Algemeen

Bedrijf in Beeld

Familiebedrijf KIVO blijft innoveren om weer generaties vooruit te kunnen

KIVO Plastic Verpakkingen bestaat volgende maand (17 oktober) 55 jaar. Dat zijn momenten om stil bij te staan en dankbaar te zijn. Maar het bedrijf richt zich, met het oog op de toekomst, ook naar binnen. ,,Waar eerst vooral letterlijk gebouwd werd aan machines en gebouwen, staat momenteel de organisatie zelf behoorlijk in de steigers”, zegt algemeen directeur Robert Kwakman.


,,Je kunt wel stellen dat het bedrijf altijd al sterk in beweging is”, vervolgt hij. Op dit moment bestaat KIVO - in 1966 opgestart door vader Dick Kwakman (Bol) met zes medewerkers en zes machines - uit twee productielocaties in Nederland (Volendam en Zwolle) en twee productielocaties in Kosovo (waarvan eentje een Joint Venture is samen met KRAS Recycling). De fabriek en het hoofdkantoor aan de Julianaweg in Volendam is van 600 m2 gegroeid tot een oppervlakte van 26.000 m2. In Volendam houden de 190 medewerkers de ruim 44 machines 24 uur per dag, zeven dagen per week draaiende.
,,KIVO had nooit de ambitie om per se de grootste te zijn, maar we hebben wel altijd een voortrekkersrol willen spelen binnen onze branche. Als familiebedrijf willen we ons ook over de volgende generaties duurzaam en succesvol voortzetten. Dat heeft er bijvoorbeeld mede voor gezorgd dat we in 2015 een locatie in Kosovo openden, om zo ook in een aantal sterk concurrentiegevoelige markten onze positie te behouden. En vooral de afgelopen jaren hebben we met heel veel energie gewerkt aan het verduurzamen van ons productportfolio. Door ons bijvoorbeeld ook te gaan richten op recycling, zijn wij erin geslaagd een heleboel verpakkingstoepassingen meer circulair te maken, waardoor je minder afhankelijk bent van fossiele grondstoffen en er voor zorgt dat waardevolle afvalstromen weer opgewerkt worden tot goed bruikbaar gerecycled plastic. Tegelijkertijd lieten ook de verkoopvolumes elk jaar een mooie groei zien. Om deze groei en verduurzaming mogelijk te maken zijn er enorme bedragen geïnvesteerd in nieuwe machines, installaties, nieuwe fabriekshallen, onderzoek en ontwikkeling (R&D), systemen en personeel. Tegelijkertijd liepen er binnen de productielocatie enkele trajecten om productieafval te reduceren en output te verhogen.”

‘We moeten
investeren
in het vergroten
van kennis, maar
ook kijken naar de
enorme werkdruk
die wordt ervaren’

,,Als we het er nu ook zo over hebben, moeten we wel in alle eerlijkheid bekennen dat het bij elkaar wel heel erg veel tegelijk was. Dit bleek ook wel uit signalen die we steeds meer uit de organisatie kregen en die verder werden verduidelijkt door onafhankelijke onderzoeken op het gebied van bijvoorbeeld duurzame inzetbaarheid. Een pandemie zet een organisatie waar al veel van wordt geëist dan nog eens verder onder druk. Zo’n lockdown dwingt je als directie en MT dan ook om echt veel dieper naar die interne organisatie te luisteren en veel meer aandacht te geven aan je mensen, de processen, de systemen en daarmee de algehele gezondheid, kwaliteit en professionaliteit van je onderneming.”
,,Wat denk ik kenmerkend is voor een familiebedrijf binnen een hechte gemeenschap is dat we altijd een enorm betrokken en loyaal personeelsbestand hebben gekend. Veel collega’s blijven ons al 30 tot 40 jaar trouw. Dat brengt met zich mee dat ze een schat aan kennis en ervaring in het hoofd hebben en daarmee bestaat er ook een groot oplossingsvermogen, waardoor alles continu doordraait. Daar zijn we ze natuurlijk enorm dankbaar voor, maar daar liggen ook risico’s in verscholen. Zodoende zijn we nu bijvoorbeeld verder aan het doorpakken met het beter in kaart brengen van - en het sturen op - doelstellingen en verantwoordelijkheden. We zien daarmee dat we ook verder moeten investeren in het vergroten en borgen van kennis, competenties en opleiding binnen alle lagen van de organisatie.”
,,Ruim de helft van het productiepersoneel gaf aan dat ze sterke twijfels hadden of ze hun huidige werkzaamheden tot hun pensioengerechtigde leeftijd zouden kunnen volhouden. Dat is een sterk signaal om echt naar de werkzaamheden en de fysieke belasting te kijken. Zaken als het regelmatig tillen van zware zakken, rollen, walsen en assen en de vele logistieke bewegingen binnen onze fabriek worden daarom nu opgepakt. Een ander voorbeeld is de enorme werkdruk die ervaren wordt op kantoor en binnen de productieleiding. Klanten zijn veeleisender geworden en klantpakketten complexer. ‘We worden geleefd’, is iets dat we helaas vaak horen. Dat geeft wel aan dat we niet alleen véél moeten verkopen om de capaciteit te vullen, maar dat we juist ook slim met klanten afspraken moeten maken en meer zullen moeten sturen op basis van data. Dat heeft veel invloed op de werkzaamheden van Verkoop en Planning.”
,,Waar dus eerst vooral letterlijk gebouwd werd aan machines en gebouwen, staat momenteel de organisatie zelf behoorlijk in de steigers. Binnen diverse afdelingen hebben we vacatures uitstaan en reeds ingevuld voor verdere versterking en met externe ondersteuning proberen we structuren en processen verder te verbeteren. Toegegeven; dergelijke veranderingen zijn best spannend en af en toe zal het niet gelijk het gewenste effect geven. Wel zijn we er van overtuigd dat we juist door deze ontwikkelingen weer samen generaties vooruit kunnen.”

 

|Doorsturen

Uw reactie