Vandaag geopend: 08.00 - 17:30

Spotty

  

Er zijn van die dingen die alleen kinderen lijken te begrijpen. Mascottes bijvoorbeeld.

Niet eens een superheld of een goochelaar. Nee, iemand in een hondenpak.

Hij doet niets. Hij loopt een rondje. Hij zwaait wat. Klaar.

Op het vakantiepark in Italië waar wij zaten, woonde Spotty. Een dalmatiër van drieënhalve meter, gekleed in een rode spijkerbroek, Uggs en een hoedje waar alleen een mascotte mee weg kan komen.

De eerste keer dat ik hem zag, schrok ik me dood. Maar nog opmerkelijker was wat er achter hem aan kwam.

Hordes hysterische kinderen. Beatles-taferelen.

Spotty liep geen meter alleen. Waar hij verscheen, ontstond chaos.

Highfives, knuffels, selfies, handjes, handtekeningen, gegil.

Ik hoorde de stumper in dat pak hijgen alsof hij net een marathon had gelopen met een koelkast op z’n rug.

Ook niet zo gek, met een gevoelstemperatuur van 45 graden en een schuimrubberen hondenkop op je schouders.

Na een week had ik zijn volledige repertoire wel gezien.

Hij zwaaide. Hij knuffelde. En af en toe stak hij zijn duim op.

Meer zat er niet in.

Maar de kinderen? Die konden er geen genoeg van krijgen.

Op een avond aten we in het restaurant. Opvallend veel gezinnen met jonge kinderen. Opvallend veel geroezemoes. En telkens hoorde je, in alle mogelijke talen, hetzelfde woord.

‘Spotty.’

Ik vroeg een ober wat er stond te gebeuren. Hij keek me aan alsof ik onder een steen leefde. Spotty zou die avond dineren met alle kinderen in de aangrenzende Spotty Club. Zijn eigen VIP-lounge.

Mijn zoontje keek direct op van zijn pasta. Ik zag het gebeuren. Hij wilde naast Spotty.

Vanaf dat moment stond hij niet meer bij onze tafel, maar naast het raam van de Spotty Club. Loerend. Wachtend. Hopend op dat ene plekje naast zijn grote held.

Na een half uur vroeg ik dezelfde ober of Spotty misschien in de file stond.

Geen lachje.

Ik probeerde het nog een keer.

,,Of moet hij eerst nog ergens een lintje doorknippen?”

Nog minder reactie.

Toen begreep ik het.

Hier maakte je geen grappen over Spotty.

Drie kwartier te laat kwam hij uiteindelijk binnen. Heel rock-‘n-roll.

De kinderen vonden het prachtig. Ze juichten alsof Taylor Swift binnen kwam lopen. Ze sprongen, dansten en huilden van geluk.

Op het terras namen de ouders intussen nog maar een slok van hun wijn.

Pas tegen het einde van de vakantie drong het tot me door.

Want terwijl wij volwassen cynisch doen over ‘iemand in een hondenpak’, trekt ergens achter de schermen iedere avond iemand dat loodzware kostuum aan.

Bij dertig graden. Bij veertig graden. Iedere avond opnieuw.

Hij zet dat gigantische hondenhoofd op, loopt naar buiten en bezorgt tientallen kinderen een onvergetelijke avond.

Geen applaus voor hem.

Geen bekendheid.

Niemand weet wie er in dat pak zit.

Maar iedereen kent Spotty.

Misschien is dat wel genoeg.

Comments (0)

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *