ‘ik heb nou een vrouw gezien, de sterkste vrouw van de hele wereld’. Hij kon haar alleen niet omschrijven. ‘Totdat we vanmiddag op het zwembad waren. Toen zag hij jou weer. Kijk dat is die sterke mevrouw, heb je haar spierballen al gezien?’” Melanie schiet in de lach. ,,Slechts een deel van een arm is niet verbrand, dat is normale, wat dikkere huid. Vandaar zijn opmerking. Dat vond ik zo mooi.”
,,Het gebeurt tijdens vakanties uiteraard vaker, meestal op de laatste dag. En dan zeg ik dat er ook nog een andere kant van het verhaal is”, kijkt zij naar Dave. ,,Het voelt niet prettig als ze alleen op mij focussen, terwijl Dave dat andere verhaal vertegenwoordigt. Als Dave dan vertelt, dan zie je de mensen wel schrikken, doen ze letterlijk een stapje naar achteren.”
,,Aan hun reactie ‘ik weet nog precies waar ik was’, merk je dat het destijds landelijk gevoeld en gedragen werd. Ook dan helpen we de mensen wel tijdens het gesprek, door het luchtig te houden. Als het zichtbaar iets afwijkends is, zoals de littekens, snap ik dat daar een drempel ligt voor mensen. Er stapte eens een vader op me af op een camping in Italië. ‘Ik wil u niet lastig vallen, maar zag mijn zoon naar u kijken en weet dat hij straks vragen gaat stellen. Mag ik u vragen wat u is overkomen?’ Zo kan het ook.”
Volgende week is Mel met haar vriendinnen te zien bij de EO. ,,Daar kwam uiteraard de vraag of wij het als vriendinnen het er nog vaak over hebben. Eigenlijk al heel lang niet meer. Terwijl er voor sommige van ons, met en zonder brandwonden, toch nog onverwerkte dingen zitten. Het kan door nieuwe gebeurtennissen in je leven versterkt worden, dat het iets in werking zet. Of door deze tijd.”
,,Het leed – maar ook de veerkracht – zie je nu in de andere verhalen, daar kun je niet overheen stappen. Het is goed dat díe mensen nu ook hun stem laten horen. Het mág.” Dave: ,,Sommige mensen gaan nu pas open. Ik hoop dat anderen die nog niet open zijn gegaan, nu ook de mogelijkheid hebben om dat te doen.”
Het is inmiddels voorbij middernacht. Kleine Daan droomt van de Kerstman en de ster. Het kaarsje bij de foto van oom Ruud, die bijna twintig jaar geleden naar het licht ging, wordt gedoofd. Het licht om hen heen zal voor altijd schijnen.

 

|Doorsturen

Uw reactie