Vandaag geopend: 08.00 - 17:30

All posts by De redactie

In de Nivo van vandaag, 30 december 2020

Wij wensen iedereen veel leesplezier met onder andere de volgende onderwerpen:

• Familie Koning blijft ondanks twee tragedies positief
• Beleggingscolumn: Beleggen voor je pensioen met belastingvoordelen
• Jaap Corn klom uit een diep, donker dal en hervond de liefde voor de muziek
• Kees Veerman (buurman) kan zich nu verplaatsen in wat de ouders destijds voelden
• Hein Molenaar zet na 42 jaar punt achter zijn verzekerings- en assurantieloopbaan
• Rijmend overzicht van het afgelopen jaar
• VD80: Sinterklaas back in town
• FC Volendam wil het nieuwe jaar tegen MVV goed aftrappen
• Oproep CDA: luid de kerkklokken met nieuwjaar!

Fotogalerij

Wereldwijd zelden zo getroffen door een ramp als het Don Bosco College n

De bijzondere school moest weer een normale school worden

Lisan Molenaar was ten tijde van de Nieuwjaarsbrand en de gevolgen van 01-01-01 nog niet geboren. De eerstejaars VWO-scholiere van het Don Bosco College heeft zich verdiept en letterlijk gebladerd door dat deel van de geschiedenis van haar school. Er zijn weinig scholen in de wereld die zo massaal getroffen werden door en betrokken raakten bij een ramp. De meeste van de uiteindelijk veertien overleden jongeren zaten op dat moment op het DBC, of hadden daar eerder les gekregen. Dat gold ook voor vele van de honderden getroffenen, alsmede klasgenoten waren indirect getroffen en betrokken. Lisan – zij leert voor journaliste – tekende het volgende verhaal op. Zij ging het gesprek aan met Jaap Braakman, destijds intensief betrokken als aanspreekpunt van het DBC.
Door Lisan Molenaar en Eddy Veerman

[ads id=66]

Heel Volendam is toen zwaar geraakt, van binnen en van buiten, de brand heeft een hele grote impact gehad op de gemeenschap. Het Don Bosco College was een hele belangrijke plek voor alle jongeren die erbij betrokken waren. Het was in die tijd niet alleen een school, het was een plek waar je samen kon komen om te praten, want iedereen had wel te maken gehad met de brand, vanwege familie, vrienden of kennissen. Jaap Braakman, toenmalig godsdienstleraar en tegenwoordig zorgcoördinator van het DBC, heeft met de school en andere teamleden gezorgd voor een herdenkingsplek en voor de opvang van leerlingen. Veel van wat toen is gebeurd, staat nog in zijn geheugen gegrift.
,,Op de derde dag na de Nieuwjaarsbrand – dus nog tijdens de Kerstvakantie – ging de school open, als opvang voor leerlingen, oud-leerlingen en andere mensen uit Volendam.” De aula was het trefpunt. ,,Dat betekende ook dat men daar hoorde dat iemand weer geopereerd was, dat het slecht ging of zelfs iemand was overleden. Verschrikkelijke berichten dus. Er werd veel gepraat en gedeeld. Ik weet nog goed dat na een paar dagen een leerling naar me toe kwam met de vraag: ‘Mogen we kaarten?’”
,,’Natuurlijk’, zei ik. Toen brak de doodse stilte die er al dagen hing.”
,,De school startte in de loop van januari weer op en langzaam kwamen ook de getroffen leerlingen weer terug naar school en de meeste wilden dat ook graag. Toch was het voor henzelf, de leraren en de medeleerlingen best spannend.”
,,We hadden een soort draaiboek voor hoe we moesten handelen, daarin stond bijvoorbeeld dat we de klasgenoten zouden voorbereiden op terugkomst van medeleerlingen en door middel van een filmpje zouden laten zien hoe die leerling er uitzag. Toen had je nog geen mobiele telefoon waarmee je dat kon maken en meteen doorsturen, daar moest een videocamera aan te pas komen. Als het filmpje om twaalf uur werd gemaakt, was het de volgende dag pas klaar om te laten zien, maar dan was de leerling na thuiskomst alweer de klas ingelopen. Dat was dan soms even moeilijk voor de leerlingen en leraren, want die wisten bij binnenkomst niet altijd of die leerling zichtbare verwondingen had.”
,,Er deden zich ook situaties voor dat soms de helft van de klas wel bij de Nieuwjaarbrand betrokken was en de andere helft niet. Dat was dan heel moeilijk: als er dan een leerling naar de therapeut moest of even wegging als het te veel werd, wilden andere leerlingen, die er niet bij waren geweest, soms ook even uit de klas. En wat doe je dan als docent? Ook leerlingen die niet op die avond in Het Hemeltje zaten, maakten een hoop mee. Naderhand zijn in de school ook allerlei aangepaste voorzieningen getroffen voor de terugkerende leerlingen.”

In en om het Don Bosco College zie je nu nog steeds ‘monumenten’ van de Nieuwjaarsbrand, zoals de bomen en het raam in de grote aula?
,,Het idee voor het gedenkraam ontstond toen uit heel Nederland gedichten, kaarten en werkjes werden gestuurd naar leerlingen van het Don Bosco College. In die kaarten werd vaak gezegd ‘je bent nu een ster’. Er was hier iemand die graag wat wilde doen voor de school: zij is toen met de gedachte van de ster naar een kunstenaar gegaan en die heeft een foto van het melkwegstelsel een aantal keren uitvergroot. Als je naar een uitvergrootte ster kijkt, krijg je allerlei kleuren. Daarvan heeft de kunstenaar een glas-in-lood raam gemaakt, wat eind 2005 is onthuld. Daarin zijn de namen van de veertien overledenen gegraveerd. Wat staat voor: ‘jullie zijn er nog, maar dan als sterren’.”
Ook staan er zeven bomen aan de zijkant van de school. ,,Dat heb je waarschijnlijk nooit opgemerkt, maar die bomen staan ook voor onze zes overleden leerlingen en één voor de andere overledenen. De school heeft bewust gekozen voor dit soort bomen, met een normale stam en dan heb je takken die elkaar vastpakken. Symbolisch voor dat ze niet alleen staan. Ze zijn geplant tijdens de eerste herdenking, door docenten en leerlingen samen.”
,,Er zijn dus een aantal plekken ter herinnering aan deze periode, maar het komt niet overal terug en dat is ook een bewuste keuze geweest. We hebben, zolang er leerlingen waren die het hebben meegemaakt, ieder jaar een herdenking gehouden en daarna hebben we ervoor gekozen om aan te sluiten bij de algemene herdenkingen in Volendam. Daarna moest de school immers weer een normale school worden.”
Jaap Braakman vindt het moeilijk om terug te gaan naar toen. Hij slikt even en haalt diep adem. ,,We hebben als school het maximale gedaan en ik vind ook dat we dat als school goed gedaan hebben. Wij moesten de leerlingen helpen, maar wij hadden ook ons eigen verdriet. Dat kon vaak niet, want wij moesten professioneel blijven en onze leerlingen hulp bieden. En daarna moest het weer normaal worden. Het was erg intens was en ik denk dat iedereen toen is veranderd en veel emotioneler is geworden. Ik hoef – als het gaat om verhalen lezen – niet meer terug naar die diepte, naar dat emotioneel zijn.”
,,De brand in ‘t Hemeltje is een heel moeilijk onderwerp, omdat veel mensen er verdriet om hebben gehad en nog steeds hebben. Ik denk wel dat het goed is als dit onderwerp op school besproken blijft, zodat we het niet vergeten.” Met een hoopvolle stem besluit Jaap: ,,Eigenlijk zou ik de kinderen van de kinderen van toen nog op school willen zien. Want destijds leefde de vraag ‘krijgen deze verwonde jongeren wel een partner? Kunnen ze ooit kinderen krijgen? Als je dan hun kinderen de school binnen ziet lopen, voelt het goed. ‘Het is goed geweest’, denk je dan.”

Lisan Molenaar met één van de DBC-boeken met foto’s en kaarten ten tijde van de Nieuwjaarsbrand. Op de achtergrond de bomen die symbool staan voor de overleden jongeren. Foto Lotte Koning

Fotogalerij

Versierfiets in Kerstsfeer

Een paar weken lang werd door voorbijgangers tevergeefs uitgekeken naar de versierfiets op de brug tussen de Prinsen- en Spuistraat in het centrum van Edam. Maar afgelopen weekend stond de versierde fiets er weer. Heel mooi is deze in kerstsfeer versierd.

 

Voorop een mand met een kerstboompje erin dat behangen is met slingers en ballen, op het zadel twee hertjes in een winterlandschapje en achterop een mand met daarin een blok hout voor in de open haard. Het zorgt weer voor een sfeervol en fotogeniek plaatje.

Fotogalerij

Eeuwling Annie de Boer

Na honderd jaar nog altijd verwonderd

Het was voor Annie de Boer wel even bijkomen na de viering van haar honderdste verjaardag. Deze bijzondere mijlpaal werd namelijk groots gevierd. Burgemeester Sievers kwam haar persoonlijk feliciteren en verschillende mensen van de pers waren daarbij aanwezig. De gebeurtenis werd nog van een extra feestelijk tintje voorzien door het Kaaskapel, dat door Annie werd gedirigeerd vanuit haar kamer in De Meermin. Inmiddels is de rust van alledag weer teruggekeerd. Al zal de Edamse komende maand verhuizen naar het nieuwe ouderencomplex ‘Friese Vlaak’.
Door Laurens Tol

[ads id=66]

Last van de beperkende coronamaatregelen heeft Annie momenteel niet. Tijdens de eerste virusgolf was dat anders. Drie maanden lang kon er geen bezoek bij haar in de buurt komen. Er restte niks anders dan zwaaien en kushandjes geven vanuit haar raam naar dierbaren. Met name naar broer Paulus (80), die haar veel bezoekt en waar ze al haar hele leven nauw contact mee heeft. De periode van isolatie ging Annie niet in haar koude kleren zitten. Lichamelijk en geestelijk verzwakte ze, ook omdat ze weinig meer uit haar stoel kwam. Maaltijden werden op de kamer gebracht en loopjes met haar rollator waren er niet meer bij.

Gebak en wijn
Gelukkig bereikte de Edamse toch zonder problemen haar honderdste verjaardag. Naast de bovengenoemde feestelijkheden en een enorme taart voor alle bewoners van De Meermin, kreeg Annie een rijtoer door oud-Edam. Ze werd rondgereden in een gehuurde, klassieke Citroën. Men koos voor de auto met de meest lage instap, die gezien haar leeftijd het meest geschikt is. Van tevoren stippelde broer Paulus de hele te rijden route uit. Hij nam de tijd op en keek of alle beoogde wegen wel goed begaanbaar waren op de feestelijke dag. De hele rit door Edam duurde twee uur, waarbij natuurlijk ook Annies neef, wonend op de Westervesting, werd aangedaan. Gebak en wijn gingen mee onderweg.
Na alle festiviteiten sloeg de vermoeidheid wat toe bij de honderdjarige. Het wekelijkse uitstapje op vrijdag naar het huis van Paulus, ging wat moeizamer. Het schrapen van de worteltjes en het schillen van de aardappel, wat ze altijd nog doet, lukte voor even niet. Inmiddels heeft Annie de draad weer opgepakt. Werken heeft ze nooit vervelend gevonden, dat geldt voor haar hele familie.
Annie is een dochter van wijlen Jan-Leendert de Boer, een vroegere bakker uit Edam. Het gezin woonde in hetzelfde pand als de bakkerij, die stond nabij de plek waar nu het Edams Museum gevestigd is. Naast broer Paulus heeft Annie twee zussen. De Edamse werkte van jongs af aan in de zaak, tot het moment dat deze ophield te bestaan. Naast dat zij in de winkel klanten hielp, ondersteunde ze ook haar vader met het maken van bijvoorbeeld taartjes. De oven waarmee hij brood bakte, werd gestookt met turf en zaagsel, zoals gebruikelijk was in die tijd. Het vakmanschap van vader Jan-Leendert ging zo ver, dat hij door zijn arm in de oven te steken al voelde hoe warm deze was en wat hij in die temperatuur kon bakken. Sommige producten hebben veel hitte nodig, andere minder. Tot haar vaders bakkerij in 1959 sloot, werkte Annie er altijd met plezier.

Moederfiguur
Een andere bakker nam daarna de winkel over. Annie vertrok toen met de hele familie naar een nieuw onderkomen in de Noorderstraat. Haar broer Paulus verhuisde vanzelfsprekend ook mee. Hij en Annie trouwden beiden nooit en bleven daardoor bijna hun hele leven samen onder een dak wonen. Door het grote onderlinge leeftijdsverschil was Annie een soort moederfiguur voor haar broer. Na een aantal jaren vertrok het gezin De Boer naar een nieuwe woning aan de Edamse Osterlinghstraat. Daar zouden Annie en Paulus blijven wonen tot aan het jaar 2012. Haar broer woont daar nog altijd.
Na het sluiten van de zaak van haar vader, bleef Annie werken in verschillende bakkerijen. Uiteindelijk eindigde ze haar werkende leven op kantoor van de Uitwaterende Sluizen in Edam. Op 65-jarige leeftijd ging ze hier met pensioen. Daarmee kreeg ze meer tijd voor andere dingen, zoals muziekmaken. De bakkersdochter zong lange tijd in het koor ‘Zang Edam’. Volgens Paulus deed ze dat verdienstelijk. Het vertolken van Bachs vermaarde Mattheüs Passion was een terugkerend fenomeen. Annie nam de altpartijen voor haar rekening en had daarbij geen bladmuziek nodig. Alle noten zong ze uit haar hoofd. De muziek werd haar overigens met de paplepel ingegoten in het gezin De Boer. Haar vader was multi-instrumentalist bij het fanfarekorps en broer Paulus speelde piano. Naast het zingen sportte Annie veelvuldig. Ze deed lange tijd aan gymnastiek.

Oorlog
De Edamse bewaart geen groot geheim over hoe de grens van honderd levensjaren te bereiken. Veel van Annies familieleden halen een respectabele leeftijd, waardoor genen mogelijk een rol spelen. Een bijzondere leefstijl zit er niet achter, hoogstens het feit dat het gezin De Boer van werken houdt. Religieus is de familie nooit geweest. Onder de Tweede Wereldoorlog heeft men gelukkig niet veel hoeven te lijden. De bakkersfamilie had vanwege het ambacht van vader Jan-Leendert altijd genoeg te eten. Wel diende de tuin van het gezin De Boer ooit nog eens als een geheime fietsenstalling. Het was een manier om de door de Duitse bezetter gewilde rijwielen achter te houden. Gelukkig werd de illegale standplaats nooit gevonden.
Annie beleefde een onbezorgde oude dag, totdat in 2012 een beroerte haar trof. Ze werd daardoor minder mobiel, met als gevolg dat ze het huis aan de Osterlinghstraat moest verlaten. Gevreesd voor haar leven werd er niet, maar het was wel vervelend om niet meer zelfstandig te kunnen wonen. Al is dat wel de beste oplossing gebleken. Sindsdien woont ze in De Meermin, waar ze alle verzorging krijgt die ze nodig heeft en waar ze helemaal gewend is. Helaas komt binnenkort een einde aan haar verblijf in het Edamse verzorgingstehuis. Eind januari verhuist Annie naar het nieuwe ouderenverblijf de ‘Friese Vlaak’ op de Volendamse Broeckgouw. Ze betrekt daar een fraaie woning met uitzicht op groen. Tijdens de verhuizing wordt alles voor haar geregeld. De hele huisraad wordt meegenomen en de indeling van de kamer zal hetzelfde zijn als nu.
Annie hoopt in haar leven nog veel autoritjes te maken met broer Paulus. Ze geniet met volle teugen van de tripjes door heel Noord-Holland. Tochten naar plaatsen als Den Helder zijn geen uitzondering als ze samen rondrijden. Callantsoog en Bergen zijn daarnaast geliefde bestemmingen. Bijna alle steden en dorpen in de omgeving deden ze al aan, maar het bezoeken ervan blijft leuk en gezellig. Tijdens het rijden is het vaste prik dat Annie snoepjes begint uit te delen. Het zijn deze simpele, maar zo waardevolle momenten waardoor het leven haar nog niet verveelt. Na meer dan een eeuw op deze wereld is de verwondering haar nog altijd niet vergaan.

Fotogalerij

Houten lokaal duivenvereniging gesloopt bij RKAV

Vorige week is in enkele dagen tijd een van de onderkomens van de duivenvereniging gesloopt naast het parkeerterrein van de RKAV. Veertig jaar geleden, toen hier nog geen parkeerterrein was aan de Julianaweg, werd de houten loods van “De Stormvogels” gebouwd.

 

Later werd ernaast een stenen lokaal gebouwd van “Te Vreden Volendam”. Doordat er steeds minder duivenmelkers zijn in ons dorp zijn de twee duivenverenigingen jaren geleden al gefuseerd. Het houten lokaal stond al lange tijd leeg. Het ledental van “De Stormvogels” blijft maar dalen.

Veertig jaar geleden waren er nog 55 duivenliefhebbers en nu is dat aantal gezakt naar 14. Omdat de houten loods toch niet meer gebruikt wordt en onderhoud hieraan eigenlijk weggegooid geld is, werd besloten tot sloop.

Fotogalerij

Triade-leerlingen werken aan onderhoud laatste botters

In het prachtige, authentieke centrum van Edam heeft de afgelopen zeven weken een bijzonder initiatief plaatsgevonden. Een samenwerking tussen Vereniging Behoud de Volendammer Botters, de gemeente Edam-Volendam en de Triade is in het leven geroepen om leerlingen – en jongeren in het algemeen – te enthousiasmeren voor botters, oude ambacht en alles omtrent het leven als scheepsbouwer. De uitkomst van ‘Het Botterproject’ is zeer succesvol gebleken. ,,Het is onze hoop dat leerlingen die meewerken aan het project dusdanig geïnteresseerd raken dat ze een opleiding tot Scheepstimmerman overwegen, of dat leerlingen zich bijvoorbeeld aansluiten bij Vereniging Behoud de Volendammer Botters”, licht docent Arjan Koehoorn toe. ,,Eén ding staat in ieder geval vast: deze zeven weken zijn een ervaring voor het leven.”
Door Kevin Mooijer

[ads id=66]

Op de nostalgische scheepswerf in het hart van Edam hebben derdejaarsleerlingen Gene Brandt, Robin Schilder, Noël van der Ryd en Tom Buijs de afgelopen weken heel enthousiast aan het herstel van een oude botter gewerkt. Ondanks de nieuwe aanscherpingen van de landelijke coronamaatregelen was het voor de Triade – vanwege een uitzondering op praktijklessen – toch mogelijk om het project op een passende manier af te ronden.
Langs het water staan de vier leerlingen aandachtig te kijken hoe de eigenaar van de scheepswerf, Freek Slot, in voorbereiding is om een aantal door de vishandel van Robins ouders gesponsorde makrelen te gaan roken. ,,Ook dat hoort bij het scheepsbouwersbestaan”, merkt docent Arjan op. ,,We hebben een hoop inschrijvingen ontvangen voor dit project, maar uiteindelijk was er ruimte voor vier leerlingen. Omdat het zo’n succes is gebleken gaan we proberen om het project twee keer per jaar terug te laten keren en dan met ruimte voor acht leerlingen per periode.”
Het Botterproject is onderdeel van het ‘Meester-gezeltraject ten behoeve van het behoud van oude ambachten’ en betreft een samenwerking tussen Vereniging Behoud de Volendammer Botters, de gemeente Edam-Volendam en de Triade. ,,Momenteel beschikt de Volendamse haven nog maar over vier kwakken, terwijl dat er in de hoogtijdagen rond 1910 zeker tweehonderd waren.” Het Botterproject initiatief is ontstaan uit de gedachte om te voorkomen dat de oude ambachten die nodig zijn om de laatste kwakken en botters te onderhouden uiteindelijk zullen uitsterven. ,,De laatste vrijwilligers van Vereniging Behoud de Volendammer Botters zijn inmiddels op leeftijd en dus is het hoog tijd om de oude ambachten over te brengen op een nieuwe generatie. Dat is de enige manier om op langere termijn ook de laatste kwakken te kunnen behouden.”

‘Deze scheepswerf
bestaat al sinds
de 15e eeuw. Ik durf
te wedden dat er
verschillende, oude
gereedschappen tussen
mijn schat zitten’

De leerlingen worden door BWI-docent Arjan Koehoorn en Freek Slot van de Edamse scheepswerf wegwijs gemaakt in het totale pakket. ,,De praktijklessen stoppen niet bij het onderhouden en repareren van de vaartuigen zelf, maar ook het leven aan boord, het knopen van touwen en talloze andere relevante technieken en onderwerpen komen aan bod.” Het Botterproject neemt de leerlingen mee in een reis door de tijd. ,,En het leuke is dat we tijdens dit project gelijk gebruik maken om de vertaalslag naar de moderne technieken te realiseren.”
De doelstelling om jongeren te enthousiasmeren voor het varend erfgoed en het bijbehorende onderhoud lijkt zeker gelukt. ,,Onbekend is onbemind, maar na zeven weken lang acht uur per week op de scheepswerf te hebben gewerkt, kunnen we stellen dat deze vier leerlingen in ieder geval dolenthousiast zijn over het project en het onderwerp.”
Terwijl Gene, Noël en Tom leren hoe men een makreel rookt, loopt Robin nog even richting het water om zijn nieuwe hobby uit te oefenen. ,,Sinds ik hier tijd doorbreng is magneetvissen een hobby van me geworden. Je wilt niet geloven wat je allemaal uit het water vist.” Een emmer met bewijsmateriaal onderbouwd Robins statement. ,,Deze scheepswerf bestaat al sinds de 15e eeuw. Ik durf te wedden dat er verschillende, oude gereedschappen tussen mijn schat zitten”, klinkt hij enthousiast.
Arjan: ,,De jongens hebben hier een geweldige tijd gehad. Als school en liefhebbers hopen we dat er uiteindelijk leerlingen zijn die overwegen de opleiding tot Scheepstimmerman aan de Hout- en meubileringscollege te gaan volgen, of dat ze zich aansluiten bij Vereniging Behoud de Volendammer Botters. Het is onze ambitie om het Botterproject de komende jaren uit te bouwen tot een vast onderdeel van ons veelzijdige onderwijsprogramma.” Dat de jonge leerlingen een ervaring voor het leven rijker zijn, kan door de zee niet meer uitgewist worden. ,,Zeven weken lang op zo’n authentieke locatie werken met een hecht team is iets dat je ze niet meer afneemt. Als je even stilstaat bij dit adembenemende uitzicht, dan kan je met zekerheid zeggen dat je dit nooit meer zal vergeten.”

 

Fotogalerij

‘Wij willen dat onze hele gemeente zich op een goede manier gaat profileren’

Getroffen horeca richt zich op betere toekomst

De Kersttijd: normaal gesproken voor de horeca de periode dat zij duizenden gasten verwelkomen. Maar 2020 was voor hen in niets een normaal jaar. ,,Voor het afgelopen jaar is geen omschrijving te bedenken”, vertelt Jan Zwarthoed (Pom) namens de Volendamse horeca. De afgelopen maanden praatte hij de Nivo-lezer veelvuldig bij als er nieuwe ontwikkelingen plaatsvonden. Tot nu toe waren de horecazaken al twintig weken gesloten vanwege de coronamaatregelen, een ongekende situatie. Inmiddels zijn de pijlen alweer gericht op volgend jaar. De ondernemers verwachten veel van een nieuwe, betere onderlinge samenwerking en het gestichte ‘Toeristisch Platform’. Zo brengt de huidige malaise volgens hen ook nog iets goeds teweeg. In de Nivo blikken de horeca-ondernemers Jan Zwarthoed en Danny van Noorden terug op het bijna voorbije jaar en kijken daarbij alvast vooruit.
Door Laurens Tol

[ads id=66]

,,Corona is net als een vulkaanuitbarsting gebleken”, stelt Jan aan een tafel in zijn gesloten restaurant ‘Le Pompadour’. ,,Dit kun je niet van tevoren zien aankomen. Op 15 maart bedenk je je: wat gaat er nou gebeuren? Binnen een half uur moesten we op slot. Eerst zou het twee weken zijn, maar het werden er tien. Toen mochten we voor even weer open met dertig gasten, daarna met tachtig en honderd. Extra personeel moesten we aannemen om alle regels goed te kunnen naleven en bij te houden. Een hele bureaucratie, dat wil je niet weten. Daarna ging de kermis niet door, dat komt ook in je stoutste dromen niet voor. Toen het oktober werd, moesten we weer terug naar dertig bezoekers en twee weken daarop weer helemaal dicht. Dit zou voor tijdelijk zijn, maar nu is het december en we zijn nog steeds gesloten tot aan half januari.”
Danny van Noorden wordt als eigenaar van meerdere zaken als Café De Dijk en De Molen eveneens zwaar getroffen. Daar komt nog bij dat hij ook investeerde in nieuwe horecagelegenheden als die in het pas opgeleverde gamecomplex ‘H20’ in Purmerend. De sector waarin hij actief is, krijgt wel heel veel te verduren, zo maakt Danny duidelijk. Danny: ,,De horeca is onevenredig hard getroffen door corona, ten opzichte van andere sectoren. Wij moesten dit jaar vaak dicht, terwijl is gebleken dat het grote aantal besmettingen niet bij ons vandaan komt. Door de regels na te leven, konden wij het gedrag van de bezoekers sturen en hen helpen. We moeten het virus toch samen tegengaan en dat heb ik wel een beetje gemist in de afgelopen tijd. Het was tot 15 december voornamelijk de horeca die de offers bracht. Waarmee ik overigens niet zeg dat ik nu blij ben. Het is echt dramatisch voor alle winkeliers dat ze moesten sluiten. Hopelijk pakken we hiermee wel het virus goed aan, zodat we binnen afzienbare tijd allemaal weer open mogen.”

‘Corona is net
als een
vulkaanuitbarsting
gebleken’

Ondanks alles zeggen Jan en Danny: ‘Corona geeft en corona neemt’. Het is niet alleen maar kommer en kwel, want in alle ellende ontstonden er volgens hen ‘mooie initiatieven’. Danny wijst op de verschillende samenwerkingsverbanden die de horeca de afgelopen tijd aanging. ,,We werken nu onder andere nog beter samen met de 3JS, de gemeenteen de FC Volendam. De betrokkenheid bij het Toeristisch Platform is ook groter geworden. We doen dit, om beter terug te komen als we zo meteen weer open kunnen. Dat is dan toch een van de positieve dingen die we aan deze vervelende periode hebben overgehouden.”
Kortom, de horecaondernemers richten zich al bijna volledig op 2021 en de komende jaren. Men rekent in die periode voornamelijk op bezoekers uit eigen land. Het gezamenlijke beleid is daar dan ook op gericht. ,,Wij willen graag dat onze hele gemeente zich op een goede en mooie manier gaat profileren, regionaal en landelijk. Want daar zullen de eerste gasten weer vandaan komen. Komend jaar verwachten we nog geen bussen uit het buitenland. Ik denk dat we onszelf goed moeten kunnen neerzetten, want onze hele gemeente heeft veel diversiteit te bieden. Van de haven hier, tot aan oud-Edam, tot aan de groene Zeevang. We hebben een prachtig mooi fiets- en wandelgebied. Onze gemeente is een uitstekende uitvalsbasis voor toeristen uit eigen land.”
Dat Edam-Volendam ook aantrekkelijk is voor Nederlandse bezoekers bleek afgelopen zomer al. Vanwege de coronamaatregelen bleven veel mensen in eigen land. De horeca en het Toeristisch Platform als geheel hopen dat dit soort gasten in de toekomst vaker onze gemeente zullen bezoeken. Jan: ,,In de vier maanden dat we dit jaar open waren, kon je al zien dat er veel mensen uit het hele land deze kant op kwamen. Dat waren vaak bezoekers die wat te verteren hebben, ook in het hotel. Ons doel is om structureel meer van dit soort gasten naar onze gemeente te halen.”

‘Het is een
bizar jaar geweest,
maar we komen hier
goed en misschien
wel beter uit’

De hele regio kan beter uit de huidige toestand komen, zoveel is Jan en Danny duidelijk. Een brede samenwerking is daarvoor wenselijk. Danny: ,,We moeten gezamenlijk de schouders eronder zetten. Van de detailhandel tot iedereen. Want we merken nu dat alles met elkaar verbonden is. Als de horeca dichtzit, dan is er geen reuring meer op de dijk, de souvenirwinkels merken dat meteen en ook de vishandels. Daar zitten weer toeleveringsbedrijven aan vast. Er zijn dan ook minder bijbanen voor jongeren en volwassenen. Zo hangt alles met elkaar samen, dus iedereen moet samen optrekken om Edam-Volendam hier beter uit te laten komen.”
De horeca blijft sowieso gesloten tot aan 19 januari. Het is afwachten of hotels, cafés en restaurants daarna weer hun deuren mogen openen. Tot die tijd blijven veel zaken
‘to go- en afhaalproducten’ leveren. Ondanks alles hopen de horecaondernemers voor iedereen het beste tijdens, voor en na de feestdagen. Jan: ,,Wij wensen iedereen van harte heel prettige kerstdagen en een coronavrij nieuwjaar toe. Ik zou tegen alle mensen willen zeggen: steun de lokale ondernemer. Al zijn veel zaken gesloten, bestellen kan nog steeds. Daarmee help je de middenstand die het zwaar heeft om voor te bestaan. Het is een bizar jaar geweest, maar we komen hier goed en misschien wel beter uit. Dat geloof ik.”

Startende ondernemers geven de hoop niet op
Ze zagen een (jeugd)droom in vervulling gaan. Romy Karregat van Romy’s Kitchen en Nadine Schilder van Restaurant Thirty5 openden hun nieuwe zaken in dit unieke jaar. Romy wilde haar etablissement aan het Volendamse Europaplein graag afgelopen april openen. Het liep onverwachts anders. ,,Twee jaar geleden begonnen we al met de voorbereidingen voor Romy’s Kitchen. Toen hadden we natuurlijk geen idee dat corona om de hoek zou komen kijken. We openden later dan gepland en ook nog eens alleen maar met ‘take away-producten’. Op 1 juni konden we eindelijk volledig beginnen, met terras erbij. Dat ging eigenlijk erg goed en boven verwachting. Daarom was het zo jammer dat we in oktober weer alleen naar take away terug moesten. We hebben dus twee keer een klap gekregen”, vertelt Romy.
Ondanks de tegenslagen gaat de ondernemer niet bij de pakken neerzitten. ,,We blijven ons best doen. We hebben nu een loket waar mensen producten van onze hele menukaart kunnen afhalen. In het weekend gaat dat wel oké, maar doordeweeks is het lastiger. Op de lange duur kun je daar niet van draaien. Omdat wij net geopend zijn, komen wij ook niet in aanmerking voor de NOW-regeling voor ondernemers. Daarbij kijken ze naar de omzet die je in dezelfde periode vorig jaar gedraaid hebt. Voor starters in de horeca is het daarom des te zwaarder. Je ziet dat er nu wel een soort protest op gang komt om het kabinet alsnog iets te laten regelen voor ons. Zo hopen we iets voor elkaar te krijgen, want juist starters hebben geen buffer en dat is zo moeilijk. Wat we in de zomer overhielden, is nu zo’n beetje op. Je vaste lasten blijven allemaal hetzelfde en dat is niet niks.”
Romy ging ervan uit dat de horeca in januari wel weer zou openen. Dit lijkt op losse schroeven te staan en dat maakt de situatie voor haar onderneming niet makkelijker. ,,We moeten echt keihard ons best doen om alles te kunnen betalen. In mijn eentje ben ik degene die het allemaal voor elkaar moet krijgen. Maar natuurlijk ga ik dit niet zomaar opgeven. We hopen dat het volgend jaar beter zal worden.”

‘We hebben net
al ons spaargeld
in deze zaak gestoken’

Nadine Schilder zit met haar Restaurant Thirty5 in een vergelijkbare situatie als Romy. Afgelopen juli begon zij deze nieuwe zaak samen met Dean Nichol in het pand van het voormalige Restaurant Fuego. Ook zij komen niet voor overheidssteun in aanmerking. ,,Wij krijgen geen euro van de regering. De andere bedrijven natuurlijk wel wat, maar ook niet veel. We zitten in een heel moeilijke situatie, want we hebben net al ons spaargeld in deze zaak gestoken. Het zou echt jammer zijn als het niet gaat lukken straks, als dit nog een paar maanden gaat duren. Nu houden we het nog wel vol, maar het moet niet nog veel langer zo blijven. Omdat we net pas open zijn, hebben wij ook geen buffer op kunnen bouwen.”
Om de overheid toch te bewegen tot het geven van steun aan startende ondernemers, sloot Nadine zich aan bij een groep lotgenoten die actie voert. Het is voor haar de vraag of dit initiatief op tijd komt. ,,Als het nog een halfjaar gaat duren voordat we iets krijgen, dan is het al te laat. Om de starters te kunnen redden, moet er wel snel iets van de grond komen. De mensen kunnen ook iets doen om ons te helpen. Daarvoor is het beste om iets te bestellen bij ons, eten of cadeaubonnen. Meer kan niet en dat verwachten wij ook niet.”

Fotogalerij

Zusterschooltrap helemaal vernieuwd

Vorige week is de Zusterschooltrap, op het dijktalud aan het Noordeinde richting de Dominicusstraat, vernieuwd. De oude trap was in slechte staat en nodig aan vernieuwing toe. Er is nu een ruime en brede trap voor terug gekomen.

 

Het ziet er keurig netjes en strak uit. Naast de betonnen trap ligt ook een gleuf waarover men de fietsen mee naar boven of beneden kan duwen. Gelijktijdig is het straatwerk vernieuwd tot aan de ophaalbrug.

Zo zijn niet alleen op het Zuideinde de trappen vernieuwd, maar is nu ook op het Noordeinde een van de dijktrappen grondig onder handen genomen. Dit tot genoegen van de omwonenden en wandelaars.

Fotogalerij

Zwarthoed Schilders verlengt sponsorcontract St Mauritius

Zwarthoed Schilders is al vele jaren een trouwe sponsor van de plaatselijke gymnastiek- en turnvereniging. Met bijna 900 leden is St. Mauritius een grote vereniging en zeker ook voor de jeugd in Volendam onmisbaar.

 

Onlangs is de bouw gestart van het nieuwe Gymsportcentrum op de Broeckgouw, een geweldige nieuwe accommodatie dat voor St. Mauritius de nieuwe thuishaven wordt. De vereniging moet zelf zorg dragen voor de inrichting van de zaa. Turntoestellen, matten en alle andere materialen die daarbij horen zijn forse investeringen en deze zijn ook echt nodig.

De directie van Zwarthoed Schilders heeft daarom ook besloten om de samenwerking met St. Mauritius te verruimen en te verlengen en hoopt dat de vereniging zal slagen in haar ambities.

Fotogalerij

Koninklijke Onderscheiding voor Evert Tuijp

In het Vergadercentrum van de gemeente vond maandag een Koninklijke Onderscheiding plaats. Locoburgemeester Albert Koning kon aan brandweerman Evert Tuijp bekend maken dat hij een lintje kreeg en benoemd is tot Lid in de Orde van Oranje Nassau.

 

Evert kreeg het lintje coronaproef opgespeld door zijn vrouw Anja. Evert Tuijp is ruim 33 jaar lid geweest van de Vrijwillige Brandweer Volendam en was hoofd brandwacht. Het corps hoopt nog jarenlang gebruik te maken van zijn hand- en spandiensten op de oefenavonden.

Fotogalerij