Vandaag zijn we gesloten.

All posts by De redactie

Wat Stond Er In Je Rapport:

Voor Gré Hoogland was school vooral gezellig

,,Waar het allemaal begonnen is?”, herhaalt Gré Hoogland de vraag. ,,Op de St. Nicolaasschool waar nu de praktijk van dokter Agatha is. Dat was in de jaren ’70, want ik ben inmiddels al een ‘ouwe doos’ van 55.”
Door Jan Koning

[ads id=66]

,,Ik heb mezelf op de lagere school ernstig verveeld. Ik kon namelijk vrij goed meekomen en het kostte me weinig moeite. Ik weet nog dat ik vrij snel leerde lezen en er een wereld voor me open ging. Dat vond ik helemaal geweldig, want mijn fantasie werd er enorm door geprikkeld. In de vierde klas kreeg ik meester Vincent Tol. Dat is er eentje van de ‘Schoenenlappertje’. Die heeft het nog ver geschopt. Hij stond op dat moment voor het eerst voor de klas. Zo van de PABO af. Volgens mij was hij 21 of zo. Als we het over favoriete leraren van de basisschool hebben, steekt hij er met kop en schouders bovenuit. Hij was een verademing. Een nieuwe generatie leraren tegenover dat ‘ouwebakken’ zooitje dat er lesgaf. Hij nam dieren mee in de klas, was ontzettend creatief en kon prachtig tekenen. We vonden het geweldig.”

‘In mijn rapporten
stond altijd:
‘Mooie lijst,
ga zo door,
prima’ en dat
soort dooddoeners’

,,Het was sowieso een oudbakken zooitje bij ons op school. We hadden nog boeken uit 1948. Aardrijkskundeboeken waar geen zak meer van klopte. Het mocht blijkbaar niets kosten. Dat was in de zesde klas, bij ‘meester Flip’. Een verloren jaar, want die man was enkel bezig met het roken van sigaren en voorlezen uit de bijbel. Dat was in die tijd nog heel gewoon. Wij moesten ook nog bidden op school als we binnen kwamen en voor we weer weg gingen. Nederlands was wel mijn favoriete vak. Als ik bijvoorbeeld een opstel of spreekbeurt schreef, las de leraar deze altijd voor in de klas, omdat het de beste was.”
,,Op de lagere school verzon ik al toneelstukjes. Dat zat er al heel jong in. Mijn vader en moeder speelden ook toneel, dus dat is natuurlijk niet zo gek. Ik weet niet meer precies waar ze over gingen, deed meester Plat na of zo, haha. Ik wilde in die tijd nog actrice worden, maar vond dat te hoog gegrepen voor mezelf. Ben niet zo opgegroeid om – behalve op het podium dan – op de voorgrond te treden. Een ander kan het beter, dacht ik altijd. Spijt van? Nee, ben niet zo erg van de spijt. Ik heb heel veel voldoening gehaald uit het toneelschrijven en -spelen, wat ik bij Ons Pogen doe.”
,,Na de lagere school ging ik naar de Don Bosco aan de Julianaweg. Samen met mijn vriendinnen, Gina Schokker, Carla Veerman, Marian ‘Bol’. Die zie ik inmiddels niet meer. Ik zat verder in de klas bij José Pelk, en Martin Kok niet te vergeten. Die is zoals bekend inmiddels overleden. In die tijd gingen we nog naar de kroeg toen we veertien waren. Dat was heel normaal. Omdat dé uitgaansdag altijd zondag was, gebeurde het regelmatig dat de halve klas op maandag met een kater in de banken zat. Of na een optreden van Jen Rog in De Jozef. Dat de volgende morgen in de klas iemand zijn vinger opstak. ‘Meester, mag ik naar huis?’ Maar voor hij de deur uit was, lag de ‘spijg’ al op de vloer.”

‘Het actrice had
ik inmiddels uit
mijn hoofd gezet,
maar ik heb geen spijt’

,,Het actrice worden, had ik inmiddels dus uit mijn hoofd gezet en ik ging na de Mavo naar een soort schakelopleiding voor verzorgende beroepen. Ik wilde in de verzorging. Het duurde twee jaar en tijdens mijn stages kwam eruit dat ik heel goed met demente bejaarden kon werken. De opleiding, daar fietste ik al snel doorheen, maar het was toch niet wat ik wilde. Daarna heb ik nog allerlei verschillende baantjes gehad, waaronder in de horeca. Uiteindelijk ben ik een man met een kind tegengekomen en we kregen later samen nog een kind. Zo ben ik het moederschap ingerold en huisvrouw geworden. Dat kwam gewoon op mijn pad. Natuurlijk heb ik wel eens gedacht ‘er zat meer in het vat’, maar zo is het nou eenmaal gelopen. Spijt? Nee, want ik heb een prachtig leven gehad.”
,,En het is niet helemaal bij huisvrouw gebleven, want uiteindelijk ben ik nog Ambtenaar van de Burgerlijke Stand geworden. Dat heb ik nog tien jaar gedaan en ik heb in die hoedanigheid echt ontzettend leuke mensen getrouwd. Sowieso de helft van Ons Pogen. Jenny Smit, Vincent ‘Petje’ en nog veel meer. Heb er ontzettend veel voldoening uitgehaald en vond het prachtig om deel uit te maken van – en zelfs een grote bijdrage te leveren aan – een heel belangrijke dag voor die mensen. Na tien jaar vond ik het welletjes en ben ik er mee gestopt. Ik werk inmiddels ook al twintig jaar bij Pneuman en ben een erg tevreden mens. Heb geen wilde dromen meer of zo. Ja, misschien nog een film schrijven. Dat is nog wel iets dat ik zou willen, maar of het er nog van zal komen, het zal wel niet, haha. Terugdenkend aan mijn schooltijd is mij vooral de gezelligheid bijgebleven. Ik was altijd heel braaf en ik denk dat de leraren dat ook wel zullen beamen.”
Vincent Tol: ,,Gré zat inderdaad in de klas bij me. Dat was mijn eerste jaar. Ik weet nog dat het een klein klasje was. Zo’n 20 of 22 kinderen. Gré was een ontzettend prettige leerling. Enorm belangstellend en enthousiast. Ik weet nog dat ze op een gegeven ogenblik wat problemen kreeg met haar zicht en dat ik haar ouders moest attenderen dat het misschien tijd was om langs de oogarts te gaan. Ze moest uiteindelijk ook aan een bril. Dat was wel apart. Net als dat ik tegen haar heb gezegd; ‘jij raakt bij Ons Pogen.’ Dit is echt serieus. Tijdens de ouderavond heb ik dat ook nog met haar moeder besproken en die kon dat wel waarderen dat ik dat opperde. Dat het uiteindelijk ook zover is gekomen, is natuurlijk extra leuk.”

 

Fotogalerij

VD80: Lange Weeren: Je kunt het maar één keer goed doen: deel 2 n n

Broeckgouw en Lange Weeren enorm vertraagd

De bebouwing van De Broeckgouw is in 2009 gestart en had in 2019 klaar moeten zijn. Door de enorme vertragingen in de afgelopen vier jaar is de Broeckgouw helaas nog altijd niet klaar. Zo is het al jaren geleden beloofde landschapspark waar de raad in 2018 al goedkeuring voor verleende nog steeds niet in aanleg. Ook diverse woningen moeten nog gebouwd worden, gaten moeten worden gedicht en de wegen en paden zijn verre van gereed.

Een nog veel grotere vertraging is ontstaan voor de laatste grote uitleglocatie, de Lange Weeren. Dat heel Nederland in rep en roer is vanwege grote woningnood is voor het huidige college, onder leiding van bouwwethouder Albert Koning (Lijst Kras), tot onze grote verbazing geen aanleiding geweest om de ontwikkeling van de Lange Weeren met voortvarendheid voort te zetten. Nu blijkt daarnaast ook nog eens dat het plan van onze bouwwethouder Koning en inmiddels nu ook van wethouder Schutt (Zeevangs Belang) op veel verzet stuit, zowel onder de bevolking als onder de raadsleden.

Eigendom Lange Weeren
Het gebied Lange Weeren is agrarisch gebied, maar de Provincie Noord-Holland heeft met de zogenaamde Pilot Waterlands Wonen ingestemd met de bouw van 740 woningen in het gebied. De grond was aanvankelijk eigendom van een agrariër en is uiteindelijk voor een deel (28 hectare) verkregen door Scholtens uit Wognum. Het andere gedeelte van circa 60 hectare was tot twee jaar geleden nog eigendom van de agrariër. In 2012 is door de gemeente (coalitie VD|80, CDA, PvdA) een voorkeursrecht gevestigd op die resterende 60 hectare. Het vestigen van dat voorkeursrecht (op basis van de Wet voorkeursrecht gemeenten) had tot gevolg dat als de agrariër de grond wilde verkopen, deze eerst aan de gemeente Edam-Volendam moest aanbieden. Het idee was toen om, net als de grond in de Broeckgouw, de grond aan te kopen als de bouw van de Broeckgouw het einde naderde. Het voorstel van de toenmalig wethouder werd door de gemeenteraad op 8 november 2012 goedgekeurd. Het voordeel is dat als de gemeente eigenaar is van de grond zij de volledige regie in handen heeft. Hoewel er dan natuurlijk ook samengewerkt had moeten worden met Scholtens, had het de positie een stuk sterker gemaakt dan de huidige situatie.

Wat is er gebeurd met het voorkeursrecht?
Het huidige college (Lijst Kras, CDA, Zeevangs Belang en VVD) vonden het, onder leiding van wethouder Albert Koning, in 2016 niet langer nodig om gebruik te maken van het voorkeursrecht op de grond in de Lange Weeren. Zij kozen ervoor om niet meer zelf als ontwikkelaar op te treden, maar om een passieve rol in te nemen (afwachten waar de ontwikkelaar mee komt). Lijst Kras vond dat ontwikkelaars het maar moesten oplossen. Wethouder Albert Koning (Lijst Kras) was van het begin af aan ook een tegenstander van het zelf ontwikkelen van de Broeckgouw, want hij was ervan overtuigd de projectontwikkelaars beter een gebied kunnen ontwikkelen dan de gemeente. Toen het nieuwe college (Lijst Kras, CDA, Zeevangs Belang en VVD) in 2016 het gevestigde voorkeursrecht uit 2012 introk, was de agrariër niet langer verplicht om de grond bij verkoop eerst aan de gemeente aan te bieden. Het gevolg is dat deze grond (circa 60 hectare) grotendeels in handen is gekomen van BPD.

Regie uit handen
Op zich is het niet noodzakelijk dat de gemeente eigenaar is van de grond om een mooie woningbouwlocatie te ontwikkelen. Natuurlijk maakt eigendom het makkelijker omdat je als gemeente dan zelf volledige regie hebt en bepaalt wat er gebouwd wordt en wanneer. Nu het echter eigendom is van twee projectontwikkelaars (Scholtens en BPD), is de gemeente de regie kwijt en is het dus essentieel om gebruik te maken van de instrumenten die de gemeente heeft bij deze gekozen passieve rol. Belangrijkste is dat de gemeenteraad een integrale visie voor het gebied vast stelt waar zowel Scholtens als BPD zich aan moeten houden indien deze visie wordt vastgelegd in een bestemmingsplan. Dit is het belangrijkste instrument van de gemeenteraad. In een bestemmingsplan kan de Raad bepalen wat er gebouwd mag worden (waaronder ook sociale huurwoningen), hoeveel en waar en wanneer, maar ook kunnen eisen worden gesteld over de parkeernorm (in de Broeckgouw 2 parkeerplaatsen per woning), over het wateroppervlak, over de hoeveelheid groen, over voorzieningen als scholen, winkels etc. Daarnaast kan de gemeente een exploitatieplan vaststellen of een anterieure overeenkomst sluiten waarin afspraken worden neergelegd over de kosten. Wat wij al eerder schreven kan ook gekozen worden voor een Publiek Private Samenwerking (een PPS). Dit is een samenwerking tussen de ontwikkelaars en de gemeente waarin allerlei afspraken worden vastgelegd en waarin de aansturing wordt bepaald. Dan moet het college echter wel zelf aan de slag!!

Maar wat doet ons college?
Volendam|80 ging er al die tijd vanuit dat het huidige college de intentie had om tot een integraal plan te komen voor de eigendommen van beide projectontwikkelaars. Maar dit blijkt niet het geval te zijn. Zowel het college als Scholtens hebben laten weten hier niets voor te voelen. Kennelijk hebben de gemeente en Scholtens al afspraken gemaakt over de ontwikkeling van de direct aan De Blokgouw grenzende 28 hectare van Scholtens. Het college lijkt het daarop aansluitende gedeelte van BPD volledig buiten beschouwing te willen laten. Als het college echter mee gaat werken aan 740 woningen op 28 hectare dan houden wij ons hart vast. Dat wordt een wijk waar onze jeugd, maar ook de huidige bewoners van de Blokgouw niet vrolijk van zullen worden.
De Broeckgouw is ongeveer 55 hectare en daar worden circa 1050 woningen gerealiseerd. Als we dat vergelijken met de bebouwingsdichtheid die het college nu voor ogen heeft in de Lange Weeren, dan zouden er in de Broeckgouw circa 1500 woningen gebouwd moeten zijn. Dat zou een onvoorstelbaar negatieve invloed op de Broeckgouw hebben gehad. Wat zijn wij blij dat er in de Broeckgouw maar 1050 woningen zijn gebouwd, dat 14% van de oppervlakte bestaat uit water (wat konden de kinderen fijn schaatsen in het natuurpark en aan het Amsteldiep…), de 2 parkeerplaatsen per woning, het prachtige fietspad, het natuurpark en het nog aan te leggen landschapspark. Dat had er allemaal niet gekomen met een bebouwingsdichtheid als nu door het college voorgesteld in de Lange Weeren. Volendam|80 houdt zijn hart vast voor de desastreuze gevolgen voor de Lange Weeren.

Jongeren met een woonwens: word wakker!
Onze jeugd wil over het algemeen nog altijd graag ‘op het dorp’ blijven wonen, en terecht. De vraag naar woningen is groot. In Volendam staan het laatste jaar gemiddeld nog maar zo’n 50 woningen te koop (excl. verkocht onder voorbehoud), terwijl de vraagprijzen exorbitant zijn gestegen. Het enige wat helpt om de koopprijzen te verlagen is door het aanbod te vergroten en dus om te gaan bouwen. Ditzelfde gebeurde in de periode 2002-2009 toen ook een tijdlang niets kon worden gebouwd. Nu kan de gemeente woningen laten bouwen, maar laat het college geen enkele regie zien in dit zo belangrijke dossier. Het is al vele jaren bekend dat gezien de demografische groei deze wijk keihard nodig is en nog niet zo heel lang geleden is er nog een nut en noodzaak onderzoek gedaan die de vraag heeft aangetoond. De lakse houding van dit college heeft negatieve gevolgen voor onze jongeren die graag een eigen woning willen kopen. Volendam|80 had daarom verwacht dat het college zorgvuldig zou omgaan met het laatste stuk te bebouwen grond in de Lange Weeren. Er dreigt het tegenovergestelde te gebeuren en als men niet oppast stevent de Lange Weeren af op een rampscenario. In zee gaan met 1 ontwikkelaar (deze partij adverteert al lange tijd in de media waaronder deze krant) betekent zoveel mogelijk huizen op slechts 28 hectare van de ruim 80 hectare die het totale gebied omvat. Onwenselijk voor de bewoners die er tegenaan kijken en niet fijn om straks dicht op elkaar te wonen voor de hoofdprijs.

Hoe nu verder?
Volendam|80 heeft op 5 februari jl. voor de zoveelste keer een reeks kritische vragen ingediend over de Lange Weeren, maar het college heeft tot op heden geen duidelijkheid gegeven in de beantwoording. Het mag duidelijk zijn dat de ontbrekende informatie van cruciaal belang is voor de toekomst van de Lange Weere en voor onze gemeenschap. Bijzonder is dat ondertussen een coalitiepartij (Lijst Kras) begint terug te krabbelen en vreest dat de ingeslagen weg van het college nadelige gevolgen heeft. Zoals wij al eerder schreven in de NIVO blijft het aller belangrijkste voor Volendam|80 een totale gebiedsvisie! Hierbij dienen de belangen van ALLE betrokkenen (Gemeente, projectontwikkelaars, kopers en omwonenden) bij elkaar te worden gebracht. Als het college dit niet zelf kan, vinden wij dat ze juist hiervoor de juiste mensen moeten inschakelen. Het college geeft al jaren bakken met geld uit aan externen, maar juist in dit belangrijke dossier blijven ze al jarenlang aanrommelen. Waarom het huidige college voor deze weg kiest is ons niet duidelijk. Bovendien dient de gemeenteraad zich hierover uit te spreken en dat is tot op heden niet gebeurd. Dat kan natuurlijk niet!

Wat vindt Volendam|80?
Volendam|80 heeft aan de noodrem getrokken. Wij proberen, naast de oppositiepartijen PvdA en Groen Links ook de coalitiepartijen (Lijst Kras, CDA, VVD en Zeevangs Belang) alsnog te overtuigen om te gaan voor dat wat het beste is voor de toekomstige bewoners en onze gemeenschap, namelijk een totaalvisie voor de Lange Weeren met een integrale aansturing en samenwerking. Trek daarin op met beide ontwikkelaars. Het laatste woord is hier nog niet over gezegd in de gemeenteraad en het wordt dan ook hoog tijd voordat het te laat is.
Je kunt het maar één keer goed doen!
Volendam|80 heeft een extra raadsvergadering aangevraagd om opheldering te krijgen en om in de gemeenteraad het debat met elkaar te voeren.
Wij houden u op de hoogte!
Heeft u nog vragen of suggesties? Mail het ons: info@volendam80.nl
Fractie Volendam|80

Plaatje: Een te klein gebied voor 740 woningen, bron: website Scholtens

Fotogalerij

Wilde haren, gouden jaren: n n

Jan Keizer: kerkorganist, dirigent, kermiszanger, Cats-toetsenist en wiskundedocent

Jan Keizer is op z’n zachtst gezegd buitengewoon veelzijdig. Achter zijn vertrouwde synthesizer is hij een muzikale duizendpoot gebleken. Op zijn overvolle curriculum vitae zijn titels te lezen als kerkorganist, dirigent, pianist van the Cats, alleskunner bij Fiësta, accordeonist voor Piet Veerman, toetsenist bij de Notenkrakers en zanger en schrijver van kermisklassiekers als ‘Te Laat’ en ‘Goeie Koeju’. Onder de lokale jeugd staat Jan bekend als voormalig wiskundedocent van het Don Bosco College, maar de oudere generaties kennen hem beslist vanwege zijn kunsten op de piano. De strenge doch rechtvaardige bandleider is onlangs 69 geworden, maar stoppen met muziek is voor hem ondenkbaar. ,,Het houdt me jong en wie ben ik bovendien om nee te zeggen? Zolang mensen mij blijven vragen, blijf ik op komen draven.”
Door Kevin Mooijer

[ads id=66]

Jan groeide op in een streng, zwaar gelovig huishouden. ,,Mijn vader was organist en dirigent van het Mariakerk-koor”, begint zijn verhaal. ,,Hij speelde op zo’n oud traporgel. Dat was zo zwaar, dat hij vaak thuiskwam met opgezwollen enkels. Beneden bij ons thuis stond een piano in de voorkamer en in het achterkamertje was de slaapkamer van mijn ouders. De kamers waren gescheiden door middel van een glazen wandje. Mijn vader wilde dat ik piano leerde spelen en zette me op les toen ik zeven jaar jong was. Ik wilde zelf liever voetballen, maar vanaf dat moment moest ik verplicht drie kwartier per dag oefenen. Bij ieder foutje – hoe minimaal ook – schreeuwde hij dat het niet goed was. Dan zorg je op een gegeven moment wel dat je goed voorbereid bent.”
Jans pianoles ging door tot zijn veertiende en werd opgevolgd door nog twee jaar orgelles. ,,Rond mijn zestiende begon de popmuziek mijn aandacht te trekken. Ik begon met liedjes, die je op de radio hoorde, na te spelen en dat resulteerde een jaar later in mijn eerste bandje, Sunny Exploo. Ik kocht een soort orgeltje voor on the road. Eenzelfde type als dat the Doors gebruikten. Je had in die tijd natuurlijk nog geen synthesizers met daarin complete orkesten, zoals we die nu kennen. We speelden door heel Noord-Holland en onze optredens werden goed bezocht.”
Jan lacht: ,,We waren niet per se goed, maar dat maakte niet zoveel uit. Waar we speelden stond het namelijk stijf van de stuffrook. Er kwam een bepaald slag volk op onze band af, zullen we maar zeggen. We deden een hoop moeite om een show van onze optredens te maken. Als we bijvoorbeeld een nummer van Pink Floyd speelden, dan wisselden Frans Rikkers en ik van instrument bij de solo. Dat soort gektes viel hartstikke goed bij ons publiek.”

‘Mijn vader was op
een haar na priester
geworden en ik had
haar tot mijn ellebogen
en speelde in een
rockband voor hippies’

Ondanks de eerste successen die Jan boekte als muzikant, kon zijn werk thuis niet op goedkeuring rekening. ,,Vader vond het verschrikkelijk dat dit hem overkwam. Hij was op een haar na priester geworden – hij voltooide elf jaar van de twaalfjarige studie tot hij toch besloot te stoppen – en ik had haar tot mijn ellebogen en speelde in een rockband voor hippies. De visie die hij erop nahield, zorgde dat ik het zwarte schaap van de familie werd. Mijn broers en zus hebben nadien nog vaak gezegd dat ik de kolen voor hen uit het vuur heb gehaald. Aangezien ik de oudste was, heb ik het meeste meegekregen van die strikte opvoeding. Nadat ik op mijn twintigste in mijn hemd het huis uit vluchtte – om ongetrouwd samen te gaan wonen – heeft hij de teugels wat laten vieren.”
Jan speelde nog geen twee jaar in zijn eerste band, toen hij besloot de handdoek in de ring te gooien. ,,Ik had mijn vrouw Gaar ontmoet en ben wiskunde gaan studeren. Om toch wat bij te verdienen ben ik pianoles aan huis gaan geven. Op de fiets reed ik door Volendam om mijn vijftien leerlingen iedere week een half uur pianoles te geven. Daarnaast werd ik gevraagd om tennisleraar te worden. De officiële tennisleraar van het dorp had te veel leerlingen en ik was destijds één van de betere tennissers in Volendam. Hij vroeg of ik een aantal van zijn beginners wilde overnemen om hem te ontlasten. Zo had ik evengoed een paar centen te makken als student. En wat schetst mijn verbazing? Piet Veerman en zijn vrouw Neel stonden opeens in een korte broek tegenover me op de tennisbaan. Ze bleken mijn nieuwste leerlingen te zijn.”
,,Piet was goed op de hoogte van mijn kunnen op de toetsen en vroeg mij op een zeker ogenblik om even bij hem te komen zitten na een tennisles. ‘Wij willen met the Cats weer gaan beginnen met liveoptredens’, begon hij. ‘Daarbij willen we wat extra versterkingen in de band. Een gitarist en een toetsenman om precies te zijn. Voor de toetsen dachten we aan jou. Heb je daar zin…’. ‘Ja!’, zei ik, voordat hij zijn zin af kon maken.”
Jan kwam direct in een lange repetitieperiode terecht. ,,Voor Evert Jash en mij kwam er een droom uit. We kwamen in the Cats te spelen, de beste band van Nederland. We keken onze ogen uit in die tijd. Hordes met fans die de band door het hele land volgden. Maakt niet uit waar we speelden, zij waren er. Ook als het sneeuwde en ook op autoloze dagen. Hoe ze het deden weet ik niet, maar ze waren er. Wat ik vooral nooit zal vergeten is de kwaliteit van the Cats. Ze zongen áltijd zuiver. Ieder koortje dat ze zongen klonk als een klok. Ook live waren ze op geen valse noot te betrappen.”

Diezelfde eer
,,Enerzijds heb ik voornamelijk mooie herinneringen aan mijn jaren bij the Cats, maar anderzijds heb ik me nooit echt lid van de band gevoeld”, zucht Jan. ,,Het werd Evert en mij wel duidelijk gemaakt dat we geen echt lid waren, maar dat we ter ondersteuning aanwezig waren. Een extra bevestiging hiervan ondervonden we nadat Arnold Mühren tijdens een radio-interview had gezegd dat wij slechts gastarbeiders waren. Ik vond dat best vervelend als jonge muzikant. Ik wilde natuurlijk diezelfde eer als de oude garde, maar achteraf gezien begrijp ik het wel. Het was lullig voor ons, maar zij hadden de Cats-naam al opgebouwd voordat wij aansloten. Ik bewaar dus vooral goede herinneringen aan het avontuur. De humor in de kleedkamer, de grote zalen, de goede muzikanten, de enthousiaste fans, de professionaliteit waarmee we te maken hadden. Het is de grootste eer uit mijn carrière geweest om daar deel van te hebben uitgemaakt. Ik ben er altijd wel een beetje trots op geweest dat ik dat heb mogen doen.”
In 1979 besloten the Cats er mee te stoppen. ,,Ik heb nooit op één paard gewed, dus was ik in de tussentijd al werkzaam als wiskundedocent op het Waterlant College in Amsterdam. Na mijn periode bij the Cats kon ik een vaste aanstelling krijgen op het College.” Maar al gauw kwam er weer een bandje om de hoek kijken. ,,Begin jaren 80 kwam ik bij Next One terecht. Samen met Piet Vik, Cees Sjor, Jan Cas Sombroek en Dirk van der Horst speelde ik vier jaar lang overal door het land. Kermissen, zomertenten en grote zalen waren onze meest gangbare klussen. Regelmatig speelden we in gigantische kermistenten die voor de gelegenheid net buiten de gemeentegrens waren opgezet. De plaatselijke jeugd en die van het naburige dorp kwamen daar dan bij elkaar voor een feestje. Dat begon altijd gezellig, maar je kon er vergif op innemen dat de avond zou eindigen in een massale knokpartij. Vanaf het podium zag je de klapstoeltjes door de tent vliegen.”
Jan lacht: ,,Wat dat betreft heb ik toch wel veel plezier gehad tijdens mijn muzikale carrière. Ik ben zelf niet zo’n lachebekje, maar wanneer ik – als tamelijke droogkloot – tussen mensen als Piet Vik en Dirk van der Horst kwam te zitten, dan kon je erop wachten dat op een gegeven moment de tranen over m’n wangen liepen van het lachen. Zowel in the Cats als in Next One heb ik me verscheidene keren bijna doodgelachen. Ik wist niet wat me overkwam. Wat een tijd…”
,,Nadat ik op een gegeven moment merkte dat ik het te druk kreeg, besloot ik te stoppen met Next One. Ik was niet volledig overspannen, maar ik zat er wel tegenaan. Ik was fulltime docent, ik speelde nog altijd orgel tijdens kerkmissen, ik had m’n gezin en er ging veel tijd in Next One zitten. Ik moest dus iets af laten vallen. Terugkijkend, denk ik dat ik onbewust altijd door ben gegaan als organist in de kerk omdat mijn vader dat waardeerde. Het betaalde namelijk een rol drop, maar het werk kon op goedkeuring van mijn immer kritische ouweheer rekenen.”

‘Soms speelden we
tijdens een Volendammer
bruiloft 130 liedjes
op één avond. Dat kun
je je nu niet
meer voorstellen’

Pas begin jaren 90 werd Jan weer lid van een drukke band. ,,In de tussentijd heb ik nog in de Ceesie Cas Band gespeeld, maar dat was meer voor de gezelligheid in de oefenruimte dan dat we er iets serieus mee deden.”
,,Samen met Jan Mühren en Dirk Sier stapte ik in Fiësta. We waren een allround bruiloftsband. Jan Mühren zong en speelde gitaar, Dirk nam de drums voor zijn rekening en ik was toetsenist. Ik was verantwoordelijk voor alle melodieën, de strings, blazers, piano, alle solo’s, de bas en mijn deel van de zang. Om dit allemaal te kunnen bewerkstelligen had ik twee keyboards op elkaar staan, met nog een stringensemble naast me, met daarop het bier van Jan en mijzelf. In de punt van die keyboardhoek stond mijn boek. Tijdens het spelen keek en zong ik dus altijd naar rechts, terwijl ik met mijn voeten aan het bassen was.”
,,In die business gaat het zo snel. Er is niet eens tijd voor applaus omdat de liedjes aan elkaar vast zitten. Als we het laatste refrein van een nummer speelden, schreeuwde Jan Mühren al naar ons: ‘Slingers aan de wand!’, om maar wat te noemen. Onderwijl ik het laatste refrein speelde, was ik al in mijn boek aan het bladeren om de juiste keyboard-instellingen van ‘Slingers aan de wand’ te vinden. We hadden nooit een setlist. Jan las de zaal. Hij voelde precies aan welk nummer een goede opvolger zou zijn.”
De toetsenist neemt een korte pauze en lacht: ,,Het kwam wel eens voor dat ik een intro vergeten was. Dan riep ik heel hard ‘intro!’ naar Jan. En op de plaatsen waar hij normaal gesproken adempauze had tussen het zingen door, zong hij nu richting mij de melodie van het intro dat eraan zat te komen. ‘Ohja!’, riep ik, en de show ging verder. Dat was zo ongelofelijk intensief. Het zweet gutste tijdens de optredens van me af. Ik dronk best wel een biertje tijdens zo’n optreden, maar ik durf te wedden dat ik gewoon groen zou blazen bij een blaastest. Zoveel zweette ik.”
Ondanks dat Jan kerkorganist, Cats-lid, Next One-lid en dirigent is geweest, heeft hij bij Fiësta het meeste geleerd. ,,We waren met zo’n klein groepje, dat ik alles van mezelf moest vragen om allerlei dingen op te vangen. Soms speelden we 130 liedjes op één avond. Dat kun je je nu niet meer voorstellen. Een Volendammer bruiloft duurt van zes uur tot half twee ‘s nachts en het feest begint met brood eten. Terwijl de gasten zaten te knabbelen, speelden wij instrumentaaltjes van the Doors en dat soort dingen. Daarna kreeg je een borrelperiode waarin men gezellig werd, dan speelden wij lichte popmuziek. John Denver, Julio Iglesias, liedjes die Volendammers mooi vinden. Om een uur of negen zetten we voorzichtig een foxtrotje in. Een uurtje dansen en dan om tien uur ging de vlam in de pan. Doorhakken met feestmuziek tot half twee. Het was zwaar, maar ik had het voor geen goud willen missen.”
,,De band kwam ten einde omdat Dirk het wel vond geweest toen hij vijftig werd. Jan en ik wilden niet verder met een andere drummer, dus hakten we de knoop door: we gingen het laatste hoofdstuk van Fiësta tegemoet. Ons afscheidsoptreden – op maandag van kermis – was verschrikkelijk emotioneel. Fiësta was echt ons kindje. We waren heel close met z’n drieën – en dat zijn we eigenlijk nog steeds. Steevast doen we nog altijd ieder jaar op onze verjaardagen een biertje met z’n drieën. Herinneringen ophalen, mallepraat verkopen en vooral heel veel lachen. We zijn echt vrienden voor het leven geworden dankzij Fiësta.”

Parallel
Wat veertig jaar lang parallel liep aan zijn fulltimebaan en bandjesleven, was Jans taak als organist in de kerk. ,,Toen Kees de Bok stopte als dirigent werd er massaal naar mij gekeken als opvolger. Ik had geen ervaring als dirigent, maar dat trucje had ik natuurlijk wel veertig jaar kunnen afkijken bij Kees en zijn voorganger Theo Mühren. Ik besloot de uitdaging aan te gaan. De theoretische kennis had ik al wel, maar via online-filmpjes en cursussen maakte ik een aantal kneepjes van het vak eigen.”
Het ging Jan goed af, maar voor zijn gevoel ontbrak er iets aan. ,,Ik wilde gediplomeerd dirigent worden. Eenmaal ingeschreven bij de dirigentenopleiding in Utrecht mocht ik na het afleggen van een toelatingsexamen instromen in het vierde jaar van de in totaal zes jaar durende opleiding.” Als 56-jarige leerling kwam de wiskundeleraar iedere vrijdag weer zelf in de schoolbanken te zitten. ,,Het was flink slikken om aan te haken bij dat niveau. Ik was natuurlijk al redelijk op de hoogte, maar vakken als muziekgeschiedenis, solfège en harmonieleer bleken toch dieper te gaan dan mijn kennis in eerste instantie reikte.” Jan studeerde uiteindelijk zoals gepland af in een kerk, door een gelegenheidskoor te begeleiden.
Van het dirigentschap maken we een grote sprong naar de kermismuziek. Want ook in die merkwaardige wereld heeft Jan Keizer zich gemengd. ,,Ja, kermiszanger! Dat ben ik ook nog geweest!”, roept hij enthousiast. ,,‘Goeie Koeju’, ‘Te Laat’ en ‘Te Vroeg’ waren mijn hits.” Vooral ‘Goeie Koeju’ zou uitgroeien tot een september-hit in Volendam. Het liedje behoort steevast tot iedere kermisplaylist van een zichzelf respecterende liefhebber. ,,Ik werd eind jaren 90 gevraagd om een liedje te maken voor de eerste kermis-cd. Ik kwam met het liedje ‘Te Laat’, het jaar erop had ik ‘Te Vroeg’, maar dat werd niet uitgebracht vanwege de brand. Een paar jaar later kwam ik eigenlijk als een soort protestsong met ‘Goeie Koeju’. Ik vond het niveau van de kermisliedjes lineair omlaaggaan. Men pakte een bestaande melodie, schreef daar een paar Volendammer zinnen overheen en dat was het dan weer. Dus uit protest pakte ik ook een cover, maar de tekst ging dan over het feit dat ze dit allemaal deden. Later ontstond er een situatie waarin je iedere kermis overal op moest komen draven om je liedje te zingen. Dat was bij mij tegen het verkeerde been”, lacht Jan. ,,Zo kwam mijn carrière als kermiszanger ten einde.”
De combinatie van zijn kunsten op de toetsen en het moeite hebben met nee zeggen, heeft Jan van een rijk muzikaal leven voorzien. ,,In mijn jonge jaren ben ik nog repetitor als pianist geweest bij het Volendams Operakoor. Ik heb het land doorgereisd met Klaas Mooijer en Tiny Sier – beter bekend als Trijn Schimmel – als de Notenkrakers, waarmee we bekende operettemelodieën in bejaardenhuizen ten gehore brachten. Ik ben lid geweest van de Twaalf Rovers en later – in het verlengde daarvan – het Wijngenootschap. Dan kwamen we in Tiroler lederhosen van die Duitse wijnliederen spelen. Ik heb in de studio nog één en ander gedaan, waaronder als accordeonist een aantal nummers voor Piet Veerman en voor George Baker. Het schijnt dat Piet ooit gezegd heeft – nadat ik een accordeonpartij waar Flaco Jiménez aan was begonnen moest afmaken voor Piets album – dat het verschil tussen mij Flaco niet te horen was. Dat is denk ik wel het grootste compliment dat ik tijdens mijn carrière heb mogen ontvangen. Enfin, ik heb een duo gevormd met Jaap de Koster, ik heb in de Evening With Band gespeeld, ik ben dirigent geweest van the Pink Floyd Experience en ik ben vaste gast geweest bij the Living Room Band.”

‘Iedere keer als
ik die accordeon
moest uittrekken
langs mijn buik,
moest ik met al mijn
kracht die hele zaal
naar achteren duwen’

Over the Living Room Band schudt Jan op de valreep nog een leuke anekdote uit zijn mouw. ,,Vroeger speelden we iedere maandag van kermis in ’t Winckeltje met die band. Stonden we net als haringen in een tonnetje achterin bij de meiden-wc te spelen. Frans Pelk was gitarist in die tijd en hij stond het meest aan de zijkant van het podium. Iedere keer als er iemand naar de wc moest, liep diegene langs Frans, waardoor hij iedere keer – niet één keer uitgezonderd – de microfoon tegen zijn tanden kreeg. Ik stond aan de veilige kant, dus ik lachte me dood. Het jaar erop was natuurlijk te verwachten dat Frans weigerde in ’t Winckeltje te spelen op maandag van kermis. Zo kwam ik aan de gevaarlijke kant van het podium terecht met mijn accordeon. Ik wist van tevoren natuurlijk wat me te wachten stond, dus ik kwam bij het optreden aan met een plastic tasje met daarin vijf handdoeken en vijf schone shirts. Het zat namelijk zo: iedere keer als ik die accordeon moest uittrekken langs mijn buik, moest ik met al mijn kracht die hele zaal naar achteren duwen. Ik was de hele middag aan het krachttrainen in ’t Winckeltje. En terwijl ik die onmogelijke bewegingen maakte, moest ik ook nog eens zingen. Bedakken met hoofdletters…”
Als zevenjarig jongetje werd Jan met tegenzin op klassieke pianoles gezet, maar nu hij de zeventig aantikt kan hij met een trots gevoel terugkijken op zijn carrière. Zijn muzikale pad leidde langs verschillende routes, waarvan niet alle ingeslagen wegen op goedkeuring van zijn gelovige vader konden rekenen, maar één ding is zeker: Jan kan zonder enige twijfel op het respect rekenen van zijn medemuzikanten. In rockbands horen we Jan achter de piano, in countrybands speelt Jan accordeon, in de kerk zit hij achter het orgel, in feestbands speelt Jan alles behalve de drums en gitaar en bij het koor is hij de dirigent. Van het feestcircuit tot de klassieke muziek, in de muziekwereld wordt Jan Keizer op waarde geschat. ,,Ik vind het een eer dat ik nog steeds gevraagd word. Op mijn leeftijd actief blijven in de muziek is een ongelofelijk goed middel gebleken om geen oude zak te worden. Dat keyboard is gigantisch zwaar, dus telkens sjouwen met dat ding helpt me jong te blijven. Bovendien moet ik er niet aan denken om het musiceren en de kleedkamerlol te moeten missen. Volendam is dus nog lang niet van me af.”

Fotogalerij

Snoeibeurt voor de knotwilgen

Vorige week woensdag mochten de kapsalons, na de gedwongen sluiting vanwege Corona, weer hun deuren openen. Het was na ruim 2 maanden een drukte van belang bij de kappers om zo de ‘Coronakapsels’ weer in model te knippen.

 

Gelijktijdig met de kappers waren ook de snoeiers van de gemeente druk in de weer. De knotwilgen in het Boelenspark ondergingen een grondige knipbeurt. De uit de knot gegroeide takken, worden om de twee jaar gesnoeid. Met de kettingzaag worden de takken van de karakteristieke bomen gezaagd en afgevoerd.

De knotten worden met de jaren steeds dikker. Het is een prachtige gewaarwording dat een knotwilg zo’n ingrijpende snoeibeurt iedere keer weer overleefd. En dat na het herstellen van de snoeiwonden weer nieuwe scheuten worden aangemaakt.

Fotogalerij

In de Nivo van vandaag, 10 maart 2021

Wij wensen iedereen veel leesplezier met onder andere de volgende onderwerpen:

• Atlete Jessica Schilder schittert en stoot zich naar Tokio
• Wat Stond Er In Je Rapport: Voor Gré Hoogland was school vooral gezellig
• CBW doet ‘van alles’ voor jongeren
• Amerikaanse coach debuteert met winst met Volendamse handballers
• VD80: Lange Weeren: Je kunt het maar één keer goed doen: deel 2
• SGLLW: Waarom is er nog geen bebouwing in de Lange Weeren?
• Afgestudeerd: ‘Ik wil graag met mensen werken’
• E-Cosmetics heeft naast permanente make-up de oplossing voor kaalheid en littekens
• ‘Mochten ze eindelijk weer naar school, gebeurt dit’
• Ringen om Volendam: Jessica Schilder doorbreekt olympische impasse
• Mona Keijzer leeft in de heftigste fase van haar politieke loopbaan toe naar de verkiezingen
• Omwonenden De Botter in spanning na aankondiging bijeenkomst

Fotogalerij

E-Cosmetics heeft naast permanente make-up de oplossing voor kaalheid en littekens n

Nooit meer kaal

Heeft u last van kaalheid veroorzaakt door overmatig haarverlies of Alopecia? Draagt u ook altijd een pet, hoed of andere bedekking op het hoofd omdat u een probleem hebt met uw kaalheid? Of heeft u littekens op het hoofd die veroorzaakt zijn door een haartransplantatie of ongeluk? Voor al deze problemen heeft E-Cosmetics een oplossing.
Bedrijf in Beeld

[ads id=66]

Micro Haarpigmentatie (MHP) is wereldwijd nog een onbekende techniek, maar bij E-Cosmetics in Volendam kunt u al een afspraak maken voor een vrijblijvend intake gesprek.
Internationaal Specialist & Trainer Micro Haarpigmentatie Albert Jelsma van New Contour werkt samen met E-Cosmetics, dat tevens bekend is van permanente make-up. Wij kunnen mensen helpen met een haarprobleem op het hoofd of in het baardgebied bij mannen.
Deze cosmetische pigmentatie techniek kan een oplossing bieden aan mannen en vrouwen met kaalheid, overmatig haarverlies, haaruitval, Alopecia en de camouflage van littekens die veroorzaakt zijn door een haartransplantatie of ongeluk, of door de gevolgen van corona of stress.
Albert Jelsma: ,,Het resultaat van deze techniek is een optische haarstoppel die er zeer realistisch uitziet en een oplossing kan zijn voor verschillende soorten haarproblemen”
Met een verwijzing van de huisarts op zak, zijn er verzekeraars die de behandeling vergoeden.
Voor de groep mensen die ten gevolge van de Nieuwjaarsbrand littekens hebben opgelopen, is een speciale regeling getroffen. Esther: ,,Het biedt mogelijkheden voor mannen én vrouwen.” Omdat MHP zo onbekend is, is er natuurlijk behoefte aan meer informatie.
Neem daarvoor contact op met: E-Cosmectics BY ESTHER.
U kunt dan ook een vrijblijvend intake gesprek inplannen met Albert Jelsma.
E-Cosmetics www.e-cosmeticsbyesther.nl

Fotogalerij

Jessica Schilder doorbreekt olympische impasse

De kwalificatie van atlete Jessica Schilder voor de komende Olympische Spelen in Tokio is ook voor stichting Ringen om Volendam een enorme stimulans om op de ingeslagen weg door te gaan. Bestuurslid Dirk Tuip (ex-handbalinternational): “De progressie van Jessica heeft duidelijk gemaakt hoe op het oog simpele maatregelen een enorm effect kunnen sorteren. Vooral dat is met haar succes weer eens duidelijk geworden.”
Door Ringen om Volendam

[ads id=66]

De ondersteuning van de 21-jarige atlete bestond ondermeer uit het regelen van een auto, waardoor ze vaker met haar eigen coach kon trainen, extra begeleiding qua voeding en op mentaal gebied en het regelen van speciale trainingsfaciliteiten toen tijdens de lockdown veel accommodaties op slot gingen. Penningmeester Tom Koning: “Relatief waren de kosten niet eens zo hoog, maar er werd vooral efficiënt gebruik gemaakt van ons netwerk. Daarbij speelt de gunfactor bij sponsors en specialisten natuurlijk een belangrijke rol.”
Maar hoe goed alles ook geregeld is, het is uiteindelijk de sporter zelf die de beslissende factor is. Bestuurslid Johan de Wit (schaatsbondscoach Japan): “De wijze waarop Jessica gefocust is om de wereldtop te halen is een voorbeeld voor ieder sporttalent. Haar succes is daarom vooral haar eigen verdienste.”
Na handbalster Debbie Bont, ambassadrice van Ringen om Volendam, is Volendam met de kwalificatie van Jessica Schilder nu verzekerd van twee deelnemers aan de in juli te houden Olympische Spelen in Tokio. En dan te bedenken dat de stichting in 2019 werd opgericht, vanwege het curieuze feit dat in de 125-jarige geschiedenis van de Spelen Carla Braan als enige Volendamse in 1976 als turnster deelnam aan de Spelen van Montreal.

‘Volgende stap is
de voorbeeldfunctie
van iemand als
Jessica te activeren’

Bestuurslid Eddy Bank (tenniscoach): “De olympische kwalificatie van Jessica maakt duidelijk hoeveel verborgen talent onze gemeente heeft. Want het houdt niet op bij Debbie en Jessica.” Naast Bont en Schilder zijn momenteel ook turnster Sanna Veerman en zwemmer Luc Kroon druk doende om een ticket voor Tokio te bemachtigen. Schaatsster Merel Conijn is bezig met de kwalificatie voor de Winterspelen van 2022 en gaat skateboarder Bart Buikman voor de Zomerspelen van 2024. Intussen houdt Ringen om Volendam nauwlettend de ontwikkeling van andere locale talenten in de gaten.
Het initiatief van Dirk Tuip en de in 2019 overleden Jack Schilder (de Beer) om, naast het in Volendam populaire voetbal en handbal, ook jonge atleten uit andere sporten de hand te reiken werpt dus binnen twee jaar zijn vruchten af. Bestuurslid Jaap de Groot (sportjournalist): “De volgende stap is de voorbeeldfunctie van iemand als Jessica Schilder te activeren. Recentelijk gaf Bart Buikman al een clinic aan scholieren, waar heel positief op gereageerd is. Die lijn moet doorgetrokken worden.”
Jarenlang was Jessica Schilder anoniem bezig haar sportieve droom te verwezenlijken, maar afgelopen vrijdag gingen beelden van haar de wereld over. Of zoals de verslaggever van de Belgische tv-zender BRT haar introduceerde: “Nu de finale kogelstoten voor vrouwen. Er is ook een Nederlandse bij. Deze jonge Volendamse Jessica Schilder.”

 

Fotogalerij

Edam-Volendam dingt mee in strijd om Age Friendly Cultural City te worden

Oude Meesters op Pad

Deelname aan culturele activiteiten door ouderen is van grote waarde. Volgens het Fonds voor Cultuurparticipatie vergroot het hun welzijn en houdt het de senioren vitaal. Om nog maar te zwijgen van het sociale profijt. Frank Bond heeft als projectleider van Oude Meesters gemerkt dat menig oudere zijn hart ophaalt tijdens een gezellige, leerzame, culturele activiteit. Het langlopende – door het CBW in samenwerking met de Gemeente Edam-Volendam – opgezette project heeft vanwege corona flink te verduren gehad, maar werd vorige week uitgerold om Edam-Volendam op de kaart te zetten als Age Friendly Cultural City.
Door Kevin Mooijer. Foto’s Hans Hordijk.

[ads id=66]

,,We hebben een alles omvattende reportage, genaamd ‘Oude Meesters op Pad’, gemaakt, om de jury aan te tonen wat onze gemeente doet om ouderen te stimuleren cultureel actief te blijven”, zegt Bond. In de strijd voor de eeuwige roem én de ‘BNG Bank Lange Leve Kunstprijs’, ter waarde van 20.000 euro, neemt Edam-Volendam het op tegen zes andere Nederlandse steden.

,,Het was onze intentie om een seniorenfestival te organiseren in PX, waarbij de jury dan zou komen kijken”, begint Frank. ,,Helaas kon dit wegens corona niet doorgaan. Als alternatief hebben we de reportage ‘Oude Meester op Pad’ gemaakt. De serie bestaat uit twee afleveringen waarin ik er samen met Jan Oudt – een actieve senior uit de gemeente – op uit trek om hem te laten ontdekken wat het Oude Meesters-project precies inhoudt.”
,,Jan gaat het gesprek aan met deelnemers en betrokken partijen, om te ondervinden hoe zij het project ervaren hebben en wat ze uiteindelijk gecreëerd of gedaan hebben. Alle twaalf deelprojecten uit Oude Meesters komen dus aan bod. Van bottertochten tot dansen in een voorstelling, schilderworkshops, songwritingworkshops, samenwerkingen tussen musea die langs de zorgcentra gaan en het delen van oude, nostalgische verhalen. De afleveringen zullen tevens in april op de L.O.V.E. te zien zijn.”

‘Het was onze
intentie om een
seniorenfestival te
organiseren in PX’

Om zich tot Age Friendly Cultural City te mogen kronen moet Edam-Volendam de steden Houten, Oldenzaal, Dronten, Roermond, Arnhem en Lelystad achter zich laten. ,,Dinsdag 2 maart hebben we een online-presentatie gehouden van het project. Marlies Bel als seniorenwerker vanuit het CBW, Bianca Vos als coördinator programma kunst en cultuur PX, Ariane Vervoorn als beleidsmedewerker kunst en cultuur van de gemeente Edam-Volendam en ikzelf als projectleider Oude Meesters hebben die dag tevens juryoverleg gehad betreft het voortbestaan van het Oude Meesters-project. In welke vorm kunnen we dit realiseren? Senioren maken prachtige kunst en dragen de meest bijzondere verhalen met zich mee. We moeten zorgen dat senioren van het grijze muis-imago af komen en we moeten deze groep mensen koesteren. We moeten onze ouderen stimuleren deel te nemen aan culturele activiteiten.”
De jury vanuit het Fonds voor Cultuurparticipatie, met als voorzitter Hedy d’Ancona, heeft de Oude Meesters reportage inmiddels al bekeken. Wanneer zij in april alle inzendingen van de deelnemende steden hebben beoordeeld zal er een winnaar uit de bus komen. ,,De jury zal beoordelen hoe de gemeente zich als Age Friendly Cultural City heeft ontwikkeld. De organisatie moedigt steden aan om het kunst- en cultuuraanbod voor ouderen op peil te houden en te verduurzamen. Gedurende het Oude Meesters-project hebben we gemerkt dat senioren oplichten van culturele, sociale activiteiten. Als het straks weer mogelijk, is zal het beoogde seniorenfestival wat dat betreft de kers op de taart worden, maar eerst wordt op 10 en 11 maart nog een geweldige online schilderworkshop Schilderen met Schuit op de L.O.V.E. getoond!”

Fotogalerij

Jessica gaat naar Tokio!

De Volendamse kogelstootster Jessica Schilder gaat komende zomer naar de Olympische Spelen in Tokio.

Met een dik persoonlijk record (18.69 meter) tijdens haar eerste EK voor senioren, eindigde zij als vijfde en overschreed de Olympische limiet.
[youtube url=’https://www.youtube.com/embed/zucMna7-Yqo’]

Fotogalerij

Oma Marie Verwoert zamelt geld in voor levensreddende operatie kleindochter n n

‘Ik wil zo graag dat Isis weer kan leven’

,,Ze haalde altijd heel veel grapjes uit en was dol op dansen, zingen, sporten en gamen.” Zo beschrijft Marie Verwoert uit Oosthuizen haar kleindochter Isis. Door de erfelijke aandoening hEDS verslechterde de situatie van de veertienjarige Isis vorig jaar echter heel snel. Tegenwoordig brengt Isis zo’n 23 uur per dag in haar verduisterde kamer door. Liggend op haar bed, daar ze niet kan zitten. Zij heeft moeite met haar hoofd te dragen. Zij kan meestal geen bezoek ontvangen, omdat dit haar te veel vermoeid en zij te veel pijn heeft. Haar oma Marie zet nu alles op alles om geld in te zamelen voor de operatie die het leven van haar kleindochter kan redden.
Door Leonie Veerman

[ads id=66]

De ingrijpende operatie die Isis nodig heeft wordt nergens in Nederland uitgevoerd en wordt bovendien niet vergoed door de verzekering. ,,Als je dat hoort, voel je je als oma echt compleet verloren”, zegt Marie. Maar voor Marie en haar familie kwam dit nieuws niet geheel onverwachts. Twee jaar terug verkeerden zij namelijk al in precies dezelfde situatie. Toen was het Marie’s schoondochter Chantal (36), de moeder van Isis, die door dezelfde zeldzame erfelijke aandoening erg snel achteruit ging.
Na een grote inzamelingsactie onderging Chantal in juni 2020 de eerste levensreddende operatie en in oktober de tweede operatie. ,,Sindsdien kan ze eindelijk weer functioneren”, vertelt Marie. ,,Maar juist in die periode ging haar dochter Isis erg snel achteruit. Het is hartverscheurend dat Chantal nog geen moment echt van haar eigen herstel heeft kunnen genieten. Juist sinds zij eindelijk weer rechtop kan zitten en zelfstandig kan lopen, brengt zij al haar dagen revaliderend door. Evenals met de verzorging van Isis en crowdfunding voor Isis.
,,Ik kan me niet voorstellen hoe zwaar het voor Chantal moet zijn, om haar dochter nu in diezelfde situatie te moeten zien, wetende wat een pijn ze zelf te verduren heeft gehad.” Marie zucht. ,,En voor Isis, die eerst al op zo’n jonge leeftijd haar moeder heeft moeten zien aftakelen. Zij vertelde dat zij eerst bang was dat haar moeder dood zou gaan en dat zij nu bang is om iedereen om haar heen te verliezen. Het maakt me zo verdrietig als ik denk aan hoe angstig het op dit moment voor Isis moet voelen.”
De familie is ten einde raad. De crowdfunding is moeilijk op gang te krijgen vanwege onder meer corona en daarom heeft Marie besloten om zich samen met de stichting in te zetten om voldoende geld in te zamelen zodat Isis de twee benodigde operaties kan ondergaan. ,,Het gaat eigenlijk erg tegen mijn natuur in om bij mensen om geld te bedelen, en ik voel me al helemaal bezwaard om het nu voor een tweede keer te moeten doen, maar wat moet ik dan? Ik kan als oma toch niet rustig toezien hoe mijn veertienjarige kleinkind haar dagen liggend in een donkere kamer doorbrengt en continue pijn moet lijden?”

‘Ik kan als oma
toch niet rustig
toezien hoe mijn
veertienjarige kleinkind
haar dagen liggend in
een donkere kamer
doorbrengt en continue
pijn moet lijden?’

Marie legt uit dat hEDS (Ehlers-Danlos Syndromen), een zeldzame erfelijke bindweefselafwijking is. ,,De ziekte kan zich op veel manieren en in verschillende gradaties uiten, maar in het geval van Chantal en Isis betekent het dat het bindweefsel te zwak is om alle botten op de plaats te houden. Marie’s schoondochter Chantal kwam er pas achter dat ze deze aandoening had nadat ze bij een auto-ongeluk een whiplash had opgelopen en maar niet herstelde. Het bindweefsel in haar nek kon het gewicht van haar schedel niet meer dragen en haar nekwervels zakten als het ware langzaam in elkaar. Dat is nu ook het geval bij Isis.”
Marie: ,,Toen de dokters die diagnose aan Chantal gaven, zeiden ze erbij dat het niet mee zou vallen. Ik heb mijn zoon destijds nog verteld dat ik er begrip voor zou kunnen hebben als hij het niet zou trekken en eventueel bij Chantal weg zou gaan. Hij was op dat moment nog maar eind twintig. Maar hij wilde daar niets van weten. Hij is 100% voor Chantal gegaan, en heeft haar nooit laten vallen. Dat moet echte liefde zijn.”
Het ging in eerste instantie nog een hele tijd redelijk goed met Chantal, maar de afgelopen twee jaar verslechterde ze erg snel. ,,Ze kon niet meer als moeder functioneren en op den duur niet lang meer rechtop zitten”, vertelt Marie. ,,Het was een verschrikkelijke tijd voor het hele gezin, met de ene tegenslag na de andere. Een keer trof mijn zoon haar aan met een ademstilstand. Hij werd van jonge ondernemer 24 uur per dag mantelzorger. Chantal moest bijvoorbeeld wel drie tot vijf keer per nacht naar het toilet gedragen worden. Omdat ze ook niet zelfstandig rechtop kon blijven zitten, moest hij haar dan rechtop houden. Als hij dan niet voorzichtig genoeg was, kon het gebeuren dat hij per ongeluk haar heup uit de kom duwde. Daar kon hij zich vervolgens dan weer dagen intens schuldig over voelen.”
Omdat hEDS zo’n zeldzame aandoening is, is er in de medische wereld nog niet zoveel over bekend. In Nederland zijn er nog geen ziekenhuizen die de operatie uit kunnen voeren die nodig was om Chantal en nu ook Isis er weer bovenop te helpen. Alleen in Barcelona en in Amerika is een ziekenhuis dat hier ervaring mee heeft. ,,De ingreep die ze daar uitvoeren bestaat uit twee operaties”, vertelt Marie. ,,Eerst bevestigen ze een beugel aan het hoofd en de schouders die de ingezakte nekwervels langzaam uit kan rekken om na te gaan in hoeverre zij bloed en daardoor zuurstof naar de hersenen krijgt aangevoerd. Hierna volgt een tweede operatie waarbij de nek wordt vastgezet”, vertelt Marie.
De operatie is niet zonder risico, want de ingreep vindt plaats in de directe omgeving van halsslagader en zenuwbaan. Maar Marie weet inmiddels dat de operatie, als die succesvol is, in één klap het leven van de patiënt kan redden. ,,Zodra Chantal na de operatie uit haar coma kwam, was het alsof ze een ander en nieuw mens was. Het eerste wat ze zei, was dat ze zich weer helder en fit voelde, en weer helder kon nadenken”, herinnert Marie zich. ,,Omdat vóór de operatie het kraakbeen en de inzakkende wervels in de nek de hersenstam verdrukte, ging de aansturing van de organen niet goed. Daardoor voelde zij zich de hele tijd duf, wazig, duizelig en overprikkeld en had ze ook veel pijn.”

‘Het bindweefsel in
haar nek kon het
gewicht van haar
schedel niet meer
dragen en haar nekwervels
zakten als het ware
langzaam in elkaar.
Dat is nu ook het
geval bij dochter Isis’

Dit is ook bij Isis het geval en daarnaast vormt de verdrukte halsslagader een groot risico voor Isis. Marie vertelt dat de bloedtoevoer – en dus ook de zuurstoftoevoer – naar haar hersenen vermindert. ,,Des te langer zij onbehandeld blijft, des te meer kans ontstaat er op blijvende schade.” Daarom is het dan ook een race tegen de klok om de in totaal €180.000 in te zamelen die nodig is om Isis dezelfde operatie als haar moeder te laten ondergaan. ,,Het is een enorm bedrag”, zegt Marie, ,,dat komt mede door het feit, dat het ook nog een hele onderneming is om Isis in haar huidige conditie naar Barcelona te vervoeren. Omdat Isis niet kan zitten en de vlucht voor haar te lang duurt, moet zij in een klein vliegtuig waarin zij liggend vervoerd kan worden naar Barcelona toe. Alleen de kosten voor zo’n speciale vlucht komen al rond de 20.000 euro te liggen. Wij hopen er nog steeds op, dat iemand bereid is om deze vlucht voor haar te organiseren c.q. te financieren.”
Er is een speciale website voor Isis opgezet: helpmeevoorisis.nl en in de webshop staan geluksengeltjes, haakwerkjes en sieraden te koop die door diverse mensen speciaal voor de inzamelingsactie gemaakt worden. De opbrengst van de meeste producten gaat voor 100% naar de stichting. ,,Wij doen wat wij kunnen, maar op dit moment is het door alle coronamaatregelen extra moeilijk om donaties te verzamelen”, zegt Marie. ,,Voor Chantal werd er van alles georganiseerd: fotoshoots, bingo’s, concerten, loterijen, collectes etcetera. Vanwege corona is dit nu niet mogelijk. Wij moeten het dus echt hebben van de media en van voldoende mensen die bereid zijn om een donatie te geven, al is het maar een paar euro.”
Als Marie gevraagd wordt naar hoe het met haar gaat, vertelt ze, dat ze het moeilijk blijft vinden om zo weinig te kunnen doen. Het blijft de hele dag in je hoofd zitten. Isis, Chantal en Michel gaan er vanuit dat het goed komt. Ze blijven ondanks alles rotsvast hopen op een goede afloop. Chantal vertelde mij laatst dat ze samen iedere avond drie dingen opnoemen waar ze dankbaar voor zijn. Dat zegt wel iets over dit drietal, dat al zoveel heeft meegemaakt.”
Marie: ,,Al van jongs af aan kampte Isis met hoofdpijnen, maar dat weerhield haar er nooit van om vrolijk te zijn. Ze bruiste altijd van de energie en levensvreugde en ik wil haar dat leven zo graag weer teruggeven. Ik wil dat ze weer een keer op vakantie kan met haar ouders, en dat ze weer kan afspreken met vriendinnen. Ik gun het Chantal en Michel ook zo erg om nu eens van die enorme zorgen af te zijn en van het leven te kunnen genieten. Chantal en Michel zijn nog maar 32 en 36 jaar oud en verdienen het echt om nu eens te ervaren hoe een normaal leven eruit kan zien.”

Help mee voor Isis
Wil je ook een bijdrage leveren voor de levensreddende operatie van Isis? Alle donaties zijn van harte welkom.
Check voor meer informatie de website www.helpmeevoorisis.nl
Of doneer een bijdrage op NL89 INGB 0009 6741 68

Fotogalerij