Algemeen

Klaas Tuip is na vele succesvolle decennia als drummer nog altijd niet te stoppen

‘Ik denk dat het sterven op het podium wordt’

Liedjes als ‘Mooi Volendam’, ‘Als ik maar bij jou ben’ en ‘(Like a) Locomotion’ zijn bij veel mensen bekend. Lang niet iedereen is ervan op de hoogte wie de drummer achter deze nummers is. Klaas Tuip (kappie) is verantwoordelijk voor deze en vele andere ritmepartijen. In het verleden maakte de Volendammer deel uit van aansprekende bands, waaronder Left Side, Canyon, Stampvast en BZN’66. Hij drumde ook tijdens de uitvoeringen van de musical ‘Jesus Christ Superstar’ in Sporthal Opperdam.
Door Laurens Tol

Klaas (1952) wil niet van ophouden weten. Zo maakt hij in maart weer deel uit van de band van Thomas Tol die driemaal de PX vult. Volgens Klaas wordt dit een bijzonder project waaraan een aantal uitverkoren artiesten zijn medewerking verleent. Hierbij wordt een sterke bezetting van Volendamse muzikanten aangevuld met vier strijkers en een hoboïst.
Klaas geniet van het spelen met deze band. ,,Alle voorwaarden zijn aanwezig bij deze groep”, verzekert hij. ,,Het samenspelen is heel fijn en voor de komende optredens is overal aan gedacht. Zo is er bijvoorbeeld een echte piano geregeld. Thomas heeft het allemaal goed voorbereid. Hij heeft alle partijen geschreven voor de strijkers en de hoboïst. Ik vind het een grote eer dat de optredens zo snel uitverkocht waren. Het ziet er dus hoopvol uit en ik kijk uit naar de uitvoeringen.”
Belangstelling
In het leven van Klaas zijn er weinig momenten geweest waarop hij niet met muziek bezig was. De belangstelling voor de drums ontstond bij hem al op jonge leeftijd. ,,Ik moet nog heel klein zijn geweest toen ik voor het eerst het korps zag spelen. Op dat moment ben ik stiekem achter deze mensen aangelopen. Ik genoot zo van het grote geluid van de trommels dat ik ongemerkt ver van huis was geraakt. Gelukkig wist een vrouw van ‘wie ik er eentje was’. Zij heeft mij toen weer thuisgebracht.”
Het duurde daarna niet lang voordat Klaas zichzelf aansloot bij het tamboerkorps. Hier zorgde hij helemaal zelf voor, want in het gezin Tuip was het geen vanzelfsprekendheid dat iemand iets met muziek ging doen. ,,Mijn ouders hadden maar weinig met muziek. Mijn vader had zelfs liever dat de radio niet aanstond. Omdat ik het muziek maken leuk vond, heb ik doorgezet en vervolgens de beginselen van het slagwerk geleerd bij het korps.”
Een logisch vervolg was de overstap naar het drumstel. Klaas kreeg een deel van dit instrument voor zijn verjaardag. Het geld voor de overige onderdelen moest worden opgespaard met werken bij het loodgietersbedrijf van Lou Buijs (Plim). ,,Waar nu de ingang van de Jozef is, daar was vroeger het Jozefveld. Op deze plaats werd toen veel rommel neergelegd, van afgedankte auto’s tot stoffelijke resten van huisdieren. Er kwam ook dagelijks een vrachtwagen langs om verwarmingsbuizen te lossen. Deze pijpen waren bedoeld voor de nieuwbouw en ik kreeg de opdracht om deze samen met een kameraad naar de plaats van bestemming te brengen.”
Het sjouwwerk leverde Klaas per afgeleverde buis een dubbeltje op. Om genoeg geld te hebben voor de drumstel-onderdelen moesten er ongeveer 500 buizen worden versleept. Uiteindelijk lukte het Klaas om een compleet drumstel bij elkaar te sparen. Er begon een periode van veel oefenen.

‘Mijn vader dacht dat
muzikanten allemaal
aan de ‘stuf’ zaten
en zag de bui al
hangen bij mij’

Al spoedig viel het bij andere muzikanten op dat Klaas fanatiek aan het drummen geslagen was. Als gevolg daarvan vroeg Dick Plat hem om te komen spelen in de gerenommeerde band Left Side. ,,Dit was voor mij een bewijs dat dromen uit kunnen komen”, glundert Klaas. ,,Ik ging vaak vol bewondering kijken bij deze groep. Hun toenmalige drummer, wijlen Jaap Sombroek (Lood), was een groot voorbeeld voor mij. Wat hij kon op een drumstel was ongelofelijk voor die tijd. Wanneer hij oefende in de schuur van zijn ouderlijk huis, dan kon het hele dorp het horen. Het was een eer om zo’n iemand te mogen opvolgen.”
Klaas werd beroepsmuzikant, en dat werd niet bepaald toegejuicht door het thuisfront. ,,Mijn vader vond het maar niks dat ik in de muziek ging. ‘Hoe kun je dat nou doen?’, zei hij. Hij dacht dat muzikanten allemaal aan de ‘stuf’ zaten en zag de bui al hangen bij mij.”
Klaas begon heel veel op te treden. Hierdoor kwam hij vaak thuis op ongebruikelijke tijdstippen. Dat stuitte thuis op de nodige weerstand. Op een dag had zijn moeder plotseling een huis voor hem geregeld. Het was voor beide partijen het beste dat Klaas op eigen benen ging staan.
De band Left Side trad jarenlang met succes op, door het hele land. Daarbij moest bij elke gelegenheid het omvangrijke Hammond-orgel van Dick Plat allerlei trappen op worden gesjouwd. Het hoogtepunt van de groep was het scoren van een hit met het nummer ‘(Like a) Locomotion’ in 1973. Dit nummer stond zelfs op nummer 1 in de hitlijst van Brazilië. Volgens Klaas hebben de bandleden echter nooit een stuiver verdiend aan dit succes.
Nadat Klaas een aantal jaren met Left Side had gespeeld, begon de rock ’n roll-muziek uit de mode te raken. ,,Jaap Buijs (Cas) kwam naar ons toe en zei dat de zalen niet meer zaten te wachten op onze soort muziek. De boodschap was dat het commerciëler moest.”
De band raakte hierdoor op de klippen. Dick Plat en Klaas bleven bij elkaar, kozen voor toegankelijkere muziek en startten samen met Specs Hildebrand ‘Trio Deining’. Dit gezelschap luisterde talrijke bruiloften en partijen op.
Trio Deining
Na een tijdje maakte Specs Hildebrand plaats voor Jaap Veerman (Corn) en de band werd omgedoopt in ‘Canyon’. De agenda van dit trio was al snel goedgevuld. De groep begon ook te werken aan eigen muziekstukken. ,,Dick Plat en ik hebben bij mij thuis heel veel demo’s opgenomen. Deze opnames heb ik nog steeds ergens liggen. Op een dag namen we twee liedjes mee naar een platenmaatschappij. Het eerste liedje waar we mee aankwamen, werd meteen afgekapt. Het tweede nummer daarentegen werd heel enthousiast ontvangen.”
Dit was de evergreen ‘Mooi Volendam’, dat tot op de dag van vandaag veel gedraaid wordt. ,,De platenmaatschappij wilde het nummer een typisch Volendamse stijl meegeven. Er werden twee dames ingehuurd om mandoline te spelen. Piet Veerman speelde de gitaarpartijen van het liedje in zijn kenmerkende stijl. Ik vind nog steeds dat het prachtig heeft uitgepakt. Het nummer heeft een mooie sfeer.”
Dat veel mensen het met Klaas eens zijn, is wel gebleken. Tijdens de Volendammer Top 1000 van RTV LOVE, een verkiezing van de beste Volendamse liedjes, werd Mooi Volendam nog verkozen tot nummer één.
Na verloop van tijd hield Canyon op te bestaan. Dit omdat Dick Plat, de bedenker van Mooi Volendam, een kans kreeg om in BZN te komen spelen. Het duurde nadien niet lang voordat Klaas weer onderdeel werd van een nieuwe formatie. ,,Tijdens Polenpop is het idee ontstaan voor het oprichten van een nieuwe feestband, die later de naam ‘Stampvast’ kreeg. Deze band ging meteen draaien. We kwamen al snel om in de optredens.”
Dankzij het harde werken ging het Klaas in die tijd voor de wind. Dit begon ook bij andere mensen op te vallen. ,,Mijn vader zei op een gegeven moment: ‘toch heb jij het wel goed gegaan, jongen’. Dat is natuurlijk het mooiste wat een zoon van zijn vader kan horen.”

‘De uitvoeringen van
Jesus Christ Superstar
waren een hoogtepunt
in mijn muzikale leven’

Over Klaas’ periode in Stampvast gaan nog steeds verhalen rond onder Volendammer muzikanten. Volgens deze geruchten bestuurde Klaas de hele band vanachter zijn drumstel. Zo was hij verantwoordelijk voor het licht, geluid en schreeuwde hij tevens naar de andere bandleden wat het volgende te spelen nummer zou worden. Terwijl hij aan het spelen was, sloeg hij de blaadjes van zijn muziekmap op virtuoze wijze om met een drumstok.
Toen Stampvast ophield te bestaan, is Klaas drummer geworden bij BZN’66. Bij deze groep werd hij wederom de opvolger van Jaap Sombroek (Lood). De band is onlangs gestopt na een groot laatste optreden in Friesland. Klaas heeft met BZN’66 veel successen mogen meemaken.
Een van de meest memorabele momenten daarvan was de Volendamse uitvoering van de musical ‘Jesus Christ Superstar’, waarin de band de muzikale begeleiding verzorgde. ,,Voor deze musical hebben we bijna een jaar gerepeteerd, want het moest perfect worden en dat werd het uiteindelijk ook. Ik kan wel zeggen dat deze uitvoeringen een hoogtepunt in mijn muzikale leven waren.”
Klaas, die naast het muziek maken ook jarenlang in de bouwsector werkzaam was, zegt dat het muziek maken hem veel plezier heeft opgeleverd. ,,Ik kan het leren bespelen van een instrument bij iedereen aanbevelen. Ik heb zoveel mooie momenten mogen meemaken en veel gelachen.” Aan met name jonge mensen wil hij het advies meegeven om noten te leren lezen. Klaas heeft het ontbreken van deze vaardigheid bij zichzelf als een gemis ervaren.
Van stoppen met muziek maken, is nog lang geen sprake bij hem. ,,Ik denk dat het sterven op het podium wordt. Daar komt het waarschijnlijk wel op aan”, zegt hij met een glimlach. ,,Als ik word gevraagd voor een mooi nieuw project, dan vind ik het vaak te leuk om het aanbod te weigeren. Daarbij heb ik als pensionado nu wat meer tijd.”
Als hij het gesprek beëindigd is, zegt Klaas tegen zijn vrouw Nel: ,,Zo, nu kan ik mooi nog even een uurtje tikken op zolder voor de repetitie van vanavond.”

 

|Doorsturen

Uw reactie