Virtuoos violist Micha Molthoff speelde met wereldsterren, trad op in vier continenten, maar vindt zijn rust in Edam
De jongen die verliefd werd op een vioolkoffer
De viool kwam niet in zijn leven door een concert, een beroemde solist of een muzikale familie. Het begon bij Micha Molthoff met een koffertje. Hij ziet het nog voor zich. Een jongen van de muziekschool in Purmerend loopt het lokaal binnen met een vioolkoffer onder zijn arm. Het deksel gaat open. Fluweel. Een strijkstok. Een stukje hars. Een glanzend instrument. ,,Een koffer vol cadeaus”, zegt Molthoff (57). ,,Dat mysterieuze van zo’n viool sprak me enorm aan. Ik kon er soms niet van slapen, zo graag wilde ik er eentje hebben.”
Zijn ouders begrepen er weinig van. Thuis werd vooral geluisterd naar Bob Dylan en The Beatles. Een zoon die ineens viool wilde spelen? Dat lag niet bepaald voor de hand. Toch stapte hij als zevenjarige met zijn vader in de Renault 4 richting Amsterdam, naar vioolbouwer Möller. Daar kreeg hij na een half jaar zeuren zijn eerste driekwartviool. Het bleek het begin van een levenslange passie. Al snel viel op dat Molthoff meer dan gewone belangstelling had voor het instrument. Terwijl andere kinderen nog worstelden met piepende tonen, wist hij al snel een warme klank uit de viool te halen.
,,Dat geluid maken is eigenlijk het moeilijkste. Veel ouders kennen vooral het gekras van beginnende violisten. Maar ik vond vrij snel uit hoe ik een mooie toon kon krijgen. Nog steeds zoek ik bij iedere nieuwe viool naar die sweet spot. Dat punt waarop alles samenvalt.” Op de middelbare school speelde hij al repertoire dat normaal gesproken pas op conservatoriumniveau wordt uitgevoerd. Twee keer per week volgde hij les, eerst op de muziekschool en later aan de vooropleiding van het conservatorium in Amsterdam. ,,Toen begon het serieus te worden. Op dat moment dacht ik eigenlijk al: dit is wat ik ga doen.”
,,Dan zat ik in mijn zwembroek boven te studeren terwijl vrienden buiten waren”
Professioneel musicus worden klinkt romantisch. De werkelijkheid bestaat vooral uit uren maken. Heel veel uren. Molthoff studeerde als jongen dagelijks drie uur viool, ook op schooldagen. Later werd dat nog meer. Conservatoriumlessen, theorie, harmonieleer, samenspel. Zijn leven stond in het teken van muziek. ,,Met dit warme weer denk ik nog weleens terug aan vroeger. Dan zat ik in mijn zwembroek boven te studeren terwijl vrienden buiten waren. Dat moest gewoon gebeuren.”
Ook nu, ruim dertig jaar na zijn afstuderen, oefent hij nog iedere dag. Oefenen blijft een vast onderdeel van zijn leven. ,,Ongeveer twee uur per dag. Ik weet inmiddels beter wat ik moet doen, maar stoppen met studeren doe je nooit. Je bent nooit klaar.” Die mentaliteit kreeg hij vooral mee van pianist Daniël van Zweden, die hem jarenlang begeleidde. ,,Zijn boodschap was altijd: zorg dat je voorbereiding perfect is. Hij sleepte me overal mee naartoe. Bejaardenhuizen, openingen, evenementen. Kilometers maken. Gewoon veel spelen. Daar leer je het vak.” Ook van Daniëls zoon, dirigent Jaap van Zweden, stak de violist het nodige op. ,,De keren dat hij iets over mijn spel zei, heb ik veel geleerd.”
Big in Japan
In de loop der jaren bracht de viool Molthoff naar concertzalen in Europa, Noord-Amerika, Australië en Azië. Toch hoeft een onvergetelijke herinnering niet per se ver terug te liggen. Een van de meest bijzondere ervaringen beleefde hij nog maar kortgeleden in Colombia. In het uitverkochte Teatro Mayor in Bogotá speelde hij tango voor ruim 1300 bezoekers. Alles was aanwezig voor een droomavond. Op één detail na: de hoogte van de stad zorgde voor een onverwacht probleem. ,,Bogotá ligt op ruim 2600 meter hoogte. In de coulissen stonden zuurstofflessen met maskers klaar voor de muzikanten. Dat maak je niet elke dag mee.” Een andere bijzondere herinnering komt uit Japan. ,,Japanners zijn ongelooflijk toegewijd als ze ergens fan van zijn. We kwamen uit een concertzaal en daar stonden mensen achter hekken onze namen te roepen. We keken elkaar echt aan van: wat gebeurt hier?” Hij lacht: ,,We waren een soort big in Japan.”
De vele buitenlandse optredens hebben hem ook anders naar zijn vak laten kijken. Waar veel musici streven naar een vaste plek in een groot orkest, koos Molthoff bewust voor een zelfstandiger bestaan. Na enkele jaren bij het Concertgebouworkest besloot hij zijn eigen koers te varen. ,,Ik ontdekte dat ik niet alleen muzikant ben, maar ook ondernemer. In Nederland moet je vaak zelf initiatieven nemen. Daarom ben ik eigen programma’s gaan produceren, die ik samen met een boeker in theaters onderbreng. Dat loopt heel goed.” Ook het Grachtenconcert in Edam ontstond vanuit het idee dat mooie culturele initiatieven niet vanzelf ontstaan. ,,Je moet soms gewoon de handen ineenslaan en het zelf organiseren.”
Virtuositeit
Molthoff wordt regelmatig omschreven als een virtuoos violist. Een term die vaak wordt gebruikt, maar zelden wordt uitgelegd. Voor hem draait virtuositeit niet om snelheid of spektakel. ,,Het gaat om controle. Het hele vioolspel speelt zich af in een gebiedje van ongeveer vier bij vier centimeter tussen de toets en de kam. Daar moet alles gebeuren. Warme tonen, koude tonen, kleurverschillen, dynamiek. Je lichaam is eigenlijk gemaakt voor grotere bewegingen. Die fijne motoriek moet je veroveren.”
Dat veroveren stopt nooit. Zelf bleef hij na zijn studie doorgaan met het bestuderen van het grote solorepertoire. Niet omdat het moest, maar omdat hij er plezier in had. Wanneer hem wordt gevraagd wat het moeilijkste stuk is dat hij ooit speelde, hoeft hij niet lang na te denken. ,,De solo-sonates van Eugène Ysaÿe. Vooral de zesde. Daar is iedereen het wel over eens: dat behoort tot het moeilijkste wat voor viool geschreven is.” Maar belangrijker dan techniek vindt hij iets anders. ,,Talent is mooi, maar discipline is belangrijker. Of misschien is talent uiteindelijk gewoon discipline.” Als voorbeeld noemt hij een buurjongetje dat wekenlang bezig was met de bal hooghouden. ,,Toen ik vroeg of hij daarvoor had geoefend, zei hij: nee. Terwijl hij het natuurlijk wel de hele dag aan het doen was. Maar hij vond het zo leuk dat het niet als oefenen voelde.” Volgens Molthoff geldt hetzelfde voor muziek. ,,Als je ergens echt plezier in hebt, verdwijnt het verschil tussen oefenen en doen.”
,,Mijn viool is dus gemaakt van een balk die eeuwenlang deel heeft uitgemaakt van het Uffizi”
Zelfs zijn viool heeft een verhaal. De San Filippo, het instrument waarop Molthoff speelt, werd gebouwd door de Italiaans-Amerikaanse vioolbouwer Jamie Lazzara uit hout met een uitzonderlijke herkomst. Nadat het Uffizi Museum in Florence in 1993 door een maffia-aanslag werd beschadigd, wist zij enkele oude vloerbalken uit het historische gebouw te bemachtigen. Van dat hout bouwde ze een serie violen. Eén daarvan kwam uiteindelijk in bezit van de Edammer. ,,Mijn viool is gemaakt van een balk die honderden jaren onderdeel is geweest van het Uffizi. Misschien heeft die ooit zelfs onder De Geboorte van Venus gelegen”, zegt hij. ,,Dat idee vind ik prachtig.”
Zijn fascinatie voor topinstrumenten gaat nog verder. Via zijn leermeester Jaap van Zweden kwam hij al vroeg in aanraking met violen waar de meeste musici alleen maar van kunnen dromen. ,,Jaap had ooit een dubbele vioolkoffer. In de ene helft lag een Stradivarius, in de andere een Guarneri. Als hij de stad in ging, zette hij die koffer gewoon bij mij thuis neer. ‘Speel er maar op hoor’, zei hij dan.” De herinnering brengt nog altijd een glimlach op zijn gezicht. ,,Dat hoefde hij geen twee keer te zeggen. Ik speelde urenlang zonder te stoppen. Dat vergeet je nooit meer. Alles werkt optimaal. De klank is bijna niet te bevatten.”
Edam
Ondertussen woont hij nog altijd gewoon in Edam. Dat is een bewuste keuze. ,,Ik geloof in kleine gemeenschappen. Ik vind het prettig om mensen te kennen. Dat informele hier, dat heb ik nodig. Als ik terugkom uit New York of Bogotá, geniet ik juist daarvan.” Hij ziet dezelfde behoefte terug in zijn muzikale keuzes. ,,Ook daarom ben ik uit het orkestleven gestapt. Dat werd me te groot. Ik wil iets kunnen zeggen als ik iets wil zeggen. Hier kom je elkaar makkelijker tegen.”
Buiten de concertzalen schuilt achter de virtuoos een man met verrassend alledaagse liefhebberijen. Hij leest, kookt, kijkt met veel genoegen naar oude beelden van Diego Maradona en gaat graag golfen met zijn zoon. Met zijn dochter schildert hij af en toe mee. De onderwerpen staan daarbij meestal al vast. ,,Ik teken eigenlijk altijd draken,” zegt hij lachend. ,,Ik heb inmiddels een hele verzameling drakenschilderijen.”
,,Ik heb inmiddels een hele verzameling drakenschilderijen”
Wanneer hij terugkijkt op zijn carrière, is hij niet het meest trots op de grote zalen, verre reizen of bijzondere instrumenten. ,,Dat ik mijn eigen weg heb gevonden. Dat vind ik het belangrijkste. Dat je op een gegeven moment denkt: dit klopt met wie ik ben.” In het najaar verschijnt een nieuw album van zijn hand. Daarop staan niet alleen bestaande werken, maar ook drie composities die hij zelf schreef. Het is meteen een blik op de toekomst. ,,Ik zou graag nog meer eigen muziek schrijven. Zelf iets maken dat er eerst niet was. En als mensen daar vervolgens door geraakt worden, is dat misschien wel het mooiste wat er is.”
Aan het einde van het gesprek komt het onderwerp ter sprake waar alles op neer lijkt te komen. Wat is uiteindelijk belangrijker: perfect spelen of mensen raken? Molthoff hoeft er geen seconden over na te denken. ,,Mensen raken. Absoluut.” Even valt er een stilte. ,,Ik speel vaak met mijn ogen dicht. En soms open ik ze heel even. Dan zie je de zaal. Als je merkt dat je samen met het publiek voor een paar minuten ergens anders bent geweest, weg van alles wat buiten die ruimte gebeurt, dan heb je bereikt wat je wilde bereiken.”
Daarmee is de cirkel eigenlijk rond. De jongen die ooit verliefd werd op een vioolkoffer, pakt vijftig jaar later nog altijd iedere dag zijn instrument op. Niet om perfect te zijn. Maar om iets te laten voelen.
Foto: Marco Bakker
