't Bottertje
Lid worden
't Bottertje
Lid worden

Algemeen

Keje Molenaar wil als RvC-voorzitter FC Volendam doorpakken

Gepokt en gemazeld terug op het dorp

Als straks na de zomervakantie zijn biografie ‘Meesterlijk’ verschijnt, zullen naast markante rechtszaken ongetwijfeld de spraakmakende hoofdstukken over Ajax stof doen opwaaien. En wellicht dat het boek een open einde kent, nu hij terugkeert naar de plek waar zijn (voetbal-)wieg stond. Keje Molenaar treedt per 1 juli aan als lid van de Raad van Commissarissen van FC Volendam.

Tien jaar geleden was hij met het advocatenkantoor nog op de Volendamse dijk gevestigd. ,,Ik stond destijds op een tweesprong. Het prachtig opgebouwde kantoor in Volendam ging sluiten, waarbij een deel van de mensen voor zichzelf begon en een deel naar Purmerend ging. Ik wilde ook op eigen benen staan, maar dan bijvoorbeeld in Amsterdam. Op dat moment was de functie van algemeen directeur vacant bij Ajax en zochten mannen als Sjaak Swart contact met me.”
,,Daarop heb ik aangegeven interesse te hebben en zijn er twee goede gesprekken geweest met de toenmalige Raad van Commissarissen. Ik wilde snel duidelijkheid, anders zou ik verder gaan in de advocatuur. Kreeg ik een telefoontje van RvC-voorzitter Uri Coronel, met de boodschap dat ze toch een traject van een sollicitatieprocedure met meerdere kandidaten in zouden gaan. Daarop heb ik bedankt.”
,,Op 1 oktober 2008 begon ik met Korvinus Abeln een advocatenkantoor en ik zat er koud drie maanden toen Feyenoord kwam. Dat zat echt in de problemen. Het was hetzelfde verhaal. Ook daar heb ik goede gesprekken gevoerd, met fantastische mensen, maar ik zat net bij het nieuwe advocatenkantoor. Toen heb ik – met pijn in mijn hart – de keuze gemaakt om niet bij Feyenoord aan de slag te gaan.”
Twee jaar later begonnen in Amsterdam de eerste tekenen van de latere revolutie. ,,Ik had toen al eens gezegd dat als Johan Cruijff iets wilde, dat dat met voetballers moest. Dan kun je invloed uitoefenen. Dat proces is daarna in gang gezet. Ik zei tegen Johan dat ik het niet pluis vond om een plan op te zetten en dan zelf daarna een functie te gaan vervullen. Dat druist in tegen de zuiverheid van je rol. Johan was vanuit zijn hart bezig en ik ook. Dan is het niet koosjer om vervolgens zelf op die stoel te gaan zitten.”

‘Er zijn mensen, die kunnen je wel doden,
als je het te goed doet op tv en als je te dicht bij Cruijff komt’

,,Het was wel noodzakelijk om de achterban te informeren. Ajax heeft in ons land drieënhalf miljoen aanhangers, die niet de informatie kregen die ze behoorden te krijgen en ik zei tegen Johan dat we daar een eind aan moesten maken. Zei Johan: ‘wil jij het vertellen op tv?’ In Jip en Janneke-taal, dat was mijn taak. Zat ik aan tafel bij Pauw & Witteman, De Wereld Draait Door, etc. Ik zat er niet op te wachten, ik vond het verschrikkelijk, maar kennelijk ging me dat goed af, naast het organiseren van de juridische aspecten.”
,,Mensen zeiden later dat we in de media de slag gewonnen hebben, doordat een aantal mensen op tv vertelde hoe het zat. Maar het kostte mij zóveel energie. En er zijn mensen, die kunnen je wel doden, als je het te goed doet op tv en als je te dicht bij Cruijff komt. Dat heb ik ook gemerkt. Ik werd in sommige media afgemaakt, omdat zij niet in de buurt van Johan konden komen. En ik was plotseling zijn vriend. Dat trokken andere mensen niet. Kreeg je de meest afschuwelijke columns. Ik moest er wel om lachen, want Cruijff had me dat vooraf al uitgelegd . ‘Je kop gaat eraf’, zei hij.”
,,Ik kon lezen en schrijven met Johan. Het is daarom een leuke en leerzame periode geweest. Daar heb ik Cruijff op een zeer aangename wijze leren kennen. Een geweldig mens, dat is een verrijking geweest voor mijn leven. Toen Johan’s geest weer binnen de club Ajax kwam, gaf dat een boost aan de hele organisatie, werd Ajax vier keer achter elkaar landskampioen.”
,,Maar het blijft in Amsterdam een eeuwige slangenkuil. Daar kun je lang of kort over praten, dat heeft te maken met dat daar mensen op allerlei posities zitten, die daar zitten voor zichzelf en niet voor de club. En Johan en ik hadden snel in de gaten wie dat waren. Ik hield wel genoeg afstand om er niet gefrustreerd door te raken. Ik heb nooit een factuur gestuurd voor dingen die ik deed en heb ook geen functie aanvaard, dus ik bleef altijd onafhankelijk. Daarom had ik er qua gezondheid geen last van. Want ze konden mij de bout hachelen. En dat gold voor Johan ook.”
,,Wij vonden het wel teleurstellend dat de voetballers Bergkamp, Overmars, De Boer en Wim Jonk uiteindelijk niet tot elkaar konden komen. Er was zoveel moois gebeurd en we hadden nooit verwacht dat het daar uiteindelijk op zou barsten. We dachten dat die ruzie net als vroeger, in de kleedkamer of op het trainingsveld, zou worden opgelost. Je scheldt of schopt elkaar even verrot en het is klaar. Je lost het binnenskamers op. Die gasten waren ook Ajacieden en wij hoopten dat ze hun ego’s opzij zouden zetten. Ik denk niet eens dat het met verschil in karakter te maken had, dat moet je kunnen oplossen. Maar als de visie van de één verschilt met die van de ander, dan heb je een probleem. En ik heb begrepen dat dat aan de hand was. Ik vind het jammer dat Wim vertrokken is, want hij had het goede werk kunnen voortzetten.”
,,Johan’s intentie is nooit geweest om de hele boel op z’n kop te zetten. Hij wilde de sleutel van De Toekomst, van de techniek. Commercie en beleid interesseerde hem niet, daar hij had hij geen verstand van. Hij wilde dat de opleiding weer top werd. En als je dan voor Johan kiest, moet je hem zijn gang laten gaan. Hij wilde Tscheu la Ling binnen de club halen en we hebben alles in het werk gesteld om hem van dat Ling-paard af te halen, maar hij wilde hem wel en dan moet je daar ook achter gaat staan.”

‘In Amsterdam blijft het een eeuwige slangenkuil’

Uiteindelijk trokken Cruijff en een aantal van zijn sympathisanten als Molenaar en Jonk zich in de machtsstrijd terug. ,,Op een gegeven moment ging de deur dicht. Heb ik Johan en zijn vrouw Danny laten weten te stoppen, we trokken namelijk aan een dood paard. Ik kom bijna niet meer in de Arena. Ajax is een zieke organisatie. We hebben met pure intenties geprobeerd dat te veranderen, maar dat bleek onmogelijk. Er zijn mensen die dat gewoon niet willen.”
,,Ze keren daar alweer terug naar de oude situaties. We hebben ons best gedaan en het is deels gelukt. Dat kan ik van me af laten glijden. Zeker als de grote roerganger er niet meer is, dan is het klaar. Ik kijk er echt met ontzettend veel plezier op terug. Vooral de gesprekken met Johan, die momenten dat we daar met al die voetballers bij de rechtbank en het hof stonden, dat was uniek, dat was de kracht van het team op het veld vertaald naar de rechtbank. Daarom was het zo jammer dat die kracht uiteindelijk ook onze achilleshiel werd.”

Zoals je naam onlosmakelijk aan Ajax was verbonden, werd die ook zo nu en dan bij FC Volendam genoemd. Er wordt wel eens gesuggereerd dat je afgaf op je oude club?

,,Integendeel, heb ik nooit gedaan want ik ga niet mijn eigen nest bevuilen. FC Volendam is altijd mijn club gebleven. Ik wilde altijd weten hoe de FC het had gedaan als er was gespeeld. En op een gegeven moment ging onze zoon Jip daar in de opleiding voetballen.”
,,Vorig jaar benaderde Jan Smit mij. En voor Jan heb ik een groot zwak. Vervolgens heb ik er goed over nagedacht. In de rol van commissaris kan ik hopelijk iets betekenen voor FC Volendam – die kwaliteit dicht ik mezelf inmiddels wel toe – op het gebied van techniek en juridische zaken.”

‘Ik heb vertrouwen in de nieuwe mannen
die tot de RvC toetreden en in het bestuur moet ook jong Volendams bloed’

,,De RvC krijgt meer nieuwe goede mensen, met Erwin Boelhouwer, Kees Mooijer en Jaap Veerman. Jan Plat van Contaxus gaat mogelijk in het bestuur en Richard de Weijze komt er zeker in. Ik ben zelf ook niet meer de jongste. Word dit jaar zestig. RvC-lid Hein Tol treedt af komende week en is zeventig. Stel dat ik – God willing – die leeftijd mag halen, dan hoop ik die periode te kunnen vervullen met een duidelijke rol als geëngageerd commissaris. Dat is wat ik wil en daar heb ik met Jan Smit en het bestuur al enkele keren over gesproken.”

Wat houdt geëngageerd in?

,,Je bent en blijft commissaris, bent geen bestuurder. Je houdt toezicht op het bestuur. Maar ik heb van dat bestuur wel duidelijk signalen gekregen dat ze een actieve en adviserende rol van de commissarissen verwachten. Op het gebied van techniek en juridisch kunnen ze met mij levellen. Ik heb vertrouwen in de nieuwe mannen die tot de RvC toetreden en in het bestuur moet ook jong Volendams bloed, representatief voor de huidige generatie, komen.”
,,Met alle respect voor wat het huidige bestuur qua werk heeft afgeleverd. Naar die mensen kan een tribune vernoemd worden, de Henk-tribune – voor Henk Kras, Henk Schoorl en Henk Binken – maar zij moeten langzamerhand plaatsmaken voor de nieuwe generatie. De nieuwe RvC moet dat proces gaan stroomlijnen, zodat de nieuwe generatie met nieuwe ideeën uit de voeten kan.”
,,Ik ben zelf ook niet meer piep, dat merk ik aan mijn jonge kinderen. Op een gegeven moment is je houdbaardheidsdatum voorbij en dat is niet erg, zolang je het maar onderkent en ruimte geeft aan de nieuwe generatie.”

,,Laten we kijken of we met de gemeenschap ervoor kunnen zorgen dat het voetbal beter wordt, maar ook dat de tribunes weer bij elke thuiswedstrijd goed bevolkt worden door Volendammers. Tegenwoordig heeft de jeugd ook andere interesses, maar je moet kijken hoe je de band met je gemeenschap weer kunt versterken.”
,,De relatie met de RKAV is verbeterd, door inbreng van mensen als Jan Smit. Je moet niet één club willen zijn, want qua structuur functioneer je los van elkaar. Maar dat bruggetje tussen AV en FC, daar moeten steeds mensen overheen lopen, naar elkaar toe. De accommodatie daar ziet er prachtig uit en er staat ook een fantastische organisatie, daar moet samen iets van te maken zijn.”
,,Ik heb goed zicht op de opleiding van de FC, omdat mijn zoon Jip daar de laatste zeven jaar deel van uit maakt. Die opleiding ziet er gewoon goed uit, het steekt professioneel in elkaar, daar haal ik mijn petje voor af.”

‘Je krijgt af en toe een stoot voor je kop,
dat moet je niet persoonlijk opvatten’

,,Sportief heeft het met het eerste de laatste jaren even tegengezeten, maar het moet mogelijk zijn – neem Heracles en Excelsior als voorbeeld – om voor een langere periode in de eredivisie te vertoeven. Dan donder je er misschien ook weer uit – want je blijft nou eenmaal te groot voor het servet en te klein voor het tafellaken – maar door goed gestructureerd beleid weet ik zeker dat je in staat moet kunnen zijn – zoals vroegere jaren – wat langer in de eredivisie te blijven.”

Voordat je je ‘ja-woord’ gaf, heb je uiteraard gekeken naar de staat van de club, want daar is veel commotie om geweest?

,,Dat was één van de redenen waarom ik in januari naar de bijeenkomst ben geweest, na die ontstane commotie. Ik wilde weten welke onvrede en wrevel er speelde. Dat werd me vrij snel duidelijk: dat was een gebrek aan transparantie. Er werd niet duidelijk gecommuniceerd met de geledingen. Die geledingen moeten ook vertegenwoordigd zijn in de Raad van Commissarissen. Daar moet je niet te moeilijk over doen en het staat bovendien in de statuten. Die mensen moeten op hun beurt weer naar de achterban kunnen gaan met wat er speelt. Dan krijg je minder gezeur. En die achterban kan eventuele kritiek bij het aanspreekpunt van de RvC neerleggen en die kan het weer inbrengen bij de RvC. En die kan het vervolgens weer neerleggen bij het bestuur. Zo hoort het.”
,,Soms is dat hard of vervelend, maar dat hoort erbij, anders moet je daar niet gaan zitten. Je krijgt af en toe een stoot voor je kop, dat moet je niet persoonlijk opvatten. Dat heb ik geleerd in mijn leven. Die stoten worden doorgaans uitgedeeld door columnisten. Columnisten zijn er om andere mensen af en toe neer te sabelen, anders wordt het niet gelezen. Daar smullen mensen van. Ik heb het zelf meegemaakt in de Ajax-situatie. Ik werd volledig met de grond gelijkgemaakt in het Parool. Er deugde niks aan mij, terwijl ik de beste columnisten nooit had gesproken. Johan had me daar voor gewaarschuwd en hij zei dat ook: neem het niet te persoonlijk. Daar heb ik van geleerd.”
,,Ik mijd tegenwoordig de publiciteit. Recentelijk werd ik wel gevraagd voor het programma M in de situatie rond Nouri. Ik wilde niet, maar er was niemand anders. Maandagavond kon ik in de studio van Nieuwsuur zitten, ook weer over Nouri. Heb ik geweigerd. Ik wijs daarom veel meer af dan ik accepteer. Die kop van mij kennen ze nu wel.”
,,Er zijn altijd mensen die je het niet gunnen dat je iets goed doet. En er kan bij andere mensen een beeld ontstaan van jou, waar je zelf geen invloed op uit kunt oefenen. Want in dat opzicht ben je afhankelijk van de perceptie van die mensen. Is die persoon een gezellig positief ingesteld mens, of een zuurpruim? De eerste vindt het wel leuk, de andere kan je wel doden.”

‘In de opleiding werd er de afgelopen jaren
nogal snel afscheid genomen van Volendammers, waarvan ik dacht:
laat ‘m nog een jaartje rijpen’

Je zoon maakt al jaren deel uit van de jeugdselecties van de FC en je vrouw Christiane zet zich in voor de Stichting Vrienden van de jeugdopleiding FC Volendam. Zijdelings of niet, je hebt zeker meegekregen dat er iets veranderd is aan de identiteit van de club?

,,De sympathie die Volendam heeft in Nederland, met Tolletjes, Mührens, Jonken, Kwakmannen, Karregatten, Veermannen, Molenaars, Schilders, Runderkampen, Tuypen, enzovoorts, de Vlakkies nu en straks misschien Eerdhuizen, dat moet leitmotiv worden voor de FC. Een groot deel van je team moet weer gaan en blijven bestaan uit Volendammers. Een figuur als Jan Smit en zijn lidmaatschap van het bestuur is voor de FC goud waard in den lande en door de authentieke namen heeft de FC nationaal ook de sympathie, dat moeten we als bestuur en RvC cultiveren.”
,,Daar hoort het technische voetbal – het samenspel is je handelsmerk – bij. Die kant moet je weer op. En als een trainer een keuze moet maken tussen een Volendammer en niet-Volendammer bij fifty-fifty, dan moet de Volendammer de voorkeur krijgen. Dan creëer je ook een betere band met je achterban en Umwelt.”
,,In de opleiding werd er de afgelopen jaren nogal snel afscheid genomen van Volendammers, waarvan ik dacht: laat ‘m nog een jaartje rijpen. Inmiddels zijn Jip, keeper Dion Vlak en Victor van Montfoort van hun lichting met z’n drieën over. En Jip en Victor zijn halve Volendammers, een halve jas ofwel bodywarmers.”

Heb je wel eens gedacht, ik zwaai de deur open en zeg er wat van?

,,Totaal niet, want dat heb ik met Jip afgesproken. Hij wil het volledig op eigen kracht proberen te halen. Hij wil nooit van zijn leven te horen krijgen dat hij dankzij zijn pa hogerop is gekomen. Dus heb ik me er totaal niet mee bemoeid. Ik ga heel af en toe bij hem kijken en dan vraagt hij: ‘pap, wat vond je er van?’

Vind je het dan niet jammer dat je weinig van hem ziet?

,,Ik kijk heus wel wedstrijden van hem, maar ik heb ook nog een jongere zoon, Max. Dat ik hem bij SDOB zie voetballen en trainen is nét zo belangrijk. Dus ga ik normaal gesproken met hem mee en Christiane met Jip. Wat daar ook aan ten grondslag ligt, is dat ik mezelf heb ontwikkeld zonder dat mijn vader wist dat ik voetbalde. Die werkte zestig uur per week op de Enkev. Hij hoorde heus wel dat ik aardig tegen een bal kon trappen, maar heeft zich er nooit mee bemoeid. Pier Tol’s vader stond ergens achteraf te kijken en deed ook nooit zijn mond open. Dat gaf ons de rust in onze ontwikkeling.”
,,Pier en ik hadden geen gezeur aan ons hoofd van lastige ouders. Je zult zo’n schreeuwende vader langs de kant hebben, die er steeds bovenop zit. Daar word je horendol van. Dat legt druk op je. Op het moment dat m’n vader wel een keer kwam kijken en ik kwam thuis, dan zei hij op zijn Volendams ‘Heb je daar nou de hele week voor getraind?’” Die mensen hadden vaak niet in de gaten hoe je een jonge, nog onzekere sporter, daarmee kwetst.

Spreek jij wel je trots uit naar je kind, als vader?

,,Dat is geen trots. Ik zie het als mijn verantwoordelijkheid om de drie kids goed op te voeden en ik ben vooral dankbaar dat Jip zich zo ontwikkelt. Ik ben voor elke dag dankbaar dat onze kinderen gezond zijn, want daarvoor ben je totaal afhankelijk. Dankbaar dat we geen problemen hebben als drugs of andere verslavingen in het gezin, want dat kan je ook overkomen zonder dat je daar als ouders om vraagt.”
,,Het is wel mooi om te zien dat een jonge speler, die graag de top wil bereiken, zoveel extra’s doet, zoals Jip. En ik wil hem aanreiken wat ik kan, van adviezen voorzien, gevraagd en soms ongevraagd. Daar is hij het ook wel eens niet mee eens.”

Om de geschiedenisboeken toch even open te slaan? Je mooiste wedstrijd als speler van de FC?

,,Er waren er meer, maar Ajax-thuis, voor de beker, in 1979 komt nu naar boven. Ajax had Arnesen, Lerby, Tahamata, Clarke. Werd het hier voor een vol stadion op een woensdagavond 3-3, waarbij we heel veel kansen creëerden (wedstrijd is op youtube te zien, red.). Moesten we uit voor de return en in De Meer voetbalden we Ajax gewoon weg. Wij stonden lang met 0-1 voor en werd het vlak voor tijd 1-1, waardoor zij door gingen vanwege meer uitgescoorde doelpunten. Zo’n ploeg, nagenoeg vol met Volendammers, dat is niet meer haalbaar, omdat we kleinere gezinnen hebben maar ook omdat de concurrentie vanuit eigen land en buitenland te groot is. Je selecties worden vaak afgeroomd. Maar we kunnen wel proberen in de buurt te komen.”

|Doorsturen

Uw reactie



Nieuw-Volendam in beeld

Laatste nieuws

Ondernemend nieuws

Laatste vacatures

Meest gelezen

Laatste reacties