Vandaag geopend: 08.00 - 17:30

All posts by De redactie

Wilde haren, gouden jaren

Jaap Corn klom uit een diep, donker dal en hervond de liefde voor de muziek

,,Mijn vader mocht vroeger graag een borreltje drinken”, herinnert Jaap Corn Veerman (64) zich. ,,Wel zo logisch ook, als je bedenkt dat hij tien kinderen had en we met zijn twaalven in één huis woonden. Mijn favoriete dagen als kind waren wanneer het hoofd van ome Kees om de hoek kwam kijken. ‘Nou, wat zeg je?’, hoorde je dan uit de deuropening komen. Vader reageerde vanuit zijn stoel in de voorkamer op zijn broer: ‘lust je er eentje?’ Steevast bedankte ome Kees in eerste instantie wegens tijdgebrek, maar wat net zo vast stond, was dat hij even makkelijk weer over te halen was om toch aan te schuiven. Eentje werden er twee, twee werden er drie en dan kwam de gitaar tevoorschijn. Vader op de gitaar en ome Kees – als drummer zijnde – met een lepeltje tikkend op een glas. Samen met mijn broers en zussen luisterde ik aandachtig naar de meerstemmige smartlappen die voorbij kwamen, tot ik ze uiteindelijk zelf ook onder de knie had. Dat waren de mooiste dagen die ik me kan herinneren. Daar is voor mij de basis voor de muziek gelegd.”
Door Kevin Mooijer

[ads id=66]

Jaap groeide op in een groot, gezellig en vooral muzikaal gezin. ,,Mijn oudere zussen vertellen veel over vroeger en één van de verhalen luidt, dat ik als klein jongetje, met een gitaartje gemaakt van een sigarenkistje, vaak onder de eettafel optrad. Bij gebrek aan een beter podium koos ik blijkbaar voor de krappe ruimte onder de tafel. Het hele gezin kon mooi zingen, nou ja, we konden in ieder geval allemaal toon houden. Al mijn broers en zussen waren muzikaal aangelegd. Ik was het achtste kind, waardoor ik in de gelegenheid was veel op te steken van mijn oudere broers en zussen. Mijn oudste broer Evert speelde heel verdienstelijk gitaar en trad al door heel Noord-Holland op met zijn band the Skyriders. Dat bandjesbestaan van hem is aan mij eigenlijk voorbijgegaan. Ik was destijds nog zo jong dat ik daar geen oog voor had.”
,,Vader kwam geregeld thuis met instrumenten. Vaak stond het hele huis vol met gitaren, mandolines, mondharmonica’s, alles waar je een mooi geluid uit kon krijgen. Thuis zat Evert altijd met een gitaar in zijn handen. Ik keek dan naar wat hij deed en rende daarna snel naar boven om het na te doen. Zo leerde ik gitaar te spelen.” Na vele uurtjes op zijn instrument te hebben geoefend, begon Jaap voorzichtig met zingen. ,,Ik was een jaar of elf toen ik ontdekte dat ik wel aardig kon zingen. Natuurlijk zong ik ieder jaar – na het bijwonen van de kerstmis – thuis aan de broodtafel ook mee met de klassiekers, maar ik had mezelf nooit eerder op de gitaar begeleid om dichtstukken van Bob Dylan en Leonard Cohen ten gehore te brengen.”

‘t Nickeltje
Waar Jaap ook naartoe ging, zijn gitaar ging mee. ,,Mijn vrienden waren natuurlijk ook op de hoogte van mijn liefde voor de muziek. Toen we een jaar of zestien waren, zaten we geregeld in ’t Nickeltje, de voorloper van ‘t Winckeltje. Daar draaiden ze fantastische muziek en bovendien had je er wekelijks een open podium-avond. In ’t Nickeltje zou ik ook mijn eerste publieke optreden spelen, de shows thuis onder de eettafel even buiten beschouwing gelaten.”
Samen met zijn vrienden zat Jaap aan de bar van hun geliefde café tijdens zo’n bewuste open podium-avond. ,,Er trad op dat moment nog niemand op. Wel stond er heel uitnodigend een akoestische gitaar in een standaard, wachtend om te worden bespeeld.” Jaaps vrienden zagen dat zijn aandacht naar de gitaar uitging en moedigden hem aan om het podium te betreden. ,,Na verloop van tijd besloot ik het te doen. Het zou er toch ooit van moeten komen. Ik herinner me nog dat ik een aantal oude blues nummers zong en wat liedjes van Bob Dylan en Van Morrison.” De toon was gezet voor een ingetogen, zestienjarige Jaap Veerman.
Niet lang na zijn eerste publieke optreden werd de jonge zanger gevraagd om zich bij de band Embryo aan te sluiten. ,,Samen met goede vriend Johnny Lautenschutz – die gitarist was – werd ik lid van de band. Al gauw stonden we met ons rhythm and blues-repertoire op de verschillende podia van Volendam. We waren zwaar onder de indruk van hoe goed onze band aansloeg bij het publiek.” Embryo speelde geregeld voor uitverkochte zalen, maar toch zou de band nooit meer dan een hobbyproject worden.
In 1977 werd door Dick Plat, Klaas Kap Tuyp en Theo van Scherpenseel de band Canyon opgericht. ,,Een jaar later stapte Theo vanwege tijdgebrek uit de band en ik werd gevraagd als zijn vervanger. Dick en Klaas waren de jaren voorafgaand aan Canyon al beroepsmuzikant geweest en met deze nieuwe formatie was dat weer het streven. Ik moet toegeven dat ik mijn twijfels had toen ik werd gevraagd. Niet vanwege de muzikanten, maar vanwege de muziekstijlen die ze speelden. Ik had het trio zien spelen op de bruiloft van mijn broer en ik was tot de conclusie gekomen dat ik Canyon een veredelde feestband vond. Ze speelden geen rock ’n roll, maar meer rustig en Nederlandstalig werk.”
Dick en Klaas wisten Jaap – die meer had met het ruigere muziekgenre – te overtuigen om toch eens mee te gaan naar een optreden. ,,Buiten bruiloften om werd voor uitverkochte zalen popmuziek gespeeld. Daarbij zou ik twee door de wol geverfde muzikanten als collega’s hebben en bovendien kon ik per direct beroepsmuzikant worden door in te stemmen. Ik besloot het een kans te geven.” Alsof het zo moest zijn kwam de planning zo uit dat het laatste optreden van Canyon met Theo van Scherpenseel plaatsvond op de bruiloft van Jaap zelf. ,,Ik trouwde en stapte tegelijkertijd in Canyon. Op mijn bruiloft werd het stokje overgedragen. Ik werd op het podium geroepen en zong een liedje mee met mijn nieuwe collega’s, dat was natuurlijk een leuk moment voor mij.”

‘Ik werd tijdens
mijn bruiloft op
het podium geroepen
en zong een liedje
mee met mijn
nieuwe collega’s’

Het feit dat Canyon de eerste jaren uit slechts drie bandleden bestond, had één groot voordeel ten opzichte van de concurrentie: ,,We waren een betaalbare band en konden vrijwel overal terecht. Iedere vrijdag, zaterdag en zondag speelden we door heel Noord-Holland heen. Ik denk dat we alle zalen uit die tijd wel gehad hebben. In het live circuit hadden we enorm veel succes. Buiten Volendam speelden we alle zalen plat met ons gebruikelijke repertoire en op het dorp zelf organiseerden we regelmatig shows met gastoptredens. Vooral tijdens de rustige wintermaanden zorgden wij voor gezellige avonden in het Pius X-gebouw. Ik denk dat we alle gerenommeerde muzikanten uit Volendam in die tijd wel op het podium gehad hebben: van Jan Kies tot Thomas Tol en van Evert Jash Veerman tot Harmen Veerman. Die speciale gastformaties bevielen het publiek zo goed, dat het concept uitgroeide tot iets dat meerdere malen per jaar terugkwam.”
Tussen al het live-geweld door waren de mannen van Canyon op de achtergrond bezig met het schrijven van eigen werk. ,,Dick en Klaas schreven voornamelijk Engelstalig. Ik luisterde destijds veel naar Boudewijn de Groot en stelde voor om Nederlandstalige muziek eens een kans te geven. Ze stemden met mijn verzoek in en de hulp van Theo van Scherpenseel werd ingeschakeld om onze eerste singles ‘Altijd Zon’ en ‘Ik Hield Van Jou’ te schrijven. De liedjes werden opgenomen bij Arnold Mühren in de studio en voor we het wisten zaten we in allerlei radioprogramma’s.” Canyon zou de eerste band uit Volendam worden die Nederlandstalige muziek uitbracht.
,,Terugkijkend had het beter voor Canyon geweest als we onder het management van Jaap Cas Buijs hadden gevallen. Wij waren aangesloten bij het bureau van een oud-muzikant uit Warder. Wel verliepen onze platen via Jaap Cas. Zo ben ik ooit twee keer door Jan Tuf Buijs teruggefloten van vakantie voor een televisieoptreden.” Jaap neemt een slok van zijn koffie en lacht: ,,‘Dit kan jullie doorbraak worden!’, zei Jan dan enthousiast door de telefoon. Als ik het me goed herinner, ging het om optredens bij de programma’s Op Volle Toeren en Nederland Muziekland. Misschien heeft Jan toch enigszins gelijk gekregen, we zijn vooral bij het laatstgenoemde programma vaak terug gevraagd.”
De bekendheid die Canyon met de televisieoptredens vergaarde werd uiteindelijk beloond. ,,We werden gecontracteerd door een grotere platenmaatschappij en in 1983 mochten we een album opnemen.” Met de single ‘Als ik Maar Bij Jou Ben’ bereikte de band de landelijke Top 40, maar een ander liedje zou – ondanks dat het de hitlijsten nooit haalde – vele malen bekender worden. ,,Mooi Volendam”, zucht Jaap. ,,Ondanks dat het hele land het liedje kent, is het nooit gelukt om er een hit van te maken. Een sleeper wordt dat in de muziekindustrie genoemd.”
Landelijk gezien zou ‘Mooi Volendam’ nooit de hit-status krijgen, maar binnen het derde klaphek is het lied uitgegroeid tot een ware evergreen. En aangezien het lied iets magisch heeft, is dat ook niet zo gek. Bij het horen van de openingstonen waan je je namelijk direct tijdens een zonnige dag op een gezellig gevulde dijk. ‘Mooi Volendam’ wordt in Jaaps thuisdorp vanaf het moment dat het uitgebracht werd, doorgegeven van generatie op generatie. ,,We zijn nog altijd ongeslagen kampioen in de Volendammer Top 1000. The Cats, BZN en Jan Smit hebben ons nog altijd niet overtroffen”, lacht Jaap. ,,Maar de mooiste herinnering die ik aan het liedje heb, is toch wel de dag waarop we het opnamen in de studio.”
,,Bij Arnold Mühren in de studio is het zo dat de beste zangers en muzikanten slechts één telefoontje verderop zijn. De basis van ‘Mooi Volendam’ was inmiddels opgenomen en we waren aanbeland bij de sologitaar. Arnold had geregeld dat Piet Veerman de gitaarpartij voor zijn rekening zou nemen. Piet kwam binnenstappen met zijn prachtige akoestische gitaar en nam plaats achter de microfoon. Het resultaat is alom bekend. Hij speelde het liedje op zijn eigen kenmerkende manier in.”

‘Het koor dat
het refrein van
‘Mooi Volendam’
ondersteunt, werd
– naast de Canyon-leden –
gezongen door
Cees Poes Veerman,
zijn broers Martin en Harmen,
Maribelle, Jaap de Witte
en Arnold Mühren zelf’

De godfather van de Palingsound voegde zelfs zijn karakteristieke Piet-noot toe aan de solo die later in het lied te horen is. ,,Het koor dat het refrein ondersteunt, werd – naast de Canyon-leden – gezongen door Cees Poes Veerman, zijn broers Martin en Harmen, Maribelle, Jaap de Witte en Arnold Mühren zelf. Al die mensen stonden onder de sneltoets in de studio van Arnold. Werkelijk fantastisch om mee te maken. Dat is een dag die me nooit meer zal worden afgenomen.”
Canyon bracht meerdere singles uit, maar tot een echte doorbraak kwam het helaas niet. ,,Het studiowerk sloeg niet aan bij het grote publiek. Volgens Albert West had het te maken met dat we ons teveel op onze optredens bleven richten. ‘Jongens, jullie moeten je optredens cancelen en je volledig storten op platen maken, anders wordt het niks’, adviseerde hij. Wij waren helaas genoodzaakt dat advies in de wind te slaan, simpelweg omdat er drie gezinnen leefden van de band. Terugkijkend op die periode vind ik het enerzijds jammer dat het niet gelukt is, maar anderzijds heb ik beroemdheid nooit geambieerd. Misschien heeft ook dat een rol gespeeld in het hele proces. Dat je als extra drijfveer hebt beroemd te willen worden. Ik wilde alleen muziek maken, zingen, spelen, maar beroemd worden zeker niet.”
Later in de jaren 80 brak er een moeilijker periode aan voor de Volendammer muzikanten. ,,De opkomst van de discomuziek betekende voor ons minder werk. We gingen niet mee in het nieuwe genre en als gevolg werden we minder geboekt.” Desondanks bleef Canyon volharden en verwelkomde in 1985 zelfs een nieuw bandlid. ,,We haalden Willem de Vries erbij als bassist. Tot die tijd had Dick Plat altijd met zijn voeten de bas gespeeld, terwijl zijn handen het druk hadden met het toetsenwerk. Maar met de toevoeging van Willem waren we toch dynamischer.”
Drie jaar later kreeg Canyon de volgende klap te verwerken. ,,Dick Plat verliet de band. Hij werd gevraagd door de BZN. Wij waren er natuurlijk niet zo blij mee, maar we hadden wel begrip voor zijn besluit.” Jaap, Klaas en Willem gingen op zoek naar een nieuwe toetsenist. ,,Evert Jash Veerman kwam net terug van zijn wereldreis en zat zonder werk. Het enige probleem was dat Evert gitarist was in plaats van pianist. Maar om een lang verhaal kort te maken: Evert heeft zichzelf vier maanden opgesloten en toen hij weer naar buiten kwam, was hij pianist. Zodoende kon hij tijdens onze optredens wisselen tussen piano en zijn virtuoze gitaarspel.”
De nieuwe formatie hield niet lang stand. ,,Begin jaren 90 gooide Klaas de handdoek in de ring. Helaas gebeuren dat soort dingen nu eenmaal in een band.” Nu zowel Dick als Klaas Canyon hadden verlaten, was het aan Jaap om de contacten met zaalhouders in Noord-Holland te onderhouden. ,,Ik dacht bij mezelf ‘we hebben nu al veertien jaar in Noord-Holland gespeeld, misschien is het tijd om onze horizon eens te verbreden’. Samen met Evert ben ik op zoek gegaan naar andere boekingskantoren door het land. Al vlug stonden we in contact met bureaus in Amsterdam, Dordrecht, Nijmegen en Friesland. Met deze nieuwe connecties kwamen we op de gekste plekken te spelen. We hebben zelfs over de grens in Duitsland en België gespeeld. Als ik tegenwoordig door Nederland rijd, herinner ik me overal nog zalen waar we gespeeld hebben.”
Monnickendammer Johan Lansing was net ingewerkt tot nieuwe drummer, toen de mannen van Canyon het volgende slechte nieuws te verwerken kregen. ,,Evert kreeg een hernia. Het was zo erg dat hij niet meer van bed kon komen. Al onze gezinnen leefden van de band, dus de optredens moesten doorgaan. Willem was nog bevriend met een pianist, een ‘wonder op toetsen’ noemde hij hem. Het ging om Ben Vermeulen, voormalig toetsenist van onder meer het orkest van André van Duin en verschillende andere orkesten. Totdat Evert opknapte zou Ben de honneurs waarnemen.” Weer doken de muzikanten noodgedwongen het repetitiehok in. ,,De toevoeging van Ben bracht weer verschillende muzikale invloeden met zich mee. Dat was ook weer hartstikke leuk en een mooie ervaring.”

Mooiste klussen
Een jaar later was Canyon lekker bezig met de nieuwe samenstelling, maar elders in Volendam begon Evert Jash weer op te krabbelen. ,,Dit bracht ons in een lastig parket. Enerzijds wilden we Evert natuurlijk niet kwetsen, maar anderzijds wilden we Ben niet kwijt. Hij was zo’n extreem goede, ervaren toetsenist, die zou je nooit weer treffen. Dus we besloten het maar met zijn vijven te proberen. En na dat besluit waren we op ons best. Ben achter de piano en Evert op zijn oude, vertrouwde gitaar. Willem zong de hoge stemmen en ik de zwaardere stemmen. We kwamen eindelijk weer in beter vaarwater terecht. We werden geboekt op de mooiste klussen. Van gigantische bedrijfsfeesten met duizenden mensen tot shows op indrukwekkende schepen. Het ging ons even voor de wind, tot Evert er in 1998 geen zin meer in had. Hij begon een charterbedrijf met zeilboten en wij besloten met zijn vieren verder te gaan. Dat hadden daarvoor immers ook een jaar zo gedaan. Al gauw hadden we alles weer op de rit. Er was geen vuiltje aan de lucht.”
En toen sloeg het noodlot toe. ,,De ramp… Het zal altijd onlosmakelijk verbonden blijven met mijn muzikale carrière.” Na het verliezen van zijn dierbare zoon Lennart, viel Jaap in een diep, donker gat. ,,Mijn kinderen zijn alles voor me. Lennart was zestien jaar en we waren zó ongelofelijk trots op hem. Hij was zo’n fantastische jongen met een prachtig innerlijk. Zijn karakter was goedaardig en lief. Hij kwam net uit de pubertijd, had een krachtig lijf, een schitterend gebit en een kop met pikzwart haar. En dan, zo, in één klap, is hij weg. Hoe dat voelt, is onbeschrijfelijk. Je komt als gezin in diepe rouw, alle optredens worden gecanceld, je leven komt stil te staan.”
Ondanks de tragische situatie waarin Jaap zich bevond, wilde hij zijn collega’s niet afvallen. ,,Na enige tijd probeerde ik de draad weer op te pakken. Ik heb tot juli van datzelfde jaar geprobeerd verder te gaan met Canyon, maar ik trok het niet.” Op Jaaps gezicht vormt een bedrukte blik: ,,Je staat op dat podium, de mensen in het publiek staan te dansen en te feesten en ik had het gevoel dat ik dood ging. Iemand anders zou het misschien sneller kunnen doen, maar bij mij zat dat er niet in. Dus heb ik tegen mijn collega’s gezegd dat ik het niet meer kon. De jongens begrepen het volledig. Ik heb ze nog gezegd dat ze met een andere zanger door moesten gaan, maar dat wilden ze niet.” Zeven maanden na de Nieuwjaarsbrand, in juli 2001, werd Canyon opgeheven en Jaap bevond zich in een diep dal.
,,Ik heb heel veel tijd nodig gehad om te kunnen zeggen dat dit bij ons hoort. Terugkijkend op het hele proces heb ik er vijftien jaar over gedaan om dat toe te kunnen geven.” Jaap neemt een korte pauze en vervolgt: ,,Laatst keek ik The Hobbit voor de zoveelste keer toen me iets duidelijk werd. Wanneer de hoofdpersoon in de film voor het eerst de ring omdoet, wordt hij onzichtbaar. De wereld om hem heen gaat op volle snelheid door, maar alles gaat aan hem voorbij omdat niemand hem kan zien. Ik dacht ‘dit is precies het gevoel dat ik had.’ De wereld gaat door, maar jouw wereld komt volledig stil te staan. Dat is wat ik voelde na het verliezen van mijn zoon.”

‘De mensen in het
publiek staan te
dansen en te feesten
en ik had het gevoel
dat ik dood ging’

Jaap zonderde zich af en deed de daaropvolgende jaren niets meer in de muziek. Tot dat Jan Mühren in 2004 voor de deur stond. ,,Jan kwam vragen of ik mee wilde doen aan het Concert van de Eeuw. Ik twijfelde omdat ik nog niet in goeden doen was, maar uiteindelijk besloot ik toch mee te doen.” Tijdens het legendarische optreden in de Opperdam zag het publiek hoe Jaap zijn ziel en zaligheid gaf om een gedenkwaardige show neer te zetten. De opvoering van de bedaarde zanger staat in het geheugen van veel Volendammers gegrift. ,,Er hing een bijzondere sfeer in de zaal toen ik het podium betrad. Ik zong ‘Jersey Girl’ en ‘Sherry Darling’ en naderhand in de coulisse werd ik opgevangen door collega-muzikanten. Iedereen had hetzelfde, emotionele gevoel overgehouden aan het optreden. Het was heel opmerkelijk.”
Later die avond sprak Jaap zijn neef Corn, die het optreden vanuit de zaal had meegemaakt. ,,Corn vatte mijn optreden samen als: ‘hij kwam, zag en overwon.’ Heel voorzichtig putte ik weer kracht uit de muziek. Zo nu en dan heb ik meegedaan aan een project, maar nooit meer ben ik onderdeel geweest van een vaste band zoals ik dat bij Canyon was.”
De afgelopen jaren werkte Jaap mee aan the Next Generation-optredens, het Americana Guitar Fest, PX-Recordings, de Leonard Cohen avonden en heeft hij zelfs An Evening With Jaap Corn gedaan. ,,Bovendien ben ik vijf jaar geleden samen met mijn zoon Martijn en toetsenist Christiaan Veerman een muzikaal trio begonnen waarmee we in kroegjes spelen. Dat is toch wat ik het liefste doe. Lekker op kleine schaal jaren 60 en 70 muziek spelen. Heerlijk…”
De zingende ambtenaar – zoals Jaap met een knipoog door zijn collega’s bij de gemeente wordt genoemd – heeft in zijn leven bijzonder veel meegemaakt en heeft bovendien een hoop om trots op te zijn. ,,Dat ik ‘Mooi Volendam’ heb ingezongen kan de zee niet meer uitwissen”, lacht hij. ,,Er is een fase geweest waarin ik een afkeer tegen het nummer begon te ontwikkelen, maar dat is ook niet zo gek als je bedenkt dat we het geregeld vier keer per optreden moesten spelen. Desalniettemin ben ik er ontzettend trots op dat mijn stem te horen is in het liedje.”
Jaap heeft na ruim tien jaar verslagenheid zijn plezier in de muziek teruggevonden. ,,Muziek is echt mijn leven. Muziek is helend, zowel voor het hart als voor de ziel. Het was ook de muziek die me uit de ellende heeft getrokken. Tegenwoordig kan ik weer vol vertrouwen zeggen dat ik nog niet denk aan stoppen met zingen. Het is zelfs zo dat ik weer iedere dag zing.”
Als slotakkoord komt Jaap met een verrassende primeur: ,,Binnenkort komt er een liedje uit van mij samen met Jan Smit. Ik kan nog niet zeggen hoe, wat of waarom, maar er wordt op de achtergrond aan gewerkt. Ik ben de laatste tijd bevriend geraakt met Jan en ik moet zeggen dat ik enorm veel bewondering heb voor die jongen. Wat hij allemaal heeft meegemaakt op zo’n jonge leeftijd, dat is niet te bevatten. Ik ben blij dat hij een goede vriend van me is geworden.”
Jaap kan naar eigen zeggen een krant vullen met sappige verhalen uit de muziek, maar die bewaart hij voor een ander moment. ,,Sommige verhalen zijn niet per se geschikt voor een groot publiek. Die vertel ik je wel eens in de kroeg”, lacht hij. Naast het feit dat Jaap een geweldig zanger en een fijne vent is, is hij boven alles een bewonderenswaardig mens. Jaap is uit een ongelofelijk diep dal geklommen, heeft zijn verdriet overwonnen en uiteindelijk heeft hij zijn liefde voor de muziek teruggevonden. Het jongetje dat met zijn zelfgemaakte gitaartje onder de eettafel optrad, groeide uit tot de zanger van Volendams grootste evergreen. De verlegen tiener die na aandringen van zijn vrienden voorzichtig een liedje zong in ’t Nickeltje, werd de ster van de show tijdens het Concert van de Eeuw. Of hij het zelf zo ziet, valt te betwijfelen, maar één ding staat vast: het Mooie Volendam is trots op Jaap.

Jaap ‘Corn’, samen met Nancy Guijt, tijdens een uitvoering van de ‘Tribute to Leonard Cohen’.

Fotogalerij

Zuideinde en Haven nu voetgangerszone

Dinsdag waren Marco van der Gracht (die vanwege de spoedklus zijn vakantie had onderbroken) en Geert van Niekerken (van de gemeente) bezig om borden op te hangen op het Zuideinde en aan de Haven, tot aan de afrit naar het Havendijkje (Hotel Spaander).

 

Vanaf 4 januari is dit gebied een voetgangerszone, waarbij verder alleen nog fietsers toegestaan zijn. De dijk is nu alleen voor auto’s bereikbaar tussen 06.00 en 11.00 uur voor het laden en lossen.

Er werden op verschillende plaatsen zo’n tiental voetgangersborden aan de stalen palen bevestigd aan de Haven bij de op- en afritten. Omdat het Zuideinde en de Haven nu verboden zijn voor auto’s, zijn alle verkeersborden die hierop betrekking hebben verwijderd. Dat ging om zo’n veertigtal borden.

Fotogalerij

Oliebollen bakken voor herstel toren Grote Kerk

Al vele jaren is een groep van zo’n 30 vrijwilligers op Oudejaarsdag in de weer om oliebollen te bakken in de Grote Kerk Edam. Ook dit jaar zijn weer een paar duizend oliebollen bereid voor de verkoop.

 

De opbrengst was dit keer voor het herstel van de toren van de Grote Kerk die opnieuw gevoegd moet worden en waarvan een groot aantal stenen vervangen moet worden. Via de website konden de oliebollen besteld worden. Het waren door de coronaperikelen wat minder oliebollen als in andere jaren, maar toch was de organisatie dik tevreden.

In totaal zijn 1.200 appelbeignets, 3.500 rozijnenbollen en 1.500 oliebollen gebakken. En dat ging als een geoliede machine. In tijdvakken konden de zakken met de Oud-en-Nieuw lekkernij afgehaald worden. Tot 13.30 uur duurde de actie en toen was alles op. Er werd een mooi bedrag bijeen gebakken.

Fotogalerij

Vrijwilligers Bosvolk brachten 1.800 oliebollen rond

Voorheen werden door de vrijwilligers van Bosvolk jaarlijks oliebollen gebakken in het onderkomen aan de Voorhaven. Na de verkoop van het pand, werd in 2015 voor een andere opzet gekozen.

 

Voor het zesde jaar werden in samenwerking met bakkerij Kaandorp, de oliebollen gebakken. Er werden voor 95 adressen bestellingen ontvangen en in totaal zijn 1.800 oliebollen ’s nachts gebakken. In Café De Harmonie werden de bestellingen ’s morgens op Oudejaarsdag klaar gemaakt en vervolgens thuis gebracht met de ‘oliebollen-express’.

De opbrengst van de oliebollenverkoop van Bosvolk is voor het jaarlijkse zomerkamp voor kinderen van 7-12 jaar, en het ZIPP-kamp voor jeugd van de 1e, 2e en 3e klas van het middelbaar onderwijs.

Fotogalerij

Succes door MT1000 uitgeroepen tot Nr. 1 schoonmaakbedrijf van Nederland

Vlak voor het einde van dit jaar heeft Succes Schoonmaak een zeer eervolle prijs behaald. Door het magazine MT1000 is ‘Succes’ uitgeroepen tot beste schoonmaakbedrijf van Nederland. Het is voor Jan Kes en Frank Schoute, die sinds ruim een jaar leiding geven aan Succes Schoonmaak, een mooie bevestiging dat de koers die zij nu varen, de juiste is.

[ads id=66]

MT/Sprout vraagt jaarlijks duizenden zakelijke beslissers met welke dienstverleners ze graag zaken doen. De bedrijven worden beoordeeld op klantgerichtheid, productleiderschap, excellente uitvoering en een Net Promoter Score (NPS). Dit resulteerde in een 1e plaats in de categorie schoonmaakdienstverlening.

‘De simpelste dingen
zo goed mogelijk doen’

Vorig jaar zijn de 2 hoofdlocaties van Succes Schoonmaak (Weesp en Volendam) weer samengevoegd naar één ‘toekomstproof’ kantoor in Volendam, dat na een grondige verbouwing in december 2019 geopend werd. Jan Kes en Frank Schoute geven leiding aan de hele organisatie. Zij vertellen: “We zijn met nieuwe kernwaarden aan de slag gegaan, waarin we de medewerkers op 1 hebben gezet. De koers werd uitgezet voor 2020, maar toen kwam corona ertussen. Dat betekende aan de ene kant een flinke afschaling van onze diensten, en aan de andere kant 24/7 mensen moeten regelen. Zo verzorgen wij het schoonmaakonderhoud bij het Boven IJ ziekenhuis, en moesten we voor de RAVU 24/7 paraat staan voor het schoonmaken van ambulances na een ‘corona-rit’. Dat zorgt voor een hectische tijd en druk op de organisatie. Met z’n allen hebben we de schouders eronder gezet en dit (vooralsnog) tot een goed einde gebracht. Ondertussen zijn we ook een professionaliseringsslag aan het maken op het gebied van digitalisering en automatisering. We willen nog meer op data gaan sturen en procesmatiger werken.
Zoals gezegd staan onze medewerkers voorop. Onlangs zijn we vrijwel bij iedereen op de werkvloer langs geweest. Zo kom je aan de weet wat er leeft, wat ze nodig hebben, en ze komen zelf met de beste ideeën aan. We hebben ruim 400 medewerkers in dienst. De wisselwerking maakt er zo een echt familiebedrijf van. Succes is geen standaard schoonmaakbedrijf, maar alle medewerkers zijn een onderdeel van het team. We hebben een sterk middenkader gecreëerd, dat zelfstandig de klussen oppakt. Er heerst een goede werksfeer. Er is in ons bedrijf een goede mix van oud en jong. Er zijn nieuwe mensen, die nieuwe input in de organisatie brengen. Op elk vlak hebben we de juiste mensen op de juiste plekken. Dit uiteraard gepaard met simpelweg hard werken en je stinkende best doen. De simpelste dingen zo goed mogelijk doen, was al de basis van Succes en daar borduren we op voort. In dit coronajaar hebben we financiële en operationele tegenwind gehad, dus we zijn blij dat we het jaar met deze prijs kunnen afsluiten. Dat hadden we ook graag willen vieren. Als de Corona-perikelen achter de rug zijn, zullen we dat zeker uitbundig met de hele organisatie gaan vieren”.
www.successchoonmaak.nl

Jan Kes en Frank Schoute bij de spiegel met het logo van Succes Schoonmaak in het kantoor aan de Mgr. C. Veermanlaan.

Fotogalerij

Hein Molenaar zet na 42 jaar punt achter verzekeringsloopbaan

Woensdag 30 december was het de laatste werkdag voor Hein Molenaar bij Molenaar en Zwarthoed Adviseurs. In 2008 werd het bekende verzekerings- en assurantiekantoor al overgedaan aan Kees Tuijp en ging Hein 50 procent minder werken.

 

Nu is er definitief een punt gezet achter zijn loopbaan van 42 jaar. Hein vertelt: “Ik heb dit werk altijd met veel plezier gedaan en nooit één minuut met tegenzin gewerkt. Ik heb in al die jaren veel voldoening gehad en gekregen.

Het is altijd dankbaar werk geweest. Als er schade is bij de klant, je gaat de zaak regelen en komt tot de conclusie dat je de dekking goed geregeld hebt, dan geeft dat veel voldoening”.

Fotogalerij

Beleggingscolumn

Beleggen voor je pensioen met belastingvoordelen

Het is belangrijk om op tijd na te denken over je pensioen. Het inkomen voor na je pensioenleeftijd moet je namelijk tijdens je werkende levensjaren zien op te bouwen. Uit onderzoek blijkt echter dat zo’n 40% van de Nederlanders niet voldoende pensioen opbouwt! In dit artikel leggen we uit hoe je eenvoudig inzicht krijgt in je pensioeninkomen en hoe je bij Axento fiscaal aantrekkelijk pensioen kunt opbouwen.

[ads id=66]

In Nederland bestaat pensioen uit drie onderdelen: (1) AOW, (2) pensioen dat een werkgever voor je opbouwt en (3) pensioen dat je zelf opbouwt. Hoe hoog je totale pensioeninkomen nu is, kun je gemakkelijk bekijken op www.mijnpensioenoverzicht.nl. Alleen het AOW-inkomen is voor de meeste mensen niet genoeg om van rond te komen na pensionering. Maar uit onderzoek blijkt dat zelfs 31% van de mensen in loondienst niet genoeg heeft aan AOW en het pensioen van de werkgever. Onder zzp’ers is dit probleem nog groter. Bijna 45% van de zelfstandigen bouwt zelf onvoldoende pensioen op.
Voor veel mensen is het dus verstandig of zelfs noodzakelijk om zelf aanvullend pensioen op te bouwen. Een slimme manier om dit te doen, is door (periodiek) te beleggen in box-1. Dit noemen we ook wel pensioenbeleggen of lijfrentebeleggen. Deze vorm van beleggen biedt een aantal belastingvoordelen ten opzichte van ‘gewoon’ beleggen in box-3. Zo is je inleg volledig aftrekbaar van je inkomen op je belastingaangifte. Je inleg is dus als het ware een aftrekpost in box-1, waardoor je belastbaar inkomen lager wordt! Daarnaast betaal je over dit geld geen vermogensbelasting in box-3. Op je pensioendatum (of maximaal 5 jaar na je pensioendatum) moet je je opgebouwde vermogen laten uitkeren. Op dat moment moet je er ook inkomstenbelasting over betalen. Een voordeel hiervan is dat je inkomen op dat moment waarschijnlijk lager is dan nu, waardoor je een lager belastingtarief betaalt over de uitkeringen.
Tegenover de genoemde voordelen staan wel een aantal spelregels. Je kunt bijvoorbeeld niet onbeperkt inleggen. Je inleg is beperkt tot je beschikbare jaarruimte of reserveringsruimte. De hoogte hiervan is weer afhankelijk van je leeftijd en hoeveel pensioen je jaarlijks al opbouwt. Daarnaast kun je het geld niet zomaar tussentijds opnemen. Het geld staat op een geblokkeerde rekening die pas uitkeert op je AOW-leeftijd. Als laatste brengt beleggen natuurlijk risico’s met zich mee. Daar staat weer tegenover dat het verwachte rendement ook een stuk hoger ligt dan de spaarrente. Wil je meer weten over de mogelijkheden van pensioenbeleggen? Kijk dan op www.axento.nl/pensioen of neem vrijblijvend contact met ons op.
Laurens Sombroek
Portfoliomanager bij Care IS en Axento vermogensbeheer
Care IS Vermogensbeheer
Mgr. C. Veermanlaan 1G
1131 KB Volendam
Tel. 0299-720961
info@care-is.nl
www.care-is.nl

Fotogalerij

Tijdelijk parkeerterrein aan de Julianaweg

Na de verhuizing van supermarkt Dirk van den Broek naar de nieuwe winkel in de Hyacintenstraat is het tijdelijke pand aan de Julianaweg gesloopt. Het terrein, waar voorheen de meubelshowroom van Tase Wonen gevestigd was, had als ondergrond stelconplaten.

 

Deze zijn door de gemeente overgenomen van Dirk van den Broek. Zodoende is nu een tijdelijk groot parkeerterrein op de Julianaweg erbij gekomen. Het ligt in de bedoeling dat er op dit terrein in de toekomst woningen gebouwd gaan worden.

Daarvoor zijn de plannen in de maak. Zolang er nog geen bouwactiviteiten zijn, blijft het nog een parkeerterrein. Voor de FC Volendam komt het mooi uit. Het is dan wel te hopen dat er snel weer publiek in het stadion mag komen tijdens de thuiswedstrijden.

Fotogalerij

Melanie en Dave: twee verhaallijnen komen na Nieuwjaarsbrand samen in één toekomst n

Drama kan ook tot liefde leiden

Op 1 januari is het straks 20 jaar geleden dat Volendam breaking news was in Amerika (CNN) en Groot-Brittannië (BBC). Nederland raakte geschokt, omdat bar De Hemel in brand stond en tientallen feestvierende kinderen – van buiten en van binnen – verwond raakten. Veertien jongeren kwamen te overlijden, duizenden mensen waren betrokken. Families, vrienden, omwonenden, hulpverleners, ooggetuigen, velen raakten getraumatiseerd. Naast de vele drama’s bracht de nasleep van de Nieuwjaarsbrand ook onvoorstelbare veerkracht en verrassende, soms ontroerende, gebeurtennissen met zich mee in de twintig jaar daarna. De Nivo brengt een reeks verhalen met mensen uit die betrokken groep. Vandaag Melanie Klene (35) en Dave Steur (39). Twee geliefden, door een ramp met elkaar verbonden. Betrokken bij dezelfde gebeurtenis, met uiteenlopende afloop. Voor de één begon daarna het nieuwe leven, voor de ander stond de wereld een tijd lang stil. Twee verschillende verhaallijnen, die uiteindelijk samensmelten.
Door Eddy Veerman

[ads id=66]

Hun kroost daalt nog even de trap af, want de nieuwsgierigheid wint van het van de slaap. Daan (5) en Tijn (3) vragen zich af wie er op bezoek komt deze avond. De één heeft nog wel wat prangende vragen, de ander toont ongevraagd zijn acrobatische kunsten. Daan weet inmiddels naar aanleiding waarvan ‘deze meneer’ op visite is. In de hoek van de woonkamer staat een stille getuige: de gitaar die oom Ruud bespeelde. De kindertijd van Dave, van drie broers met Nick als oudste, staat hem nog helder voor de geest. ,,Ik was een pestkop. Lokte Ruud altijd uit, zoals broertjes kunnen zijn. En dan hard wegrennen. Dat moest ook wel, want hij was toen al lang en kon hard slaan.”
De twee troffen elkaar nog in opgetogen toestand, die oudejaarsavond. Dave: ,,Ik ben die avond met mijn vrienden in De Hemel begonnen.” Hij zat dicht bij de tafels waaraan naderhand de sterretjes werden afgestoken en een steekvlam de kersttakken zou doen ontbranden. ,,Maar tijdens de avond ben ik met vrienden naar de Passagebar gegaan en daar zag ik Ruud. Ik leende nog wat geld van hem, 35 gulden. Dat geld heb ik nog, het ligt boven…” Het was de laatste keer dat hij in levende lijve de ondeugende glimlach van zijn broertje ving.

Rookwolk
,,Even voor twaalf uur kwamen we weer aan bij de WirWar Bar, onder De Hemel. M’n maatje Niels Jonk ging wat sneller. Hij zou op het moment van de brand ook boven zijn en liep brandwonden op. Ik stapte net de WirWar binnen, toen een rookwolk ineens de trap van De Hemel afrolde, de WirWar in. Iedereen die om me heen stond, wilde tegelijk naar buiten, waardoor het vast stond. Ik schoot er doorheen en trapte samen met anderen de ramen van de WirWar-pui in.”
,,Een paar huizen verderop ben ik naar binnen gegaan. Daar werden gewonden verzorgd. Een meisje vroeg of ik haar laars uit wilde doen. In alle hectiek weet ik niet meer zeker waar ik daarna nog binnen ben geweest, maar ik denk Bar De Molen, daar zat een maatje met zijn handen in de spoelbak. Daar lag ook een meisje. Levenloos. Daarna ben ik weer naar buiten gegaan, heb mijn vader gezien, die op zoek was naar Ruud. Omdat alles werd afgezet, kon ik nergens bij en ben naar huis gegaan.”
Zijn ouders kregen pas enkele uren later het bericht dat Ruud naar het Brandwondencentrum van Beverwijk was gebracht. Albert en Nelie hadden snel nog wat schone kleren meegepakt, maar werden, daar aangekomen, met de zwaarst mogelijke mededeling overvallen. Ze moesten afscheid nemen van hun zoon. Dave: ,,Ruud was dermate verbrand, dat de artsen niet meer aan hem begonnen.”
Vóórdat hij naar het ziekenhuis was vervoerd, lag hij in de WirWar Bar, voerde nog gesprekken met hulpverlener Annemarie Hansen, zoals hij ook aan de ambulancebroeders vroeg of hij in zijn gezicht verbrand was, of het erg was en of hij op Nieuwjaarsdag dan nog wel uit kon gaan… De diepe derde- en vierdegraads brandwonden verdoofden zijn pijn.
Dave en Nick werden gebeld, om naar Beverwijk te komen. ,,Hij was niet meer herkenbaar. Daar zitten wel mijn ergste herinneringen, toen Ruud weggleed en hoe mijn ouders daarop reageerden, paniek, schreeuwen. ‘Ga je nou weg, Ruud?’, gilde mijn moeder. Dat ging toen al door merg en been, maar later, als je zelf kinderen krijgt, weet je pas echt wat die woorden, de daarbij behorende emotie, inhouden.”
,,Toen zijn hart weer stopte, lieten ze hem gaan en zeiden ‘Ga maar, ga maar naar het licht…’ Heel puur”, zegt Dave. ,,We moesten hem herinneren zoals hij was, dus kwam er een foto op de dichte kist.”

‘Daar waar mijn
ouders en broer
Nick in één groot
tranendal zaten,
kon ik niet goed
bij mijn emoties’

Zijn ouders moesten daarna leren leven met en het leren loslaten van de kwellende vraag ‘wat als’. ,,Wat als de artsen Ruud niet hadden opgegeven en naar België of Duitsland hadden laten transporteren. Had hij dan – zwaar gehavend – tóch overleefd? Wij wisten die ochtend niet dat daar meerdere Volendamse jongeren naar toe waren gebracht.”
Zijn ouders gingen dwars door het rouwproces heen. ,,Bij ons thuis was heel veel verdriet. Daar waar mijn ouders en broer Nick in één groot tranendal zaten, kon ik niet goed bij mijn emoties en daar heb ik moeite mee gehad, eigenlijk erg mee gezeten. Ik kan er eigenlijk nog steeds niet goed bij, terwijl ik het niet bewust afhoud. Dan ga je wel twijfelen: ben ik nou anders?”
,,Ik was al snel vooral dankbaar, voor die mooie tijd die ik met hem heb gehad. Ook dan ga je weer denken: is dat nou iets rationeels, of is het echt.”
,,Ik was destijds achttien en als ik met mijn vrienden dacht er over te praten, gingen zij vooral verder met het leven en misschien dachten zij dat ze me daar mee hielpen, door het luchtig te houden. Het sloeg bij mij gewoon sowieso niet om in verdriet. Omdat ik mooie herinneringen bewaar aan onze jeugd, als broers samen.”
,,Misschien zit er een stevige muur voor, waar niet doorheen wordt gebroken. Eén keertje wel. Eén keer brak ik. Tijdens de begrafenis. Toen de kist met Ruud daarin van me wegdraaide, toen stortte ik in en zakte door mijn benen. En heeft mijn tante mij naar buiten getild. Daarna heb ik nooit meer gehuild.” Hij zoekt, twintig jaar later, nog steeds naar een verklaring.
,,Misschien is het een overlevingsmechanisme?”, zegt vriendin Melanie. ,,Ik kan me er wel een voorstelling bij maken: ik had dat met de scheiding van mijn ouders, toen ik negen jaar was. Mijn moeder had fysiek zichtbaar verdriet en als kind wil je dat niet zien bij je ouders, want hoe ga je daar mee om? Jouw ouders hadden ook rouw”, kijkt zij naar Dave. ,,Misschien had je dat mechanisme nodig om te overleven en jezelf er niet in te verliezen. Dave: ,,Ik heb er een tijdje naar gezocht, maar kwam tot de conclusie dat graven geen zin had. Het komt als het zich aandient.”

Foto
,,Mel en ik hebben samen legio gesprekken gevoerd, hebben twee totaal verschillende belevingen van één gebeurtenis. Aan Melanies kant hebben sommige familieleden nog steeds moeite met het feit dat Mel brandwonden heeft opgelopen en behoorlijke littekens heeft overgehouden. Dan zeg ik wel eens: ‘wij hebben alleen nog maar herinneringen en een foto in een kastje staan. Kijk nou eens naar wat hier zit’”, doelt hij op zijn bruisende vriendin, met glinsterende ogen. Ik zie het niet meer aan Melanie. Ze heeft plezier en staat heel goed in het leven.”
Melanie zat met haar vriendinnen in De Hemel in de hoek waar de zwaarste gewonden vielen en belandde in het Belgische ziekenhuis van Leuven. ,,Melanie en haar vriendinnen zijn na weken coma wakker geworden, zijn gaan overleven en vechten voor een toekomst en gingen door. Voor ons stond de tijd stil en was het heel anders. Als ik bijvoorbeeld kijk naar mijn oudste broer, Nick, die was niet in het pand en is dus niet als getroffene aangemerkt, maar hij heeft heel erg geworsteld met zichzelf na de Nieuwjaarsbrand. Dat is niet zichtbaar, maar dat gevecht en dat leed is er wel. Er waren dus grote verschillen.”
Melanie, net als Ruud destijds vijftien, was bezig met zingen en dansen en misschien ooit spelen in een bandje. ,,Ik wilde zelfs gitaarles gaan nemen. Dat vind ik eigenlijk nog steeds shit, dat dat niet meer kan vanwege mijn gebogen vingers.” Dave kijkt verbaasd. ,,Jij in een bandje, daar kan ik me niets bij voorstellen.” Mel lacht: ,,Doordat de longen aangetast zijn, kan ik nu niet meer hoog zingen. Maar ik was zeker weten verder gegaan met dansen, dat was begonnen vanuit het turnen en jazzballet. Als ik dan de laatste jaren jonge meiden zie dansen tijdens bijvoorbeeld de Sinterklaasshows, dan denk ik ‘dat was ik zeker ook gaan doen’.”

‘Vuur kan ook
mensen bij
elkaar brengen’

,,Ik las laatst even in een dagboek dat mijn moeder in die eerste maanden bijhield. Daar stond in dat we met vriendinnen die brandwonden hadden – waar Anja toen ook nog bij was – over de brand hadden gesproken. ‘Goed, want dat moet er toch uit’, schreef mijn moeder. Het klinkt gek, maar ik zei naderhand dat ik blij was dat ik er wél ‘in’ zat. De meeste jongeren met brandwonden probeerden het leven weer na een tijdje op te pakken. Als ik kijk naar de vriendinnen die niet in De Hemel zaten of weinig brandwonden hadden, die hebben die nacht véél meer gezien en beleefd. Die hadden begrafenissen, hoorden continue slecht nieuws of kwamen in halflege klassen terug.”
,,Als je bedenkt wat zij op zo’n jeugdige leeftijd hebben meegemaakt. Sommige van onze vriendinnen kunnen er nog steeds niet over praten. Komt ook omdat zij er toen voor hun gevoel niet over móchten praten, omdat je aan hen van de buitenkant niets zag. En als ze dan het uitgaansleven in gingen, kregen ze commentaar. Veel jongeren hadden destijds vluchtgedrag.” Dave: ,,Niet alleen met drank, drugs ook.” Melanie: ,,Het jezelf kunnen uiten, is belangrijk. Daar besteden wij ook aandacht aan bij onze kinderen.”
Inderdaad: kinderen die bij een afschuwelijke aangelegenheid betrokken raakten, hebben samen kinderen gekregen. Een bijzondere speling van het lot. Dave schraapt zijn keel. ,,Vuur kan ook mensen bij elkaar brengen.”
,,Mijn vader wist het eerder dan dat ik het kon zeggen. Anderhalf jaar na ‘de brand’ waren we met getroffenen, enkele ouders van overleden jongeren en broers en zussen in Lourdes. Daar zagen we elkaar al.” Melanie: ,,Daar had ik al een bijzonder gesprek met jouw moeder en merkte ik al dat jouw ouders hele lieve, warme en oprechte mensen zijn, maar destijds ook gebroken waren.”
Kort daarna werd er voor getroffenen een skivakantie georganiseerd. Dave: ,,Zat ik voor een les in de auto waar Melanie ook in zat. Zo raakten we aan de praat. Maar het was nog zo vers voor mijn ouders en ik besefte dat, als wij een relatie zouden beginnen, het een confrontatie met de gebeurtenis zou zijn. Dus het was een dingetje waar ik erg mee zat. Moest ik het wel doorzetten? Want ik richt wel wat aan. Maar ze is toch wel in goede aarde gevallen”, schieten ze beide in de lach.
Melanie: ,,Dave wilde een huis kopen, ik zat nog in de ‘lang leve de lol-fase’. Is het nog enkele maanden ‘uit’ geweest, toen toch weer terug bij elkaar, hebben we dit huis gekocht.”
Eén van de bewoners, Daan, komt toch nog even naar beneden gestiefeld en praat met papa over het verhaaltje van Bethlehem, de ster en het dorp waar de Kerstman woont. ,,Hij vraagt altijd naar de betekenis van woorden”, zegt mama Mel, als ze hem weer naar bedje heeft begeleid. ,,Daan is zeer geïnteresseerd in alles, stelde al vroeg vragen aan mama over ‘verbrand zijn’.”

Kindertaal
Melanie: ,,Wat Tijn nu zegt – ‘geef maar je andere handje, mama’ – dat had Daan toen ook al. Dus niet de hand waarvan delen van vingers ontbreken. Met Daan kan ik al open gesprekken voeren over de Nieuwjaarsbrand, in kindertaal. Hij denkt over alles na, weet van de sterretjes, weet dat ome Ruud daar ook was. Ik hoor het hem ook vertellen tegen vriendjes, als zij vragen wat zijn mama op haar handen, armen en in haar nek heeft. Dan vertelt hij ronduit. Om de puzzel voor hem wat completer te maken, heb ik hem laatst bewust naar De Hemel meegenomen toen we met enkele vriendinnen tv-opnames hadden voor de EO (wordt volgende week woensdag uitgezonden, red.). Zei m’n moeder ook: zou je dat nou al doen? Maar het is geen zwaar onderwerp bij ons thuis. Daan ziet twee foto’s in de kast staan, met een kaarsje: van Ruud en Anja. Het verhaal bij die foto’s maak ik steeds completer. Nu kon ik in De Hemel meer uitleggen.”
,,Kwam hij weer met vragen. ‘Waarom zitten die tralies hier, mama?’ Hij verschoof een barkruk, deed zijn jas maar even tussen de tralies. ‘Stonden de jongens hier op de dansvloer?’ Zag je hem daarna nadenken. ‘Maar mama, dan kon je toch ook papa bellen en hem vragen om met zijn hamer het raam in te slaan?’ Kinderlogica.”
,,Ik had het gevoel dat we hier goed aan hebben gedaan. Hij krijgt er geen enge dromen van. Als hij straks groter groeit, kan hij dit bezoekje weer in een ander daglicht zien, als er andere vragen opkomen.”
,,Zei hij daarna. ‘Mama, ik vind het toch wel heel erg dat je verbrand bent… Maar gelukkig ben je wel heel mooi van binnen…’ Prachtig toch. Af en toe staan we perplex van wat hij zegt.”
Het zou zomaar kunnen dat hij papa straks ook wat meer vragen gaat stellen. Een arm om Dave heenslaat en zegt ‘maar papa, je mag best verdrietig zijn, hoor’. Dave: ,,Dat zou best kunnen, dat het dan weer dichterbij komt voor mij.”

‘Meerdere mensen
is overkomen dat
zij hun kind verloren.
Het verdriet is net zo groot, het enige
verschil is dat de Nieuwjaarsbrand
een hele grote
gebeurtenis was’

Zijn blik dwaalt af, naar het schilderij aan de wand. ,,’Loslaten’, dat is de naam van het schilderij. De vrouw laat – met een glinstering in haar ogen – een vogel los. Dat heeft een meervoudige betekenis. Het is voor ons allebei van toepassing. Loslaten is één van de belangrijkste lessen in het leven, met alles. Als je kijkt naar haar gezicht, ze kijkt met een liefdevolle blik naar iets wat zij loslaat en dan zie ik zo mezelf naar mijn broertje kijken.”
,,Maar ik kan me goed voorstellen dat een vader of moeder dat niet kan, als het om je kind gaat. Dat het verlangen blijft, misschien zelfs steeds sterker wordt, zoals we bij mijn ouders hebben gemerkt. Sinds de eerste kleinkinderen in hun leven zijn gekomen, is de lach gelukkig teruggekeerd in hun leven.”
,,Er kon bij ons thuis wel áltijd over gesproken worden. Én er wordt geluisterd. In een gezin, in een groep, zijn altijd meerdere visies: het gaat er om dat je met respect naar elkaar luistert en de wil opbrengt om open te staan voor de mening of het gevoel van de ander. Tuurlijk moet je jezelf als kind leren wapenen, anders word je overlopen in de maatschappij. Maar empathisch vermogen is heel belangrijk.”
,,Als ik denk aan de trauma’s van die ene nacht, dan moet ik vaak aan oorlog denken: zoveel mensen die dat hebben meegemaakt, hebben daar ook jaren niet over kunnen praten.” Mel: Wij konden het er te pas en te onpas over hebben. In jullie situatie was het megazwaar om het er over te hebben. In het begin nog wel, maar daarna werd er minder of niet naar gevraagd.” Dave: ,,Dat klopt.”
,,Ik bekijk het ook van een andere kant. Er overlijden meer mensen, óók jongeren. Mijn ouders zijn hun zoon kwijt en wij onze broer, maar als je kind een ongeluk met de auto of een brommertje krijgt en sterft, is dat net zo erg. Of wat Jan Dulles en Caroline nu is overkomen. Écht verschrikkelijk. Het overkomt meerdere mensen. Het verdriet is net zo groot. Het enige verschil is dat de Nieuwjaarsbrand een hele grote gebeurtenis was.”
Hij merkt tot op de dag van vandaag wat dát nog doet met zijn ouders. ,,Op Ruuds verjaardag en met Oud & Nieuw hebben zij het altijd heel moeilijk. En in de loop der jaren hebben ze wel met gezondheidsklachten te kampen gehad. M’n moeder had recentelijk enkele spannende operaties vanwege aorta-problemen. We zijn allemaal zeer opgelucht dat dat goed afgelopen is, ik besef me dat we door het oog van de naald zijn gekropen.” Ook dan is het toelaten van de emotie moeilijk. Dave: ,,Maar die kolk in gaan, dat heeft geen zin. Voorheen pakte ik wel mijn meditatiemomentjes, al schiet dat er door de drukte ook snel bij in.
,,Destijds, in de eerste jaren na de ramp, zijn we enkele keren als broers en zussen van overleden jongeren – de meeste althans – bij elkaar gekomen. Recentelijk, toen het nog kon, ook een keer. Er is door enkele van ons gewerkt aan een In Memoriam, 20 jaar later. Ik wil zelf ook nog een keer iets van me afschrijven. Tenslotte heb ik er veel dingen uit gehaald, wat ons is overkomen. Tuurlijk kun je steeds de ‘waarom-vraag’ stellen. Toch ben ik er van overtuigd dat we hier zijn om te leren en om te leren moet je wat meemaken. Ik ga de zware gesprekken niet uit de weg, luister graag naar een ander, omdat ik graag een ander help.”

Uitkomst
Melanie: ,,Het zou wel een goede uitkomst zijn voor jou, schrijven. Misschien komt er dan iets los. Want vrouwen kunnen een lekker potje janken.” Dave: ,,Af en toe voel ik het en zeg ik tegen Mel: ‘ik ben nu aan het janken’. Maar dan van binnen, zonder tranen. Dus het is er wel. Met een mooie licht- of vuurwerkshow, zoals toen we in EuroDisney waren of met de Sinterklaasintocht, dan sta ik met een brok in mijn keel en kan ik niet meer praten.”
,,Als we dan samen zijn en er zoiets overweldigends moois is, dan heb ik dat. Tja. Ik wou dat ik het kon, een lekker potje janken. Want het lucht wel op. Ik ben bij een psychologe geweest. Zocht en zocht maar naar dat deurtje, maar het komt als het komt. Het kan ook dat ik op een onverwachts ogenblik overmand word.”
Hij moet geen moeite doen om, nu hij langer weg is dan hij aanwezig was, de stem van Ruud nog te kunnen horen. ,,Nee, een knip met mijn vingers en ik hoor zijn stem. Wat dat betreft is het gister, twee keer knipperen met je ogen. Ik kan soms even wegdromen en aan hem denken, maar ik ga niet zo vaak in de tijd terug, leef vooral in het hier en nu. Toen onze kinderen werden geboren, had ik niet zoiets van ‘had ik ze maar kunnen laten zien aan hem’. We zijn wel spiritueel aangelegd en ik geloof er in dat Ruud het mee krijgt.”
,,Toen onlangs de Sint in Volendam was en in de kerk sliep, ging ik met de jongens daar naar toe en zijn we ook naar het graf van ome Ruud geweest. Dat was misschien drie jaar geleden, dat ik daar was geweest. Ik heb er, in tegenstelling tot anderen, niets mee, het is stof. Mel gaat dan wel eens heen met Daan en Tijn, bijvoorbeeld als het Ruuds verjaardag is.”

‘Je hebt eigenlijk
altijd mazzel,
totdat het een
keer mis gaat.
Dan pas zie je
wat je had’

,,Ik draag Ruud áltijd bij me. Mel en ik, met ons gezin, we hebben veel met de natuur. En bovenop een berg, dan heb ik er – spiritueel gezien – meer mee. Dat hij dichter bij me is.”
Hij doorbreekt de gevallen stilte met het pakken van zijn glas rode wijn. En knikt, ten teken van ‘proost’. ,,Dat het nog lang goed moge gaan.” Peinzend. ,,Ik moet dan denken aan de woorden van mijn vader. ‘Je hebt eigenlijk altijd mazzel, totdat het een keer mis gaat. Dan pas zie je wat je had’. Zo is het wel. Juist door wat we hebben meegemaakt, leven wij bewuster en gaan anders met dingen om. Ook met de kinderen. Het kan je zo overvallen. Je moet bewust genieten. En niet zo lang boos blijven op elkaar”, glimlacht hij.
,,Het is deels een keuze, je hebt tot bepaalde mate zelf invloed hoe je iets aanvliegt of hoe je er mee omgaat. Maar we zijn een organisme, we hebben niet altijd alles in de hand. Als bouwvakker is er voor mij ondanks corona niet zoveel veranderd, maar sommige dingen wel. Deze tijd heeft ook een goede kant, om even tot elkaar te komen. Een goede zaak, want we verliezen onszelf allemaal in de tv en telefoon.” Melanie: ,,En in het materialisme. Wij ondernemen doorgaans ook veel leuke dingen, maar het is meer dat we dat doen omdat we in de wetenschap leven dat het zomaar voorbij kan zijn.”
,,Nu, met de coronatijd, is het even een tijd van niks moeten, dat vind ik prettig. Ook deze situatie brengt voor mensen leed met zich mee. Maar ik vind het ook een interessante tijd. Het fascineert me, hoe mensen reageren. Zoals toen ik enkele maanden geleden in de supermarkt was en een plastic zakje met een avocado aanraakte. Ging een vrouw helemaal los. Hoe ik het in min hoofd haalde om het aan te raken. Ik voelde me Jezus aan het kruis. Terwijl diezelfde deur van de koeling de hele dag door mensen wordt aangeraakt. Even later bij de bakker stond zij er weer en wees naar me, terwijl zij haar verbazing deelde met anderen. Ik vind het mega-interessant hoe de mensheid reageert in tijden van veranderingen. Of het psychologische effect van een aankondiging, zoals er vorige week weer een run op het toiletpapier ontstond.”
,,Wat je hoofd kan doen, merkten we toen we samen in EuroDisney waren”, zegt Dave. ,,Zaten we met z’n tweeën in de Armageddon. Je vertoeft als het ware in de ruimte, maar opeens kwam er een vuurzee naar boven een vlam, zo voor je neus. Je huid, alles, trekt samen. Ik schrok en dacht ‘dit doe je toch niet in een attractie’. Keek ik naast me, was Mel helemaal wit weggetrokken. Het duurde tien minuten voordat ze er weer was.”
Melanie: ,,Ik heb overwogen om Disney aan te schrijven, maar dat heb ik niet meer gedaan. Die gebeurtenis is iets wat onbewust is opgeslagen, de herinnering er aan maakte me van de kaart.” Dave: ,,In je onderbewustzijn zitten heel veel dingen opgeslagen. Als ik in de wintertijd, met een bepaalde luchtvochtigheid, aan het werk ben, of het horen van de kerkklokken, dan herinneren mijn zintuigen me soms weer aan de begrafenis. Dan ben je opeens weer terug in dat moment en de emoties daarbij. Lichaam en geest zijn twee bijzondere dingen.”

Zorgzaam
Zijn partner knikt instemmend. ,,Ik heb rare dingetjes, elk jaar wel iets. Angina, in glas stappen, een verwaarloosde blaasontsteking, het zal wel zo moeten zijn en misschien hebben sommige dingen te maken met verminderde weerstand, door de brand. Maar Dave is erg zorgzaam”, kijkt zij hem liefkozend aan. ,,Hij is wat dat betreft oplettend op zijn omgeving gericht.”
Melanie wordt zelf de eeuwige weegschaal genoemd. ,,Mel is van de goede vrede”, zegt Dave. ,,Ik ben vergevingsgezind, houd van harmonie. Ieder verhaal heeft een kant, maar mensen kunnen zich soms moeilijk inleven in een ander. Dat proberen we onze kinderen goed mee te geven.” Op school kan daar – sociaal-emotionele vaardigheden – ook (meer) aandacht aan worden besteed. Dave: ,,Ik vond, toen ik in Hoorn op school zat, Maatschappij & Culturele Vorming de allermooiste les. We hadden een leraar, die dat zó goed kon brengen, dat zorgde voor verbroedering tussen leerlingen én leraar. Door open te staan voor een anders mening en de achtergrond van de ander, dat brengt mensen bij elkaar.”
Melanie: ,,Jezelf goed kunnen uiten en luisteren, zijn twee belangrijke vaardigheden. Zoals breed motorisch onderwijs voor kinderen ook van belang is.” Zelf heeft zij geturnd. ,,Als het gaat om onderwijs, maar ook sport, is het goed om te kijken naar de potentie van het kind. Door meerdere sporten te beoefenen, kun je kijken wat bij het kind past. Dat geldt ook voor individuele aandacht in het onderwijs.”
Zelf is zij een commerciële duizendpoot. het financiële geweten van de afdeling inkoop bij een kledingmerk. ,,Ik ben wel een paar keer verkast, qua baan. Maar de momenten dat ik thuis kwam te zitten, dat kwam ons als gezin altijd goed uit.” Dave: ,,Ik heb daarom altijd het sterke gevoel dat bij ons alles op z’n pootjes terecht komt.” Melanie: ,,Ik krijg daar ook geen stress van. Sommige mensen durven niet van baan te switchen, te spannend. Ik ben het type van ‘als ergens een deur dicht gaat, gaat er vast weer een ander open’.” Dave: ,,Het universum verzorgt ons.”

‘Ik heb nou een
vrouw gezien,
de sterkste vrouw
van de hele wereld’

Ze willen samen nog veel moois zien van het aardse. Tijdens vakanties worden ze uiteraard vaak aangesproken. Melanie: ,,Soms geef je onbewust een haakje en dan durven mensen iets te vragen. Tijdens de laatste vakantie was er een vrouw die speciaal naar onze kampeerplek kwam. Daar zou ik zelf de ballen niet voor hebben. Ze passeerde eerst voorzichtig en stapte toch op ons af: ‘er moet me toch iets van het hart’, zei ze. Vertelde zij dat haar zoon van het zwembad komend had gezegd: ‘ik heb nou een vrouw gezien, de sterkste vrouw van de hele wereld’. Hij kon haar alleen niet omschrijven. ‘Totdat we vanmiddag op het zwembad waren. Toen zag hij jou weer. Kijk dat is die sterke mevrouw, heb je haar spierballen al gezien?’” Melanie schiet in de lach. ,,Slechts een deel van een arm is niet verbrand, dat is normale, wat dikkere huid. Vandaar zijn opmerking. Dat vond ik zo mooi.”
,,Het gebeurt tijdens vakanties uiteraard vaker, meestal op de laatste dag. En dan zeg ik dat er ook nog een andere kant van het verhaal is”, kijkt zij naar Dave. ,,Het voelt niet prettig als ze alleen op mij focussen, terwijl Dave dat andere verhaal vertegenwoordigt. Als Dave dan vertelt, dan zie je de mensen wel schrikken, doen ze letterlijk een stapje naar achteren.”
,,Aan hun reactie ‘ik weet nog precies waar ik was’, merk je dat het destijds landelijk gevoeld en gedragen werd. Ook dan helpen we de mensen wel tijdens het gesprek, door het luchtig te houden. Als het zichtbaar iets afwijkends is, zoals de littekens, snap ik dat daar een drempel ligt voor mensen. Er stapte eens een vader op me af op een camping in Italië. ‘Ik wil u niet lastig vallen, maar zag mijn zoon naar u kijken en weet dat hij straks vragen gaat stellen. Mag ik u vragen wat u is overkomen?’ Zo kan het ook.”
Volgende week is Mel met haar vriendinnen te zien bij de EO. ,,Daar kwam uiteraard de vraag of wij het als vriendinnen het er nog vaak over hebben. Eigenlijk al heel lang niet meer. Terwijl er voor sommige van ons, met en zonder brandwonden, toch nog onverwerkte dingen zitten. Het kan door nieuwe gebeurtennissen in je leven versterkt worden, dat het iets in werking zet. Of door deze tijd.”
,,Het leed – maar ook de veerkracht – zie je nu in de andere verhalen, daar kun je niet overheen stappen. Het is goed dat díe mensen nu ook hun stem laten horen. Het mág.” Dave: ,,Sommige mensen gaan nu pas open. Ik hoop dat anderen die nog niet open zijn gegaan, nu ook de mogelijkheid hebben om dat te doen.”
Het is inmiddels voorbij middernacht. Kleine Daan droomt van de Kerstman en de ster. Het kaarsje bij de foto van oom Ruud, die bijna twintig jaar geleden naar het licht ging, wordt gedoofd. Het licht om hen heen zal voor altijd schijnen.

 

Fotogalerij

Verhuizing laatste bewoners uit De Meermin

Maandag was een grote groep verhuizers werkzaam in en rond verzorgingshuis De Meermin. Bij de entree stond een verhuiswagen want de laatste bewoners van De Meermin zijn overgegaan naar De Friese Vlaak in de Broeckgouw.

 

Ruim 40 jaar heeft het verzorgingshuis in Edam dienst gedaan. Het wordt nu gesloten omdat het niet meer voldoet aan de huidige wooneisen. Alle spullen en meubilair zijn uit het gebouw gehaald.

Bij de entree hangt een groot dank-spandoek, met daarop de tekst dat ‘met een lach en een traan’ afscheid genomen wordt van De Meermin. Hierop staat ook vermeld dat zorgmanager Rosemarie en algemeen medewerker hoteldienst van het eerste uur Tineke Rossenaar een welverdiend pensioen wordt toegewenst.

Fotogalerij