Vandaag geopend: 08.00 - 17:30

All posts by De redactie

Wandelvereniging ’n Loopie gegroeid naar 606 leden

In “De Schemerpit”, de kantine van Victory ’55, vond vrijdagavond de Algemene Ledenvergadering van ’n Loopie plaats. Voorzitter Jack Bont heette eenieder van harte welkom en was verheugd over de grote opkomst.

Zo’n 50-tal leden waren present. Het ledental van ’n Loopie groeit gestaag door. Mede omdat er volgend jaar weer een estafette-wandeltocht naar Wenen gehouden wordt, is het ledenbestand nu op 606 gekomen. Na de vlot verlopen jaarvergadering was er een presentatie door Mike van Eerd, voorzitter van Stichting Haarlem-Santiago. Op boeiende wijze wist hij te vertellen over wat het betekent om een pelgrimstocht te maken en hoe men zich er praktisch op voor kan bereiden.

Fotogalerij

Jackson Jonker de ‘Baby van de Maand’

Uit de geboortekaartjes, die in februari gedrukt zijn bij Drukkerij Nivo, werd vrijdag het kaartje getrokken van Jackson James Jonker. Hij is het zoontje van Evert en Kim Jonker en zij wonen op de Mgr. C. Veermanlaan 55.

Jackson zag het levenslicht op vrijdag 15 februari om 18.31 uur en woog bij de geboorte 3520 gram. Door Bloembinderij Roses & More uit de Burg. van Baarstraat werd voor de trotse moeder weer een mooi bloemstuk samengesteld. Uit handen van Esther Sanders van Parfumeriehuis Gerro & Esther in De Stient was er een rijkelijk met kadootjes gevulde Pampertaart. Nieuw kreeg de familie Jonker een tegeltje met daarop het geboortekaartje afgedrukt van Drukkerij Nivo. Vanaf deze plaats nog onze hartelijke gelukwensen.

Fotogalerij

Kruiswegstatieswandeling voor vierde keer in Volendam

De 150 jaar oude kruiswegstaties worden in de Vastentijd op verschillende plaatsen in Volendam neergezet. Wandelend door Volendam kunt u kennis nemen van de afbeeldingen op de staties en van de teksten die erbij staan.

De opening van de Kruiswegwandeling 2019 is Aswoensdag 6 maart ’s middags om half twee in de Sint Vincentiuskerk. Mgr. Jan Hendriks, hulpbisschop/coadjutor van het bisdom Haarlem-Amsterdam opent dit jaar de kruiswegwandeling. U bent daarbij van harte welkom. Voor de Kruiswegstatieswandeling, die voor de vierde keer gehouden wordt, wordt veel reclame gemaakt. Bij de kerken en invalswegen in Edam-Volendam hangen grote spandoeken van de Kruiswegwandeling.

Fotogalerij

Over mensen

Een vrouw uit duizenden: Maartje Keizer-Kras

Ze stond een paar weken geleden al prominent in de Nivo op een foto, een klein en tenger meisje met een zwart Volendammer mutsje op. Maartje staat, net als de meisjes naast haar, in een bijna volwassen pose, de handjes licht gevouwen op het schort, ernstig in de lens van de camera kijkend. Ze moet een jaar of zeven oud geweest zijn, schat ze zelf in en we kijken samen nog eens naar de sepiakleurige foto, waarop tien jonge meisjes staan en waarvan Maartje Keizer-Kras als enige nog in leven is.
Door Gudy van den Hogen

Bij de vraag om voor de Nivo een stukje van haar levensverhaal op te tekenen, was ‘oeh lieve Jezus’ haar eerste reactie. Wat zou ze dan allemaal moeten vertellen? ,,Ik heb de Nivo alleen voor de mensen wie er dood zijn en dat soort zaken”, sprak ze gedecideerd. Dit verhaal gaat over Maartje, oudste dochter van Kees Kras en Eefje ‘Aif’ Jonk van het Kerkepad. Over de mensen uit haar jeugd, die lang geleden om haar heen leefden en over haarzelf, een gewone Volendamse vrouw over wie ik na één gesprek al een boek zou kunnen schrijven, een trilogie met een lach en een traan.
Op de morgen van de afspraak toch voor de zekerheid nog een keertje bellen, die vrouw wordt over een half jaar vierennegentig, dus ze zal het hoogstwaarschijnlijk wel vergeten zijn. Maar nee hoor: ,,Dat kleine beetje wat ik nog heb, werkt nog goed hoor!” Allerhartelijkst is de ontvangst, met koffie en roomboterkoekjes van de banketbakker. Haar knusse flat heeft een prachtig uitzicht over het park – ,,ik woon in de hemel hier” – en net na de eerste slok koffie gaat de bel. Het is haar schoonzuster Aal die even langs wipt omdat Maartje ’s middags altijd alleen zit.
Geestdriftig
Aal schuift gezellig bij de tafel aan en ze zit nog niet of daar gaat de bel alweer. Jongste broer Kees Kras, bijnaam simpelweg ‘Kras’, en vrouw Neel komen nieuwsgierig naar binnen gelopen. Of ze het konden ruiken dat er een vreemd ‘minsie’ binnen zat. Maar misschien had Maartje ze voor alle zekerheid toch ingeseind, je weet maar nooit tegenwoordig met al die vreemde lui aan de deur.
Het blijkt een geestdriftig groepje familie te zijn, daar aan de tafel bij onze Maartje. Was even nog onzeker over hoe dit aan te pakken, mijn eerste interview met door elkaar heen pratende mensen die elkaar aanvullen, aanmoedigen: ‘Maartje, dit moet je ook nog effe vertellen!’ Of: ‘weten jullie nog van onze vader in de oorlog, toen die Duitse soldaat langskwam en onze broer mee wou nemen. Dat onze vader hem toen alleen maar op de enorme overvolle pisemmer wees op het zoldertje, hahaha! Vader waarschuwde de soldaat: het maakt mij niet uit wat je plan bent maat, als je die emmer maar niet omver trapt. ‘Und mein Sohn ist krank, erg krank, hij kan nicht mit’. Hoe heroïsch kan een vader zijn voor zijn kinderen, zelfs nu nog na zo’n jaar of zesenzeventig getuige de volschietende ogen van zoon Kees.
Zo nu en dan wordt vriendelijk doch beslist het gesprek teruggebracht naar de gastvrouw, Maartje Kras, het kleine ernstige meisje van de foto. Het oudste kind uit een gezin van negen hongerige monden, armoe troef, ieder jaar een verse baby erbij. En Maartje durft het gerust zo te stellen: ,,Ik heb ze allemaal grootgebracht.”
Als jong meisje bleef ze met Kerstmis, Pasen en Pinksteren thuis achter met de zorg voor zeven jongere broers en zusjes. Pa en ma waren dan vertrokken naar Oss in Brabant waar broertje Cor op jonge leeftijd was thuisgehaald door een oom, die zelf al een stuk of 14 kinderen had. Waarom in vredesnaam gaat een jongetje uit een Volendams groot gezin wonen bij een oom in Brabant met een nog grotere kinderschare? Welnu, Cor had extreme last van benauwdheid, astma of bronchitis, daar wil ik vanaf wezen. En op doktersadvies moest hij uit de vochtige lucht rondom het IJsselmeer weg naar schonere, droge lucht in het zuiden des lands. Ik vind het best wel heftig voor de ouders van Maartje, zomaar je kind moeten ‘uitbesteden’. Want al heb je dan negen van die koters, je kan er toch geen een missen? Daar kan Maartje wel enigszins inkomen, maar dat neemt niet weg dat haar moeder ook wel vrij gemakkelijk was in ‘loslaten’. Zoals gezegd: de opvoeding kwam grotendeels voor rekening van de oudste zus.

Zij werkte achtenveertig uur
per week voor het duizelingwekkende bedrag
van tweeëneenhalve gulden

En al kon het gezin haar eigenlijk niet zo goed missen, Maartje ging op haar 14e toch uit werken, haar eerste baan bij de Monnickendamse Lingerie alwaar zij achtenveertig uur per week werkte voor het duizelingwekkende bedrag van tweeëneenhalve gulden. Haar eerste loonzakje bleef zes weken op de kast bij het Jozefbeeld staan te pronken, als een soort van trofee, hoop op betere tijden! En van dat bedrag kreeg Maartje vijf cent zondagsgeld dat zij verteerde aan ‘knal Garibaldi’s’, de voorloper van de huidige M&M’s bij Jamin op de Dijk.
Het zal ongetwijfeld op diezelfde Dijk zijn geweest waar Maartje haar eerste verkering heeft ontmoet, Klaas Schilder Mop. Klaas was met enkele andere dorpsgenoten dienstplichtig soldaat in Indonesië tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog die duurde van maart 1946 tot augustus 1949. Haar ouders waren in Oss toen Maartje moederziel alleen in januari 1949 het onheilsnieuws kreeg: Klaas was doodgeschoten. Gesneuveld in het verre Indië en dat terwijl die vervloekte oorlog al zo goed als voorbij leek te zijn. Maartje had drie jaar op haar Klaas gewacht en nu was het over en uit…
Tot haar 30e bleef ze alleen, ze had geen sticht in een nieuwe vrijer en haar vriendinnen verloor ze allemaal uit het oog. De meesten gingen trouwen en kregen kinderen. Maartje maakte op zondag een ommetje met haar moeder, arm in arm, naar tante Trijn. En soms vroeg een jongen haar mee uit wandelen, als zijn verkering net uit was geraakt, dan fungeerde Maartje als een soort van uithuilvriendin. Maar gelukkig werd Maartje op haar 30e (men fluisterde al voorzichtig van ‘vrije meid’) door de boezemvrienden Pap & de Snip, met zachte dwang attent gemaakt op het bestaan van ene Jaap Keizer, ‘Japie Ailtje’ die in de jaren ’50 -60’ de legendarische doelman van R.K.S.V Volendam was. ‘Maartje, je zou toch wel gek zijn om die jongen te laten lopen!’, klonk het destijds.
Na haar huwelijk met Jaap begon haar echte leven, aldus Maartje. Een nieuwe toekomst met haar eigen huishouden, een sociaal bestaan met de voetbal en gezelligheid. En Maartje mocht nu moederen over haar bloedeigen kinderen, een zoon Henk en twee dochters Eef en Gerda.
Catastrofe
Mooi was die tijd, totdat het noodlot weer toesloeg en dochter Eef getroffen werd door leukemie, toentertijd nog een moeilijk behandelbare ziekte. Op 25 november 1972 overleed Eef, slechts twaalf jaar oud en Maartje’s hart brak voor een tweede keer. Na de begrafenis kwamen ze thuis in een schemerdonker huis en zoon Henk van veertien deed alle lampen aan. Alsof hij snakte naar licht, na die duistere beklemmende jaren. ,,Hij leek wel opgelucht”, fluisteren Maartje en schoonzus Aal. Het beeld staat nog op hun netvlies gebrand.
Het was Sinterklaastijd en vanuit een soort innerlijke oerkracht besloot zij voor haar twee overgebleven kinderen de allermooiste en grootste Sinterklaassmak te kopen. Zij hadden immers in de afgelopen vier jaar genoeg aandacht moeten missen. Hoe ging je man Jaap om met het verlies van jullie dochter, vraag ik voorzichtig. ,,Hij leefde toen op het voetbalveld”, zegt Maartje. Soms hield ze haar hart vast om wat hij daar, zonder haar wakend oog, in zijn wanhoop zou kunnen doen. ,,De dood van je kind is het ergste wat je kan overkomen en je neemt het je leven lang mee”, zegt Maartje en haar ogen zijn peilloze diepten. De rest van de tafel valt stil en ze knikken, het verdriet is weer even voelbaar.
Maar zoals ze altijd gewend zijn, herpakken ze zich snel weer, dat kleine groepje familieleden dat nog overgebleven is van heel die grote familie Kras met aanhang. En ze praten weer verder, over vroeger, hoe arm het was en hoe ze toch er het beste maar van maakten. Over vader Kras, een goede man, die net als zoveel andere vaders in het dorp van alles en nog wat aanpakte om de kost voor zijn grote gezin te verdienen. Vissersknecht, ‘splaiten’, ‘fondslopen’ (ik begrijp iets met verzekeringen), haverdoppen voor kussens verkopen.
Het werd nooit een vetpot daar in huize Kras, maar honger maakt rauwe bonen zoet en ze praten zelfs nu nog verlekkerd over ‘de broeder van je moeder die laat vast in je bast’ met een stroopsausje. Een meelgerecht dat opgebakken nog beter smaakt en de magen goed vult! Of over de winterwortels die groeiden op een stukje land in die lange schrale oorlogsjaren. Praktisch het enige wat er nog te eten viel. Vader Kras maakte zich zorgen of zijn kinderen geen scheurbuik of iets dergelijks zouden oplopen en hij vroeg dokter Wevers of het geen last kon, dat eenzijdige menu. ‘Laat ze maar wortelen eten, dat kan geen kwaad’, antwoordde Wevers geruststellend.

Broer Klaas heeft het
vader nooit kunnen vergeven
dat hij van school werd gehaald
om te gaan werken op zee

De ene anekdote volgt rap op de andere. Er bleef ook nooit en te nimmer een stuiver over voor wat nieuw meubilair in huize Kras. Op een gegeven ogenblik was moeder Kras er helemaal klaar mee. Ze droeg haar zonen op om de krakkemikkige eettafelstoelen naar de zolder te tillen. ‘Waarom moeten die stoelen nou naar boven, ma?’ vroegen de jongens verbaasd. ‘Dat zal je zo wel merken’ was het antwoord en ze wrikte en wrong de stoelen één voor één uit het zolderraam zo naar beneden. ‘Ziezo, nu kunnen ze écht bij het grofvuil!’ Maartje vertelt het opgetogen en met enige trots in haar stem. Echter, hoe onverschrokken moeder handelde met die stoelen, zo timide kon ze zijn toen ze een paar begoniaatjes à 35 cent per stuk had gekocht en ze die verstopte onderin de kinderwagen zodat vader ze niet zou zien. Ik moet denken aan een gevleugelde uitspraak van mijn eigen moeder: Een man moet wel alles eten maar niet alles weten…
Bijna terloops is daar nog het verhaal van broer Piet, ook een astmapatiënt, die ten tijde van de wederopbouw na de oorlog in Arnhem in de sloop werkte. Al dat stof was funest voor zijn zwakke longen en Piet overleed op 19-jarige leeftijd aan de gevolgen van een longontsteking. Ik moet er even van slikken, maar het gesprek gaat alweer door over broer Klaas die heel goed kon leren maar door vader van school werd gehaald. Hij moest aan het werk op de allergrootste vissersboot, zijn bijdrage leveren aan het gezin. Maartje weet zeker dat Klaas dit niet heeft kunnen verkroppen en het zijn vader nooit vergeven heeft.
Het is twee uur verder en eigenlijk komen we net pas op stoom. Er hangt een bijzondere sfeer in de huiskamer van Maartje. Ik heb zoveel gehoord, zoveel wijze levenslessen kwamen en passant op tafel. Wat kunnen we nog veel van ze leren, van al die oude mensen, van hun angsten en zorgen. Van hun veerkracht, humor en al hun lief en leed. Het gaat je goed Maartje, een vrouw uit duizenden!

Fotogalerij

Eerste Vormselvieringen van 2019 in de parochie

De Vormselvieringen zijn weer van start gegaan in de Parochie HH. Maria en Vincentius. Donderdagavond om 19.00 uur was in de Mariakerk de eerste Vormselviering van dit jaar voor de leerlingen van groep 8 van de Springplank en de J.F. Kennedyschool. Hierbij werd de zang verzorgd door Petra Braan en Aletta Schilder. Hulpbisschop Jan Hendriks was naar Volendam gekomen om weer het H. Vormsel toe te dienen bij de jongens en meiden.

Boven het altaar hingen foto’s en tekeningen van de Vormelingen van de twee scholen. In de Sint Vincentiuskerk is dinsdagavond de Vormselviering voor drie klassen van de Sint Petrusschool. De laatste twee Vormselvieringen van dit jaar zijn op donderdag 7 maart om 19:00 uur in de Sint Vincentiuskerk voor de Blokwhere, ’t Kofschip en de Jozefschool. Dinsdag 19 maart om 19:00 uur in de Mariakerk is de laatste Vormselviering voor de leerlingen van de Nicolaasschool, Sint Vincentiusschool en de Spinmolen.

Fotogalerij

Van den Hogen na grondige verbouwing totaal vernieuwd

Na een verbouwing die twaalf dagen geduurd heeft, kon Restaurant Van den Hogen aan de Haven zaterdag weer haar deuren openen voor de gasten. Vrijdagmiddag werd de laatste hand gelegd aan de grootscheepse verbouwing.

Terwijl de schilders nog de puntjes op de ‘i’ zetten, werd het meubilair naar binnen gedragen dat tijdelijk opgeslagen was in de Visafslag. Rond 18.00 uur was de verbouwing gereed en het restaurant weer ingericht en was er een openingsborrel voor de familie, genodigden en mensen die aan de verbouwing hebben meegewerkt en hier een visitekaartje van hun vakmanschap hebben afgegeven. Restaurant Van den Hogen is helemaal vernieuwd, het ziet er fris en sfeervol uit.

Fotogalerij

Volendamse Doctor in de Mediterrane Archeologie geeft tevens les aan universiteit n

Kimberley graaft het verleden op

Steven Spielberg had het 38 jaar geleden al in de gaten; archeologie is geweldig. Zo geweldig, dat hij er vier films over maakte, met nog een vijfde deel in de pen. Zijn kaskrakers over Indiana Jones, professor in de archeologie, verbraken wereldwijd record na record. Na het zien van Indy’s avonturen, liep de aarde vol met kinderen die ervan droomden archeoloog te worden. Kimberley van den Berg uit Volendam werd het écht. ,,Ik had al op jonge leeftijd verregaande interesse in geschiedenis. Op een gegeven moment gingen mijn werkstukken niet meer over honden, katten of prinsessen, maar over Griekse, Romeinse en Germaanse goden.” De 32-jarige archeologe heeft er ruim twaalf jaar op hoog niveau voor moeten studeren, maar mag zichzelf nu Doctor in de Mediterrane Archeologie noemen. Toch blijkt een leven als archeologe niet alleen maar rozengeur en maneschijn.
Door Kevin Mooijer

De meeste mensen kennen het verhaal wel, maar degenen waar het om gaat willen het niet horen: je wilt iets bijzonders gaan studeren, maar iedereen waarschuwt je dat er geen werk in dat vakgebied te vinden is. Voor Kimberley van den Berg ging het net zo. ,,Ik wilde van jongs af aan al geschiedenis gaan studeren, maar hoe zou ik na mijn studie dan mijn geld kunnen verdienen? Zou ik leraar moeten worden? Of in een museum werken?”
Kimberley’s hele jeugd stond in het teken van de Oudheid. Ze keek als meisje alleen naar zenders als National Geographic en Discovery Channel, en las uitsluitend boeken over de geschiedenis van de mens. Vanwege de nauwe verbinding tussen geschiedenis en archeologie, raakte de Volendamse steeds dieper verworteld in de opgravingswereld. ,,Toen ik op mijn achttiende m’n atheneum-diploma haalde op het Don Bosco College, moest ik toch bepalen wat ik wilde gaan studeren. Ik bezocht verschillende open dagen van universiteiten en probeerde tijdens die bezoekjes bewust presentaties over studies als geschiedenis en archeologie te mijden. Ik was bang dat ik mezelf, in mijn enthousiasme, zou inschrijven en dan vervolgens zonder baan zou komen te zitten.”
Crime scene investigation
Na het bijwonen van verscheidene presentaties over uiteenlopende studies, zag Kimberley het somber in. ,,Bij iedere presentatie dacht ik ‘leuk, maar het is geen archeologie’. Het was allemaal niks voor mij. Tot ik op gegeven moment langs een man liep, die op het punt stond een presentatie te gaan geven die ik wél interessant vond. Hij riep dingen als ‘archeologie is crime scene investigation en geschiedenis! Het is alles in één en er is onbeperkt werk in te vinden! Dit móét je gaan doen!’ Daar ging mijn plan, om archeologie te vermijden. Toen zijn presentatie klaar was, wist ik dat ik het zou gaan doen, ongeacht wat mensen zouden zeggen. En het leuke is, de man die de presentatie gaf, is later mijn collega geworden.”
Kimberley startte de studie Archeologie en Prehistorie aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU). ,,Het was als een droom die uitkwam. In het eerste jaar mochten we gelijk veldwerk doen om de basisvaardigheden van het opgraven onder de knie te krijgen, en we kregen er ook nog eens studiepunten voor. Ik koos er uiteindelijk voor om de mediterrane kant op te gaan. Uiteraard wordt je dan van harte aanbevolen om in het tweede of derde jaar van je studie veldwerk te gaan doen in het gebied waar je jezelf in wilt specialiseren.”
Na het afronden van haar bachelor schreef Kimberley zich in 2008 in voor de master Oudheidstudies. Tijdens deze masteropleiding worden voor veldwerk geen studiepunten meer uitgekeerd. ,,Sindsdien spendeer ik al mijn vakanties aan opgravingen in het mediterrane gebied. Dus tijdens mijn master was ik twee zomervakanties in Griekenland om zo actief te blijven in mijn vakgebied. Dat zijn dan je vakanties.”
De ambitieuze archeologe in de dop koos voor een researchmaster, die twee jaar duurt, in plaats van een normale master van één jaar. ,,Ik wist dat als ik voor de researchmaster toegelaten zou worden, ik meer kans zou maken om een promotietraject in te mogen gaan, waardoor je vervolgens kan promoveren tot doctor.”

‘Mijn wetenschappelijk onderzoek
ging over contacten tussen
Italië en Griekenland rond
1200 voor Christus’

Zo gezegd, zo gedaan. Kimberley werd toegelaten tot de researchmaster en schreef een onderzoeksvoorstel dat beoordeeld werd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). ,,Ik had het geluk dat mijn onderzoeksvoorstel er doorheen kwam bij de commissie. Ik kreeg één van de zeventien nationale beurzen die dat jaar beschikbaar waren voor de hele Geesteswetenschappen. Dankzij de beurs heb ik vier jaar lang betaald onderzoek kunnen doen. Mijn onderzoek ging over contacten tussen Italië en Griekenland tijdens de zogenaamde bronstijd-ijzertijd overgangsperiode, rond 1200 voor Christus.”
Tijdens die bewuste periode woedde er een grote crisis in het oostelijk mediterrane gebied. Beschavingen vielen en volledige landen werden verwoest. ,,Wat gebeurt er in zo’n situatie met contacten tussen verschillende regio’s? En specifiek; tussen Italië en Griekenland? Die contacten bleken tijdens de crisis gewoon door te gaan. Hoe kan dat? Dat is wat ik heb proberen te onderzoeken”, licht de Volendamse toe.
De reden dat Kimberley haar onderzoek richtte op de late bronstijd – en niet op het bekende Romeinse tijdperk – is simpel. ,,De Grieken en Romeinen weten we allemaal wel, daar is zoveel over gevonden. Ik was benieuwd naar wat er daarvoor gebeurde, vooral in Griekenland. De VU was destijds gericht op veldwerk in Italië, waardoor ik de connectie heb gemaakt tussen mijn interessegebied, Griekenland, en het aangeboden veldwerkgebied, Italië. Ik kwam tot de onderzoeksvraag: connecties tussen Italië en de Griekse wereld in de bronstijd.”
Het traditionele beeld is dat er in Griekenland in de bewuste tijd al complexe beschavingen leefden, maar in Italië nog niet. ,,De eerste Grieken (Myceners, red.) beschikten over grootschalige technologie. Ze maakten bijvoorbeeld gebouwen en hoge muren van steen. Dat vergt planning en organisatie. We hebben kleitabletten gevonden waaruit bleek dat ze aan boekhouding deden: zoveel schapen zijn daarheen gegaan, zoveel zakken graan zijn daarheen gegaan. Ze hadden politieke centra die controle over bepaalde gebieden hadden, ze deden aan belasting en ga zo maar door.”
Egyptenaren
,,In Italië was het simpeler. Daar hadden ze ook wel leiders en contacten met de buitenwereld, maar het was minder ver ontwikkeld. Desalniettemin komt er rond 1200 v. Christus een aantal technologische innovaties uit Italië naar Griekenland, zoals bijvoorbeeld geavanceerde bronzen zwaarden of nieuwe soorten kledingspelden. Daardoor is het des te interessanter dat deze gebieden met elkaar in contact stonden en deze contacten behouden bleven ten tijde van crisis.”
Op de vraag of de Myceense beschaving zelf tot de benodigde kennis is gekomen, of dat ze bijvoorbeeld hulp van de Egyptenaren hebben gehad, antwoordt Kimberley enthousiast: ,,Dat is een mooi voorbeeld van een vraagstuk waar archeologen zich mee bezighouden. Maar de vraag beantwoorden kan ik helaas niet. We hebben er simpelweg (nog) geen antwoord op. Er zijn verschillende meningen van wetenschappers over, maar wie het bij het juiste eind heeft weten we niet.”
De Volendamse neemt de gelegenheid om het vraagstuk breder in te zetten. ,,Je vraagt je af in hoeverre de contacten met andere beschavingen invloed hebben gehad op de levens- en werkwijze van de beschaving in kwestie. Zo zou je de vraag dus ook kunnen stellen over Italië en Griekenland; in hoeverre hielp Griekenland Italië verder met technologie, en andersom?”
Een interessante gedachte, helemaal wanneer je beseft dat de Egyptenaren nog eens duizenden jaren eerder al in staat waren geweest piramides te bouwen. ,,Men gaat er vaak ten onrechte van uit dat de tegenwoordige mens slimmer is dan mensen van vroeger. Denk bijvoorbeeld aan documentaires over piramides. Vaak is de conclusie dan ‘ze hadden geen motoren, dus zijn er aliens in het spel geweest om de piramides te helpen bouwen’. Daarmee doe je de mensen van toen echt tekort. De mens uit die tijd beschikte over hetzelfde denkvermogen als wij, alleen de technologie was nog niet zover doorontwikkeld als tegenwoordig. En wat het mysterie van piramides bouwen betreft; ze maakten hellingbanen, gebruikten hefbomen en de bouwstenen werden door duizenden manschappen vervoerd over rollende balken.”

‘Ik spreek Nederlands, Engels,
Frans, Duits, Italiaans en Grieks,
als promovendus word je gestimuleerd
om op buitenlandse congressen
te gaan spreken’

In 2010 haalde Kimberley haar masterdiploma en startte ze haar promotieonderzoek. ,,Ik startte het onderzoek door werk van andere wetenschappers – die al in dat gebied hebben gewerkt – te gaan bestuderen. Helaas schrijven zo’n beetje alle onderzoekers in hun eigen taal en is het dus raadzaam om meerdere talen te leren. Ik spreek nu Nederlands, Engels, Frans, Duits, Italiaans en Grieks.”
Dit talenpakket is voor de archeologe van groot belang. ,,Als je promovendus bent word je gestimuleerd om op buitenlandse congressen en bij colleges op universiteiten te gaan spreken. Dat doe je dan meestal in het Engels, maar het is toch fijn om het werk van collega’s die in hun eigen taal presenteren of schrijven, te kunnen volgen.”
Naast haar werkzaamheden als spreker was Kimberley ook actief bij opgravingen. ,,Doordat je het grootste deel van het jaar studeert of werkt, plan je de vakanties in voor veldwerk. Vanwege het korte aantal weken dat je hebt, moet je de tijd optimaal benutten. Het tijdgebrek, in combinatie met de warmte in het mediterrane gebied, zorgt dat we ’s ochtends om 6 uur al starten met de opgraving. We werken dan tot een uur of 2 ’s middags door, waarna het echt te warm wordt. Dan gaan we lunchen en vervolgens houden we siësta.”
,,Na het uitrusten werken we ’s middags verder met het die dag opgegraven materiaal. Scherven wassen, rapporten schrijven en alle vondsten inventariseren. Dan is het tijd voor avondeten, gevolgd door een paar borrels, en dan erop.” Het feit dat een opgraving voor archeologen zowel werk als vakantie is, zorgt vaak voor een goede sfeer. ,,Het is altijd erg gezellig. Iedereen zit er met hetzelfde doel en we slapen vaak op bijzondere locaties. Tijdens een opgraving in Italië sliepen we op veldbedjes in het gebouw van een lagere schoolgebouw, maar in principe was dat prima. In Griekenland heb ik meegemaakt dat we in een bouwval sliepen. Een onafgemaakt huis dat we huurden van een boer. Door dat hele huis stonden veldbedjes met daarin vermoeide archeologen. En dat sfeertje is nou juist de charme van het vak.”

Verloofde stel woont
8.000 kilometer uit elkaar

Tijdens een opgraving in Griekenland van een Amerikaanse universiteit ontmoette Kimberley haar verloofde, Kyle. ,,Ik meldde me in mijn vrije zomer aan bij de opgraving omdat het dicht bij mijn onderzoeksgebied lag en ik wilde de feeling van het veldwerk niet kwijtraken. Om een lang verhaal kort te maken; ik kwam op woensdag aan en op zaterdag had ik een relatie”, zegt ze lachend. Inmiddels zijn Kyle, die ook doctor in de archeologie is, en Kimberley 7,5 jaar samen.
Vanwege het feit dat een vast contract bemachtigen een bijna onmogelijke taak is in de wereld van de archeologie, is het verloofde stel genoodzaakt om 8.000 kilometer uit elkaar vandaan te wonen. Kyle woont in Amerika en focust zich op het promoveren tot professor en Kimberley woont in Volendam en richt zich sinds 2018 meer op het geven van onderwijs. ,,Onze ambitie en droom is om zo snel mogelijk samen te wonen en te trouwen. Het mooiste zou zijn als ik door het jaar heen onderwijs kan geven en in de zomer met Kyle samen naar opgravingen kan gaan.”
De zomer van 2017 betekende een kantelpunt in Kimberleys carrière. ,,Mijn onderzoek was afgerond en werd opgestuurd naar de leescommissie. Toen ik dat liet bezinken, kwam ik tot de conclusie dat ik de afgelopen twaalf jaar archeologie gestudeerd had. Mijn ideeën waren even op en ik had geen motivatie om nog een onderzoeksvoorstel te gaan schrijven. Daarnaast beviel het idee van wat meer zekerheid betreft baangarantie en een vast inkomen me ook wel.”
In diezelfde periode kwam er op de VU voor twee jaar een parttime baan vrij. ,,De begeleider uit mijn studietijd nam een halve sabbatical en hij vroeg mij of ik de baan wilde oppakken. Ik zou moeten gaan lesgeven op bachelor- en masterniveau, op mijn oude universiteit, voor de opleiding die ik zelf gevolgd heb, met mijn oude leraren als collega’s.”
Tandprothetiek
De archeologe ging de uitdaging aan en geeft tegenwoordig les in vakken als mediterrane pre- en protohistorie, From Finds to People; Imagining the Past en verschillende praktijkgerichte vakken. Samen met haar studenten trekt Kimberley erop uit naar musea om met origineel materiaal te werken. Naast het geven van les, is ze inmiddels ook secretaris van de opleidingscommissie. In deze functie is ze verantwoordelijk voor het bewaken van de kwaliteit van het onderwijs. ,,Dit is natuurlijk een hartstikke leuke baan, maar het is parttime en ik heb maar twee jaar zekerheid. Dus ik ben ook verder gaan zoeken naar wat ik nog meer zou kunnen doen.”
Al gauw bleken Kimberleys kwaliteiten ook breder inzetbaar. ,,Mijn vader, die tandprotheticus is, had een collega die ik hielp met huiswerk over onderzoeksmethoden. Nadat ze was afgestudeerd kwam ze op LinkedIn een bericht tegen waarin stond dat haar opleiding een docent zocht voor dat vakgebied. Ze stuurde de vacature naar me door en in eerste instantie dacht ik ‘ze zien me al aankomen’, maar na het even te laten bezinken dacht ik ‘onderzoek is onderzoek’. Ik ging ervoor.” Volendams nieuwste doctor schreef een motivatiebrief en werd op gesprek uitgenodigd. ,,We voerden een erg leuk gesprek op de Hogeschool Utrecht en tot mijn verrassing werd ik aangenomen. Momenteel zijn we bezig om voor tandprothetiek een officiële bachelor-opleiding te maken. Samen met collega’s ben ik druk bezig om de aanvraag af te ronden. Als dat lukt wordt de opleiding vanuit de overheid bekostigd en komen er weer banen beschikbaar voor leraren. Ik geef op de Hogeschool Utrecht parttime het vak onderzoeksvaardigheden, maar ik vind het zo leuk dat ik het best fulltime zou willen gaan doen!”

Nieuwsgierig geworden?
Op 9 maart is er een open dag op de UvA voor de bacheloropleidingen die de UvA en VU samen aanbieden op het gebied van Oudheid. Diezelfde datum wordt aan de VU voorlichting gegeven voor de gezamenlijke masteropleidingen.
Tegenwoordig wordt studenten bij Hogeschool Saxion (Deventer) de kans geboden om op HBO niveau archeologie te studeren. Op universitair niveau is het mogelijk om archeologie te studeren aan de UvA en VU in Amsterdam, en aan de universiteiten van Groningen en Leiden.

 

Fotogalerij

Ondernemersavond over de economische toekomst druk bezocht

Woensdagavond vond in de entreehal van S.G. De Triade een inspirerend evenement plaats dat georganiseerd werd door de gemeente Edam-Volendam en wethouder Hans Schütt i.s.m. het onderzoeksbureau Overmorgen. Het thema van deze avond was de economische toekomst van onze gemeente.

De ondernemers, die dagelijks te maken hebben met werk en economie, en zo dus de ervaringsdeskundigen zijn, waren uitgenodigd. Er was veel animo voor, want de zaal was gevuld met ruim 250 ondernemers. Gasten deze avond waren topscheidsrechter en ondernemer Björn Kuipers, die een boeiende inkijk gaf in zijn wereld als arbiter en ondernemer. De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, Mona Keijzer, die een inspirerende toespraak hield. Jaap Bond, Gedeputeerde van het CDA in Noord-Holland, die economische zaken en toerisme in zijn portefeuille heeft, wethouder Hans Schütt en burgemeester Lieke Sievers die leiding gaf aan “De Slimste Mens”, waarin de vijf thema’s over de economische toekomst centraal stonden, samen met vijf ondernemers van het Economisch Platform.

Fotogalerij

Danslessen voor groepen 4 van de basisscholen

Als onderdeel van de culturele lessen op de basisscholen van de SKOV in Volendam zijn er dit jaar weer de danslessen. Door Marleen Kras, coördinator van het cultureel lesprogramma, zijn Lize Keizer-Zwarthoed en Ramon Kes weer benaderd om de danslessen te geven aan de jongens en meiden van de groepen 4.

De eerste drie lessen zijn onder leiding van Lize en de laatste dansles wordt gegeven door breakdancer Ramon Kes. Op 10 januari ging de eerste streetdansles van start op de Petrusschool. Donderdagmiddag waren de twee groepen 4 van de Springplank aan de beurt. In de gymzaal werd door de leerlingen heel fanatiek op de muziek gedanst, waarbij Lize Keizer-Zwarthoed de danspassen voordeed. De allerlaatste dansles is in juni voor ’t Kofschip en de Blokwhere.

Fotogalerij

Voorlopig groen licht voor versterking Markermeerdijken

DEN HAAG – De Raad van State heeft vrijdagmiddag voorlopig goedkeuring gegeven voor voorbereidend werk aan de Markermeerdijken. De Raad vindt dat wel duidelijk is dat de veiligheid van de dijken tussen Durgerdam en Hoorn te wensen overlaat. Daarom mag het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier voorlopig beginnen met voorbereidingen aan de buitenzijde van de dijken.

Maar de Raad van State moet later nog wel beslissen of het plan voor de dijkversterking ook echt deugt. Daarom moet het hoogheemraadschap voorlopig van de dijken zelf af blijven. De Stichting Zuyderzeedijk en anderen vroegen om schorsing van het plan om te voorkomen dat de cultuurhistorisch zeer waardevolle dijken nu al direct worden aangetast. Ook voor de natuur in het Markermeer en de Gouwzee dreigt een aantasting.
De Raad geeft wel toe dat de natuur, waaronder mosselbanken en beschermde vogels, nadelen ondervinden. Maar de beschermde natuur gaat niet verloren. Over de aantasting van de cultuurhistorische waarden zal de Raad later beslissen. Vermoedelijk aan het einde van dit jaar of begin volgend jaar.
Voor de Raad weegt het financiële belang zwaarder. Als het project nu zou worden geschorst, dan zou dat veel geld kosten vanwege vertragingen. Zo lang er geen onomkeerbare werkzaamheden worden verricht, kan het hoogheemraadschap dus aan de slag, oordeelt de Raad. Grootschalige ingrepen op dijkgedeelten bij Volendam, Edam en Katwoude zijn voorlopig niet te verwachten.

Fotogalerij