Algemeen

Rina, Pauline en Mariska van Hulpgroep draaien overuren

Geven en nemen in tijden van corona

„Kun je me over vijf minuten even terugbellen?” Aan de lijn klinkt de stem van Rina Tuyp (50) en op de achtergrond een hoop geritsel van plastic tasjes. „Er zijn hier net een hoop levensmiddelen gebracht en ik wil ze zo snel mogelijk in porties verdelen zodat deze opgehaald kunnen worden. Even later neemt Rina de telefoon weer op. Lichtelijk buiten adem, maar volledig paraat om uitgebreid toe te lichten hoe de Hulpgroep 'Geven en Nemen’ Volendam zich op dit moment extra inzet om zoveel mogelijk hulpbehoevende mensen bij te staan.
Door Leonie Veerman

Samen met Pauline Silven (45) richtte ze vijf jaar geleden de Hulpgroep 'Geven en Nemen' Volendam op. Twee jaar terug werden zij ook bestuurslid van PCI (Parochiale Caritas Instelling). Daar ontmoetten ze de 37-jarige Mariska de Wit. „We konden het direct erg goed met elkaar vinden, en op den duur is Mariska ook onderdeel geworden van de hulpgroep.”
Het hoofddoel van deze hulpgroep is om mensen of gezinnen die het financieel moeilijk hebben te ondersteunen en weer op de goede weg te helpen. Met de komst van het coronavirus kwam de hulpgroep voor een aantal grote uitdagingen te staan, maar stuitte ook op hartverwarmende initiatieven. Terwijl de dames er hard aan werkt om alle hulpstromen op gang te houden en de veiligheid van alle leden te waarborgen, vecht Rina op de achtergrond ondertussen voor haar eigen gezondheid.

Voedselbank aan huis
De plastic tasjes die worden gevuld met levensmiddelen vormen een belangrijk onderdeel in de ondersteuning die de hulpgroep aan haar leden biedt. Verschillende verswinkels uit de buurt doneren de producten die ze over hebben. Zo ontvangt de hulpgroep bijvoorbeeld geregeld brood van bakkers, en zelfs meerdere keren per week vlees van slagerij Runderkamp uit de Havenhof.
De vraag naar, en het aanbod van deze levensmiddelen liep op een bepaald moment zo erg op dat Rina’s huis veranderde in een soort distributiecentrum. „Achteraf gezien was dat niet te doen. Voor 2.5 jaar leidde ik hier een volledige voedselbank vanuit huis. De spullen stapelden zich op en er kwamen al meer mensen bij. Geregeld stond ik nog tot ‘s avonds laat vis af te wegen. En dan kwam er dagelijks ook zo'n 30 a 40 man over de vloer om de tasjes op te halen. We ontvingen alle mensen achterom, zo discreet mogelijk, maar op den duur stond ik de hele dag bij de achterdeur en had ik amper nog tijd over voor mijn gezin.”
„Op een gegeven moment hebben we daarom contact gezocht met Aaf Beers, zij beschikt over de mensen en de middelen (zoals grote koelingen) om deze operatie draaiende te houden. We hebben nu een hele mooie samenwerking met het missiehuis, waarbij onze sponsors de restanten naar Aaf mogen brengen, die het vervolgens verdeelt over een groot aantal hulpbehoevenden. Een klein deel van onze winkeliers brengt de producten nog steeds bij mij thuis. Twee keer in de week verzamel ik hier tasjes brood en vlees voor onze eigen hulpgroep, dat werkt perfect.”
Met de komst van het coronavirus en de bijhorende kabinetsmaatregelen waren Rina, Pauline en Mariska genoodzaakt hun hulpverlening anders in te richten. De dames zijn blij dat ze internet nog hebben. „Een groot deel van onze hulpverlening vindt namelijk plaats via Facebook. Via onze openbare Facebookpagina en interne Facebook groep die Pauline beide beheert koppelen we vraag en aanbod. We ondersteunen onze leden namelijk niet alleen op het gebied van eten, maar voorzien hen waar nodig ook van bijvoorbeeld kleding en meubels.”

‘Het is soms moeilijk om je
voor te stellen wat voor een
ellende er achter menig voordeur
schuil kan gaan in ons dorp’

De dames benadrukken dat dit geen overbodige luxe is. „Het is soms moeilijk om je voor te stellen wat voor een ellende er achter menig voordeur schuil kan gaan in ons dorp. Zo zien we geregeld gezinnen zonder wasmachine, ijskast of stofzuiger, maar met meerdere kinderen heb je dat toch echt wel nodig. Laatst hadden we ook een gezin waarvan de drie kinderen op de grond sliepen, op badlakens. Dan zetten we alles op alles om zo snel mogelijk bedjes voor ze te vinden.”
Ze zijn opgelucht aan dat het aanbod van spullen er met de komst van het virus niet minder op is geworden. „De uitdaging schuilt er in hoe we de spullen bij de mensen thuis krijgen. Normaal halen wij de spullen zelf op en brengen ze naar onze leden, want we hechten er grote waarde aan dat we onze leden anoniem houden. Maar in deze tijd is dat echter niet meer te doen. Daarom roepen we de mensen die iets willen aanbieden nu op het zelf naar onze leden toe te brengen. Daarbij geven we alleen het adres, en drukken we hen op het hart discreet met deze informatie om te gaan. Ze mogen de spullen op de voorstraat achterlaten, even aanbellen en direct weer vertrekken. Op die manier blijft het contact minimaal en wordt de privacy van onze leden gewaarborgd.”
Voor de hulpgroep werkt deze aanpak erg goed. „We merken dat iedereen bereid is om de spullen zelf te brengen, en horen dat ze zich allemaal netjes aan de gestelde regels houden. Daar zijn wij erg blij om. Ook de tasjes met levensmiddelen leveren we nu vanaf een afstand. We plakken stickers met namen op de tasjes en mensen kunnen hun tasje zelf van m'n achterstraat afpakken. Voor de mensen die niet in staat zijn hun tasje zelf op te halen zet Mariska deze op hun voorstraatje.”

‘We hebben tijdens de hamsterperiode
alles op alles gezet om toch
voldoende donaties
bij elkaar te sprokkelen’

Met de genomen maatregelen kunnen Rina, Pauline en Mariska hun leden op dit moment nog altijd van alle nodige hulp voorzien. „Dit was in het begin wel even lastig”, vervolgt Rina. „Toen het coronavirus een aantal weken geleden oprukte in Nederland sloegen veel mensen aan het hamsteren. Vooral voor mensen die het niet zo breed hebben heeft dit grote gevolgen gehad. Zij kunnen niet groot inslaan, en zijn vaak afhankelijk van aanbiedingen en afgeprijsde artikelen. Wanneer alles uitverkocht is, houden winkeliers echter geen producten over om tegen scherpere prijzen aan te bieden. Ook de toevoer van levensmiddelen voor onze leden stagneerde. We hebben toen alles op alles gezet om toch voldoende donaties bij elkaar te sprokkelen, en gelukkig lukte dat aardig.”
Na die eerste fase van paniek en hamsterwoede onder consumenten volgde een periode waarin cafés en restaurants de gevolgen van de nieuwe realiteit begonnen te voelen. „Al voordat alle horecagelegenheden gesloten werden, merkten ondernemers dat er steeds minder klanten naar hun café of restaurant durfden te komen. In die periode ontving onze hulpgroep enorm veel prachtige gerechten en ingrediënten, zelfs restaurants buiten Volendam hebben ons in die tijd mooie spullen geschonken. We hebben zelfs drie volledig dineetjes aan huis kunnen bezorgen bij gezinnen die deze opsteker goed konden gebruiken.”
De dames wijzen erop dat het virus ook heel veel mooie dingen teweeg heeft gebracht. „De donaties zijn zelfs enorm toegenomen. Zo hebben we laatst bijvoorbeeld 30 slagerspakketten gekregen van een gulle gever. We krijgen ook ontzettend veel berichtjes van mensen die boodschappen willen doen voor hen die de deur niet uit mogen of durven. Sommige mensen zijn ook bereid om een dikke koek te bakken voor hun medemens en schrijven daar lieve kaartjes bij. Ed Guyt heeft contact gezocht met de organisatie achter de leesmap en ervoor gezorgd dat al onze leden een prachtig tijdschriftenpakken hebben gekregen. Dat leverde enorm veel mooie reacties en bedankjes op. Na koningsdag hebben enkele winkeliers ons prachtige kleding aangeboden. Het is hartverwarmend dat zij, juist in tijden waarin ze het zelf ook moeilijk hebben, iets voor onze leden kunnen en willen betekenen.
Het coronavirus heeft tot nu toe niet tot erg veel nieuwe aanmeldingen voor de hulpgroep geleid. „Maar we zijn bang dat de grote klap nog moet komen. Volendammers zijn namelijk een trots volk, ze maken eerst al hun spaargeld op en proberen hun problemen zo lang mogelijk op eigen kracht op te lossen. Vaak durven ze pas om hulp te vragen als het echt volledig dreigt mis te gaan.”

‘We zijn bang dat de grote klap nog moet komen.
Volendammers zijn namelijk een trots volk,
proberen problemen op eigen kracht
op te lossen en durven pas om
hulp te vragen als het echt
volledig dreigt mis te gaan’

Rina legt uit hoe de hulpgroep 'Geven en Nemen’ normaliter in z'n werk gaat. „Mensen kunnen zich voor een jaar inschrijven bij de hulpgroep. In die periode ondersteunen wij hen op het gebied van eten, kleding en meubels, maar indien nodig verwijzen we ze bijvoorbeeld ook naar de juiste instanties, of helpen we met het op orde brengen van hun administratie. Ook geven we tips op het gebied van boodschappen doen en goedkope energieleveranciers, en kunnen we mensen helpen in de zoektocht naar een geschikte baan. In dat jaar kunnen leden een buffertje opbouwen of eventueel hun schuld aflossen, zodat ze daarna op eigen benen verder kunnen.”
„Naast de hulpgroep werken we ook steeds vaker met losse aanvragen van mensen die alleen tijdelijke hulp nodig hebben. Zij komen dan niet in de hulpgroep, maar kunnen bijvoorbeeld als ze een ziekte in de familie hebben, zonder werk zitten of in scheiding liggen, tijdelijk, bijvoorbeeld twee of drie maanden op onze hulp rekenen. Dat soort aanvragen zijn wel flink toegenomen sinds het coronavirus om zich heen sloeg.”
Deze rare tijd vergt een hoop inzet, vooral nu Rina met haar gezondheid kampt zullen Pauline en Mariska een aantal taken moeten overnemen. Afgelopen december werd bij Rina namelijk darmkanker geconstateerd. ,,Ik hoorde het ’s ochtends van de dokter, precies op de dag waarop we met de hulpgroep ons jaarlijkse kerstfeest organiseren voor al onze leden. Pauline’s eerste reactie was om de boel helemaal af te zeggen, maar dat kon ik niet over mijn hart krijgen, Voor die mensen is het echt een fantastisch feest waar ze al tijden naar uitkijken.”

Dankbaar
Om het feest niet in het water te laten vallen besloten Rina en Pauline niemand iets te vertellen. Rina: „’Hup’ zei ik, gewoon de knop omdraaien en het beste ervan maken. Gelukkig had niemand iets gemerkt, het is een fantastische avond geworden. Pas toen de laatste mensen vertrokken hebben Pauline en ik samen het verdrietige nieuws verwerkt.”
Inmiddels heeft Rina alle chemo behandelingen achter de rug. „Sinds gisteren en vandaag voel ik me pas voor het eerst weer redelijk goed, ik moet nu weer spiermassa opbouwen en over vier weken wordt ik onderzocht en krijg ik te horen of de behandelingen succesvol zijn geweest”, vertelt Rina kalmpjes.
Hoewel ze de afgelopen tijd verschrikkelijk ziek is geweest en ook eigenlijk nog steeds niet weet of haar behandelingen wel zijn aangeslagen, heeft ze haar werk voor de hulpgroep geen moment laten vallen. „Daar ben ik misschien wel erg nuchter in, mensen zeiden me geregeld dat ik nu eerst aan mezelf moest denken, maar dat vind ik erg moeilijk, ik kan onze leden toch niet laten vallen. Pauline en ik hebben de hulpgroep in vijf jaar tijd echt zien uitgroeien tot een volledig bedrijf, dat kun je moeilijk loslaten.”
„Voor mij was het helpen van andere mensen bovendien een mooie afleiding, zelfs in het ziekenhuis handelde ze geregeld wat administratieve taken af. Anders zit je met je hoofd alleen maar bij je ziekte. Het helpen van anderen geeft ons enorm veel voldoening. Bovendien heb ik veel nieuwe mensen leren kennen die ook ziek zijn, en dat heeft me er bewust van gemaakt dat er nog veel meer ellende is dan waar wij ons niet van bewust waren. Meer dan ooit zijn we blij en dankbaar dat we in staat ben om zoveel mensen te helpen, en ons werk voor de hulpgroep kunnen voortzetten.”

Ook helpen?
Gedurende het telefonische interview doen de dames herhaaldelijk een stellige oproep aan mensen die hulp kunnen gebruiken. „Als mensen zich willen opgeven, of iemand kennen voor wie we iets kunnen betekenen, schroom niet om ons een privéberichtje te sturen via onze Facebookpagina ‘Hulpgroep ‘Geven en Nemen’ Volendam.”
Dan willen we ons ook nog richten tot de mensen die iets willen doneren. „We kunnen op dit moment een hoop losse boodschapjes gebruiken. Daarvoor hoeft niet iedereen speciaal iets aan te schaffen, als jullie iets in de voorraadkast hebben staan dat jullie niet gebruiken, zoals bijvoorbeeld een blik soep, pot groente, of pak pasta, wij zijn er verschrikkelijk blij mee.” De hulpgroep roept mensen op de boodschappen op een van de volgende voorstraatjes te zetten: Henricus Rolstraat 49, Begoniastraat 8, de Boezelgracht 45 of Damcoogh 79. Dan zorgen Pauline, Rina en Mariska ervoor dat het bij mensen terecht komt die het goed kunnen gebruiken. „Maar let wel op he”, vult Rina aan, ,,houd de corona-regels in ere. Bel even aan en laat het achter voor de deur.”
Tevens willen de dames van hulpgroep ‘Geven en Nemen' iedereen bedanken die in deze moeilijke tijd ook maar iets heeft kunnen bijdragen aan hun prachtige initiatief.

Foto: Pauline, Rina, Mariska en Jannig Veerman-Sombroek van de Hulpgroep Geven en Nemen.

|Doorsturen

Uw reactie