Vandaag geopend: 08.00 - 17:30

All posts by De redactie

Spaander en Toptraining bundelen krachten

  

Hotel Spaander en Sportcentrum JSC Toptraining gaan vanaf begin oktober samenwerken. Met een uitbreiding op hun bestaande abonnement krijgen leden toegang tot de faciliteiten van beide locaties. Daarmee ontstaat volgens Spaander-manager Tom Schilderman en Toptraining-eigenaar Ruud Jacobs een compleet aanbod: van fitness en groepslessen tot coaching, zwemmen en sauna.

Het idee ontstond eerder dit jaar tijdens een voetbalwedstrijd, waar Jacobs en Spaander-eigenaar Remco Hellingman met elkaar in gesprek raakten over hun ondernemingen. Al snel bleek dat beide bedrijven elkaar op verschillende vlakken konden aanvullen. ,,Tijdens zo’n open gesprek kwamen we erachter dat we samen iets moois konden ontwikkelen”, vertelt Jacobs. ,,We bieden allebei dingen die de ander niet heeft.”

Daar ligt volgens beide partijen precies de kracht. Spaander beschikt onder meer over een e-gym-circuit, zwembad, sauna en Turks stoombad. Toptraining heeft juist een uitgebreider aanbod aan fitnessapparatuur en groepslessen, aangevuld met personal trainers, coaches en medische begeleiding.
Ook de locaties spreken tot de verbeelding. Spaander is gevestigd aan de haven, Toptraining in het stadion van FC Volendam. ,,Het zijn twee iconische plekken in Volendam”, zegt Schilderman. ,,Als je die met elkaar verbindt en ook inhoudelijk iets aan elkaars aanbod toevoegt, ontstaat er een mooie win-winsituatie.”

,,Vanaf begin oktober kunnen bestaande leden hun abonnement tegen een extra maandbedrag uitbreiden”

Vanaf begin oktober kunnen bestaande leden hun abonnement tegen een extra maandbedrag uitbreiden. Voor leden van Toptraining betekent dit dat zij gebruik kunnen maken van onder meer het e-gym-circuit, zwembad, sauna en Turks stoombad van Spaander. Andersom krijgen Spaander-leden bij Toptraining toegang tot de groepslessen, extra fitnessapparatuur en begeleiding. ,,Wij zijn ooit begonnen als coachingbedrijf en die persoonlijke begeleiding zit nog altijd sterk in ons DNA”, vertelt Jacobs. ,,We hebben personal trainers en een medisch team. Als iemand een blessure heeft of na een operatie weer moet opbouwen, kunnen we daar gericht bij helpen.”

Bij hersteltrajecten biedt de samenwerking nieuwe mogelijkheden. Wie bijvoorbeeld baat heeft bij zwemmen, kan daarvoor voortaan eenvoudig bij Spaander terecht. Maar ook voor de reguliere sporter wordt het aanbod breder. Schilderman merkte bijvoorbeeld dat sommige Spaander-leden na verloop van tijd groepslessen misten. ,,Nu hoeven ze daarvoor niet meer ergens anders naartoe. Samen kunnen we eigenlijk een totaalpakket aanbieden.”

Sport én ontspanning
Andersom ziet Jacobs dat met name oudere sporters graag gebruikmaken van het geautomatiseerde e-gym-circuit van Spaander, terwijl ze daarnaast bijvoorbeeld een groepsles bij Toptraining willen volgen. Straks kan het allebei. Ook ontspanning speelt een belangrijke rol. ,,Veel mensen komen bij ons juist voor de rust en een stukje privacy”, zegt Schilderman. ,,Dat willen we behouden. Maar de balans tussen inspanning en ontspanning wordt steeds belangrijker. Eerst trainen en daarna zwemmen, naar de sauna of het stoombad: dat geeft net dat extra stukje.”

De samenwerking richt zich op een breed publiek. Toptraining heeft leden van 12 tot 89 jaar en ook bij Spaander sporten mensen van uiteenlopende leeftijden. Niet alleen bestaande leden kunnen hun abonnement uitbreiden; ook nieuwe leden kunnen direct voor de combinatie van beide locaties kiezen.

Beide partijen gaan ervan uit dat de samenwerking structureel wordt. Jacobs: ,,Natuurlijk zullen we in de praktijk misschien nog dingen moeten finetunen, maar we denken allebei dat dit een meerwaarde is. Uiteindelijk willen we mensen zo lang mogelijk helpen om gezond en fit te blijven.”

Op termijn kan de samenwerking bovendien verder worden uitgebreid, bijvoorbeeld door personal trainers op beide locaties in te zetten. ,,Het mooiste zou zijn als mensen straks voor vrijwel alles bij ons terechtkunnen”, besluit Jacobs. ,,Of je nu wilt trainen, begeleiding nodig hebt, moet herstellen of juist wilt ontspannen. Samen kunnen we dat allemaal aanbieden.”

Meer informatie
Bestaande leden van Hotel Spaander en JSC Toptraining hebben inmiddels per e-mail meer informatie ontvangen over de samenwerking en de mogelijkheid om hun abonnement uit te breiden. Wie meer wil weten over het gecombineerde abonnement of de mogelijkheden, kan contact opnemen met Hotel Spaander of JSC Toptraining.
 

‘Lou louw’ op de schoolpleinen

  

Wie afgelopen vrijdag in de buurt van ’t Kofschip en De Jozefschool kwam, kon er niet omheen: de kermis komt eraan. De kleuters renden er met zelfgemaakte ‘louw-louw-touwen’ over de schoolpleinen en brachten zo een oude Volendamse traditie weer tot leven.

Lees het volledige artikel in de NIVO van

‘Louw louw’ op de schoolpleinen

  

Wie afgelopen vrijdag in de buurt van ’t Kofschip en De Jozefschool kwam, kon er niet omheen: de kermis komt eraan. De kleuters renden er met zelfgemaakte ‘louw-louw-touwen’ over de schoolpleinen en brachten zo een oude Volendamse traditie weer tot leven.

Lees het volledige artikel in de NIVO van

(Kerst)workshops en bloembollenmanden van Streekstalletje51 in trek

  

Samen met je handen in de aarde, ontdekken waar een bloembol vandaan komt en ondertussen luisteren naar het verhaal achter de bloemen. Dát is waar de workshops van Streekstalletje51 in De Goorn om draaien. Niet alleen iets moois maken, maar ook even onderdeel zijn van de plek waar het allemaal groeit. En juist die combinatie blijkt mensen aan te spreken. Ook veel Volendammers vonden dit jaar de weg naar het stukje bloemenmagie aan De Leet.

,,Eén iemand nam drie bloembollenmanden mee en dezelfde dag ging de telefoon: of ik er nog tien wilde maken. Even later werden dat er nóg twintig”, vertelt Mariska Jonker lachend. ,,Het is in positieve zin uit de hand gelopen. Maar juist dat vind ik zo mooi. Mensen worden enthousiast, vertellen het door en komen later weer terug. Daar krijg ik ontzettend veel energie van.”

Samen met haar man Tim Schagen runt Mariska GIA Flowers. Vanuit Azië, Europa en Amerika is er afname van hun bijzondere bloemen en bloembollen. Maar naast die internationale wereld groeide er de afgelopen jaren juist iets heel lokaals: Streekstalletje51. Het verhaal daarvan begon eigenlijk noodgedwongen. ,,Ons bedrijf zat eerst in Heerhugowaard en eind 2019 verhuisden we naar De Goorn. En tóen brak corona aan. Alles stond hier in bloei, wij stonden in de startblokken en ineens mochten we niets meer veilen. Zo’n 98 procent van onze producten is bestemd voor de export, per vrachtwagen of vliegtuig. We stonden tussen al die prachtige bloemen en vroegen ons af: wat moeten we hiermee?”

Om hen heen verschenen stalletjes met tulpen. Mariska twijfelde. ,,Wij telen exclusieve bolgewassen. Dan denk je toch: ga je daarmee langs de weg staan? Mijn schoonvader zei: probeer het nou gewoon. Dus hebben we een stalletje neergezet. Eén bericht op sociale media en er kwamen meteen reacties.” Wat begon als een praktische oplossing in een onzekere tijd, bleek uiteindelijk veel meer te brengen. Niet alleen verkoop, maar vooral contact.

,,Ik liep in coronatijd – op veilige afstand – een rondje door de kas met twee dames. Ik vertelde over onze bloemen, hoe we ze telen en wat er allemaal bij komt kijken. Daarna gingen ze met bloemen naar huis. Ik merkte hoeveel plezier ik daarvan kreeg. Mensen meenemen in onze wereld, vertellen over iets waar wij iedere dag mee bezig zijn en vervolgens hun enthousiasme zien. Daar ontstond eigenlijk de basis van wat Streekstalletje51 nu is.”

Het stalletje bleef staan en steeds meer mensen wilden ook eens achter de schermen kijken. Zo ontstonden de workshops. Inmiddels ontvangt Mariska groepen van zeven tot soms wel tachtig personen. Van vriendinnengroepen en families tot bedrijven en verenigingen. ,, Ik vind juist alles eromheen zo belangrijk. Samen aan tafel zitten, even uit de dagelijkse drukte, mensen iets leren en ondertussen gezellig met elkaar bezig zijn. De één is heel creatief, de ander zegt meteen: ‘Ik heb helemaal geen groene vingers.’ Maar uiteindelijk gaat iedereen trots met iets eigengemaakts naar huis. Dat vind ik prachtig.”

Ook de kerstworkshops zijn inmiddels een belangrijk onderdeel van Streekstalletje51. In de donkere maanden verandert de workshopruimte in een warme, gezellige plek waar groepen samen aan de slag gaan met groen en natuurlijke materialen. Een ander succes zijn de bloembollenlasagnes. Tijdens de workshop worden verschillende soorten bloembollen in lagen geplant, zodat er in het voorjaar steeds iets anders tevoorschijn komt.

,,We telen zelf verschillende bloembollen en daardoor kan ik ook echt het verhaal achter die bol vertellen”, legt Mariska uit. ,,We gebruiken bijvoorbeeld een keizerskroon en een kievitsbloem. Ik probeer ieder jaar weer iets nieuws toe te voegen, zoals een andere bol of een bijzondere kleur. Daarmee wil ik mensen ook laten zien hoeveel moois er eigenlijk uit zo’n kleine bloembol kan ontstaan.”

Aan het stalletje aan De Leet 51 staat ook het lokale karakter centraal. Naast bloemen, planten, pompoenen en eigen creaties zijn er producten van ondernemers uit de omgeving verkrijgbaar, zoals rode bieten en honing. Het draait er om beleven, ontmoeten en verbinden. ,,Als mensen hier ontspannen binnenkomen, plezier hebben met elkaar en vervolgens trots met hun eigen creatie naar huis gaan, dan is mijn avond eigenlijk al geslaagd.”

Voor meer info: www.streekstalletje51.nl 
 

Eén vereniging, verschillende rollen: zo blijft clubkleding toch herkenbaar

Bestuur, vrijwilligers, trainers en supporters horen bij dezelfde vereniging, maar gebruiken kleding op andere momenten. Een gedeelde basis werkt beter dan één verplicht model.

Eén vereniging, verschillende rollen: zo blijft clubkleding toch herkenbaar

Bestuur, vrijwilligers, trainers en supporters horen bij dezelfde vereniging, maar gebruiken kleding op andere momenten. Een gedeelde basis werkt beter dan één verplicht model.

Bij een lokale club loopt sport gemakkelijk over in gemeenschap. Mensen trainen, organiseren vervoer, bemannen een kantine, helpen bij activiteiten en moedigen aan. Als iedereen hetzelfde shirt krijgt, is de identiteit wel zichtbaar maar blijven de rollen onduidelijk en past het product niet altijd bij het gebruik.

De vereniging kan werken met een visuele grammatica. De kleur zegt «wij horen bij elkaar», de positie zegt «dit is mijn rol» en de grootte zegt «op deze afstand moet je mij herkennen». Daardoor kan een vrijwilliger een duidelijke rugtekst dragen terwijl een supporter hetzelfde teken kleiner en vrijer gebruikt.

Deze grammatica voorkomt dat iedere commissie opnieuw een eigen ontwerp begint. Nieuwe toepassingen hoeven niet identiek te zijn, maar moeten dezelfde regels volgen. Zo blijft een jubileumshirt bijzonder zonder los te raken van de vaste clubidentiteit.

Met Burger Print kunnen toepassingen volgens die regels op verschillende kledingstukken worden bekeken. De keuze wordt dan beoordeeld op samenhang, niet op de vraag of iedereen exact hetzelfde product krijgt.

Een goed clubsysteem is herkenbaar zonder legenda. Leden zien de familiegelijkenis, bezoekers begrijpen wie aanspreekbaar is en supporters houden ruimte voor een ontwerp dat zij buiten de vereniging willen dragen.

Voor de uitvoering volstaat een centrale lijst met lid, rol, maat, gekozen variant en moment van uitgifte. Eén beheerder sluit deze lijst en bewaart ook de goedgekeurde kleur- en ontwerpbestanden. Daardoor kan een nieuwe vrijwilliger later gericht worden toegevoegd zonder dat het hele assortiment opnieuw wordt besproken. Bij de seizoensevaluatie wordt vervolgens zichtbaar welke variant werkelijk werd gedragen en welke alleen op papier logisch leek.

Binnen een dag 18.000 euro opgehaald voor veroordeelde Volendammers

  

Een crowdfunding voor drie Volendammers die zijn veroordeeld vanwege de ongeregeldheden rond een demonstratie van Kick Out Zwarte Piet (KOZP) heeft in korte tijd het volledige streefbedrag van 18.000 euro opgeleverd. De inzamelingsactie kon daardoor al binnen een dag worden gesloten. Ook vanuit het lokale bedrijfsleven kwam steun op gang.

Lees het volledige artikel in de NIVO van

Kermis kijken

  

Zo zit je op een zondagochtend nietsvermoedend te zappen en zo zit je ineens midden in de kermis.

Op de L.O.V.E. komen sfeerbeelden van vorig jaar voorbij. Vrijdagmiddag. De dag is nog jong, de zon staat aan de hemel en op de Dijk en in de tent begint het langzaam drukker te worden. Je voelt de zenuwen bijna van het beeld af spatten. Iedereen heeft er zin in. Iedereen weet wat er komen gaat.

Bij mij begint het meteen te kriebelen.

Ik pak mijn telefoon erbij. Hoeveel dagen is het eigenlijk nog? Voor ik het weet zit ik mijn kermisplaylist aan te vullen met nieuwe krakers. Nummers die ik over drie weken waarschijnlijk bedroefd vind, maar waarvan ik nu zeker weet dat ze mijn leven gaan veranderen.

Mijn ouders en schoonouders schuiven ook aan. Daarmee verandert het programma in een interactieve documentaire. Mijn schoonvader ziet een bekende. ,,Jawel, de Pulebap.” Mijn vader even later ook. ,,Jezus, hoe heet hij ook alweer? Die is ook alweer dood.”

Prachtige televisie.

En hoe langer we kijken, hoe mooier het wordt. De camera is nét iets te lang op mensen gericht. Dat is cruciaal. Een professionele cameraploeg zou allang hebben weggedraaid, maar de L.O.V.E. blijft gewoon staan. Nog drie seconden. Nog vier. Nog vijf. Tot degene voor de camera alle fases van ongemak heeft doorlopen en uiteindelijk maar besluit zijn duim op te steken.

De een kan daar beter mee omgaan dan de ander.

Wie inmiddels een groen gezicht heeft en een pruik op, maakt er meestal nog wel iets van. Die heeft zich al overgegeven aan de kermis. De rest lacht vooral ongemakkelijk naar de lens in de hoop dat de cameraman snel weer opnaait.

Een vriendengroep spuit elkaars ondertussen in met van die schuimspuitbussen. Aan de tafel ernaast kijkt een groep mannen van rond de zestig lachend toe. Met ook een klein beetje angst, zie ik in hun ogen. Want ze weten dondersgoed: met kermis is de afstand tussen toeschouwer en slachtoffer niet groot.

Dan gaat de cameraploeg een café binnen.

Daar staan twee volwassen mannen, vijftigers, serieus met elkaar te praten. Ze kijken elkaar geconcentreerd aan. Af en toe knikt er één. Je kunt ze niet verstaan, maar aan de lichaamstaal te zien gaat het over de hypotheekrente. Of hun pensioen. Misschien geeft de een de ander wel advies over indexbeleggen.

Er is maar één detail dat verraadt dat het kermis is.

Ze hebben allebei een gigantische hoed in de vorm van een vis op hun hoofd.

Zo is nou kermis.

Even later zijn we bij de zaterdagochtend in De Jozef. Mannenochtend. De zaal ontploft. Op het podium staat Alex de Boer. Hij zingt Kerremusnachten en als hij klaar is, kijkt hij opzij. ,,Ze binne warm, Joop.”

Daarna geeft hij de microfoon aan de frontman van Trammeland en barst de zaal opnieuw uit zijn voegen.

Voor buitenstaanders moet het een onverklaarbaar tafereel zijn. Een zaal vol mannen die op een tijdstip waarop normale mensen boodschappen doen of langs de lijn bij de voetbal staan, gezamenlijk volledig uit hun dak gaan.

Terwijl ik naar al die beelden kijk, valt me iets anders op.

Iedereen is blij. Oprecht blij.

Niet het soort blij dat je even opzet zodra er een camera op je gericht wordt. Maar de ongeremde variant. Mensen hangen om elkaars nek, zingen met hun ogen dicht en lachen tot de tranen over hun wangen lopen. Jong staat naast oud. Mensen die elkaar de rest van het jaar hooguit vanuit de auto groeten, staan ineens arm in arm een nummer te zingen dat ze allebei eigenlijk verschrikkelijk vinden.

Dat is uiteindelijk wat die beelden laten zien. Niet alleen kermis, maar vier dagen waarop iedereen besluit dat het leven vooral gevierd moet worden. Met mensen die je iedere dag ziet, mensen die je alleen met kermis ziet en mensen van wie je pas jaren later beseft hoe bijzonder het was dat ze erbij waren.

Over twintig jaar kijken we waarschijnlijk weer naar precies zulke beelden.

Dan zijn wij degenen die naar het scherm wijzen.

,,Kijk, daar loopt-ie hoor!”

,,Jezus, hoe heet hij ook alweer?”

En ergens achterin staan twee mannen van in de zeventig bloedserieus hun pensioen te bespreken met een kabeljauw op hun hoofd.

Sommige dingen veranderen. Sommige dingen gelukkig niet.

Ik kijk nog één keer op mijn telefoon.

Hoeveel dagen nog?

Veel te veel.