't Bottertje
Lid worden
't Bottertje
Lid worden

Algemeen

Die goeie ouwe Seinpaal: verlangen naar het verleden

Menigeen was er de laatste jaren wel langsgereden, maar niet meer binnen geweest. Toch voelde het zaterdagavond meteen vertrouwd. ‘Die geur’. ‘De vloer’. Weemoed klonk in de verhalen van de diverse generaties sporters, toen ze herinneringen ophaalden tijdens de Grand Finale in die goeie ouwe Seinpaal. Het instituut staat nog. Maar na komende zaterdag, als de toekomst – de handbalmini’s – er de laatste activiteit hebben, is het definitief voorbij. Nooit meer zaalvoetbal- of handbalspektakel, basketbaldriepunters of volleybalsmashes. Een waardig einde. Als de vloer en de muren konden praten…
Door Eddy Veerman

De sportcoryfeeën van weleer, ze zijn er niet allemaal. Maar alle takken van sport zijn wel goed vertegenwoordigd. Alsmede de gastheren en -dames. Kees Karregat, de rechterhand van – decennialang – kantinebeheerder Werner Smit, kan de laatste keer dat hij er geweest was niet meer heugen. ,,Maar alles is nog precies hetzelfde…”, klinkt het als hij weer achter de bar staat.
,,Je mag een glas hoor, voor de tranen”, zegt Theo ‘Blubber’, één van de kantinegezichten van de laatste jaren, zoals wijlen Siem Admiraal, Kees Zwarthoed, Cor Veerman, Jan Kwakman en Jan Sier. ,,Weet je hoeveel emoties hier liggen”, retourneert Karregat. ,,En straks is-ie om…”
Hijzelf, Werner Smit, Louis Tuip (pet), Caroline Schilder-Pannekeet, Jaap de Boer, ze behoorden tot het meubilair. Karregat timmerde zelfs het barretje in elkaar en de luifel, waaronder foto’s van gloriemomenten hingen.
Nog altijd prijken foto’s aan de wand, van de tijd van drie eredivisieclubs, Kras Boys, Rex en Succes. Het was de tijd dat het Volendamse zaalvoetbal triomfeerde in Nederland, met Nico Runderkamp (mepper), Dick Kes, Jan Zwarthoed (gokker). In een hoekje van de kantine staat ook nog de prijzenkast van de volleybalvereniging. Met lokale helden van toen, getooid met lange manen.
De md-tjes van Werner Smit liggen er nog, de hoek waar de zwemmers altijd zaten, de stamtafel van de Kneusjes, de lange tafels waaraan het menig vrijdag of zaterdag gezellig aan werd. Menig kampioensfeest werd er gevierd.
Zoals op feestelijke wijze zal worden afgesloten. Honderden mensen uit onze gemeente brengen een laatste eerbetoon op een manier zoals ze destijds voor de derde helft, de nababbel of gewoon voor de gezelligheid aanschoven.
Hans Admiraal loopt druk heen en weer, als ‘crewmember’. ,,Na een paar bizar drukke dagen met veel vrijwilligers, kan ik zo ook gaan genieten. Een paar maanden geleden belde handbalvoorzitter Piet Kes me. De Seinpaal kon toch niet omgaan zonder nog iets te organiseren? Dat vond ik ook. Een paar telefoontjes verder, met Crelis Schilder en Aart Bijvoet, kwam er iets op poten. En als je dan ziet wat er deze dagen gebeurt, qua bereidheid van mensen, bedrijven, artiesten, portiers, EHBO, dat kan alleen in Volendam. Daar mogen we heel trots op zijn.”
,,We hebben bewust niets op de speelvloer gelegd, het moet de oude Seinpaal zijn, de lucht, de sfeer. Kijk nou, dit ademt de sfeer van de kantine uit, de sfeer van De Seinpaal, gezelligheid. Ik denk dat m’n vader (Siem Admiraal, EV) hier straks ook ergens toe staat te kijken. En ziet dat het goed is. Het is best wel gek, want zijn Seinpaal-sleutels zijn er gewoon nog. Straks gaat de sloophamer er in. Daar wil ik zeker bij zijn. Maar als we het op één manier kunnen afsluiten, dan is het zo.”

‘Ik neem straks
een stukje vloer
mee naar huis’

Naar beneden lopend via de tribunebanken, die je als toeschouwer zo’n gevoel verschaften dat je bijna zelf in het veld stond, zo dicht op de dynamiek. Die houten banken, die hebben wat lichamelijke tensie van de in spanning verkerende sportliefhebbers gevoeld.
En dan die vloer. Zó geliefd bij de sporters. Zoveel nederlagen en overwinningen gedragen, vreugde en verdriet in het hout verwerkt. Bestormd na de penaltyserie van Kras Boys, na de finalewinst van Rex, als Nederlands zaalvoetbalkampioenen.
,,Ik denk dat ik aan het eind van de avond stiekem een stukje van de vloer meeneem”, glimlacht Fruk Tuyp, als hij met Siem Koning herinneringen ophaalt aan de eerste nationale zaalvoetbalkampioen uit het dorp, Woningbureau Intervent. Bijna letterlijk en figuurlijk grondleggers van Volendamse sportsuccessen onder een dak.
De tijd van ‘Kleine Kip’, de Messi van Volendam. Tuyp kwam er de laatste jaren met grote regelmaat terug als leerkracht, voor een gymles. ,,Dan voel je dat elke keer als je binnenkomt. Kijk ik naar boven, naar dat hokje waar ze de tijdwaarneming deden. Als het spannend was en we stonden voor, dan liep de klok soms handmatig wat sneller. Bij een achterstand werd de secondewijzer wel eens tegengehouden…”
,,Man, elke vrijdag leek wel een bruiloft. De onderlinge sfeer met al die zaalvoetbalploegen was geweldig. En je had er figuren tussen zitten. Neem wijlen Piet Kroon (pedel), als coach van ’t Gat. Ik weet nog dat een tegenstander voorbij de reservebank snelde en Piet opeens een handdoek voor zijn voeten gooide. Die speler viel en Piet speelde de onschuld. Prachtige tijden.”
Ook Jack de Boer heeft er veel geluksmomenten liggen, maar ook droefenis van dramatische nederlagen, als toeschouwer van Intervent (vader Cees was coach, EV), vlagger van Succes-zaalvoetbal, als volleyballer en dertien jaar als organisator van het schoolvoetbal. ,,Ik ga niet weg vanavond, bijt me vast in De Seinpaal. Ik heb hier fantastische tijden meegemaakt. Neem dat jaar dat de handballers voor het eerst in de eredivisie zaten. Had je steeds die bloedstollene laatste vijf minuten tegen grote namen als V&L. Kwam de toen nog jonge Gerrie Eijlers in het veld, sloeg z’n handen een paar keer tegen de lat en had er vervolgens een paar onmogelijke ballen uit.”
,,En Werner zorgde altijd voor de sfeer, was als mede-organisator betrokken bij allerlei evenementen zoals het bedrijfsvolleybal. Dan ging je hier doordeweeks ook wel eens pas om twee uur ’s nachts naar huis. En was je de volgende morgen niet helemaal fit… Altijd stonden er mensen klaar. Als we voor het schoolvoetbal geen sponsor hadden, konden we altijd Henk Kras bellen, dan sponsorde hij de bekers.”
,,Zie jij jezelf hier nog zweven”, zegt Frank van Houdt tegen één van de andere volleyballers. Nico Tol: ,,Wijzelf, maar ook tegenstanders vonden deze houten vloer ongeëvenaard. Soms zetten de latjes uit, dan kronkelde de lijn.”

‘Hier groeiden we op,
van jongens tot mannen,
zelfs tot lokale helden’

Peter Runderkamp maakte als basketballer het laatste grote historische sportsucces mee van De Seinpaal. Met zijn gevoel voor precisie groeide hij zelfs in de landelijke Tweede Divisie uit tot een gevreesd schutter. ,,Ik denk dat ik straks naar huis ga met de vrije worp-lijn”, knipoogt hij. ,,Je kende de zaal zó goed. Een vloer als deze had je nergens. En voor ons als basketballers, het richten op de basket, de afstand, je wist daardoor precies waar je moest zijn. En we gaan inderdaad als laatste kampioen van standaardteams de geschiedenisboeken in.”
Linda Visscher-Kwakman deelde met name de laatste jaren het ouderlijk huis met De Seinpaal. ,,De handbal zou het anderhalf jaar overnemen, het beheer, maar dat werd zeventien jaar.” Vader Jan ‘de Brak’ had de sleutels, moeder Liesbeth maakte veelvuldig schoon. ,,Zaten we op Sinterklaasavond bij elkaar, dan stond m’n vader opeens op. ‘Ik moet effe De Seinpaal openhalen, er komen sporters’. Dat gebeurde zo vaak. Neem vanavond. Mijn broer Ronald is jarig, maar wij zijn hier.”
De laatste jaren ook als handbalster. ,,Walking-handbal? Ga je weg. Met de oudere generaties, zoals Maart Admiraal, trainen we nog en dat is nog altijd bloed aan de paal. Ik zou de geur van deze sporthal wel ergens in willen doen en mee willen nemen. Mijn hart ligt hier.”
,,Met het omgaan van De Seinpaal gaat er ook een stukje van mij om”, zegt Dirk Tuip daags voor ‘de finale’ in zijn blog. Met ‘de handbal’ speelde talloze wedstrijden die het karakter ‘finale’droegen. ,,Die wedstrijden dat het toestellenhok vol mensen stond, de tijd dat De Seinpaal een onneembare vesting was. Maar ook het moment dat ik in de kleedkamer huilend besloot om te stoppen met handballen, omdat mijn schouder uit de kom was gegaan en het niet meer kon.”
,,En ik herinner me dat mijn zoon Sven de afgelopen maanden zijn eerste kennismaking met De Seinpaal mocht meemaken en we na de trainingen eventjes samen genoten van een bal op doel gooien…”
,,De Seinpaal is onze hal, onze jeugd, onze geschiedenis van opgroeien van kleine jongetjes tot mannen en zelfs lokale helden. Een hal van heel veel trainingszweet, onze tranen, van geluk én van verdriet.
Tranen vloeiden er zaterdag ook. Bij het zien van de foto’s aan de muren, bij het vertellen van sterke herhalen, memoires, bij het maken van ‘schik’. Er werd gedanst, luidkeels meegezongen, gesprongen, geknuffeld en genoten. Tot in de nachtelijke uurtjes. Zoals het vroeger was.
De volgende morgen bleek dat niemand een paar latjes uit de houten vloer had meegenomen, als souvenir van De Seinpaal. Daardoor kunnen de handbalmini’s zaterdag gewoon hun toernooitje spelen. Niet bewust van wat er, in bijna een halve eeuw, zich heeft afgespeeld. Maar dan is het écht voorbij. Is de oude Seinpaal voorgoed verleden tijd.
Dirk Tuip, tot slot: ,,Als ik nu aan De Seinpaal denk, ben ik blij dat die herinnering en energie van toen er nog steeds gewoon is. En die gaat ook nooit meer weg. Vaya con dios, Seinpaal!”

Gemeente in onderhandeling
De gemeente en de Woningbouwvereniging zijn nog in onderhandeling over de ‘oude’ Seinpaal. Appartementen zoals aan de overkant aan de Harlingenlaan lijken de meest voor de hand liggende bestemming te vormen. Komende week komt een partij op bezoek voor Anti Kraak Wonen, waarmee tijdelijk invulling kan worden gegeven

|Doorsturen

Uw reactie