Algemeen

René Schilder: ‘Zou het erg toejuichen als Volendam weer een kunstenaarsdorp wordt'

‘Oudere mensen vertonen meer schoonheid’

René Schilder (52) is al zo’n vijfenveertig jaar bezig met tekenen en schilderen. Het aantal van 10.000 uren dat volgens sommige deskundigen nodig is om iets goed te beheersen, heeft hij al lang overschreden. René’s artistieke aanleg heeft hem in zijn leven onder meer veel plezier en sociale contacten opgeleverd. Door het langdurig bezig zijn met kunstwerken is hij naar eigen zeggen heel anders gaan kijken naar mensen, dieren en de natuur. Na al die jaren leert hij nog dagelijks dingen bij. Hij ‘ziet’ vooral steeds meer.
Door Laurens Tol

René, waar ben je op dit moment mee bezig wat kunst betreft?
,,De laatste tijd ben ik weer aan het tekenen geslagen. Ik leg mezelf er momenteel op toe om bepaalde stadsaangezichten vast te leggen. Daarbij gaat mijn voorkeur uit naar locaties in pittoreske plaatsen als: Enkhuizen, Harderwijk, Hoorn en Edam. Ik ga zelf naar deze steden toe om schetsen te maken, die ik vervolgens uitwerk in mijn atelier. Het is niet mijn doel om een aangezicht exact te kopiëren. Graag wil ik er mijn eigen ding van maken, anders kun je er net zo goed een foto van maken. Dat doe ik bijvoorbeeld door iets erbij te bedenken en eraan toe te voegen. Een bepaald bootje of een dakpan mag er van mij best wat anders uitzien dan in werkelijkheid.”
,,Het toevoegen van bijvoorbeeld mensen of vogels kan in een tekening ook het verschil maken. Dit kan de compositie veel meer leven geven. Als kunstschilder mag je je eigen fantasie gebruiken. Dat vind ik het mooie ervan. Er moet wat van jezelf inzitten.”

Een aangezicht kun je ook natekenen van een foto. Wat is de meerwaarde van naar de locatie zelf toegaan?
,,Natuurlijk kun je een foto gebruiken als voorbeeld. Dat doe ik ook weleens. Het ter plekke schetsen van een bepaald aangezicht is vooral leuker. Je werkt dan een tijdje rustig in de buitenlucht op een mooie plek. Het is ook fijn om even uit je atelier te zijn. Wat de tekening betreft, heeft het ook nut om het beeld dat je wilt vastleggen zelf in werkelijkheid te zien. Op een foto zien het licht en de kleuren er meestal anders uit dan in het echt. Het licht verandert ook gedurende de dag. Ochtend, middag en avondlicht geven hetzelfde aangezicht verschillende aanblikken. Na bestudering van variaties in de lichtval, maak ik een keuze voor welke achtergrond ik wil gaan gebruiken. Het gaat erom wat volgens mij het best bij een bepaalde situatie past. Voortdurend geconcentreerd werken kan niet. Daarom ga ik af en toe wat anders doen, zoals wat eten of drinken. Als je daarna weer op dezelfde plek terugkomt, zie je meestal weer heel iets anders. Soms kan het iets opvallends zijn dat je op nieuwe ideeën brengt, zoals een bepaald persoon.”

‘Als ik mensen schilder,
dan leg ik het
liefst ouderen vast’

Hoe is bij jou de fascinatie voor tekenen en schilderen ontstaan?
,,Dit is eigenlijk min of meer spontaan gebeurd. Al van jongs af aan op de lagere school werd ik erdoor geboeid. Mijn toenmalige docent, meester Van Zelst was ook tekenleraar. Deze man heeft mij op school inspiratie gegeven om ermee door te gaan. Het vak tekenen was in die tijd mijn beste vak. Om taal en rekenen gaf ik niet. Tekenen en schilderen was het toen al voor mij. Zo is de belangstelling stapsgewijs steeds groter geworden. Voor mijn verjaardag en sinterklaas vroeg ik vaak teken- en schilderspullen. Ook kocht ik weleens wat van mijn zakgeld. Op de zolder van mijn ouderlijk huis ben ik veelvuldig bezig geweest met oefenen. Gelukkig werd ik door het thuisfront gesteund in mijn bezigheden. Mijn vader zaliger hield ook van kunst, maar beoefende het niet zo gedreven als ik. Hij was zeker wel getalenteerd en creatief. Daarnaast heb ik nog een oom die ook goed kon tekenen. Je kunt dus wel stellen dat het kunstzinnige in de familie zit.”

Heb je ook lessen gevolgd om je teken- en schildervaardigheden te verbeteren?
,,Mijn vader en ik hebben samen nog lessen gevolgd bij een kunstschilder. Deze cursussen werden georganiseerd in het Maria Goretti-gebouw en de oude Pius X. De man die de lessen gaf, kon goed uitleggen. Bij hem gingen we altijd eerst zelf aan het werk, waarna hij meestal met enkele waardevolle tips kwam om het kunstwerk te verbeteren. Hij stimuleerde mij op een goede manier. Eerst waren we bezig met voorwerpen en situaties te tekenen. Later kwam er ook een model langs dat wij moesten vastleggen. In eerste instantie was het vooral veel tekenen. Gaandeweg liet de leraar ons ook schilderen. Als het mooi weer begon te worden, gingen we ook naar buiten om daar te werken. Met tekenspullen onder de arm liepen we dan het dorp in. De tekenleraar tekende zelf ook gedurende de cursus. Het zien van zijn voorbeeld werkte inspirerend voor mij. Ik heb daarna nog les gevolgd bij de Volendamse kunstschilder en beeldhouwer Jan Stroek. Deze man inspireerde ook en kon heel goed lesgeven. Na de lessen bij Jan, ben ik op eigen houtje doorgegaan met oefenen.”

Hoe studeer je als kunstschilder?
,,Ik kijk veel naar wat anderen doen. Hierbij wil ik zeker geen dingen kopiëren, maar het kan je wel op nieuwe ideeën brengen. Verder lees ik in kunsttijdschriften over nieuwe ontwikkelingen. Er zijn daarnaast tv-programma’s over schilderen die ik volg. Een voorbeeld is het AVRO TROS-programma ‘Het geheim van de Meester’. Daarin proberen ze schilderijen na te maken op ongeveer dezelfde manier als de vroegere meesterschilder werkte. Ze gebruiken daarbij dezelfde soort verf en hebben zorgvuldig gekeken naar de manier waarop hij zijn streken op het doek heeft gezet. Je ziet dan precies welke technieken de oude meesters gebruikt hebben voor hun werk. Dat vind ik echt prachtig. Mensen als Rembrandt en Van Gogh, vind ik nog steeds eindeloos inspirerend. Die eerste is onovertroffen in het gebruik van lichtcontrasten. Het boeit mij erg hoe hij dat voor elkaar heeft gekregen op sommige schilderijen. Door zelf bezig te zijn met kunst besef je pas hoe waanzinnig goed deze kunstenaars waren.”

Wat betekent het bezig zijn met kunst voor jou op dit moment nog?
,,Het brengt mij nog altijd momenten van rust. In de tijd dat ik nog naar school ging, waardeerde ik dat al. Als ik thuiskwam, ging ik vaak naar mijn kamer toe om even te tekenen of te schilderen. Dan zette ik ook vaak mooie muziek aan op de achtergrond. Dit doe ik nog steeds. Na mijn werk in de facilitaire dienst bij een grote bank, neem ik een moment van rust voor mezelf en begin met iets te maken. Het komt ook voor dat ik dit ’s morgens vóór de werkdag doe.”
,,Als ik mensen schilder, dan leg ik het liefst ouderen vast. Bij hen is ‘het leven eroverheen gegaan’. Oudere mensen hebben meer meegemaakt en dat is te zien aan hun uiterlijk. Rimpels in de huid fascineren mij bijvoorbeeld als schilder. Een rimpel is niet simpelweg een streepje. Als je er goed naar kijkt, dan zitten er allemaal kleine groefjes in. Om de oneffenheid goed vast te leggen, moet je werken met kleine schaduwen. Ik vind het prachtig om dit te bestuderen. Een jong mens met een gladde huid is ook mooi om te schilderen, maar niet zo uitdagend als een ouder persoon. Deze mensen vertonen wat mij betreft meer schoonheid. Hun blik is ook anders dan die van een jonger iemand.”

Merk je dat je na al die jaren nog steeds beter wordt in het vak?
,,Ik vind dat ik mezelf nog elk jaar ontwikkel. Dit zit hem vooral in kleine dingen. Nu let ik veel meer op bepaalde details dan vroeger. Kleine schaduwen krijgen veel meer mijn aandacht. Als ik een mens schilder, let ik zorgvuldig op de houding. Ik kijk naar de armen, de handen en hoe iemand staat. Minieme verschillen tussen licht en donker vallen mij nu ook beter op. Vroeger zag ik dit soort dingen nog niet zo goed. Bijvoorbeeld door lessen te volgen, leer je hier oog voor te hebben. Je leert vooral steeds beter te kijken. Voordat je begint met werken, is het allesbepalend dat je een bepaald beeld eerst zorgvuldig bestudeert met je ogen. Je stelt jezelf de vraag: wat zie ik nu eigenlijk? Je registreert hoe de verhoudingen liggen tussen gebouwen en het perspectief hierop.”

‘Het overlijden van mijn vader
en broer hakte er zo erg in,
dat de inspiratie zo goed als verdween’

,,Daken zijn vaak ook heel complex. Het is belangrijk dat je ziet hoe de lijnen lopen en hoe het bouwwerk in elkaar zit. Hetzelfde geldt voor het vastleggen van andere verschijnselen. Een blauwe lucht bijvoorbeeld, is niet alleen maar blauw. Als je er echt goed naar kijkt, dan zie je veel verschillende kleurentinten. Een donkergetinte huid is ook niet alleen maar bruin of zwart. Bij bestudering kun je er veel meer kleuren in ontwaren. Voor een lichte huidkleur geldt dit ook. Schilderen is vooral goed kijken en observeren. In de loop der jaren word je hier steeds beter in.”

Heb je ook weleens periodes gekend waarin je minder geïnspireerd was?
,,Alweer een tijd geleden overleden mijn vader en broer kort na elkaar. Deze tragische gebeurtenissen hakten er bij mij zo erg in, dat de inspiratie voor tekenen en schilderen zo goed als verdween. De belangstelling voor kunst keerde op een onverwacht moment weer terug. Ik liep over de markt in Volendam en zag iets dat ermee te maken had. Vanaf dat moment kwam de inspiratie stukje bij beetje weer op gang. De meeste kunstenaars maken dit soort mindere fases mee. Als je daar midden inzit, wil je er zo snel mogelijk weer uit. Meestal gaat het alleen niet zo makkelijk. Misschien is het wel een voordeel dat je na zo’n periode weer meer geniet van de momenten dat de inspiratie wél vloeit.”

Wat vind je van de artistieke cultuur in Volendam?
,,Er zijn in het dorp best wel wat mensen die goed kunnen tekenen en schilderen. Dit kun je zien tijdens het evenement ‘Kunstroute’ dat wordt georganiseerd door het Club en Buurthuiswerk. Het merendeel van de kunstenaars dat hier exposeert, is van Volendamse afkomst. Dit zijn vaak mensen als ik, die in de avonduren met kunst bezig zijn. Misschien moet je goed kijken, maar het leeft hier wel degelijk. Je kunt alleen niet spreken van een bruisende artistieke cultuur. In vroegere tijden was dit er hoogstwaarschijnlijk wel meer. Als je oude boeken en foto’s van Volendam bekijkt, dan merk je dat Volendam ooit een kunstenaarsdorp was.”
,,Zoals bekend, kwamen er veel kunstenaars naar Hotel Spaander die hun verblijf bekostigden door het schenken van schilderijen. Ik zou het erg toejuichen als Volendam weer een kunstenaarsdorp zou worden. Voor de dorpscultuur zou dit goed zijn volgens mij. Je hebt dan ook wat meer te bieden voor de toeristen die hier komen. Er zijn nu vooral veel kledingwinkels in het dorp. Iets meer variatie door middel van bijvoorbeeld een galerie, zou Volendam goed kunnen doen. Misschien dat de eerste de beste Volendammer hier niet zoveel belangstelling voor heeft. Toeristen zouden er echter wel interesse in kunnen hebben.”

Hoe zit het met je plannen voor de toekomst?
,,Ik hoop mezelf steeds verder te ontwikkelen. Daarnaast zou het mooi zijn om nog wat meer opdrachten te krijgen. Ik zou bijvoorbeeld graag meer illustratiewerk willen doen. Onlangs heb ik een tekening gemaakt voor op de hoes van een muzikaal album. Dat soort werk vind ik heel leuk om te doen.”

Wat kan het bezig zijn met kunst volgens jou bieden aan mensen?
,,Het is een prachtige bezigheid. Bezig zijn met kunst in het dagelijks leven kan een stukje rust brengen. Je kunt je tijd er op een zinvolle manier mee besteden. Het levert ook inspiratie op en voor je sociale leven kan het een impuls zijn. Je kunt er nieuwe mensen door leren kennen die ook geboeid zijn door kunst. De vaardigheden die je aanleert door te oefenen met schilderen en te tekenen, kun je tevens gebruiken op andere terreinen.”
,,In mijn werk profiteer ik ervan dat mijn blik wat scherper is. Als kunstenaar leer je je zintuigen beter gebruiken. In het bankgebouw waar ik werk, let ik op andere zaken dan mijn collega’s. Je leert ook veel meer open te staan voor verschillende mensen, wat je sociale vaardigheden sterker maakt. Daarnaast kan kunst je een bijna eindeloze hoeveelheid plezier brengen”, besluit René.

|Doorsturen

Uw reactie