Na de fuut nu een lepelaar
De sloot achter de Dick Tolstraat blijkt een stuk rijker aan bijzondere bezoekers dan menigeen zou verwachten. Vorige week verraste een fuutfamilie er al de buurt, maar Johan Jonk kon deze week zijn ogen nauwelijks geloven toen op exact dezelfde plek een lepelaar opdook. De vogel, die zich vaker laat zien rond de Zuiderzeeweg, die door het weiland achter de Dick Tolstraat loopt, poseerde braaf voor hem en zocht rustig zijn kostje bij elkaar in de plasdrasse berm, net als de fuut eerder op zoek naar kleine visjes.
De lepelaar is bepaald geen alledaagse verschijning, zeker niet zo dicht bij de bebouwing. De vogel broedt bij voorkeur in moerassige gebieden, dichte rietkragen of moeilijk bereikbare plekken. Wie hem eenmaal ziet, begrijpt meteen waarom hij opvalt. De lepelaar heeft een lengte van 80 tot 93 centimeter en is onmiddellijk herkenbaar aan zijn spatelvormig verbrede zwarte snavel met geel uiteinde. Die snavel geeft de vogel iets onwerkelijks, bijna prehistorisch. In ondiep water zoekt hij zijn voedsel door al lopend met zijn snavel half open onderwater heen en weer te bewegen, een jachttechniek die even doeltreffend als fascinant is om te zien.
Rond 1970 waren er nog maar 170 broedparen in Nederland.Inmiddels zijn dat er enkele duizenden, mede dankzij betere bescherming van broed- en leefgebied. Dat zo’n vogel zijn neus laat zien in een Volendamse sloot, is dus wel degelijk een bijzonder moment. Johan Jonk (Captured by Jonk) was er getuige van, en had uiteraard zijn camera snel bij de hand.

