Vandaag zijn we gesloten.

All posts by De redactie

Wilde haren gouden jaren:

Thoom ‘de Koe’ Veerman: timmerendeweg beroepsmuzikant

‘Je gaat eerst een vak leren, dan hoef je in ieder geval niet met een deken over je benen in een rolstoel langs de Nieuwendijk in Amsterdam te zitten, terwijl je benen het gewoon doen.’ Zo luidde het advies van Thooms vader toen zijn pianoleraar voorstelde om hem in te schrijven voor het toelatingsexamen van het conservatorium. ’Eerst een vak leren en dan kan je wat mij betreft het circus in’, voegde hij er nog aan toe. ,,Mijn vader was bezeten van zijn vak als metselaar”, herinnert Thoom ‘de Koe’ Veerman (66) zich met een lach op zijn gezicht. ,,Destijds was ik niet zo blij met zijn reactie, maar achteraf kan ik hem goed begrijpen.” Thoom besloot zijn leven zo in te delen dat zowel zijn vader als hijzelf tevreden konden zijn. Overdag werkte hij tot zijn pensioen als timmerman, maar in de avond- en weekenduren werd hij een graag geziene allround toetsenist. Van Next One tot The Tribute to the Cats Band, de goedlachse, bebrilde Volendammer zat en zit nog altijd op zijn plek achter de toetsen.
Kevin Mooijer

[ads id=66]

,,Ik was een jaar of vier toen mijn moeder tegen mijn vader, wijzend naar mij, zei: ‘moet hij niet eens naar de kerk?’. Mijn vader was koorzanger en zong iedere zondagochtend de mis. Ik herinner me de eerste keer dat hij me meenam nog heel goed. Meester Steur zat achter het orgel en ik weet nog dat het eruit zag alsof hij achter een bureautje zat. Ik raakte heel nieuwsgierig naar wat hij precies deed en probeerde onopvallend dichterbij te komen. Vlak achter hem nam ik plaats in de kerkbank om vervolgens net te doen alsof ik aan het bidden was. Ik denk dat hij zenuwachtig van die ogen in zijn rug werd, want hij stuurde me gelijk weg, maar ik bleef volhouden tot het moment waarop hij me niet meer wegstuurde.”
Na een aantal gefaalde hobby-pogingen met onder meer speelgoedautootjes en ballen, kwam het er op zijn zevende eindelijk van. Thooms vader kocht een orgeltje waarop hij zijn muzikale missie startte. Twee jaar later werd hij door kerkorganist Jan van Bruin gevraagd of hij het instrument al een beetje onder controle had. ,,De week erna speelde ik tijdens de communie op het orgel in de kerk. Ik speelde vijf van de acht stukken, die andere drie waren nog even te mans voor me. Dat was een ongelofelijk mooie ervaring voor mij als jonge jongen en groot bewonderaar van organist Gustaaf Schulz.”

De Jozef
Op zijn veertiende werd Thoom gevraagd om organist voor het Jongerenkoor te worden. ,,Ik ging van gastoptredentjes achter het kerkorgel naar een vaste aanstelling. Die kans was een mooie stap voor mijn muzikale carrière. Ik heb dus volmondig ‘ja’ gezegd en ben de daaropvolgende twee jaar organist geweest van het Jongerenkoor. Op een gegeven moment bereik je als muziekliefhebber een leeftijd waarop de popmuziek je weet te overtuigen. Dat gebeurde bij mij rond dezelfde periode waarin ik gevraagd werd om als toetsenist bij Next One te komen spelen. Op mijn zestiende werd ik lid van mijn eerste bandje.”
Op het moment dat Thoom instapte werd er nog niet veel meer ondernomen dan de wekelijkse repetitie op het Slobbeland, maar de jonge, nog onervaren band zou uitgroeien tot een succesvolle, vaak geboekte band. ,,Eén van onze eerste optredens was in de Jozef toen de oude garde er nog zat. Johan Boetties voorganger Hein Bond zwaaide de scepter nog in die tijd. In de Jozef hebben we altijd een kans gekregen, daar ben ik ze eeuwig dankbaar voor. Over optreden in de Jozef zeg ik altijd dat het voelt als thuiskomen. Je komt in de kleedkamer en de broodjes staan klaar, de ijskast is gevuld en alles en iedereen is klaar voor de strijd. Dat was onder Hein Bond zo en dat is onder Johan Boettie nog altijd zo.”
Thoom zou uiteindelijk tien jaar lang deel uitmaken van Next One, de band die hem overal en nergens bracht in Nederland. ,,Tijdens onze drukste periode speelden we wel drie keer per weekend. Ook hebben we nog een paar keer gepoogd de hitlijsten te bestormen. Het beste resultaat bereikten we met onze single ‘Little Spanish Sailor’, dat geschreven werd door Henny Vrienten van Doe Maar. We ontmoetten Henny bij the Eddy GoRound Show. Die dag kan ik me nog altijd voor de geest halen alsof het gisteren was. Er gebeurde zó ontzettend veel op één dag, dat houd je niet voor mogelijk.”
Ter voorbereiding op het navertellen van één van de drukste dagen uit zijn leven, neemt Thoom een grote slok koffie: ,,We kwamen ’s ochtends aan in de kantine van de NOS studio, waar we plaatsnamen aan een tafeltje. Een paar minuten daarna stapt er een opvallende verschijning door de deur. Een excentrieke kerel – gehuld in zo’n bodywarmer van de toenmalige Dump en een spijkerbroek vol scheuren en gaten – en hij komt recht op ons af lopen. ‘Heeft één van jullie zin om een potje te biljarten?’, vroeg hij. Niemand hapte toe, maar we hebben wél even gezellig staan ouwehoeren. We hadden hem allemaal nog nooit eerder gezien, maar we waren het er allemaal over eens dat hij een opvallend aardige man was.”

‘Hoeveel mensen
kunnen zeggen dat
ze met de
wereldberoemde
muzikanten van ABBA
hebben staan praten?’

,,We werden door een medewerker van de studio opgehaald uit de kantine omdat we bijna live moesten. Onderweg naar de studio vertelde hij ons dat het management een heel leuke verrassing voor ons had. Terwijl we de studio inliepen vroegen we ons af wat ons te wachten stond, maar toen we de leden van ABBA in onze richting zagen lopen, was die vraag beantwoord. De zaterdag ervoor hadden ze het Songfestival gewonnen met ‘Waterloo’. We hebben een minuut of drie met ze staan praten. Toetsenist Benny Andersson vroeg nog naar ons liedje, waarmee we die dag op televisie zouden komen. Terugkijkend is het natuurlijk vooral de herinnering die hartstikke leuk is. Hoeveel mensen kunnen zeggen dat ze met de wereldberoemde muzikanten van ABBA hebben staan praten?”
,,Na ons tv-optreden liep ik nog eens door de gangen van de indrukwekkende studio, waar ik in de verte de prachtige muziek van een orkest hoorde klinken. Ik volgde de muziek en trof uiteindelijk een deur die op een kier stond. Voorzichtig duwde ik de deur wat verder open en probeerde discreet plaats te nemen in de deuropening. Met mijn ogen ging ik langs alle leden van het orkest, tot ik uiteindelijk bij de dirigent belandde. Ik moest een paar keer knipperen voordat ik geloofde wat ik zag. De excentriekeling uit de kantine – met zijn bodywarmer en kapotte spijkerbroek – stond een orkest te dirigeren. En niet zomaar een orkest. Hij had de leiding over het Metropole Orkest. De man die met ons wilde biljarten bleek wereldberoemd dirigent Rogier van Otterloo te zijn. Nadat we oogcontact maakten, riep hij me naar binnen. ‘Kom maar rustig even zitten, hoor’, zei hij. Ik kreeg een privéconcert van het Metropole Orkest dat onder leiding stond van een grootheid. Wat een ervaring. En dat op dezelfde dag als waarop ik ABBA heb ontmoet…”
Niet lang na zijn memorabele dag, raakte Thoom geïnspireerd om zelf ook bladmuziek te leren schrijven. ,,Op mijn 24e besloot ik ervoor op les te gaan. Ik kwam bij een leraar terecht – Versloten heette hij – die was gestopt met zijn opleiding op het conservatorium. Hij had daar zo zijn redenen voor, maar in mij zag hij wel een geschikt iemand voor de muziekopleiding. Samen stapten we op mijn vader en moeder af om ze te overtuigen dat Versloten mij in zou moeten schrijven voor het toelatingsexamen van het conservatorium. Mijn vader hoefde niet lang over zijn antwoord na te denken en sprak de eerder genoemde woorden. Mijn vader heeft me altijd gesteund tijdens mijn muzikale loopbaan, maar hij was ook iemand die van zekerheid hield. En de muziekwereld biedt alles, behalve zekerheid.”

Pot koffie
Onderhand kan Thoom lachen om de situatie. ,,Het is mij sowieso nooit om het geld gegaan, maar als muziekliefhebber in hart en nieren wilde ik niets liever dan van muziek mijn werk maken. Ik heb mijn vader die opmerking dus nog jarenlang kwalijk genomen, maar sinds mijn vijftiger jaren ben ik hem toch gaan begrijpen. Wanneer je een bepaalde leeftijd bereikt ga je trouwen, je krijgt een gezin om voor te zorgen, dan is het wel lekker als je verzekerd bent van een salaris en als het even meezit een pensioen. Bovendien is het ook mooi meegenomen als je gewoon een pot koffie kunt zetten als je daar trek in hebt. Niet dat je iedere keer als je trek in een koppie hebt door Volendam moet fietsen, in de hoop dat iemand je erin roept.”
,,Mijn vader had destijds natuurlijk al in de gaten dat een leven als muzikant een hoop onzekerheid met zich mee zou brengen. Je moet niet alleen talent hebben, maar er komt ook een flinke dosis geluk bij kijken als je wilt slagen als muzikant. Tegenwoordig is het zelfs nog erger; nu moet je ook het juiste gewicht hebben als je wilt scoren. Achteraf gezien ben ik mijn vader dus dankbaar voor zijn niet zo subtiele aanpak. Bovendien is mijn vader ook vaak juist mijn motivator en inspirator geweest, hij heeft altijd het beste met me voorgehad. Als ik tijdens mijn jonge jaren een muziekstijl niet helemaal onder de knie had en de dirigent wees me daarop, dan liep ik al gauw met de gedachte om de handdoek in de ring te gooien. Thuis gooide ik dan eerst even mijn muziekboek tegen de muur aan en schold ik een paar minuten in het rond. Mijn vader liet me dan even uitrazen en zei: ‘ik heb er even over nagedacht en je kunt twee kanten op. Of je brengt je boek terug, je zegt dat je ermee stopt en dan vinden ze je een lul. Of je gaat iedere dag oefenen, je speelt dat nummer volgende week tijdens de repetitie en dan vinden ze je een topper. Na zijn advies te laten bezinken koos ik er toch altijd voor om de zolder weer op te gaan.”
Thoom zat helemaal op zijn plek in de band Next One. ,,Ik deed precies wat ik leuk vond in de muziek en op een gegeven moment wist ik dat conservatorium wel los te laten. Vakken als muziekgeschiedenis waren toch niks voor mij geweest. Ik hoefde niet zo nodig te weten wanneer Bach voor de tweede keer getrouwd was, om het zo maar even te zeggen.” Maar ondanks het plezier en de voldoening die de leden uit Next One haalden, ook deze band bleek niet het eeuwige leven te genieten. ,,Na het uiteenvallen van Next One richtte ik samen met Jan Mühren de bruiloftband Fiësta op. Dat heb ik een paar jaartjes gedaan, tot ik in de Rijvo’s kwam. De Rijvo’s was met Fiësta te vergelijken. We speelden ook puur bruiloften, met af en toe een uitstapje naar een ander soort feest. Na vijf jaar met de Rijvo’s kwam ik in de band Emotion terecht, waar ik elf jaar deel van uitgemaakt heb. Met Emotion hebben we wel een hoop buiten Volendam gedaan. We hebben wel zo’n beetje met alle bekende Nederlandse zangers en zangeressen op de bühne gestaan in die tijd. Van Corry Konings tot Benny Neyman en van Frans Bauer tot Tante Leen.”

‘Het werd mijn
pakkie aan om
al die orkesten
en strijkers,
waar de muziek van
the Cats zo om
bekend staat,
tot leven te wekken’

Jaren – en veel avonturen – later zat Thoom voor de verandering zelf eens aan een koud glas bier op een Volendammer bruiloft. ,,Tijdens die bruiloft hoorde ik Michel de Haan voor het eerst zingen. Ik liep inmiddels weer met de gedachte rond om toch weer een bruiloftband op te richten en in Michel zag ik de juiste man om de zang voor zijn rekening te nemen. Samen richtten we Dos Chicos op, de eerste bruiloftband zonder drummer. Alle drumpartijen programmeerde ik in mijn synthesizers. Dat was verschrikkelijk veel werk, maar wat er tegenover stond was me veel waard. We konden met zijn tweetjes een heel bruiloftsrepertoire spelen.”
Het eerste optreden vond plaats in de AMVO. ,,Pastoor van der Hulst gaf een feest voor zijn familie en vrienden. Die avond werd onze try-out. Blijkbaar deden we het naar behoren want de volgende ochtend werd het volgende optreden geboekt. Met Dos Chicos speelden we vooral op kermissen, bruiloften en recepties. Ondanks het feit dat sommige muzikanten volgens het motto ‘als je een bruiloft goed wilt spelen, je de zaal en de sfeer goed wilt aanvoelen, dan moet je meedrinken met je publiek’ leven, voelden wij naar onze mening wel heel goed aan wanneer we het publiek konden pakken. Als dat moment aanbrak, speelden we drie kwartier feesthits achter elkaar. Dan waren ze helemaal lam van het dansen en zingen, en het feest was geslaagd.”
,,Nadat Michel de Haan het drukker kreeg met zijn werk als makelaar en de bruiloft-optredens wat minder werden vanwege de opkomst van dj’s, besloten we Dos Chicos op te doeken. Ik dacht na tientallen jaren in bandjes eindelijk even van mijn rust te gaan genieten, maar die rust mocht niet lang duren. Thuis ging de telefoon: the Tribute to the Cats Band zocht een nieuwe toetsenist. Het idee om weer in een grote band te spelen sprak me eerlijk gezegd wel aan. Ik besloot het een kans te geven, waarna het wat minder goede nieuws volgde; ik kreeg twee repetities van drie kwartier om het complete repertoire met de band te repeteren, daarna moesten we het podium op.”

Hechte vriendengroep
Het eerste optreden van Thoom met the Tribute to the Cats Band beviel van beide kanten. ,,Het werd mijn pakkie aan om al die orkesten en strijkers, waar de muziek van the Cats zo om bekend staat, tot leven te wekken. We zijn inmiddels zestien jaar verder en ik vind het nog altijd prachtig om te mogen doen. We hebben met de band ongelofelijk veel bereikt. We hebben opgetreden in de Heineken Music Hall, in ongelooflijk veel theaters en we zijn zelfs overgevlogen om een optreden in Spanje te verzorgen, maar het mooiste van alles is dat we een hechte vriendengroep zijn geworden. We houden rekening met elkaar en we waarderen elkaar. Dat is denk ik het geheim van hoe we na al die tijd nog altijd zoveel plezier hebben samen.”
Thoom kan terugkijken op een schitterende muzikale carrière waarin de hoogtepunten domineren ten opzichte van de dieptepunten. Met zijn bands Next One, Fiesta, de Rijvo’s, Emotion, Dos Chicos, en the Tribute to the Cats band speelde en speelt hij nog altijd overal door het land de zalen plat. Hij maakte memorabele muzikale uitstapjes naar onder meer het Volendams Opera Koor – waar hij als gastaccordeonist deel uitmaakte van een volwaardig orkest – en heeft met zijn bands meerdere singles uitgebracht. De Volendammer kreeg vier kinderen, die stuk voor stuk actief zijn (geweest) in de muziek. In 2012 maakten Thoom en zijn familie een absoluut drama mee. ,,Mijn kleinzoon Tim van Vlaanderen kwam op driejarige leeftijd te overlijden aan de gevolgen van een stofwisselingsziekte.”
Thoom loopt naar de achterkamer om een fotolijst met daarin een portret van zijn kleinzoon van de vleugel te pakken. Hij neemt de foto in zich op en zucht: ,,Tim was helemaal weg van deze vleugel. Hij kwam altijd bij me zitten als ik erop speelde. Die laatste dag, dat was nog wat…” Samen met zijn dochter Elise speelde Thoom ‘Ave Maria’ tijdens de uitvaart van zijn kleinzoon. ,,Dat ik op zijn uitvaart heb moeten spelen, in plaats van andersom, is niet te bevatten.”
Thoom beleefde zowel de mooiste als de moeilijkste momenten uit zijn leven achter de piano. Vanaf het moment waarop hij als vierjarig jongetje stiekem achter de kerkorganist plaatsnam, loopt de muziek als een rode draad door zijn leven. Zijn bandjes brachten hem overal en nergens. Hij speelde op de kleinste recepties en in de mooiste, meest imposante theaters die ons land te bieden heeft. En nu hij 66 jaar oud is, kan Thoom concluderen dat zowel zijn vader als hijzelf trots kunnen zijn op wat hij bereikt heeft: een illustere muzikale carrière mét een comfortabel bouwpensioen.

 

Fotogalerij

Bedrijf in Beeld:

Restaurant Pieterman: genieten als nooit tevoren

‘Like Never Before’, luidt de treffende slogan van Restaurant Pieterman. Het bekende concept van het restaurant aan de Marinahaven is onder de loep genomen en verbeterd. Naast de heerlijke internationale specialiteiten die op de kaart staan, biedt het enthousiaste team nu ook eigentijdse opties als bierproeverijtjes met bijpassende happen en een complete cocktailbar. Achter de schermen heeft men niet stilgezeten bij Restaurant Pieterman ten tijde van corona. Met een volledig vernieuwde kaart en verschillende leuke acties zijn de deuren onlangs eindelijk weer geopend.
Door kevin Mooijer

[ads id=66]

,,Toen we vorig jaar de deuren moesten sluiten vanwege de coronamaatregelen, zijn we bij elkaar gekomen en hebben we ons vertrouwen uitgesproken in ons geweldige team”, vertelt mede-eigenaar Cees Pelt. ,,We hebben vol ingezet op de toekomst. En nu we eindelijk weer open zijn, kan ik nog steeds volmondig zeggen dat we de toekomst rooskleurig tegemoet zien.” Sander van Haasteren sluit zich aan bij zijn compagnon: ,,Het afgelopen jaar hebben we het complete restaurant een upgrade gegeven. We hebben de kaart verbeterd, we hebben het concept verbeterd en we hebben zelfs het pand onder handen genomen.”
Restaurant Pieterman heeft in de wintermaanden een kleine metamorfose ondergaan. ,,We hebben het complete luchtbehandelingssysteem vernieuwd, waardoor we nu altijd frisse, koele lucht in het pand voelen. Het rioleringsprobleem – waar het complete Marinapark gebied al jaren last van had – is opgelost. En ondanks dat we het al uitstekend voor elkaar hadden, hebben we met het behalen van het keurmerk voedselveiligheid tóch nog een slag gemaakt in hygiëne. Ondanks dat het restaurant voor een lange tijd gesloten moest blijven in verband met de RIVM-maatregelen, hebben we dus zeker niet stilgezeten. Achteraf gezien kunnen we ergens zelfs blij zijn dat we een periode dicht zijn geweest. We hebben nu eindelijk de tijd gekregen om alle problemen te tackelen en de al goede kwaliteit toch te overtreffen. Vandaar staat nu op de krijtborden in het restaurant ‘Like Never Before’ geschreven.”

‘We hebben de
kaart verbeterd,
we hebben het
concept verbeterd
en we hebben zelfs
het pand onder
handen genomen’

De social media kanalen van het Restaurant Pieterman staan vol afbeeldingen waar je van gaat watertanden. Verantwoordelijke voor de smaakvolle marketing is Kim Bakker. ,,Alle evenementen en de bijbehorende marketing van het restaurant vallen onder mijn hoede”, begint Kim, die vervolgens een aantal leuke evenementen en mogelijkheden opsomt. ,,Op zondag 20 juni hebben we een gezellige Vaderdag actie die bestaat uit één van onze beroemde burgers met twee tapbieren naar keuze. We hebben heerlijke bierproeverijen met bijpassende happen, muziekliefhebbers kunnen bij ons terecht op de Friday Night Music-avonden, uiteraard is het met kermis groot feest bij de Pieterman en vanwege onze kostelijke keuken en de modernisering van ons prachtige pand zijn we tegenwoordig uitgegroeid tot een populaire locatie voor bruiloften!”
,,In onze veredelde huiskamer – zoals ik het zelf graag zie – is het ongedwongen en overvloedig genieten”, concludeert Sander. ,,Bij Restaurant Pieterman kun je heerlijk, gezellig lunchen en dineren zonder te dicht op elkaar te zitten. En omdat we zorgen dat onze klanten het zodanig naar de zin hebben dat ze de tijd even vergeten, doen we niet aan tijdslimieten. Kom gezellig langs en beleef het zelf!”

Restaurant Pieterman
Pieterman 8, 1131 PW Volendam
0299 323 392
info@restaurantpieterman.nl
www.restaurantpieterman.nl

Fotogalerij

In de Nivo van vandaag, 16 juni 2021

Wij wensen iedereen veel leesplezier met onder andere de volgende onderwerpen:

• De Vincentiuskerk hoopt weer op hulp van de bevolking
• Ook Mirani vindt weg terug naar FC
• OldStars zijn weer gestart!
• Toneelvereniging Ons pogen hervat repetities
• Quinty van der Zee (GL) Onze toekomst hangt aan een zijden draadje
• Jill de Groot doet mee aan NK Beachvolleybal
• Verschillende scenario’s rondom Lange Weeren, Purmer, Julianaweg, RKAV hebben tevens samenhang
• Liefde is… Mariska en Wendy houden elkaar in balans
• Bedrijf in Beeld: Restaurant Pieterman: genieten als nooit tevoren
• ‘Maak een plekkie voor een stekkie’ zaterdag op de markt
• ‘Uis Faist’: Geweldig resultaat na twijfelachtige uitvoering

Fotogalerij

‘Hier op de Broeckgouw gaat het echt een buurtfunctie krijgen'

Culicafé wil ‘jong en oud verbinden’

‘Culicafé De Ontmoeting’ hoopt deze maand haar deuren te openen. Dit nieuwe ontmoetingscentrum aan de Volendamse Friese Vlaak moet een verbindende factor worden tussen oudere en jongere bewoners van de Broeckgouw. De afgelopen tijd is er met veel toewijding aan gewerkt door de organisatie. Tal van activiteiten plande men al in. Het wachten is nu nog op de benodigde vergunning.
Door Laurens Tol

[ads id=66]

 

 

Fotogalerij

‘Ik ben benieuwd welke schilderijen de bewoners van Friese Vlaak gaan uitkiezen'

Expositie om sfeer te verhogen

Om het interieur van woonzorgcentrum ‘Friese Vlaak’ op te leuken, werd afgelopen week een expositie georganiseerd op de Broeckgouw. Twee Edamse kunstenaressen kregen daarbij de mogelijkheid om een deel van hun schilderijen te tonen. Het is vervolgens aan de bewoners om een keuze te maken welke werken er op de gangen komen te hangen. Deze zijn nu nog leeg en kunnen door de geschilderde doeken worden verfraaid. Voor de schilderende dames is dit eervol. Net als de tentoonstelling zelf, die veel bekijks trok.
Door Laurens Tol

[ads id=66]

De expositie die ongeveer een week duurde, bestond uit zestien schilderijen. De ene helft van de werken was van Mien Laan (80), de andere helft van Marianne Milius (79). Mede-initiatiefnemer van de tentoonstelling Kim Leers, maakt bij de opening duidelijk waar het idee hiervoor vandaan kwam.
,,Beide dames schilderen al erg lang en daar hoorden wij van. Woonzorgentrum ‘Friese Vlaak’ bestaat natuurlijk nog niet zo lang en daardoor zijn de gangen ervan nog vrij leeg. Wij hadden toen zoiets: misschien kunnen we iets gaan doen met de schilderijen van Mien en Marianne. Dat bleken zij ook heel leuk te vinden. Deze mini-expositie is daar het gevolg van. Voordat deze begon, stuurden we kaarten naar alle bewoners van Friese Vlaak. We vroegen hen van welke schilderijen zij blij worden. Op basis daarvan maken wij een selectie van werken die uiteindelijk in de gangen opgehangen worden”, vertelt Kim.
De tentoonstelling eindigde afgelopen maandag en stond uitgestald achter de ramen van het toekomstige ‘Culicafé De Ontmoeting’. De openingsceremonie was een spannende aangelegenheid voor de kunstenaressen Mien en Marianne. Hun werken zijn in alle rust en concentratie tot stand gekomen. Nu stonden zij ineens in het middelpunt van de belangstelling. Aan aandacht van de pers ontbrak het niet. Tussen een interview en een fotoshoot voor een dagblad in, heeft Mien even tijd voor een kopje koffie. Net is haar ook al een bos bloemen uitgereikt. Ondertussen vertelt zij over haar werkwijze en over hoe haar passie ontstaan is.
Mien: ,,Mijn meisjesnaam is Schokker en mijn familie is van de zeilmakers. Al zesenvijftig jaar ben ik getrouwd met mijn man die Laan als achternaam heeft. Sinds kort woon ik hier in het woonzorgcentrum. Zo’n expositie is best wel leuk en bijzonder. En ook dat er straks schilderijen van mij op de gangen komen te hangen. Toen ik hiernaartoe verhuisde, had ik te weinig ruimte voor al mijn geschilderde doeken. Die liggen daarom nu in de berging. Het is zonde als ze daar blijven, want daar heeft niemand er wat aan. Daarom is deze expositie een uitkomst.”

‘Als ik schilder,
dan ben ik
alles kwijt,
dan ga ik helemaal
op in het schilderen’

In 1995 begon de Edamse van origine met schilderen. Een verandering in haar gezondheidssituatie was daar de aanleiding voor. Deze bracht echter wel teweeg dat Mien een nieuwe kant van zichzelf leerde kennen. ,,Ik kreeg de ziekte van Lime en was daardoor in de war, behoorlijk. Na twee jaar werd dit pas ontdekt, want eerste wilde niemand er aan. Toen kreeg ik pas antibiotica. Maar ja, de schade was toen al aangericht. Mijn zenuwen waren toen al aangetast en ook mijn stem, mijn gehoor.”
,,Maar als ik schilder, dan ben ik alles kwijt. Dan ga ik helemaal op in het schilderen. Het bleek een afleiding te zijn voor mij. Ik heb jaren les gehad van een vrouw in Edam. Daarna ging ik iedere maand naar mijn nichtje, dat heel goed kan schilderen. We maakten dan een plan en daarna ging ik het uitwerken. Het meeste doe ik nu thuis. Schilderen is vooral goed kijken. Landschappen en steden hebben mijn voorkeur.”
Schilders vinden het vaak prettig om naar de locatie toe te gaan die ze willen schilderen. Voor Mien geldt dat ook, maar toch komt het er meestal niet van. ,,Een enkele keer ga ik naar die plekken toe, maar vaak is het geen weer en gaat het niet door. Daarom gebruik ik meestal foto’s die ik zelf maak. Of ik gebruik een bestaande. Ik schilder vooral ’s avonds. Dan zet ik het werk voor het raam, want daar is veel licht. Ik ben altijd gewend geweest: overdag werken, ’s avonds hobby. Daarom schilder ik nog steeds in de avonduren. Mijn man zit dan voor de televisie en ik ben dan lekker aan het schilderen. Het werk waar ik het meest trots op ben, is dat van Edam van naast de kaasmarkt. De schaduw in het water vind ik goed gelukt en ik nam zelf de foto daarvan. Ik schilderde bijvoorbeeld ook plekken in Amsterdam. Ik ben benieuwd welke schilderijen de bewoners gaan uitkiezen.”

V.l.n.r. Marianne Milius, Kim Leers en Mien Laan.

Fotogalerij

Jessica Schilder wint bij debuut op FBK Games

Uiteindelijk kon ze nog enthousiast het Fanny Blankers Koen Stadion in Hengelo verlaten. Net als duizenden andere toeschouwers was de Volendamse atlete Jessica Schilder getuige geweest van het fantastische nieuwe wereldrecord dat Sifan Hassan op de 10.000 meter zou lopen. Met een eindtijd van 29.06.82 minuten verbeterde Hassan de vorige mondiale toptijd met ruim 10 seconden.
Door Ringen om Volendam

[ads id=66]

Jessica Schilder: ,,Ik ben tijdens de race langs de kant gaan staan. Tussen het publiek. Ook omdat er aan de zijkant van de baan heel innovatief verschillende kleuren licht werd gebruikt, waardoor Hassan precies kon zien hoe ze in verhouding tot het wereldrecord aan het lopen was. Daarvoor had ze eigenlijk geen hazen nodig, want dit werkte veel effectiever. Dat was mooi om te zien.”
Er was nog een andere prestatie die haar raakte. ,,Dat was de 20.22 meter van Sven Poelman bij het kogelstoten. Sven is 24 jaar en is bezig zich enorm te verbeteren. Tokio komt nog te vroeg, maar als hij zo doorgaat, haalt hij wel de Spelen van Parijs in 2024. Zijn prestatie tijdens de FBK Games was weer een mooie stap in de goede richting.”
Zelf maakte ze die stap niet, hoewel ze haar debuut op de prestigieuze FBK Games wel met een overwinning zou afsluiten. Maar met een winnende stoot van 17.50 meter bleef ze ruim een meter verwijderd van het persoonlijk record van 18.69 meter. Dat haar eerste plaats niet in gevaar kwam, zegt overigens veel over haar huidige suprematie in Nederland. Schilder: ,,Het mag duidelijk zijn dat ik niet tevreden ben. We hebben het uitgebreid geëvalueerd en ik weet inmiddels wat de oorzaak is. Na twee weken intensieve krachttraining heb ik me fysiek teveel geforceerd, terwijl ik mijn kracht juist in souplesse moet vertalen. Daar gaan we nu aan werken.”
Inmiddels is het aftellen begonnen voor de Spelen, die over amper 40 dagen beginnen. Schilder: ,,De ervaring van de FBK Games past in het proces waarin ik zit. De afgelopen maanden heb ik keihard getraind, waarbij steeds de grens werd opgezocht. Tot hoever kan ik dit doen en tot hoever dat. Het zijn de laatste details en daarbij mag ik geen fouten maken. Wat dat betreft kijk ik alweer uit naar zondag, als ik in Lisse meedoe aan de wedstrijd om de Gouden Spike.”
Verder is er de voorbereiding op het Nationaal Sportcomplex in Papendal. Schilder: ,,Ik moest van de week in Papendal bloedprikken en ben weer in de klimaatkamer geweest, waar de hitte van Tokio wordt nagebootst. Verder kreeg ik te horen, dat ik niet op 14 juli naar Japan reis, maar een dag later. Het is allemaal heel spannend. Er komt veel op me af en daar moet ik mee leren omgaan. Wat dat betreft is de FBK Games een goede les geweest. Er zat gewoon teveel spanning in mijn lijf en dat moet er snel uit.”

Fotogalerij

DBC-leerlingen bouwen korries

De afgelopen weken hebben verschillende groepen van klas 2 op het Don Bosco College hard gewerkt aan het bouwen van zogenaamde zeepkistautootjes. Onder de wat oudere generatie in Volendam staan deze wagentjes bekend als korries.

 

Het maken van korries was jaren geleden een populaire bezigheid onder jongeren. Tegenwoordig zijn dergelijke tradities veelal ingeruild voor moderne varianten van vrijetijdsbesteding zoals gamen of andere digitale activiteiten. De afdeling Technologie van het DBC heeft de opdracht om korries te maken opgezet.

In het kader van duurzaamheid bestaan alle benodigde materialen uit gebruikte pallets die beschikbaar zijn gesteld door verschillende dorpsgenoten. Er zijn inmiddels prachtige resultaten behaald waar de leerlingen met recht trots op zijn. Nadat de korries met veel plezier en concentratie gebouwd zijn, werden de gangen van de school tot testbaan omgedoopt.

Fotogalerij

DBC-docentcoach Douwe van Domselaar debuteert met humoristische verhalenbundel n

Ongemakkelijke situaties die je aan het denken zetten

Een timide man op een nudistenstrand, een bejaarde dame in Artis, een verwarde zwerver bij een billboard, een vermoeide jonge vader op een terras, of een groepje pubers bij een drankkast. De kleurrijke personages in de verhalenbundel Dit konijntje is koud, meneer van Douwe van Domselaar hebben allemaal één ding met elkaar gemeen: ze komen onverwachts en ongewild in ongemakkelijke sociale confrontaties terecht.
Door Leonie Veerman

[ads id=66]

De verhalen in de debuutbundel van Douwe van Domselaar, werkzaam op het Don Bosco College, nemen de lezer mee in een serie bizarre situaties, maar creëren ook altijd een gevoel van herkenning. Douwe: ,,Ik wil de lezer graag op een vermakelijke manier aan het denken zetten over onze sociale normen en waarden, en de manier waarop we in het dagelijks leven met elkaar omgaan.”
Met de verhalenbundel Dit konijntje is koud, meneer maakt de 52-jarige Douwe van Domselaar zijn debuut als schrijver. Hij schreef het boek in zijn vrije tijd naast zijn drukke baan als afdelingsleider op het Don Bosco college. Elf jaar geleden kwam Douwe hier werken, eerst als docent maatschappijleer en later ook als afdelingsleider havo-vwo bovenbouw. ,,Ik heb het hier nog steeds erg naar mijn zin. Met name in mijn huidige functie, die ik pas sinds dit jaar bekleed, en waarbij ik me bezig houd met het coachen van docenten en het optimaliseren van het onderwijs voor leerlingen met behoefte aan extra ondersteuning”, zegt Douwe.
Douwe kwam via een omweg in het onderwijs terecht. Na zijn studie Culturele Antropologie heeft hij eerst zestien jaar in de marketingwereld gewerkt. ,,Ik heb zelfs een hoge marketing functie bekleed bij het energiebedrijf Eneco. Een goede job waarbij ik een mooi salaris had, maar na verloop van tijd begon ik toch iets te missen. In het onderwijs vond ik de mogelijkheid om me meer met mijn grootste passie bezig te houden. Antropologie, oftewel het nadenken over mens, maatschappij en sociale vraagstukken.”
In die eerste jaren als docent maatschappijleer ontdekte Douwe dat hij veel voldoening haalde uit het mentorschap, en de coachende rol die daarbij hoorde. ,,Ik had mazzel dat ik in dit vakgebied de kans had om me verder te ontwikkelen op dit gebied. In 2014 ging ik als docent voor het eerst mee met een Edukans reis naar India. Een internationaal onderwijsprogramma dat erop gericht is om kennis en ervaringen te delen met docenten uit derde wereld landen. Voor iemand met een antropologische achtergrond was dat een ongelofelijke mooie en waardevolle ervaring. Ik ben inmiddels al vier keer naar India geweest en twee keer naar Ghana. De laatste vijf reizen was ik ook begeleider/coach voor de Nederlandse docenten die mee op reis gingen. Je komt tijdens zo’n reis echt in een heel andere cultuur terecht. De mensen, de gebruiken, het eten, alles is er anders. Toch voel je direct dat er ook dingen zijn die verbinden, en met het gezamenlijke doel om het onderwijs te verbeteren ontstaat er keer op keer een prachtige samenwerking. Deze reizen hebben mijn liefde voor antropologie, en de invloed van cultuur en maatschappij flink versterkt.”

Sociale vraagstukken
Maatschappelijke thema’s en sociale vraagstukken zijn een terugkerend thema in de verhalen van Douwe. Hoewel de personages zich soms in absurde situaties bevinden, worstelen ze met zeer alledaagse gevoelens zoals schaamte, onzekerheid, eenzaamheid en stress. Juist deze frictie tussen het gewone en het ongewone roept de lezer op om na te denken over hoe hij of zij zelf zou reageren in een bepaalde situatie. ,,Om dit soort verhalen te schrijven put ik vaak uit mijn achtergrond en ervaringen in het onderwijs. Als maatschappijleraar gebruikte ik bijvoorbeeld ook vaak actuele nieuwsberichten, of persoonlijke anekdotes om mijn leerlingen te inspireren en een gesprek op gang te brengen over bijvoorbeeld sociale omgangsvormen, ongeschreven regels, vooroordelen, cultuurverschillen en onze verantwoordelijkheden binnen een samenleving. In mijn korte verhalen doe ik eigenlijk hetzelfde. Ik wil de lezer een spiegel voorhouden.”

De fascinatie voor mens en maatschappij zat er bij Douwe al van jongs af aan in. ,,Ik heb er altijd al van genoten om mensen te observeren. Als 10-jarig jongetje kon het strand mij, tijdens onze zomervakantie naar Spanje, eigenlijk niet zoveel boeien. Maar de uitstapjes naar die oude stadjes en dorpjes vond ik betoverend. Je kon mij toen beter een dagje achterlaten op zo’n ouderwets marktplein, daar kon ik mezelf uren vermaken door te kijken naar alle kleurrijke mensen en bijzondere gebruiken.”
Tegenwoordig woont Douwe met zijn vrouw Loes en twee zoons Giel en Daan in Amsterdam. ,,In deze stad vind je ook vandaag de dag een keur aan interessante mensen. Ik wandel erg graag door de stad en kijk dan altijd vol verwondering om me heen. Op die manier vind ik altijd wel ideeën voor een goed verhaal. Het is een combinatie van goed observeren en fantasie. Zo zag ik bijvoorbeeld midden in de stad opeens iemand met een afritsbroek en verrekijker staan, of een zakenman die naast een zwerver op een bankje zit, in mijn hoofd roept dat dan automatisch een stroom aan vragen op. Wie zijn dat? Wat doen zij daar? Wat is hun relatie tot elkaar? Met behulp van fantasie maak ik daar dan voor ik het weet een heel verhaal van.”

Schrijven en discipline
Het idee om een verhalenbundel te schrijven kwam voor Douwe niet uit de lucht vallen. ,,Ik schrijf al mijn hele leven. De eerste vijf jaar dat ik in het onderwijs werkte, ben ik ook als redacteur verbonden aan het vakblad “Maatschappij & Politiek”. Daarnaast heb ik meegewerkt aan twee studieboeken over onderwijs. Bij vorige werkgevers heb ik altijd voor het personeelsblad geschreven. Naast deze non-fictie teksten en artikelen schrijf ik ook al jarenlang korte verhalen. Dat is echt een grote hobby van me, thuis heb ik stapels en stapels van mijn uitgeprinte creaties. In de afgelopen jaren zag ik deze stapel printjes steeds groter worden.”
Tot voor kort bestond Douwes publiek uitsluitend uit zijn vrouw, kinderen en moeder. ,,Als ik weer eens een verhaal af had, las ik het graag aan hen voor, maar een tijdje terug besloot ik dat het tijd werd voor een groter publiek. Toen ik dit idee eenmaal in mijn hoofd had kon ik het niet meer loslaten. Het afgelopen anderhalf jaar heb ik vastberaden aan deze bundel gewerkt en ik moet eerlijk zeggen dat ik ontzettend trots was toen ik mijn boek voor het eerst echt in mijn handen had.”
Douwe benadrukt dat het schrijven van fictie heel anders is dan het schrijven van non-fictie. ,,Je bent echt aangewezen op je fantasie, en daarnaast is het in korte verhalen ontzettend belangrijk dat je snel een zeker conflict creëert waar je personages mee worstelen, anders is het bijna onmogelijk voor de lezer om geïnteresseerd te blijven.”

‘Ik geloof niet
in inspiratie,
het schrijven van
fictie is gewoon
hard werken’

Volgens Douwe vergt het schrijven van verhalen dan ook de nodige discipline. ,,Sommige mensen denken dat het verhaal op een magische manier tot de schrijver komt, dat het hem of haar door een of andere hogere macht wordt ingefluisterd. Daar geloof ik niet in, het schrijven van fictie is gewoon hard werken. Voor mij was het een kwestie van de juiste voorwaarden scheppen, ik creëerde een routine zodat ik constant productief bleef, want als je ’s avonds voor de tv blijft hangen gaat het je natuurlijk nooit lukken om een boek af te schrijven.”
,,Anderhalf jaar lang wandelde ik elke zondagochtend naar een Coffeecompany hier in de buurt”, zegt Douwe. ,,Weer of geen weer, om 08:30 uur ging ik op weg naar die koffietent, bestelde een sterke Chai Latte en begon met schrijven. Er waren natuurlijk dagen waarop het me beter af ging dan andere, maar ik had mezelf de regel gesteld dat ik hoe dan ook zou schrijven. Het helpt namelijk niet om naar een witte pagina te blijven staren, zolang je maar woorden op papier krijgt, hoe slecht deze in eerste instantie ook zijn, boek je vooruitgang. Later redigeer je de teksten toch altijd nog meerdere malen.”
Douwe geeft toe dat het schrijven van de verhalenbundel niet altijd vanzelf ging, ,,er gaat echt heel veel werk in zitten en op sommige momenten zat ik er helemaal doorheen”. En toch, nu zijn verhalenbundel Dit konijntje is koud, meneer in de winkel ligt, denkt hij er niet aan om te stoppen met schrijven. ,,Ik ben alweer volop aan het nadenken over mijn volgende project. Misschien wordt het weer een verhalenbundel, maar ik overweeg ook om een roman of non-fictie boek te schrijven over mijn Indische roots. Voordat dit echter zover is wil ik eerst nog even genieten van het feit dat mijn boek nu echt gepubliceerd is, en het zou natuurlijk fantastisch zijn als er flink wat verkocht gaan worden.”

De verhalenbundel Dit konijntje is koud, meneer van Douwe van Domselaar is verkrijgbaar bij boekhandel Jan Cas Sombroek.

Foto: Douwe van Domselaar (r) overhandigt een exemplaar van zijn debuutbundel Dit konijntje is koud, meneer aan rector Kees Laan van het Don Bosco college. Dit exemplaar komt in de mediatheek te liggen, waar leerlingen het vanaf nu kunnen lenen.

Fotogalerij

Dorpsraden Oude Kom, Middelie en Oosthuizen ’niet ontevreden’ over participatie

‘Makkelijk om altijd naar de gemeente te wijzen’

De Nivo sprak de laatste tijd met verschillende dorpsraden in Edam-Volendam over het fenomeen participatie. In deze editie de laatste aflevering van deze serie gesprekken. Daarin komen de dorpsraden van Oosthuizen en Middelie aan het woord en de Volendamse Wijkraad Oude Kom. De bewonerscollectieven zijn over het algemeen positief over hoe participatie en het contact met de gemeente verloopt. Alleen zou de communicatie soms sneller en soepeler kunnen.
Door Laurens Tol

[ads id=66]

Theo Burger is het lid van Wijkraad Oude Kom dat meestal de communicatie voor zijn rekening neemt. De enige officiële wijkraad van Volendam is niet ontevreden over het contact met de lokale overheid. ,,De samenwerking met de gemeente gaat op het ogenblik wel goed. Maar er zijn bepaalde zaken waar het beter kan. In maart 2020 stelden we acht vragen en stuurden deze op. Op de antwoorden moesten we veertien maanden wachten. Gelukkig hoorden we laatst dat er een vergadering zou worden ingepland, met de betrokken ambtenaren erbij.”
De vragen waar Theo het over heeft, gaan bijvoorbeeld over het parkeerbeleid in de Oude Kom. De burgers die al in dit historische centrum wonen, hebben en houden twee parkeerontheffingen. Dat is anders voor nieuwe bewoners. Zij hebben slechts recht op één. Daarom werkt dit beleidsonderdeel volgens Theo ongelijkheid in de hand. ,,Wij hebben als gezin één auto en het recht om die in de buurt te parkeren. Maar stel: mijn zoon wil er ook een kopen, dan mag een van de twee wagens hier niet staan. Hier is ooit een discussie over gevoerd, die is opgehouden. Want een hoop bewoners die daaraan meededen, mogen hun twee vergunningen houden. Wij willen graag toch nog weer eens hierover om de tafel, om te kijken of we deze situatie kunnen verbeteren.”
Een algehele wens van Wijkraad Oude Kom, is dat de gang van zaken wel wat vlotter mag verlopen bij de gemeente Edam-Volendam. Vaak krijgen ze wel antwoord op verzoeken, maar dan een aantal maanden later dan beloofd. Toch mogen de negatieve punten niet de positieve overschaduwen. ,,Naar ons voorstel zijn er bijvoorbeeld vuilnisbakken bijgekomen. Ze zijn nu ook bezig met de brugverlichting in de Stationstraat en er kwam een mooie poster aan de achterkant van de PX. Niets dan lof daarover.”

‘Onze contactpersoon
doet het gewoon goed.
Alleen de antwoorden
op sommige vragen,
die laten te lang
op zich wachten’

Voor de wegvernieuwing van de Julianaweg is al enige tijd een omvangrijk participatietraject gaande. Wijkraad Oude Kom bemoeit zich hier eveneens mee. ,,Vier leden van ons zijn in gesprek met het betrokken bouwteam. Zij zijn zeer tevreden over hoe de participatie verloopt. ‘Dat doen ze heel netjes’, hoor ik. Alle input nemen ze mee en bij de volgende bijeenkomst hebben ze die punten uitgewerkt. En dan spreken de Wijkraad-leden en het bouwteam daar vervolgens weer over. Mijn conclusie is dat de samenwerking met de gemeente en de participatie voor 80% goed gaat. Onze contactpersoon doet het gewoon goed. Alleen de antwoorden op sommige vragen, die laten te lang op zich wachten. Afgelopen vrijdag heeft de Wijkraad Oude Kom een prettig gesprek gehad met wethouder Runderkamp. Bovenstaande punten zijn besproken en er zijn een aantal goede afspraken gemaakt.”
Een slordige tien kilometer ten noorden van Volendam is een andere bewonersraad met actieve leden gevestigd. Dorpsraad Oosthuizen komt al ruim tien jaar op voor de belangen van Oosthuizenaren. Het valt voorzitter Evert Hogenes en lid Jeep Hamstra op dat de laatste jaren steeds meer Volendammers in hun dorp komen wonen. Wanneer ze gesprekken hebben met de gemeente komen ze meestal ook in contact met inwoners van het vissersdorp. Sinds participatie onderdeel is geworden van de overheidsbesluitvorming, heeft Dorpsraad Oosthuizen daar eveneens mee te maken. Evert heeft op dit punt weinig aan te merken.
,,Ik ben er niet ontevreden over”, stelt de voorzitter. ,,Over een aantal onderwerpen zijn we met de gemeente in gesprek. We zijn hier met het Kraaiennest bezig en met de Waterring. Ook zetten we enige druk achter de kwestie over wat te doen met het voormalige Café Ans en Piet. En dan is er nog een vierde punt. Dat is het zogenoemde ‘Bruinsma-project’ bij de kerk. Daar worden woningen gebouwd. Het overleg hierover met de gemeente gaat op een goede manier.”
Jeep vat samen wat de taak van Dorpsraad Oosthuizen is. Jeep: ,,Wij komen als dorpsraad pas in beeld als er in het dorp iets speelt dat meerdere mensen aangaat. Kijk, als er een boom verkeerd staat, dan niet. Maar als er iets is met een hele rij bomen waar bewoners wat van zeggen en de gemeente treedt niet op, dan kunnen ze zeggen: ‘Kunnen jullie daar wat mee doen?’ Op dit moment is het zo dat er weinig punten uit het dorp zelf vandaan komen. Dus vaak proberen we aan te haken bij alle grote projecten die hier spelen.”

Aansluiting
Oosthuizen is een relatief grote kern in de Zeevang. Het blijkt dat des te meer inwoners een plaats telt, des te minder gemakkelijk deze te organiseren zijn. Dorpsraad Oosthuizen doet het nodige aan pr, maar desondanks is het lastig om aansluiting te vinden bij een groot aantal dorpsbewoners. ,,We versturen bijvoorbeeld naar iedereen flyers met een uitnodiging voor onze jaarvergadering. Helaas komt hier weinig respons op. Het zou mooi zijn als er wat meer aandacht voor zou zijn.”
Evert: ,,Een dorpsraad is niet alleen van belang bij grote projecten. Er zijn ook hele kleine zaken van honderd euro. Laatst haalden kwajongens een hele rij stenen uit de grond om een bal te pakken. Als je daar loopt in het donker, dan lig je voorover. Iemand zei toen: ‘Het is toch een schande dat die gemeente hier niks aan doet’. Ik zei: heb je dan gebeld? ‘Nee’, zei hij toen. Toen ik belde, was het een paar uur later gerepareerd. Als voorzitter van de dorpsraad heb je misschien iets meer te vertellen, maar toch. Het is makkelijk om altijd naar de gemeente te wijzen dat ze niks goed doen. Je moet er ook naar kijken wat ze wel goed doen en ik ben er heel tevreden over hoe snel ze dit soort kleine dingen oplossen.”
Jeep heeft soortgelijke goede ervaringen met de gemeente. Hij kwam in contact met ambtenaren die hem prima te woord stonden en hun werk verstonden. De Oosthuizenaar heeft een vermoeden waarom bepaalde grotere kwesties soms toch enige tijd blijven liggen. Jeep: ,,Ze zitten gewoon tot hun nek in het werk. We hadden ooit contact met een betrokken ambtenaar, die zelfs in de avonduren langskwam. Daarna zeiden we dan weleens: we horen niks meer, hoe staat het ervoor? Want bewoners blijven ons vaak bestoken met vragen. Nu heeft die medewerker weer een andere baan. Het lijkt mij ook gewoon lastig voor de gemeente om al het werk aan te kunnen met een regelmatig wisselende personeelsbezetting.”
De Oosthuizenaar heeft er begrip voor dat sommige taken wat meer tijd vergen. Het zou volgens Jeep wel helpen als de lokale overheid daar wat meer open over is. ,,Laatst heb ik in een vergadering gezegd tegen de wethouder: geef wat meer terugkoppeling. Zeg gewoon: jongens, ik kom er even niet aan toe. Dan weet je dat maar. Nu hebben we het natuurlijk over communicatie. Anders denken wij: er komt maar niks terug. Dus af en toe een berichtje om ons op de hoogte te houden, zou de samenwerking nog wat beter kunnen maken. Ik denk dat je de laatste jaren meer hoort dan vroeger dat er wel wat meer terugkoppeling mag zijn.”

‘Een stukje communicatie
had een hoop kunnen
voorkomen. Eén telefoontje
of een mail was genoeg geweest’

Onlangs deed zich in Oosthuizen een concrete situatie voor van waar de communicatie te wensen overliet. Op een dag kwam een bedrijf langs om speeltoestellen in een nieuwe wijk te plaatsen. Dit terwijl het overleg hierover nog gaande was. Het gevolg was dat dorpsraadsleden werden bestookt door telefoontjes en berichtjes van omwonenden. ,,Ik heb toen wel een mail gestuurd naar onze contactpersoon van de gemeente. Daarbij gaf ik aan dat een stukje communicatie een hoop had kunnen voorkomen. Eén telefoontje of een mail was genoeg geweest.”
Evert en Jeep hopen dat hun dorpsraad ook in de toekomst nuttig werk kan blijven doen voor Oosthuizen. In dat kader zou het volgens hen goed zijn als enkele gedreven jongere mensen zich erbij aansluiten. De gemiddelde leeftijd van het huidige ledenbestand begint namelijk elk jaar hoger te liggen. Zoals gezegd komen er steeds meer Volendammers naar de Zeevang. Wellicht zouden een of meerdere inwoners uit deze groep lid kunnen worden van de dorpsraad. Evert en Jeep zouden dit toejuichen. ,,Dat zou ik heel plezierig vinden. Ze zijn van harte welkom om een kop koffie te komen drinken en te praten.”
Dorpsraad Middelie is al voorzien van een Volendams tintje. Voorzitter Femke Haitsma Mulier is getrouwd met de geboren en getogen Volendammer Jan Plat. Begin 2020 trad zij toe tot het bestuur van het bewonerscollectief. Een groep jonge bewoners stond toen op, nadat Dorpsraad Middelie had aangekondigd te stoppen. Kort daarna begon de coronapandemie, waardoor ook het contact met de lokale overheid anders moest verlopen dan gebruikelijk.
Femke: ,,Je hebt dan toch een andersoortige dynamiek in wat je aan het doen bent. De gemeente heeft daar natuurlijk ook mee te maken en sommige dingen vertragen daardoor. Wij hebben daarom nog weinig concreet met de lokale overheid te maken gehad, behalve dan tijdens overleggen. Daaruit vind ik blijken dat ze van goede wil zijn. Alleen in de praktijk merk ik dat als je een e-mail stuurt, het heel lang duurt voordat je een reactie krijgt. Je moet er vaak nog achteraan, enkele uitzonderingen daargelaten natuurlijk. Op dat vlak zou ik zeggen: iets sneller reageren zou wenselijk zijn.”
Femke zou de gemeente tevens willen aanbevelen om een wat meer pro-actieve houding aan te nemen. Dus wat meer initiatieven ontplooien om inwoners beter te informeren. ,,Als ze iets opstarten, zouden ze al in een veel eerdere fase kunnen aangeven: ‘We zijn dit van plan, kunnen jullie peilen hoe daarover wordt gedacht?’. Of: ‘Hebben jullie ideeën daarover?’ Het zou mooier zijn als het zo zou gaan in de toekomst. Participatie blijft natuurlijk een belangrijke rol spelen, dus ik ben benieuwd hoe men dit zal uitvoeren in de komende tijd.”

Foto: Femke Haitsma Mulier, voorzitter Dorpsraad Middelie.

Foto: Evert Hogenes (l) en Jeep Hamstra.

Fotogalerij

Liefde is…

Jan en Albert, broederliefde is ook liefde

,,Ik kwam vanuit de Aalstraat – nadat ons huis aldaar meerdere malen onder water was gelopen – naar de Kathammerstraat”, aldus Albert Hoekstra. ,,Daar zat drie huizen van ons af een ietwat vreemde verschijning met een gitaar steeds luid te zingen en te fluiten. Ik was gelijk verkocht. Liefde op het eerste gezicht.”
Door Jan Koning

[ads id=66]

Die ietwat vreemde verschijning is in dit geval Jan Hoogland. Dirigent van het Jongerenkoor Volendam. ,,Wat het voor mij was?”, begint Jan. ,,Hij had een bus.” Een bus die nogal goed van pas zou komen. Jan: ,,Wij traden heel veel op met het koor. Met de Kerstmissen en andere aangelegenheden. We hadden hiervoor een orgeltje en dat moest bij elke uitvoering van de repetitieruimte naar de kerk worden versleept. En tja… Albert had een bus.” Zijn ‘geliefde’ Albert krijgt al snel een koosnaampje, te weten Broer. Albert: ,,Ik weet nog precies wat hij zei: ‘ik heb vijf gekke zusters en geen broers, dus jij bent vanaf nu mijn broer. Als dat geen liefde is…”
Albert: ,,Het is overigens liefde van twee kanten, hoor. Want Jan heeft naast een hart van goud ook 27 gouden rechterhanden. In tegenstelling tot mijn persoontje. Ik heb twee ongelooflijk kromme handen. Maar ben wél weer erg goed in tekstverwerken). Wij hebben een oud huis waar vanaf dag één continu iets aan heeft gemankeerd. Dus dan is het ‘Broooeeer…’ en dan komt-ie weer aan met zijn hamer, z’n schroevendraaier, beitel, sikkel en z’n trappetje. ‘Wet is er nou weer lôhs?’ De rails laat los, de dakgoot zit verstopt. Tot op de dag van vandaag is het aan de orde van de dag, maar hij staat altijd voor ons klaar. Ik kan ‘m dan wel zoenen en doe dat dan ook regelmatig. Niet op de mond hoor. Daar houdt hij niet zo van.”

‘Waar ik op
ben gevallen?
Hij had een bus’

Het zoenen komt ter sprake en de vraag is dan natuurlijk waar de eerste kus van de heren heeft plaatsgevonden. Jan: ,,Dat is vast en zeker met kermis geweest. Ergens in 1996 zal dat geweest zijn. Of tijdens de opnames van onze kermishit ‘Toe Laat Het Altijd Kermis Zijn’. Toen is er ook wel wat afgekust.” Albert: ,,Ik heb hem eigenlijk altijd gekust als hij een klusje gedaan had. Hij vroeg er namelijk ook nog eens nooit geld voor. Dus als ik vroeg wat hij van me kreeg en hij antwoordde met ‘hoofdpijn’, dan greep ik hem even stevig vast – hij kan daar zo lekker goed tegen – en gaf ik hem een dikke pakkerd. Als ik was geweest, kwam mijn vrouw daar nog even achteraan, want die moest hem ook nog even hebben, haha.”
Jan: ,,Ik ben al vanaf 1980 Sinterklaas bij HSB en toen ik een beetje krap in de Zwarte Pieten kwam te zitten, heb ik Albert gevraagd om ons te begeleiden. Veertig jaar na dato doen we dat nog steeds. Het is een van de vele samenwerkingen die we hebben gevormd door de jaren en het heeft de liefde alleen maar versterkt.”
,,Wat ons ook zo’n goed koppel maakt, is onze liefde voor muziek. Albert maakt de tekst en ik verzin daar muziek bij en de complete melodie.” Albert: ,,Ons DNA is inmiddels zo volgroeid dat we ook echt broers zijn geworden. We spreken elkaar ook echt zo aan. Laatst op een avondje viel het iemand op en die kon het niet zo goed rijmen: ‘Jij heet toch Hoekstra en Jan toch Hoogland?’ Dat klopt zeg ik, maar toch zijn we broers. Door dik en dun en in goede en slechte tijden.”
Hun relatie bestempelen de beide heren als saai en van knallende ruzies is nog nooit sprake geweest. Albert: ,,Ik kan me het me in ieder geval niet herinneren. Zelfs tijdens Jesus Christ Superstar – ons megaproject – is er nooit onenigheid geweest. Maandenlang hebben we samengewerkt, Jan is in die periode elf kilo afgevallen, de spanningen liepen tegen de deadline op, maar nooit is er ruzie geweest. Dat is overigens te danken aan mijn broer.” Jan: ,,Ik ben gewoon een goedzak.”

‘Ons DNA is
inmiddels in
elkaar verstrengeld’

Op het moment dat de vraag wordt gesteld of ze wel eens verliefd zin geweest op hetzelfde meisje wordt vriendelijk verzocht om de opnamerecorder even te stoppen. Als beide heren zijn uitgelachen, komt Jan met een gezamenlijk statement. ,,Nee, hoor. We zijn allebei altijd onze vriendinnen, inmiddels vrouwen – ondanks alle verleidingen die twee filmsterren als wij op ons afgevuurd krijgen – trouw gebleven.”
Jan: ,,Dromen? Als in samen met een camper de wereld rond? Nee, hoor. Samen oud worden, dat is wel mijn droom.” Albert: ,,Die droom deel ik. Daarnaast zou ik ook nog dolgraag samen een aantal prachtige theaterproducties maken. Het liefst jaarlijks iets opzienbarends op het Europaplein. Of samen de Mount Everest beklimmen. Wat zeg jij, Broer?” Jan: ,,Ben jij mal? Je piep! Daar zijn wij veel te oud voor. Laten wij onze dromen nou maar gewoon eenvoudig houden. We hebben al een keer samen gefietst op de Veluwe. Dat is mans zat.”
,,Ze zeggen ook wel eens dat je elkaar de ruimte moet geven om een relatie stand te laten houden”, besluit Albert. ,,Daar zijn wij dan ook erg goed in. Ondanks dat we drie huizen van elkaar wonen, is het namelijk niet zo dat we de deur bij elkaar plat lopen. Behalve dan als er weer een of ander project uit de grond gestampt moet worden. Dan is het weer dikke mik en zijn we niet bij elkaar weg te slaan.”

Fotogalerij